Tag archief Jeugd-LIV

door100% Salarisverwerking B.V.

Nieuwe versie Kennisdocument Wtl

Versie 8.0 van het Kennisdocument Wet tegemoetkomingen loondomein ( Wtl ) is gepubliceerd op de internetsite van de Rijksoverheid.
    

In het nieuwe document zijn de volgende wijzigingen voor 2021 opgenomen:

  • Aanpassing van bedragen lage inkomensvoordeel (LIV)
  • Indexering uurloongrenzen LIV
  • De bedragen en jaartallen zijn geactualiseerd

 

Wat houdt de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl)in?

Met ingang van 1 januari 2017 is de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) van kracht. In deze wet zijn drie nieuwe tegemoetkomingen in de loonkosten voor werkgevers geïntroduceerd om mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt in dienst te nemen of te houden. Het hebben van werk is belangrijk voor mensen, niet alleen voor het inkomen maar ook voor de persoonlijke ontwikkeling en sociale contacten.
Werkgevers worden met de instrumenten in de Wtl gestimuleerd om mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt deze kans te geven. De Wtl vervangt de premiekortingen arbeidsgehandicapte werknemer en oudere werknemer door een loonkostenvoordeel (LKV) voor deze groepen. Daarnaast bestaat de Wtl uit het lage-inkomensvoordeel (LIV) en het jeugd-LIV.
Het jeugd-LIV heet officieel ‘tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon’. De tegemoetkomingen zijn losgekoppeld van de verschuldigde premies werknemersverzekeringen. Door het financiële voordeel gewoon uit te laten betalen door de Belastingdienst, profiteren de werkgevers die er recht op hebben volledig van de tegemoetkomingen.
 

Uit welke soorten tegemoetkomingen bestaat de Wtl?

De Wtl bestaat uit driesoorten tegemoetkomingen voor werkgevers:

    1. Lage-inkomensvoordeel (LIV);
    2. Tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (ook wel jeugd-LIV genoemd);
    3. Loonkostenvoordeel (LKV).

 
PDF download
Het Kennisdocument Wtl pdf

 
U vindt het Kennisdocument Wtl op rijksoverheid.nl.
 
 
 
2021, 2021, LIV, jeugd LIV,LKV, jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel, liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting, belastingzaken, lage salaris, loonverwerkers, salarisverwerker, salaris, LKV, Kennisdocument Wtl,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uurloongrenzen LIV 2021

De uurloongrenzen voor het lage – inkomensvoordeel zijn gewijzigd dit jaar .
             
De grenzen zijn aangepast aan de stijging van het minimumloon.

De hoogte van het LIV is afhankelijk van het aantal verloonde uren en van het gemiddeld uurloon.

Hieronder vindt u de uurloongrenzen voor 2021.

Uurloongrenzen voor 2021
 

Uurloongrenzen voor 2021

U vindt de wijziging in de Staatscourant op de internetsite van Overheid.nl.
 

Meer informatie

uwv.nl

 

Wetsartikelen

Artikel 3.1 en 3.2 Wet tegemoetkomingen loondomein

 
 
 

Gerelateerd

Minimumloon in 2021, per leeftijd, per dag, per uur
Uurloongrenzen jeugd-LIV 2020
Nieuwe versie Kennisdocument Wtl
Wat te doen LIV?
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021
Loonbelastingtabellen 2021 beschikbaar
Aanvraagformulier 30%-regeling 2021
2e uitgave ‘Nieuwsbrief Loonheffingen 2021’
 
 

uurloongrenzen voor 2021, LIV 2021, Codes voor de aangifte loonheffingen 2021, Belastingdienst

door100% Salarisverwerking B.V.

Nieuwe versie ‘Memo verloonde uren’

De Belastingdienst heeft een nieuwe versie ‘Memo verloonde uren ’ gepubliceerd.
                 
In dit document vindt u uitleg over wat verloonde uren zijn. In deze versie zijn een aantal punten aangevuld en verduidelijkt.

