Tag archief werknemersverzekeringen

door100% Salarisverwerking B.V.

Medewerker ambassade moet gewoon heffingen afdragen

Als de medewerker vervolgens geen loonaangifte doet, legt de inspecteur aanslagen aan hem op .

           

Een man die bij de ambassade van de Republiek Indonesië werkte moet als nog loonheffingen en premies volksverzekeringen van 2013 en 2014 afdragen. Hoewel de ambassade niet inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting en premies volksverzekeringen, was de man wel verzekerd en loonbelastingplichtig in Nederland. Omdat de man meent dat hij er van uit mocht gaan dat de premies en heffingen waren ingehouden, gaat hij in beroep. Maar dat wordt afgewezen.

 
wet en regelgeving, juridische ondersteuning, juridische diensten,personeelszaken,arbeidsvoorwaarden, contract, salarisverwerking, loonadministratie, salaris, loon, loonstroken,loonstrookje, salarisverwerker, loonverwerking,uitbesteden van salaris, loonverwerkers,
 

Belastingregels voor medewerkers van ambassades

Medewerkers van ambassades hebben te maken met een bijzondere situatie. Zij werken immers in Nederland, maar werken toch in het buitenland. Daarom is er het Weens verdrag. Dat stelt dat de ambassades zich dienen te houden aan de wet- en regelgeving van het ontvangende land. Ambassades moeten daarom voor hun Nederlandse werknemers de premies werknemersverzekeringen, de inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet, loonbelasting en premies volksverzekering inhouden en/of afdragen.
 

Belastingdienst

Voor de aangifte en afdracht van premies werknemersverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet gelden de gebruikelijke Nederlandse regels. De ambassade doet als werkgever periodiek aangifte bij de Belastingdienst van de loonbetalingen aan zijn verzekerde werknemers. De werkgever moet over het betaalde loon de premies voor de Nederlandse werknemersverzekeringen berekenen en deze afdragen aan de Belastingdienst. Werknemers zijn van rechtswege verzekerd en kunnen aanspraak maken op de uitkeringen die voorzien zijn in de verschillende uitkeringswetten.
Artikel 6, lid 4, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden diplomatieke vertegenwoordigers van andere mogendheden niet als inhoudingsplichtigen beschouwd. Daarom is de ambassade niet inhoudingsplichtig voor de bij haar in dienst zijnde de werknemers. Er zijn ook geen mogelijkheden voor individuele werknemers om betaling van loonbelasting en premie volksverzekeringen af te dwingen. Toch is de ambassade in 2015 dat op vrijwillige basis wel gaan doen.
 

Aanvulling op de uitkering en de aangifte loonheffing

 

De situatie van de ambassademedewerker

De ambassade van de Republiek Indonesië is dus niet inhoudingsplichtig en dus heeft geen premies en heffingen ingehouden in 2013 en 2014. Ook uit de jaaropgave blijkt niet dat alle belastingen en premies zijn betaald. Alleen de werknemersverzekeringen en de werkgeversbijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw), zijn afgedragen. De premie volksverzekeringen en de loonbelasting zijn nooit ingehouden of afgedragen. Toch denkt de man dat hij al betaald heeft. Hij heeft stukken waarin afspraken zijn gemaakt tussen de ambassade, verweerder en het Ministerie van Buitenlandse Zaken over de afwikkeling van openstaande belastingschulden bij de ambassade ten aanzien van de afdracht voor sociale verzekeringen. Ook meent hij dat niet Nederland, maar Indonesië in dit geval loonheffingen mag opleggen. Er is immers een verdrag met dat land waaruit blijkt dat, om dubbele heffingen te voorkomen, Indonesië als eerste bevoegd is om belastingen te heffen.
 

Gecorrigeerde vierde nieuwsbrief loonheffingen 2019 online

 

De rechter

Helaas voor de man veegt de rechter al zijn bezwaren van tafel. Hoewel er inderdaad stukken zijn waarin afspraken zijn gemaakt over een uitstaande (belasting)schuld van de ambassade voor nog af te dragen loonheffingen, blijkt uit die stukken niet dat die belastingschuld ook de afdracht van loonbelasting en premie volksverzekeringen van de man betreft. Hij kan dus niet bewijzen dat hij betaald heeft en de aanslagen worden als terecht bestempeld. Ook blijkt uit niets dat Indonesië wel belastingen heeft ingehouden op zijn loon. Het verdrag waar de man voorziet op het voorkomen van dubbele belasting, niet op het geheel vermijden van belasting. Ook dit argument kan de man dus niet baten.
 

