Tag archief wet en regelgeving

door100% Salarisverwerking B.V.

Werknemer in cel?

Geen reden voor ontslag op staande voet.
                   
Het Rotterdamse havenbedrijf RST had een kraanmachinist die niet op zijn werk kon verschijnen omdat hij in de gevangenis zat, begin dit jaar niet op staande voet mogen ontslaan. Ook niet gezien het feit dat hij al twee keer eerder in de cel zat.

Dat oordeelt de Rotterdamse kantonrechter. Het havenbedrijf mag wél afscheid van de man nemen wegens een verstoorde arbeidsverhouding. Dat betekent dat hij recht heeft een transitievergoeding van ruim 12.000 euro en uitzicht houdt op een WW-uitkering.

 

Onacceptabel gedrag

De kraanmachinist werkte sinds 2014 bij Rotterdam Short Sea Terminals (RST), een havenbedrijf waar containers van zeeschepen tijdelijk worden opgeslagen voordat ze verder worden vervoerd.

In de herfst van 2019 ontving de werknemer een schriftelijke laatste waarschuwing wegens ongeoorloofde afwezigheid en onacceptabel gedrag. De man had twee keer in de cel gezeten en schade veroorzaakt.
In hechtenis

Op 14 januari van dit jaar meldde de kraanmachinist zich ziek. Acht dagen later belde zijn moeder om door te geven dat hij nog steeds ziek was, en onbereikbaar. Toen de man inderdaad niet reageerde op voicemails, drong zijn werkgever aan op contact en staakte de loonbetaling.

Toen de kraanmachinist uiteindelijk contact opnam, bleek dat hij sinds 19 januari in voorlopige hechtenis zat. Aanvankelijk stelde hij niet te weten waarom. Dat was voor het havenbedrijf de druppel; de man werd op staande voet ontslagen.
Verdenking

De kraanmachinist nam daar echter geen genoegen mee, en stapte naar de rechter. Tijdens de rechtszaak bleek dat de man, naar eigen zeggen ten onrechte, 90 dagen was vastgezet op verdenking van bedreiging. Volgens hem was dat echter geen reden om hem te ontslaan.

De kraanmachinist kreeg deels gelijk. Weliswaar vindt de kantonrechter dat de man zijn werkgever beter meteen op de hoogte kunnen stellen van het feit dat hij vastzat. Maar een reden voor een ontslag op staande voet vindt de kantonrechter dat niet.

De volgens RST negatieve, kritische en onheuse manier waarop de kraanmachinist zich tijdens het contact zou hebben opgesteld, is dat volgens de kantonrechter evenmin.

“Een gesprek tussen een HR-functionaris die op zoek is naar een werknemer en de werknemer die in zijn ogen onterecht vast zit maar meent te voldoen aan een oproep van zijn baas, zal vanuit deze verschillende vertrekpunten al snel uitlopen op een confrontatie.”

 

Verstoorde arbeidsrelatie

Wel oordeelt de kantonrechter, ook gezien de eerdere incidenten en de laatste waarschuwing uit 2019, dat de arbeidsrelatie tussen de kraanmachinist en het havenbedrijf door de nieuwe ontwikkelingen is verstoord.

Gezien de voorgeschiedenis vindt de rechter het ‘begrijpelijk dat RST geen vertrouwen meer heeft in een goede voortzetting van de arbeidsverhouding. Van haar kan dan ook niet gevergd worden dat zij (…) de strafzaak afwacht.’

Daarom mag het havenbedrijf de man begin juli op straat zetten. Omdat hij door zijn hechtenis niet beschikbaar was voor zijn werkzaamheden, hoeft het bedrijf zijn salaris tot die tijd niet te betalen. Wel moet de werkgever de man een ontslagvergoeding van 12.464 euro meegeven.

 

Hoger beroep mogelijk

Advocaat Folmer Krumpelman, die RST bijstond in deze zaak, zegt dat de werkgever waarschijnlijk niet in hoger beroep tegen de uitspraak gaat. “Dat is het niet echt waard. Er moet weliswaar een transitievergoeding worden betaald, maar dat is soms ook bij een ontslag op staande voet het geval.”

Arbeidsjurist Kees Buitelaar van FNV die de kraanmachinist bijstond, kan nog niet zeggen of zijn cliënt in hoger beroep gaat. “Dat moeten wij nog bespreken. Wij vinden het jammer dat de rechter meebewoog met het ontbindingsverzoek. Voor mijn cliënt is het van groot belang dat hij nog werk heeft als hij vrij komt.”