Over de volgende onderwerpen is informatie toegevoegd:

  • tijdelijke werkwijze bij werkgeversbetalingen
  • begrip ‘gebruikelijke verloonde uren’
  • uitbetaling van een reguliere WW-uitkering via de werkgever
  • aanvullend geboorteverlof (WIEG)
  • (gedeeltelijk) onbetaald (zorg)verlof

De volgende onderwerpen zijn verduidelijkt:

  • uitbetaling van een WW-uitkering via de werkgever in bijzondere situaties
  • B&W en raadsleden
  • beschikbaarheidsdiensten

Daarnaast is de bijlage over de verloonde uren bij ziekte en arbeidsongeschiktheid verruimd. In deze bijlage vindt u nu informatie over de verloonde uren bij uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen.

 

Ingangsdatum

De wijzigingen gelden met ingang van 1 januari 2021, maar u mag ze ook eerder toepassen.

 

Belang verloonde uren

Het aantal verloonde uren bepaalt het recht op en/of de hoogte van de volgende tegemoetkomingen:

  • lage-inkomensvoordeel (LIV)
  • loonkostenvoordelen (LKV’s)
  • jeugd-lage-inkomensvoordeel (jeugd-LIV)

De verloonde uren bepalen bovendien de hoogte en duur van een WW-, ZW-, WIA- of WAO-uitkering. Dus ook voor de werknemers is het belangrijk dat u de verloonde uren correct doorgeeft.

 

Standpunten verloonde uren

Omdat er in de praktijk veel vragen komen, hebben het CBS, UWV en de Belastingdienst standpunten geformuleerd om meer duidelijkheid te geven over wat verloonde uren zijn. Deze standpunten vindt u in het ‘Memo verloonde uren’.

U vindt het memo op belastingdienst.nl.
 
 
 
Loonkostensubsidie, Loonkostenvoordelen, lage-inkomensvoordeel, loonkostensubsidie calculator, Regelhulp loonkostenvoordelen, Aanvragen lage-inkomensvoordeel, Loonkostenvoordelen & LIV, LKV

door100% Salarisverwerking B.V.

Werkgeversbetaling in aangifte loonheffingen

Ontvangt een werknemer een uitkering van de UWV dit via de werkgever?
              
En ontvangt hij ook loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van deze werkgever? Dan is sprake van een werkgeversbetaling. In deze handreiking leest u hoe u dit verwerkt in de aangifte loonheffingen.

Deze handreiking geldt voor de situatie dat de werknemer in dienstbetrekking is bij de werkgever.

 

Werkgeversbetaling

Een werkgever en werknemer kunnen afspreken dat de werknemer de uitkering van UWV via de werkgever ontvangt. De werknemer moet UWV daarvoor machtigen.

UWV kan die uitkering aan de werkgever betalen in de vorm van een werkgeversbetaling of instantiebetaling.

De instantiebetaling gebruikt u voor de situatie waarin de werknemer geen loon uit tegenwoordige dienstbetrekking meer van u krijgt, maar u hem nog wel een aanvulling op zijn uitkering betaalt.

Deze handreiking gaat over de werkgeversbetaling. De werkgeversbetaling geldt voor de situatie dat de werkgever de uitkering doorbetaalt en de werknemer nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van dezelfde werkgever krijgt.

Bij een werkgeversbetaling betaalt UWV aan de werkgever, behalve de uitkering, ook de premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zvw over de uitkering.

 

Samenvoegingsregels en witte tabel

Voor de berekening van de loonheffingen telt u de uitkering van UWV, het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en een eventuele aanvulling op de uitkering bij elkaar op. Dit zijn de samenvoegingsregels. Op het totaal past u de witte tabel toe. Ook berekent u over het totaal de premies werknemersverzekeringen.

 

WW-premie

Voor een werkgeversbetaling geldt altijd de lage WW-premie.

Voor een eventuele aanvulling op de uitkering gebruikt u dezelfde WW-premie als voor het reguliere loon.