Handboek loonheffingen 2019

 
 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2019, loonheffingen 2019, belastingdienst, LIV,LKV,jeugd LIV,studietoelage, loon,salaris.pensioen,premies,

door100% Salarisverwerking B.V.

Aanvulling op de uitkering en de aangifte loonheffing

Wanneer moet u de rubriek ‘ Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekeringen ’ in de aangifte loonheffingen invullen?

     
Uit de praktijk blijkt dat dit niet altijd duidelijk is. In deze handreiking vindt u meer informatie met een voorbeeld.

In de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekeringen’ vermeldt u het loon voor de werknemersverzekeringen (loon SV) dat de werkgever als aanvulling op een uitkering werknemersverzekeringen betaalt.
 
belastingdienst, belastingen, loonbelasting,loon kortingen,loon regelingen,fiscale diensten, loonheffingen, loon, salaris, liv,lkv,
 

Voorwaarden

U vult de rubriek voor de uitbetaalde aanvulling op een uitkering werknemersverzekeringen in als aan de volgende voorwaarden voldaan is:

  • De werkgever betaalt de werknemer een aanvulling op WW-, ZW-, WIA-, WAO- of WAZO-uitkering (vanaf juli 2020 inclusief WIEG) of op een toeslag op grond van de Toeslagenwet. Het maakt daarbij niet uit van wie de werknemer de uitkering krijgt: rechtstreeks van UWV, van UWV via de werkgever of van de werkgever als eigenrisicodrager.
  • De werknemer is nog bij de werkgever in dienstbetrekking. De arbeidsovereenkomst is nog niet beëindigd.

 
De betaalde aanvulling op een uitkering werknemersverzekeringen is loon voor de werknemersverzekeringen. U vermeldt de aanvulling dus ook in de rubriek ‘Loon SV’. U gebruikt voor deze aanvulling dezelfde code als de code die geldt voor het arbeidsloon van de niet beëindigde dienstbetrekking.
 

Rubriek niet invullen

In de volgende situaties vult u de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekeringen’ niet in:

  • De werkgever betaalt het loon door tijdens ziekte van de werknemer op grond van de loondoorbetalingsverplichting. Dit is een normale loonbetaling.
  • De werkgever betaalt een aanvulling op een uitkering als de werknemer niet meer in dienst is bij de werkgever.

Let op!

Vult u in deze gevallen toch een uitbetaalde aanvulling op een uitkering werknemersverzekeringen in,
dan gaat UWV bij het vaststellen van een uitkering uit van een te laag loon.

verzuimverzekering, ziekteverzuimverzekering, ziektekosten verzekering, ziekteverzuimverzekeringen,

 

Voorbeeld onjuist invullen

De werknemer wordt arbeidsongeschikt en krijgt recht op een WIA-uitkering. UWV gaat voor het
bepalen van de hoogte van de uitkering uit van zijn loon in het jaar dat voorafgaat aan de arbeidsongeschiktheid.

In dat voorgaande jaar is de situatie als volgt:

  • Werkgever betaalt de werknemer € 2.000 bruto per maand inclusief vakantiebijslag. Dit is ook zijn loon voor de werknemersverzekeringen. Het jaarloon voor de werknemersverzekeringen is dus € 24.000.
  • De werknemer is in september en oktober ziek.
  • De werkgever betaalt in die maanden zijn loon ‘gewoon’ door.

 
In de aangifte over september en oktober vult u bij het loon voor de werknemersverzekeringen
€ 2.000 in. In de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekeringen’ vermeldt u € 600, omdat u ervan uitgaat dat deze loonbetaling bestaat uit 70% loondoorbetaling en 30% aanvulling.
 
Dat is niet juist. Er is namelijk geen sprake van een aanvulling, maar van 100% loondoorbetaling bij ziekte. De totale loonbetaling is normaal loon. Het gevolg is dat UWV de uitkering baseert op een te laag loon. Want alles wat u invult bij de uitbetaalde aanvulling op een uitkering trekt UWV af van het loon voor de werknemersverzekeringen. In dit geval gaat UWV voor de berekening van de WIA-uitkering dan uit van € 22.800 (€ 24.000 loon – € 1.200), terwijl dat € 24.000 had moeten zijn.
 

Aanvulling na einde dienstbetrekking

Als de werkgever aan een werknemer een aanvulling op een uitkering werknemersverzekeringen betaalt en de dienstbetrekking is beëindigd, is geen sprake van loon SV. U gebruikt voor deze aanvulling code soort inkomstenverhouding/inkomenscode 61. De rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekeringen’ vult u niet in.
 
