Tag archief 2021

door100% Salarisverwerking B.V.

Inkomstenverhouding per 1 januari 2021

Het begrip Inkomstenverhouding (IKV) komt in diverse regelingen en besluiten voor.

            

Het kabinet heeft het voornemen om per 1 januari 2021 een definitie van het begrip IKV op te nemen in een gewijzigd Besluit SUWI.

 
salarisverwerking, loonadministratie, uitbesteden loonadministratie, salarisverwerkers, loonverwerking uitbesteden, cloud loon, salaris in de cloud, verwerking personeel, personeel premies, goedkoop hrm management, ess, verzuimregistratie, pensioenen, urenlijsten, personeelsbestanden,

Waarvoor is een inkomstenverhouding nodig?

Voor de loon- en pensioenaangifte heb je een nummer inkomstenverhouding nodig.

Waar bestaat het inkomstenverhouding nummer uit
Het IKV is een combinatie van:

  • Je loonheffingennummer
  • BSN van de werknemer
  • Nummer inkomstenverhouding

Wat vul je in bij nummer inkomstenverhouding

Het inkomstenverhouding nummer bestaat uit 4 cijfers. Als je voor de eerste keer een IKV-nummer toekent begin je met 0001.

Meerdere inkomstenverhoudingen voor 1 medewerker

Je kunt meer dan 1 inkomstenverhouding hebben voor een medewerker, bijvoorbeeld als deze medewerker pensioenuitkering ontvangt en blijft werken.

Een medewerker die uit dienst gaat en later weer opnieuw in dienst treedt, moet een nieuwe IKV-nummer krijgen.

salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, loonadministratie, loonadministrateurs, loonverwerkers, loonverwerker, salarisadministratie, salaris, loon, salarisverwerking online, salarisverwerker online,

Handboek Loonheffingen

De hoofdlijn voor de definitie zal worden gebaseerd op de administratieve voorschriften in het Handboek LH en de gegevensspecificaties loonaangifte.

In het najaar vindt publicatie van het conceptbesluit voor internetconsultatie plaats. Ook u als salarisprofessional kunt reageren via op het concept gewijzigd Besluit SUWI.

Meer informatie over aanleiding en proces leest u in het memo ‘ Wettelijke definitie van inkomstenverhouding ’ van ministerie van SZW, werkgroep inkomstenverhouding (IKV).

 
 

Bron:Overheid
 

Zie ook:

Nieuwe pdf Handboek Loonheffingen 2019
Premies WGA en ZW 2020
IBAN-regels per 2020?
Bedragen uurloon jeugd-LIV 2019
Minimumloongrens naar 21 jaar
 
lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,

door100% Salarisverwerking B.V.

Lonen volgend jaar echt hoger!

Eindelijk gaan ook de werkenden profiteren van de goed draaiende economie .

             
Volgend jaar groeien de lonen met 3,7 procent, in 2021 zelfs met 3,8 procent voorspelt De Nederlandsche Bank (DNB).

Daarmee komt de loongroei flink hoger uit dan de verwachte inflatie, dus de koopkracht van mensen met een baan zal flink toenemen. Dat is een mooie opsteker nu de economie het steeds meer van de binnenlandse vraag moet hebben. Naast de huishoudens is het vooral de overheid die met extra bestedingen de groei overeind houdt, blijkt uit de studie van DNB.
 
loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,
 

Meer loonkosten

De sterke loongroei, dit jaar verwacht DNB 2,8 procent hogere loonkosten, is opmerkelijk. Want de economische groei zal de komende jaren minder uitbundig zijn dan nu. Desondanks blijft de arbeidsmarkt krap Zowel in 2020 als in 2021 is de werkloosheid slechts 3,3 procent. De vraag naar personeel blijft groot, dus dat betekent extra schaarste aan goed personeel. En daar zullen de werknemers nu eindelijk van profiteren verwacht DNB.

Het gebrek aan personeel is ook terug te zien in de groei van het aantal vaste banen. Jarenlang moesten nieuwe medewerkers op een flexcontract aan de slag. Maar nu bieden werkgevers weer een vaste baan, in de hoop zo het personeel aan zich te binden.
 

Oververhitting

Een oververhitting van de economie is niet aan de orde verwacht DNB.
Integendeel, de groei zal de komende jaren minder uitbundig zijn dan eerder verwacht. Vooral de oplopende handelsspanningen in de wereld hebben een negatief effect. Nederland is voor een groot deel afhankelijk van de export. En een handelsoorlog kan die export behoorlijk verstoren. Ook de brexit blijft een dreiging die boven de Nederlandse economie hangt. Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke handelspartner voor Nederland. Of een handelsoorlog roet in het eten gooit is nog niet te voorspellen.