 
 
Uitspraak: Rechtbank Rotterdam
 
 
Bron: RTL Z
 
 
personeelszaken, personeelsdiensten,financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers,

door100% Salarisverwerking B.V.

Nieuwe pensioenwet gaat uiterlijk 1 januari 2023 in

Een jaar later dan verwacht 2023 gaat de nieuwe pensioenwet in werking.
              
Het gezamenlijk streven van het kabinet, sociale partners en pensioenuitvoerders is en blijft om per 1 januari 2026 of waar mogelijk zelfs eerder de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel te kunnen maken. Dat schrijft minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vandaag aan de Tweede Kamer.

Het conceptwetsvoorstel toekomst pensioenen is begin dit jaar voorgelegd aan heel Nederland met de vraag mee te denken om de wet te verbeteren. De reacties daarop vragen een goede weging. Waarbij zorgvuldigheid en gezamenlijkheid voorop staat.

“Ik ben altijd blij geweest met het brede draagvlak voor deze grote noodzakelijke hervorming. Het moet goed en zorgvuldig gebeuren. Zeker omdat het zoveel mensen raakt en dit nieuwe stelsel er moet komen voor de komende decennia, staat zorgvuldigheid voorop. Hoewel we de vaart erin houden, wil ik met alle betrokkenen een zorgvuldig proces doorlopen. Ik verwacht het wetsvoorstel begin 2022 bij de Tweede Kamer in te dienen. De Tweede en Eerste Kamer kunnen het voorstel dan zorgvuldig behandelen en betrokken organisaties kunnen zich goed op de aanpassingen voorbereiden. Ik streef ernaar dat de nieuwe pensioenwet dan uiterlijk per 1 januari 2023 inwerking kan treden.” Minister Wouter Koolmees

In de komende maanden wordt met betrokken partijen verder gewerkt aan het wetsvoorstel, voeren toezichthouders zoals AFM en DNB en de Belastingdienst een toets uit, en wordt om advies gevraagd aan het College voor de Rechten van de Mens, de Raad voor de rechtspraak en de Raad van State. De beoogde nieuwe ingangsdatum is gekozen in samenspraak met sociale partners, jongeren- en ouderenorganisaties, pensioenfondsen, verzekeraars, uitvoeringorganisaties en toezichthouders.

 

Transitieperiode en transitie-ftk

In het pensioenakkoord is afgesproken dat sociale partners en pensioenuitvoerders vier jaar de tijd krijgen om pensioenregelingen aan te passen aan de nieuwe wetgeving. Daarbij werd uitgegaan van inwerkingtreding op 1 januari 2022. Ook bij inwerkingtreding op 1 januari 2023 krijgen partijen maximaal vier jaar de tijd voor de nodige aanpassingen, dus tot 1 januari 2027. Wel benadrukken alle betrokken partijen het belang van een snelle overgang, waarbij het streven is zo veel als mogelijk per 1 januari 2026 of eerder over te stappen naar het nieuwe stelsel. Met alle belanghebbende partijen wordt bekeken wat er nodig is om te zorgen dat partijen die al met ingang van 2023 over willen naar het nieuwe stelsel, dit ook kunnen doen.

Tijdens de overgang (transitie) van het oude naar het nieuwe pensioenstelsel geldt het transitie-ftk (financiële toetsingskader). Het uitgangspunt daarvan is dat tijdens de overgangsperiode al zoveel als mogelijk met de blik van het nieuwe stelsel naar de huidige situatie wordt gekeken.

Het transitie-ftk is onderdeel van de wetgeving en verschuift daarmee ook naar uiterlijk 1 januari 2023 tot uiterlijk 1 januari 2027. In overleg met betrokken partijen wordt bezien of het mogelijk is of het transitie-kader eerder in werking kan treden dan 1 januari 2023, mits het parlementaire proces dan is afgerond. In dat geval kan er bijvoorbeeld al eerder gebruik worden gemaakt van de voorgenomen verlaagde indexatiegrens. Voor het jaar 2022 zal blijven gelden dat in aanloop naar het nieuwe pensioenstelsel onnodige kortingen worden voorkomen. Voornemen is om onder dezelfde voorwaarden als de voorgaande twee jaren in 2022 voor pensioenfondsen het aantal meetmomenten waarna aan het minimaal vereiste vermogen moet worden voldaan te verruimen, evenals de hersteltermijnen van het vereist eigen vermogen. Daarbij zal dus ook in 2022 een minimale dekkingsgraad van 90% worden gehanteerd.

