Tag archief lage-inkomensvoordeel (LIV)

door100% Salarisverwerking B.V.

UWV verstuurt voorlopige berekeningen Wtl 2020

UWV verstuurt uiterlijk 14 maart 2021 de voorlopige berekeningen 2020 van tegemoetkomingen volgens de Wet tegemoetkomingen loondomein ( Wtl ).
  
Werkgevers die hier recht op hebben ontvangen een brief met de specificaties.

In deze voorlopige berekening staat voor welke werknemers en voor welke bedragen de werkgever recht heeft op 1 of meer loonkostenvoordelen (LKV’s), op het lage-inkomensvoordeel (LIV) of op het jeugd-lage-inkomensvoordeel (jeugd-LIV). De berekening is gebaseerd op de aangiften loonheffingen en correcties over 2020 die tot en met 31 januari 2021 zijn gedaan.

 

Controleer de berekening

Klopt de voorlopige berekening niet of mist u nog gegevens? Controleer dan eerst de ingediende aangiften loonheffingen 2020. Als u onjuistheden vindt, hebt u tot en met 1 mei 2021 de tijd om correctieberichten in te dienen. Correctieberichten na 1 mei 2021 neemt UWV niet mee in de definitieve berekening die u uiterlijk 31 juli ontvangt.

Wanneer uw ingediende aangiften wél kloppen en u toch nog vragen heeft, bel dan UWV Telefoon Werkgevers 088-8989295. Op de voorlopige berekeningen staat bij ‘Ons kenmerk’ een nummer. Houd dit nummer bij de hand als u belt.

 

Geen voorlopige berekening

Het kan zijn dat de werkgever geen voorlopige berekening heeft ontvangen, terwijl hij deze wel had verwacht. Ook dan kunt u contact opnemen met UWV Telefoon Werkgevers.

Op de internetsite van UWV leest u meer over de Wtl en vindt u de toelichting bij de specificaties van de voorlopige berekening Wtl 2020.

 
 

Meer informatie

Hoofdstuk 26 Handboek Loonheffingen
Memo verloonde uren
 
 
2021 belastingdienst, 2021 overheid, 2021 UWV, 2021 rijksoverheid, 2021 wet- en regelgeving, 2021 regels, 2021 belastingen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Nieuwe versie ‘Memo verloonde uren’

De Belastingdienst heeft een nieuwe versie ‘Memo verloonde uren ’ gepubliceerd.
                 
In dit document vindt u uitleg over wat verloonde uren zijn. In deze versie zijn een aantal punten aangevuld en verduidelijkt.

Over de volgende onderwerpen is informatie toegevoegd:

  • tijdelijke werkwijze bij werkgeversbetalingen
  • begrip ‘gebruikelijke verloonde uren’
  • uitbetaling van een reguliere WW-uitkering via de werkgever
  • aanvullend geboorteverlof (WIEG)
  • (gedeeltelijk) onbetaald (zorg)verlof

De volgende onderwerpen zijn verduidelijkt:

  • uitbetaling van een WW-uitkering via de werkgever in bijzondere situaties
  • B&W en raadsleden
  • beschikbaarheidsdiensten

Daarnaast is de bijlage over de verloonde uren bij ziekte en arbeidsongeschiktheid verruimd. In deze bijlage vindt u nu informatie over de verloonde uren bij uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen.

 

Ingangsdatum

De wijzigingen gelden met ingang van 1 januari 2021, maar u mag ze ook eerder toepassen.

 

Belang verloonde uren

Het aantal verloonde uren bepaalt het recht op en/of de hoogte van de volgende tegemoetkomingen:

  • lage-inkomensvoordeel (LIV)
  • loonkostenvoordelen (LKV’s)
  • jeugd-lage-inkomensvoordeel (jeugd-LIV)

De verloonde uren bepalen bovendien de hoogte en duur van een WW-, ZW-, WIA- of WAO-uitkering. Dus ook voor de werknemers is het belangrijk dat u de verloonde uren correct doorgeeft.

 

Standpunten verloonde uren

Omdat er in de praktijk veel vragen komen, hebben het CBS, UWV en de Belastingdienst standpunten geformuleerd om meer duidelijkheid te geven over wat verloonde uren zijn. Deze standpunten vindt u in het ‘Memo verloonde uren’.