De minder uitbundige groei is overigens geen reden om in paniek te raken. De afgelopen jaren groeide de Nederlandse economie bovengemiddeld hard. Dat tempo was gewoon niet vol te houden op de lange duur. De komende jaren laat daarom een meer normale groei zien voor Nederland. Van stilstand of achteruitgang is dus geen sprake.
 

Geen extra personeel

De groei moet de komende tijd vooral van de overheid en de burgers komen. Dankzij de grote overschotten op de begroting heeft de regering weer geld om uit te delen. Tot op heden lukte dat maar moeizaam. Extra geld voor de zorg bleef op de plank liggen omdat er geen extra personeel was te krijgen. Ook geld voor wegen, bruggen en andere infrastructuur werd maar deels uitgegeven omdat bouwers niet voldoende capaciteit hadden de nieuwe opdrachten uit te voeren.

 

Gerelateerd:

 

salaris, loon, loonstroken, loonkosten, loonadministratie,loonverwerking, loonverwerkers,loonverwerker, verloning, salarisadministratie, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarissen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Hulp werkgevers met ziek personeel

Het ministerie van Sociale Zaken neemt verschillende maatregelen.

               
               

Kleine werkgevers die met de loondoorbetaling voor zieke werknemers zitten worden minder belast.

Kleine werkgever met zieke werknemer krijgt hulp van kabinet

Zo komt er vanaf 1 januari 2020 een speciale verzekering voor kleine werkgevers en wordt er een tegemoetkoming van 450 miljoen euro geïntroduceerd, meldt het ministerie.
De verzekering moet het financiële risico voor werkgevers opvangen en helpen bij de verplichtingen die een werkgever heeft.

verzuimverzekering, ziekteverzuimverzekering, ziektekosten verzekering, ziekteverzuimverzekeringen,

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) heeft deze afspraken gemaakt met werkgeversorganisaties en heeft een convenant getekend met het Verbond van Verzekeraars.

Wanneer een medewerker ziek wordt, moeten werkgevers nu twee jaar lang het grootste deel van het loon doorbetalen. Verder moeten ze samen met de werknemers zich inzetten voor een terugkeer op de werkvloer. Als na twee jaar ziekte bij een keuring, de zogeheten RIV-toets, blijkt dat de werkgever zich niet voldoende heeft ingezet kan er zelfs een loonsanctie volgen.

Vooral kleine werkgevers vinden deze verplichtingen een drempel om mensen vast in dienst te nemen.

Medisch advies bedrijfsarts wordt leidend

Naast de bovengenoemde maatregelen wil het ministerie dat het duidelijker wordt waar het UWV de werkgevers op beoordeeld. Ook wordt per 1 januari 2021 het medisch advies van de bedrijfsarts bij de RIV-toets leidend. Er wordt tien miljoen euro geïnvesteerd in kwaliteitsverbetering zodat de uitgangspunten van de bedrijfsarts en het medisch oordeel van de verzekeringsarts gelijk zijn.

Verder gaan werkgevers meer duidelijkheid krijgen over wanneer een zieke werknemer re-integreert bij een andere werkgever.

Zie ook:

Bezuiniging op arbeidsongeschikten geschrapt

ziektekostenverzekering, ziektekosten, verzuim oplossingen, ziekteverzuimverzekeringen,verzekeringspremies, verzuimzorg,verzuim ondersteuning,personeels- en salarisadministratie,ziekteverzuimverzekeraar,GRATIS digitale personeelsdossiers,Gratis verlofadministratie,interessante kortingen, salarisverwerking,loonadministratie,salaris,loon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Kortere looptijd 30% regeling en overgangsrecht

Staatssecretaris Snel van Financiën beantwoordt Kamervragen over het verkorten van de maximale looptijd van de 30%-regeling en het overgangsrecht.

           
In het wetsvoorstel Belastingplan 2019 is voorgesteld om de de looptijd van de 30%-regeling per 1 januari 2019 met drie jaar te verkorten van acht naar vijf jaar voor zowel de nieuwe als de bestaande gevallen.