 

Samen de nodige stappen blijven zetten

Ook de komende periode blijven we samen optrekken met alle betrokken partijen en zetten we alle mogelijke stappen. Zo komt er deze zomer een gezamenlijke website waarop professionele partijen praktische informatie kunnen vinden door middel van handleidingen over de te nemen stappen richting het nieuwe stelsel. Er kan namelijk al veel voorbereidend werk worden verricht waar partijen niet mee hoeven te wachten tot de wetgeving definitief is.

De andere onderdelen van het pensioenakkoord, zoals het langzamer laten stijgen van de AOW-leeftijd en maatregelen om ervoor te zorgen dat mensen gezond hun pensioen halen, zijn al aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer en inwerking getreden.

 

Documenten

 
 

Gerelateerd

Levenslooptegoed belast bij aankoop extra verlof, Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP)
Na werkhervatting, geen fiscale gevolgen voor pensioen van werknemers
Update vragen en antwoorden pensioensite Belastingdienst

 
 
Concept pensioenakkoord Lagere AOW-leeftijd, vakbonden en werkgevers over pensioen en AOW

door100% Salarisverwerking B.V.

Géén vakantiedagen schrappen door corona getroffen werkgever


Vakantie is een groot goed.
                   
Koffiebedrijf Selecta mag van de rechter slechts beperkt een beroep doen op zijn werknemers om de gevolgen van de coronacrisis op te vangen. De Zuid-Hollandse werkgever wilde een loonsverhoging uitstellen, en deels vakantietegoeden wegstrepen. Het eerste mag wel, het tweede niet.

Selecta uit Dordrecht levert thee- en koffiemachines aan bedrijven en horeca en was in 2019 goed voor 657 voltijdsbanen en een jaaromzet van 118 miljoen euro. De onderneming is een dochter van het gelijknamige Europese concern, dat in handen is van het Amerikaanse private equitybedrijf KKR.

 

Omzetdaling

Vorig jaar werd Selecta zwaar getroffen door de gevolgen van de coronapandemie. Door de lockdowns namen klanten minder koffie, thee en machines af en daalden de omzetten van het bedrijf aanzienlijk.

In april liet de directie het personeel weten maatregelen te willen nemen om 900.000 euro te besparen en de overlevingskansen van het bedrijf te vergroten.

 

Vakantietegoeden inleveren

Zo was Selecta van plan om een toegezegde loonsverhoging uit te stellen tot het nieuwe jaar. Daarnaast wilde het bedrijf dat de werknemers een deel van hun vakantietegoeden inleverden. De Ondernemingsraad gaf een positief advies, maar zes medewerkers stapten naar de rechter om te protesteren.

Volgens de werknemers heeft Selecta de arbeidsvoorwaarden eenzijdig gewijzigd, zonder voldoende zwaarwegend belang. De kantonrechter in Dordrecht is het daar grotendeels mee eens, blijkt uit een vandaag openbaar geworden uitspraak.

Het Zuid-Hollandse koffiebedrijf krijgt van de kantonrechter alleen groen licht voor het uitstel van de loonsverhoging. Daarbij wordt benadrukt dat het gaat om een tijdelijke maatregel waar de Ondernemingsraad mee heeft ingestemd.

“De acute financiële problemen die Selecta ondervindt door de coronapandemie vormden een zodanig zwaarwichtig belang dat de belangen van de werknemers daarvoor naar maatstaven van redelijkheid moeten wijken”, aldus de uitspraak.
 
 

Rechtbank Rotterdam

: zaaknummer: 8721568 \ CV EXPL 20-4083

 
 
 
Proeftijd verlengen bij ziekte, proeftijd loopt af, verlenging contract,

door100% Salarisverwerking B.V.

Werknemer draait op voor extra vrije dagen bij quarantaineplicht

Wie deze zomer naar een exotische bestemming op vakantie wil, kan maar beter vijf dagen extra vrij vragen.
        
Werknemers zijn het kind van de rekening als het om de quarantaineplicht gaat. Werkgevers zijn wel verantwoordelijk dat men zich eraan houdt, de werknemer draait op voor de gemiste werkdagen.

Roostermakers bij bedrijven waar niet thuisgewerkt kan worden, krijgen er een extra stressfactor bij de komende maanden. Als de quarantaineplicht op 18 mei wordt goedgekeurd in de Eerste Kamer, moeten mensen die uit een zeer hoog-risico gebied terugkomen minimaal 5 dagen in quarantaine.

 

Fikse boete

Wie daarna negatief test op corona, mag weer gaan en staan waar hij of zij wil. Wie zich niet wil laten testen, moet 10 dagen verplicht thuis zitten. Overtreders krijgen een fikse boete, van 435 euro.