Inkomstenverhouding

In 2020 en 2021 kunt u kiezen hoe u een werkgeversbetaling in de aangifte verwerkt:

    1. in een aparte inkomstenverhouding
    2. in dezelfde inkomstenverhouding als het loon

 

1. In een aparte inkomstenverhouding

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in een aparte inkomstenverhouding.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die bij de werkgeversbetaling hoort:

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vult deze rubrieken bij deze inkomstenverhouding niet in.

WW-premie
U geeft de lage WW-premie aan.

Verloonde uren
De hoogte van de verloonde uren die u invult in de aparte inkomstenverhouding, hangt af van de soort uitkering die de werkgever doorbetaalt.

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

2. In dezelfde inkomstenverhouding als het loon

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in dezelfde inkomstenverhouding als het loon.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die geldt voor het reguliere loon.

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vermeldt het contractloon, de contracturen en de contractindicaties die gelden voor het reguliere loon.

WW-premie
Gebruikt u voor het reguliere loon de hoge WW-premie en geeft u de werkgeversbetaling aan in dezelfde inkomstenverhouding als het reguliere loon? Dan vult u de WW-premie als volgt in:

  • U vermeldt de hoge en lage grondslagaanwas gezamenlijk in de rubriek Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog.
  • U vermeldt de hoge en lage WW-premie gezamenlijk in de rubriek Premie AWf hoog.

Aandachtspunt bij LIV, Jeugd-LIV en sommige loonkostenvoordelen
Een uitkering uit de werknemersverzekeringen telt niet mee als jaarloon voor de bepaling van het (jeugd-)LIV en sommige loonkostenvoordelen. Als u de werkgeversbetaling en het reguliere loon opgeeft in één inkomstenverhouding, kan UWV de werkgeversbetaling toch bij het jaarloon tellen. Hierdoor wordt het jaarloon hoger en stelt UWV het (jeugd-)LIV of het loonkostenvoordeel misschien verkeerd vast.

Verloonde uren

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

Genietingsmoment werkgeversbetaling

U verwerkt de werkgeversbetaling in de aangifte over het tijdvak waarin de werkgever de uitkering doorbetaalt. Wanneer de werkgever de uitkering van UWV ontvangt, is niet van belang.

 

Aanvulling op uitkering

Soms betaalt de werkgever een aanvulling op de uitkering uit werknemersverzekeringen. Deze aanvulling vermeldt u in de inkomstenverhouding die u gebruikt voor het reguliere loon.

U geeft het bedrag van de aanvulling aan in de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekering‘.

 

Voorbeeld

Een werknemer heeft een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Het maandloon is € 1000. Daarnaast ontvangt de werknemer van de werkgever een WIA-uitkering van € 500 (werkgeversbetaling). Ook ontvangt de werknemer een aanvulling van € 100.

Voor het reguliere loon en de aanvulling geldt de hoge WW-premie. Voor de werkgeversbetaling geldt de lage WW-premie.

 

Uitwerking

U gebruikt 2 inkomstenverhoudingen.

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

 Tabel inkomstenverhouding 2

Tabel inkomstenverhouding 2 (uitkering)

U gebruikt 1 inkomstenverhouding.

Tabel inkomstenverhouding

Tabel inkomstenverhouding

In dit voorbeeld doet u dit als volgt:

  • U telt de aanwas van de grondslag voor de hoge en lage premie bij elkaar op. Deze aanwas is het bedrag waarover de premies moeten worden berekend. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog’.
  • U telt de lage en hoge WW-premie bij elkaar op. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Premie AWf hoog’.

 
 

Meer informatie

Paragraaf 7.6.2 Handboek Loonheffingen
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Kennisdocument premiedifferentiatie WW
Memo verloonde uren
 
 

Wetsartikelen

artikel 33 lid 2, letter a Wet loonbelasting
artikel 9.1 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
artikel 9.4 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
 
 

2019, 2020, LIV, jeugd LIV,LKV, jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,LKV,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uurloongrenzen jeugd-LIV 2020

Gemiddeld uurloon voor het jeugd-LIV 2020 is op 18 juni 2020 gepubliceerd in de Staatscourant.
          
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de minimale en maximale bedragen van het gemiddeld uurloon voor het jeugd-LIV 2020 op 18 juni 2020 gepubliceerd.