U vindt het memo op belastingdienst.nl.
 
 
 
Loonkostensubsidie, Loonkostenvoordelen, lage-inkomensvoordeel, loonkostensubsidie calculator, Regelhulp loonkostenvoordelen, Aanvragen lage-inkomensvoordeel, Loonkostenvoordelen & LIV, LKV

door100% Salarisverwerking B.V.

Werkgeversbetaling in aangifte loonheffingen

Ontvangt een werknemer een uitkering van de UWV dit via de werkgever?
              
En ontvangt hij ook loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van deze werkgever? Dan is sprake van een werkgeversbetaling. In deze handreiking leest u hoe u dit verwerkt in de aangifte loonheffingen.

Deze handreiking geldt voor de situatie dat de werknemer in dienstbetrekking is bij de werkgever.

 

Werkgeversbetaling

Een werkgever en werknemer kunnen afspreken dat de werknemer de uitkering van UWV via de werkgever ontvangt. De werknemer moet UWV daarvoor machtigen.

UWV kan die uitkering aan de werkgever betalen in de vorm van een werkgeversbetaling of instantiebetaling.

De instantiebetaling gebruikt u voor de situatie waarin de werknemer geen loon uit tegenwoordige dienstbetrekking meer van u krijgt, maar u hem nog wel een aanvulling op zijn uitkering betaalt.

Deze handreiking gaat over de werkgeversbetaling. De werkgeversbetaling geldt voor de situatie dat de werkgever de uitkering doorbetaalt en de werknemer nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van dezelfde werkgever krijgt.

Bij een werkgeversbetaling betaalt UWV aan de werkgever, behalve de uitkering, ook de premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zvw over de uitkering.

 

Samenvoegingsregels en witte tabel

Voor de berekening van de loonheffingen telt u de uitkering van UWV, het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en een eventuele aanvulling op de uitkering bij elkaar op. Dit zijn de samenvoegingsregels. Op het totaal past u de witte tabel toe. Ook berekent u over het totaal de premies werknemersverzekeringen.

 

WW-premie

Voor een werkgeversbetaling geldt altijd de lage WW-premie.

Voor een eventuele aanvulling op de uitkering gebruikt u dezelfde WW-premie als voor het reguliere loon.

Inkomstenverhouding

In 2020 en 2021 kunt u kiezen hoe u een werkgeversbetaling in de aangifte verwerkt:

    1. in een aparte inkomstenverhouding
    2. in dezelfde inkomstenverhouding als het loon

 

1. In een aparte inkomstenverhouding

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in een aparte inkomstenverhouding.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die bij de werkgeversbetaling hoort:

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vult deze rubrieken bij deze inkomstenverhouding niet in.

WW-premie
U geeft de lage WW-premie aan.

Verloonde uren
De hoogte van de verloonde uren die u invult in de aparte inkomstenverhouding, hangt af van de soort uitkering die de werkgever doorbetaalt.

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

2. In dezelfde inkomstenverhouding als het loon

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in dezelfde inkomstenverhouding als het loon.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die geldt voor het reguliere loon.

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vermeldt het contractloon, de contracturen en de contractindicaties die gelden voor het reguliere loon.

WW-premie
Gebruikt u voor het reguliere loon de hoge WW-premie en geeft u de werkgeversbetaling aan in dezelfde inkomstenverhouding als het reguliere loon? Dan vult u de WW-premie als volgt in:

  • U vermeldt de hoge en lage grondslagaanwas gezamenlijk in de rubriek Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog.
  • U vermeldt de hoge en lage WW-premie gezamenlijk in de rubriek Premie AWf hoog.

Aandachtspunt bij LIV, Jeugd-LIV en sommige loonkostenvoordelen
Een uitkering uit de werknemersverzekeringen telt niet mee als jaarloon voor de bepaling van het (jeugd-)LIV en sommige loonkostenvoordelen. Als u de werkgeversbetaling en het reguliere loon opgeeft in één inkomstenverhouding, kan UWV de werkgeversbetaling toch bij het jaarloon tellen. Hierdoor wordt het jaarloon hoger en stelt UWV het (jeugd-)LIV of het loonkostenvoordeel misschien verkeerd vast.