De plicht is om te voorkomen dat vakantiegangers die besmet raken tijdens hun vakantie dit vervolgens verspreiden in de supermarkt en op de werkvloer. Voor wie thuis kan werken geen probleem, maar wel voor mensen die vanwege het soort werk niet thuis kunnen blijven.

 

Consequenties

Vervelend voor bedrijven, want die komen ineens handjes tekort, en werknemers. Die laatste betaalt waarschijnlijk de rekening, met het inleveren van extra vakantiedagen of tijdelijk geen loon, legt Pascal Besselink uit, arbeidsrechtjurist bij juridisch dienstverlener DAS.

Vooropgesteld: er moet nog wel worden gestemd over de wet en er zijn dus ook nog geen rechtszaken over geweest. Aan de hand van hoe er vorig jaar is omgegaan met mensen die ondanks waarschuwingen toch naar gebieden met code oranje afreisden, legt Besselink de gevolgen uit van de quarantaineplicht. “Toen zeiden bedrijven ook: wij betalen geen loon, want je hebt zelf het risico genomen”, weet hij nog. “En daar was de bijna unanieme mening onder juristen dat dit kon.”

 

Risico nemen

Werkgevers zullen zich weer net zo opstellen, verwacht Edwin van Scherrenburg van werkgeversorganisatie VNO-NCW. “Als je willens en wetens het risico opzoekt, dan kan dat consequenties hebben”, vertelt hij. “Als iemand dan niet thuis kan werken, dan kan je niet verwachten dat de werkgever doorbetaalt”, laat hij weten.

 

Inhouden loon

Dat is anders als tijdens de vakantie ineens de kleur van een land verschiet. In dat geval moet de werkgever gewoon het salaris doorbetalen. “Dat is een omstandigheid die niet voor rekening van de werknemer komt”, zegt Besselink. “Hij kon op het moment van afreizen niet weten dat de bestemming van kleur zou verschieten.”

Het beste is om discussies hierover überhaupt te voorkomen, adviseren zowel Van Scherrenburg als Besselink. “Leg de consequenties als bedrijf helder uit, dan kan de werknemer de afweging maken: ga ik wel of niet”, aldus Besselink.
 

Wegstrepen vakantiedagen

Ook kan er dan gezocht worden naar een andere oplossing dan het inhouden van loon. Zoals bijvoorbeeld het wegstrepen van vakantiedagen voor de periode die je in quarantaine zit, legt Besselink uit.

Er is nog een reden dat werkgevers streng zullen moeten zijn als het gaat om de coronaplicht. Een oogje dichtknijpen en iemand die quarantaineplicht heeft toch laten komen, kan andere werknemers in gevaar brengen. Zij kunnen het bedrijf dan aansprakelijk stellen, legt Besselink uit. “Dat is een gigantisch risico voor jou als werkgever, dus dat moet je echt niet doen.” Bedrijven die de quarantaineplicht niet goed handhaven, kunnen daar ook een boete voor krijgen.
 
Bron:RTL Z
 
 

Vakantie uren, vakantiegeld, vakantie geld,

door100% Salarisverwerking B.V.

‘Besluit inkomstenverhouding’ en ‘Kennisdocument inkomstenverhouding’ gepubliceerd

In uw loonaangifte levert u de gegevens van uw werknemer per inkomstenverhouding ( IKV ) aan.
          
Vanaf 1 januari 2023 is in het ‘Besluit inkomstenverhouding’ geregeld wat een IKV is en wanneer deze begint en eindigt. In veel gevallen blijven de regels over inkomstenverhoudingen hetzelfde, maar er zijn ook een aantal veranderingen. In het ‘Kennisdocument inkomstenverhouding’ leest u hier meer over.

 
Vanaf 1 januari 2023 moet u een werknemer in meer situaties in een nieuwe inkomstenverhouding of in afzonderlijke inkomstenverhoudingen in de aangifte opnemen. In het kennisdocument kunt u nu alvast lezen wat er straks verandert en kijken wat dat betekent voor uw HR- en salarisadministratie.

 

Wat verandert er bijvoorbeeld?

Veranderingen per 1 januari 2023 zijn bijvoorbeeld:

  • Wanneer u een contract voor bepaalde tijd verlengt met een nieuw contract voor bepaalde tijd, ontstaat er een nieuwe inkomstenverhouding.
  • Elkaar opvolgende uitzendovereenkomsten geeft u steeds in een nieuwe inkomstenverhouding aan.
  • Betaalt u een werknemer namens UWV een uitkering, bijvoorbeeld bij zwangerschaps- of geboorteverlof, dan geeft u die uitkering aan in een afzonderlijke inkomstenverhouding.