 

De grenzen voor het gemiddeld uurloon in 2020 zijn:

Uurloongrenzen jeugd-LIV 2020

‘Tabel ondergrens en bovengrens gemiddeld uurloon op leeftijd’

De minimale en maximale bedragen worden 1x per kalenderjaar vastgesteld op het gemiddelde van het minimumuurloon per 1 januari en per 1 juli.

De Staatscourant vindt u op overheid.nl

Toelichting

Een werkgever kan in aanmerking komen voor de tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon op grond van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Deze tegemoetkoming wordt aangeduid als het minimumjeugdloon voordeel (jeugd-LIV). De werknemer verdient een gemiddeld uurloon waarvoor per leeftijdscategorie een bandbreedte geldt. De bandbreedtes van het gemiddelde uurloon per leeftijdscategorie, genoemd in artikel 3.3 van de Wet tegemoetkomingen loondomein, worden jaarlijks vastgesteld in verband met de indexering van het minimumjeugdloon. Omdat de bedragen van het minimumloon per 1 januari en per 1 juli worden geïndexeerd, worden de bedragen van deze onder- en bovengrens van het gemiddelde uurloon per kalenderjaar afgeleid van het gemiddelde van het minimumuurloon per 1 januari en per 1 juli. Op grond van artikel 3.3, derde lid, van de Wtl, wordt de uitkomst van deze berekening per kalenderjaar bij het begin van de maand juli (als de bedragen voor het minimumloon die gelden bekend zijn) bij ministeriële regeling vastgesteld. Voor het kalenderjaar 2020 voorziet deze regeling daarin. In deze regeling worden per leeftijdscategorie de bedragen voor de onder- en bovengrens vastgesteld afgeleid van het gemiddelde van het bij die leeftijd behorende minimumuurloon op grond van de jaarbedragen voor het minimumloon en vakantiebijslag per 1 januari 2020 en per 1 juli 2020.

Het gemiddelde uurloon dat uiteindelijk in aanmerking wordt genomen, wordt vastgesteld door het jaarloon te delen door het aantal verloonde uren. Voor de vaststelling van de bandbreedte geldt als ondergrens een percentage van het uurloon afgeleid van het geldende minimumloon en het bedrag van wettelijke vakantiebijslag, behorend bij een normale arbeidsduur van 40 uren per week en als bovengrens een percentage van dit uurloon bij een normale arbeidsduur van 36 uren per week.

De percentages in artikel 3.3 van de Wtl, horende bij de bandbreedtes per leeftijdscategorie voor de vaststelling van het gemiddelde uurloon, zijn per 1 januari 2020 aangepast aan de tweede verhoging van de minimumjeugdlonen per 1 juli 2019.1 Voor de 20-jarigen wordt bij de bovengrens uitgegaan van het bedrag van de ondergrens van het lage- inkomensvoordeel (LIV) om te voorkomen dat de doelgroepen van jeugd-LIV en LIV elkaar overlappen.

 

Voorwaarden

De werkgever heeft recht op het jeugd-LIV voor een werknemer die voldoet aan 3 voorwaarden. De werknemer:

  • is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen.
  • de werknemer geniet loon uit tegenwoordige arbeid in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3 tot en met 6 van de Ziektewet.
  • heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd.
  • is op 31 december 2017: 18, 19, 20 of 21 jaar.

Het gemiddeld uurloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van een jaar (kolom 8 van de loonstaat) gedeeld door het aantal verloonde uren in dat jaar. De onder- en bovengrenzen van het gemiddeld uurloon 2020 vindt u in het bericht Grenzen voor gemiddeld uurloon jeugd-LIV 2020 bekend.

 

Let op!

  • De eis van minimaal 1248 verloonde uren geldt niet voor het jeugd-LIV.
  • Werknemers vanaf 21 jaar hebben vanaf 1 juli 2019 recht op het volledige minimumloon. Zij vallen onder het gewone LIV als aan de voorwaarden wordt voldaan.

 

Gerelateerde berichten

Handreiking jeugd-LIV
 
 
Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW, Overheid, financiën Overheid,