Met de tweede nota van wijziging is in het wetsvoorstel Belastingplan 2019 een specifieke overgangsbepaling opgenomen voor ingekomen werknemers voor wie de looptijd van de 30%-regeling door de voorgestelde verkorting van de looptijd van de regeling zou eindigen in de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2020. Zij hebben tot uiterlijk 31 december 2020 recht op toepassing van de 30%-regeling.

salarisverwerking, loonadministratie, uitbesteden loonadministratie, salarisverwerkers, loonverwerking uitbesteden, cloud loon, salaris in de cloud, verwerking personeel, personeel premies, goedkoop hrm management, ess, verzuimregistratie, pensioenen, urenlijsten, personeelsbestanden,

Brief Belastingdienst

De werkgevers en werknemers die het betreft zijn in juni 2018 per brief geïnformeerd over de voorgenomen verkorting van de looptijd van de 30%-regeling.

De Belastingdienst zal de betrokkenen in een nieuwe brief informeren over het overgangsrecht. Voor de verschillende groepen werknemers geldt het volgende:

  • als de huidige einddatum valt in 2019 of 2020: voor deze werknemers zorgt het overgangsrecht ervoor dat zij niet uit de 30%-regeling vallen per 1 januari 2019, maar dat zij die huidige einddatum kunnen aanhouden;
  • als de huidige einddatum valt in 2021, 2022 of 2023: voor deze werknemers eindigt de looptijd door het overgangsrecht op 31 december 2020;
  • als de huidige einddatum valt in of na 2024: voor deze werknemers wordt de looptijd verkort met drie jaar.

De groepen 1 en 2 kunnen profijt hebben van het overgangsrecht. De gezamenlijke omvang van deze groepen wordt geraamd op 31.000 werknemers. Ongeveer de helft van deze groep zal meteen op 1 januari 2019 van het overgangsrecht gebruik kunnen maken. De andere helft kan daarvoor in de loop van 2019 of 2020 in aanmerking komen.

Werkelijk extraterritoriale kosten

Het overgangsrecht voor de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling geldt ook als de werkgever niet het forfait toepast, maar de werkelijke extraterritoriale kosten vergoedt.

Voor het onbelast kunnen vergoeden of verstrekken van de werkelijke extraterritoriale kosten geldt dat de werknemer tijdelijk buiten zijn land van herkomst moet zijn in het kader van de dienstbetrekking. Die tijdelijkheid wordt ingevuld met dezelfde termijn als die geldt voor de 30%-regeling voor ingekomen werknemers.

De Belastingdienst zal bij de uitleg van de vraag of een werknemer tijdelijk in Nederland verblijft in het kader van zijn dienstbetrekking voor de mogelijkheid de werkelijke extraterritoriale kosten onbelast te vergoeden zijn huidige beleid continueren, maar daarbij uitgaan van de nieuwe, kortere maximale looptijd van de 30%-regeling. In dezelfde lijn zal het voorgestelde overgangsrecht bij de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling voor ingekomen werknemers doorwerken naar deze groep, zodat voor deze groep eenzelfde overgangstermijn zal gelden.

Bij een in Nederland gevestigde werkgever die in het buitenland wonende werknemers in dienst heeft die af en toe in Nederland werken, kunnen voor die werknemers ook buiten deze overgangstermijn na vijf jaar sprake zijn van extraterritoriale kosten die onbelast kunnen worden vergoed.

Uit het evaluatierapport van Dialogic blijkt dat er in vergelijking tot de Nederlandse beroepsbevolking relatief veel gebruikers van de 30%-regeling werkzaam zijn in de academische sector en de ICT-sector.

Positief voor vestigingsklimaat

Dat het voordeel van de 30%-regeling in bepaalde gevallen voor een deel bij de werkgever terechtkomt, past bij de doelen van de regeling, met name bij het leveren van een bijdrage aan het aantrekkelijk en competitief houden van het Nederlandse vestigingsklimaat.

Het overgangsrecht zorgt ervoor dat tot 1 januari 2021 niemand wordt geconfronteerd met de verkorting van de looptijd. Het biedt aan bestaande gevallen tot twee jaar extra tijd om te anticiperen op de verkorting van de looptijd. Deze tegemoetkoming geeft werkgevers en werknemers lucht. Dat is positief voor het Nederlandse vestigingsklimaat.

Geen signalen

Het kabinet heeft geen concrete signalen ontvangen dat werkgevers vanwege de verkorting van de looptijd uit Nederland zouden vertrekken. Wel werden signalen ontvangen van werkgevers die aangaven met ingang van 2019 een grotere uitloop van werknemers te verwachten en dat ze weinig tijd hadden om daarop te anticiperen.