 

Waarom het ‘Besluit IKV’ nodig is

De gegevens uit de loonaangifte komen sinds 2006 terecht in de polisadministratie van UWV. Die gegevens worden vervolgens door verschillende organisaties gebruikt. Op loonaangifteketen.nl kunt u lezen wie de gegevens uit de polisadministratie gebruiken en waarvoor. Het is dus van groot belang dat de gegevens kloppen: voor uzelf, voor uw werknemers en voor de organisaties die de gegevens gebruiken.

Om de gegevens uit de polisadministratie op deze manier te kunnen blijven gebruiken, moeten ze aan blijven sluiten bij de wet- en regelgeving. Veranderingen daarin – zoals de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) en de premiedifferentiatie WW – maken het steeds belangrijker hoe verschillende soorten loon, uitkeringen, dienstbetrekkingen en arbeidscontracten worden aangegeven. En dus is het steeds belangrijker om werknemers in een nieuwe of in meer dan 1 inkomstenverhouding in de aangifte op te nemen. Vandaar het ‘Besluit IKV’.

 

Download het besluit en het kennisdocument

U kunt het ‘Besluit IKV‘ downloaden van rijksoverheid.nl. Ook kunt u het ‘Kennisdocument IKV‘ downloaden van rijksoverheid.nl.
 
 

UWV , UWV regelingen, UWV-noodloket, NOW, TOGS, TOFA, WW, Wajong, Belastingdienst moeten beslagvrije voet garanderen, bestaansminimum garanderen, gegarandeerd bestaans inkomen, laagste beslagvrije voet,

door100% Salarisverwerking B.V.

Rechtsbescherming Belastingdienst moeilijk vindbaar vind commissie

Burgers en kleine ondernemers ervaren onvoldoende praktische rechtsbescherming in hun contact met de Belastingdienst.
      
De rechtsbescherming bestaat meestal wel, maar is moeilijk te vinden. Dat blijkt uit het rapport Burgers Beter Beschermd van de commissie praktische rechtsbescherming, dat staatssecretaris Vijlbrief (Fiscaliteit en Belastingdienst) naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De Belastingdienst slaagt er volgens de commissie onvoldoende in om bestaande rechtsbescherming ook voldoende kenbaar en toegankelijk te maken voor alle burgers en kleine ondernemers. Dit speelt niet alleen bij de Belastingdienst of specifieke onderdelen daarvan, maar geldt ook voor rechtshulp in zijn algemeenheid.

De Commissie noemt als belangrijkste oorzaken:

  • De wet- en regelgeving is complex. Burgers begrijpen niet goed welke rechten zij hebben.
  • De wet- en regelgeving wordt soms te strikt naar de letter van de wet toegepast, waardoor de belangen van de burger niet altijd meer voorop (lijken te) staan.
  • Burgers worden geacht zelfredzaam te zijn. Het zogeheten doenvermogen van burgers is voor sommigen te hoog ingeschat en fouten herstellen wordt als ingewikkeld ervaren.
  • De kosten voor rechtshulp- en bijstand zijn hoog.
  • De burger staat niet in elk onderdeel van de Belastingdienst centraal, er wordt niet altijd voldoende rekening gehouden met persoonlijke belangen. Hierdoor ervaren sommige burgers onvoldoende hulp van de Belastingdienst.

Vijlbrief noemt de conclusies ‘belangrijk en leerzaam’. In zijn brief geeft hij voorbeelden van hoe de Belastingdienst al bezig is met het verbeteren van de praktische rechtsbescherming. Zo kan iedere particulier die daar behoefte aan heeft, een beroep doen op hulp bij aangifte en wordt bij de totstandkoming van wet- en regelgeving voortaan altijd gekeken of het ‘doenbaar’ is voor iedereen.

Daarnaast belooft Vijlbrief betere voorlichting over de rechten en plichten van burgers en bedrijven en bekijkt hij of het makkelijker kan worden om een foutje in de aangifte recht te zetten. Ook laat hij onderzoeken hoe het proces bij ambtshalve beschikkingen beter kan, bijvoorbeeld door meer persoonlijk contact te zoeken met de belastingplichtige.

 

Documenten

Kamerbrief met beleidsreactie op rapport commissie praktische rechtsbescherming

Staatssecretaris Vijlbrief informeert de Tweede Kamer over zijn reactie op het rapport ‘Burgers beter beschermd’ over de …

Kamerstuk: Kamerbrief | 22-04-2021

 
 
 
wet en regelgeving ondernemers, regels ondernemingen, werkgevers wet en regelgeving geremd, papierwerk stopt groei, verhindering groei onderneming, werkgevers opstakels,barrière regels ondernemers,