Verloonde uren

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

Genietingsmoment werkgeversbetaling

U verwerkt de werkgeversbetaling in de aangifte over het tijdvak waarin de werkgever de uitkering doorbetaalt. Wanneer de werkgever de uitkering van UWV ontvangt, is niet van belang.

 

Aanvulling op uitkering

Soms betaalt de werkgever een aanvulling op de uitkering uit werknemersverzekeringen. Deze aanvulling vermeldt u in de inkomstenverhouding die u gebruikt voor het reguliere loon.

U geeft het bedrag van de aanvulling aan in de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekering‘.

 

Voorbeeld

Een werknemer heeft een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Het maandloon is € 1000. Daarnaast ontvangt de werknemer van de werkgever een WIA-uitkering van € 500 (werkgeversbetaling). Ook ontvangt de werknemer een aanvulling van € 100.

Voor het reguliere loon en de aanvulling geldt de hoge WW-premie. Voor de werkgeversbetaling geldt de lage WW-premie.

 

Uitwerking

U gebruikt 2 inkomstenverhoudingen.

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

 Tabel inkomstenverhouding 2

Tabel inkomstenverhouding 2 (uitkering)

U gebruikt 1 inkomstenverhouding.

Tabel inkomstenverhouding

Tabel inkomstenverhouding

In dit voorbeeld doet u dit als volgt:

  • U telt de aanwas van de grondslag voor de hoge en lage premie bij elkaar op. Deze aanwas is het bedrag waarover de premies moeten worden berekend. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog’.
  • U telt de lage en hoge WW-premie bij elkaar op. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Premie AWf hoog’.

 
 

Meer informatie

Paragraaf 7.6.2 Handboek Loonheffingen
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Kennisdocument premiedifferentiatie WW
Memo verloonde uren
 
 

Wetsartikelen

artikel 33 lid 2, letter a Wet loonbelasting
artikel 9.1 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
artikel 9.4 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
 
 

2019, 2020, LIV, jeugd LIV,LKV, jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,LKV,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uurloongrenzen jeugd-LIV 2020

Gemiddeld uurloon voor het jeugd-LIV 2020 is op 18 juni 2020 gepubliceerd in de Staatscourant.
          
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de minimale en maximale bedragen van het gemiddeld uurloon voor het jeugd-LIV 2020 op 18 juni 2020 gepubliceerd.

 

De grenzen voor het gemiddeld uurloon in 2020 zijn:

Uurloongrenzen jeugd-LIV 2020

‘Tabel ondergrens en bovengrens gemiddeld uurloon op leeftijd’

De minimale en maximale bedragen worden 1x per kalenderjaar vastgesteld op het gemiddelde van het minimumuurloon per 1 januari en per 1 juli.

De Staatscourant vindt u op overheid.nl

Toelichting

Een werkgever kan in aanmerking komen voor de tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon op grond van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Deze tegemoetkoming wordt aangeduid als het minimumjeugdloon voordeel (jeugd-LIV). De werknemer verdient een gemiddeld uurloon waarvoor per leeftijdscategorie een bandbreedte geldt. De bandbreedtes van het gemiddelde uurloon per leeftijdscategorie, genoemd in artikel 3.3 van de Wet tegemoetkomingen loondomein, worden jaarlijks vastgesteld in verband met de indexering van het minimumjeugdloon. Omdat de bedragen van het minimumloon per 1 januari en per 1 juli worden geïndexeerd, worden de bedragen van deze onder- en bovengrens van het gemiddelde uurloon per kalenderjaar afgeleid van het gemiddelde van het minimumuurloon per 1 januari en per 1 juli. Op grond van artikel 3.3, derde lid, van de Wtl, wordt de uitkomst van deze berekening per kalenderjaar bij het begin van de maand juli (als de bedragen voor het minimumloon die gelden bekend zijn) bij ministeriële regeling vastgesteld. Voor het kalenderjaar 2020 voorziet deze regeling daarin. In deze regeling worden per leeftijdscategorie de bedragen voor de onder- en bovengrens vastgesteld afgeleid van het gemiddelde van het bij die leeftijd behorende minimumuurloon op grond van de jaarbedragen voor het minimumloon en vakantiebijslag per 1 januari 2020 en per 1 juli 2020.