Maximeren forfait

Waarom is er niet voor gekozen de 30%-regeling te maximeren?

Voor het vestigingsklimaat lijkt het beter te kiezen voor een optie waarbij de looptijd wordt beperkt dan voor een optie waarbij een maximum met betrekking tot de onbelaste vergoeding per jaar wordt aangebracht. Het invoeren van een plafond voor hogere inkomens kan wringen met de eerste doelstelling van de regeling, namelijk het aantrekken van werknemers met een specifieke deskundigheid die op de Nederlandse arbeidsmarkt niet of schaars aanwezig is.

Een aanpassing van de regeling door het invoeren van een plafond zou leiden tot complexere en lastiger uitvoerbare regelgeving, hogere administratieve lasten en hogere uitvoeringskosten. Om deze redenen is het kabinet geen voorstander van een maximering van het forfait.

Door de overgangsregeling heeft de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling pas effect in 2021.

 

30%-regeling naar vijf jaar 2019, 30procent regeling, 30 % regelingen, 2019 nieuwe regels 30 procent

door100% Salarisverwerking B.V.

AOW-leeftijd naar 67 jaar!

Het uitstellen van verhoging AOW-leeftijd naar 67 jaar, kan niet!

                         
De AOW-leeftijd moet per 2021 omhoog naar 67 jaar. Deze verhoging kan niet vijf jaar later plaatsvinden, zo stelt minister Koolmees van SZW in antwoord op Kamervragen.

De minister reageert hiermee op Kamervragen die gesteld werden naar aanleiding van een artikel in het Financieele Dagblad. In dat artikel gaven actuarissen aan dat de AOW-leeftijd pas vijf jaar later naar 67 jaar hoeft te stijgen dan nu in de wet is vastgelegd. Ook de Telegraaf berichtte eerder over een uitgelekt conceptpensioenakkoord waarin een minder snelle stijging van de AOW-leeftijd zou zijn afgesproken. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid geeft echter aan dat de AOW-leeftijd per 2021 gewoon omhoog moet. Na de invoering van de AOW in 1956 is de AOW-leeftijd een lange periode 65 jaar gebleven, terwijl de levensverwachting flink is gestegen. Sinds 2013 gaat de AOW-leeftijd geleidelijk omhoog om in 2021 uit te komen op een AOW-leeftijd van 67 jaar. Dit is volgens de minister nodig om een inhaalslag te maken. Het uitgangspunt daarbij is dat iedere generatie gemiddeld circa 18 jaar een AOW-uitkering kan ontvangen.

stijging pensioenleeftijd, leeftijd waarop werknemers met pensioen gaan hoger, AOW-leeftijd verder stijgende

Levensverwachting stijgt minder snel dan geraamd

Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. Hoe hoog de AOW-leeftijd dan precies moet worden, bepaalt het kabinet (vijf jaar van tevoren) op basis van ramingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Voor 2022 en 2023 is al bekend dat de AOW-leeftijd 67 jaar en drie maanden zal zijn. Hoewel cijfers van het CBS vorig najaar lieten zien dat de toekomstige levensverwachting minder snel stijgt dan eerder was geraamd, vindt het CBS het nog te vroeg om aan te geven dat dit de komende jaren ook zo zal zijn.
In de wet is vastgelegd dat de AOW-leeftijd pas omhooggaat als de levensverwachting stijgt met meer dan drie maanden. Bij een kleinere stijging of een daling blijft de AOW-leeftijd gelijk. Op die manier probeert het kabinet te voorkomen dat de AOW-leeftijd te veel schommelt.

Aan de slag met leeftijdsbewust personeelsbeleid

De minister geeft verder aan dat het de gezamenlijke verantwoordelijkheid is van werkgevers en werknemers om werknemers langer inzetbaar te houden. Hiervoor moeten zij onder meer aan de slag met leeftijdsbewust personeelsbeleid. Daarnaast wil het kabinet een leven lang ontwikkelen stimuleren. Voor oudere werknemers die toch werkloos of arbeidsongeschikt raken, kondigde het kabinet in het regeerakkoord al aan de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen (IOW) te verlengen met vier jaar.

zie ook:
Plan opleiding AOW valt slecht
Géén Transitievergoeding AOW-gerechtigden
Toch stijging pensioenleeftijd

AOW-leeftijd, AOW-leeftijd verhoogd, verhoging aow 69 jaar,aow 2040, 69 jr aow, 69 jaar aow 2040

close

Veel lees plezier? Delen mag.