Het gemiddelde uurloon dat uiteindelijk in aanmerking wordt genomen, wordt vastgesteld door het jaarloon te delen door het aantal verloonde uren. Voor de vaststelling van de bandbreedte geldt als ondergrens een percentage van het uurloon afgeleid van het geldende minimumloon en het bedrag van wettelijke vakantiebijslag, behorend bij een normale arbeidsduur van 40 uren per week en als bovengrens een percentage van dit uurloon bij een normale arbeidsduur van 36 uren per week.

De percentages in artikel 3.3 van de Wtl, horende bij de bandbreedtes per leeftijdscategorie voor de vaststelling van het gemiddelde uurloon, zijn per 1 januari 2020 aangepast aan de tweede verhoging van de minimumjeugdlonen per 1 juli 2019.1 Voor de 20-jarigen wordt bij de bovengrens uitgegaan van het bedrag van de ondergrens van het lage- inkomensvoordeel (LIV) om te voorkomen dat de doelgroepen van jeugd-LIV en LIV elkaar overlappen.

 

Voorwaarden

De werkgever heeft recht op het jeugd-LIV voor een werknemer die voldoet aan 3 voorwaarden. De werknemer:

  • is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen.
  • de werknemer geniet loon uit tegenwoordige arbeid in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3 tot en met 6 van de Ziektewet.
  • heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd.
  • is op 31 december 2017: 18, 19, 20 of 21 jaar.

Het gemiddeld uurloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van een jaar (kolom 8 van de loonstaat) gedeeld door het aantal verloonde uren in dat jaar. De onder- en bovengrenzen van het gemiddeld uurloon 2020 vindt u in het bericht Grenzen voor gemiddeld uurloon jeugd-LIV 2020 bekend.

 

Let op!

  • De eis van minimaal 1248 verloonde uren geldt niet voor het jeugd-LIV.
  • Werknemers vanaf 21 jaar hebben vanaf 1 juli 2019 recht op het volledige minimumloon. Zij vallen onder het gewone LIV als aan de voorwaarden wordt voldaan.

 

Gerelateerde berichten

Handreiking jeugd-LIV
 
 
Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW, Overheid, financiën Overheid,

door100% Salarisverwerking B.V.

Correcties na 1 mei tellen niet mee voor lage-inkomensvoordeel (LIV)

De rechtbank oordeelt dat de correcties loonheffingen die ingediend zijn in augustus 2018 niet meetellen voor het LIV 2017.
     
De werkgever had de correcties uiterlijk 1 mei 2018 moeten indienen. Dit is een harde datum.

De werkgever heeft een beschikking Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) 2017 ontvangen. Het UWV heeft het LIV voor 5 werknemers vastgesteld op totaal € 6.000. Voor 3 andere werknemers heeft de werkgever geen LIV ontvangen.

Eind augustus 2018 heeft de werkgever nog correcties loonheffingen ingediend voor deze 3 werknemers. Op basis van deze correctieberichten voldoen zij wel aan de voorwaarden voor toepassing van het LIV, maar UWV heeft deze correcties niet meegenomen in de definitieve berekening van het LIV 2017.

In geschil is of de werkgever, gebaseerd op de correctieberichten van augustus 2018, ook voor de 3 werknemers recht heeft op LIV.

De rechtbank stelt dat de correcties die na 1 mei 2018 zijn ingediend niet meetellen voor het LIV 2017. De werkgever verzoekt de rechtbank om bij wijze van coulance het LIV alsnog toe te kennen. De rechtbank kan dit niet honoreren. De rechter heeft geen mogelijkheid om coulance te verlenen buiten de wet om.

 
Rechtbank Noord-Nederland, ECLI:NL:RBNNE:2020:1974

 
Wetsartikel: Artikel 4.1, lid 1 en 2 Wet tegemoetkomingen loondomein

 
 
info lage inkomensvoordeel, informatie liv, lage inkomensvoordeel, liv, lage-inkomensvoordeel belastingdienst, lage inkomensvoordeel 2017, jeugd liv, liv 2017, lage inkomensvoordeel berekenen, lage inkomensvoordeel 2018, jeugd lage inkomensvoordeel, waarom lage inkomensvoordeel, sorteren liv, voorsorteren liv,