In de brochure ‘Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2019’ leest u meer informatie over de rubrieken in de aangifte loonheffingen.
 
 
loonadministratie, loonverwerking, loonverwerkers, loon, personeelszaken,salarisverwerking, salaris, salarisverwerker,

door100% Salarisverwerking B.V.

Rekenregels 1juli 2019

De nieuwe regels voor het berekenen van de verschuldigde loonbelasting /premie volksverzekering zijn onlangs bekendgemaakt.

     

De wijziging van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2019 heeft gevolgen voor de zogenoemde rekenregels. Ook geldt er per 1 juli een nieuw maximumdagloon.

 

overheid, regering, bestuur den haag, volksvertegenwoordiging,
 

Dagloon stijgt

Per 1 juli 2019 stijgt het wettelijk minimumloon met 1,23% naar € 1.635,60 bruto per maand bij een fulltime dienstverband. Het dagloon voor de uitkeringen op basis van de WAO/WIA, Werkloosheidswet (WW) en de Ziektewet (ZW) stijgt met hetzelfde percentage.

Daardoor is het maximumdagloon voor deze uitkeringen per 1 juli 2019 € 216,90 per dag: € 56.610,90 per jaar.

minimumloon 2019, wml 2019, minimumloon juli 2019, wettelijk minimumloon, loon 2019, het wettelijk minimumloon, bruto wettelijk minimumloon, minimale verdienste 2019, salaris 2019, verdienste 2019, minimale salaris 2019,
 
Het maximumpremieloon voor de werknemersverzekeringen en maximumbijdrageloon voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW) werknemersverzekeringen staat gedurende 2019 vast op € 55.927 op jaarbasis. Dat verandert dus niet per 1 juli.
 

Dagloon is doorslaggevend bij uitkering

Voor werkgevers is het dagloon zo belangrijk, omdat het bepaalt hoe hoog de uitkering is die een werknemer krijgt op basis van de Wet arbeid en zorg, zoals een uitkering voor adoptieverlof, pleegzorgverlof of zwangerschaps- en bevallingsverlof. Ongeacht het loon van de werknemer, keert UWV nooit meer uit dan het maximumdagloon. Toch staat in veel (collectieve) arbeidsovereenkomsten dat de werkgever dit maximumdagloon moet aanvullen tot 100% van het laatstverdiende loon van de werknemer. Staat er niets in deze overeenkomsten, dan is die aanvulling niet verplicht.
Ook eigenrisicodragers voor de WGA en ZW hoeven geen hogere uitkering te betalen dan (een vast percentage van) het maximumdagloon.

 

Sommige bedragen zijn niet gewijzigd

Per 1 juli 2019 zijn er aanpassingen in het bruto wettelijk minimumloon. Ze gelden voor uitkeringsbedragen en grondslagen op het minimumniveau. De rekenregels geven u hier inzicht in. Hier onder een beschrijving van de veranderingen en 7 bijlagen:

  1. bijlage I.1 – de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019);
  2. bijlage I.2 – de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018 (ongewijzigd);
  3. bijlage II.1 – overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon;
  4. bijlage II.2 – de referentieminimumjeugdlonen;
  5. bijlage II.3 – de normbedragen voor de Toeslagenwet;
  6. bijlage II.4 – de AOW-/ANW-uitkeringen per 1 juli 2019;
  7. bijlage II.5 – de bedragen voor de bijstand voor pensioengerechtigden per 1 juli 2019.

 


  1. bijlage I.1 – de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019);de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019)

  2. bijlage I.2 – de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018 (ongewijzigd);de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018

  3. bijlage II.1 – overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon;overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon

    overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon

  4. bijlage II.2 – de referentieminimumjeugdlonen;bijlageII.2–dereferentieminimumjeugdlonen;bijlageII.2–dereferentieminimumjeugdlonen;

  5. bijlage II.3 – de normbedragen voor de Toeslagenwet;bijlageII.3–denormbedragenvoordeToeslagenwetbijlageII.3–denormbedragenvoordeToeslagenwet

  6. bijlage II.4 – de AOW-/ANW-uitkeringen per 1 juli 2019 bijlageII.4–deAOW-/ANW-uitkeringenper1juli2019

  7. bijlage II.5 – de bedragen voor de bijstand voor pensioengerechtigden per 1 juli 2019.debedragenvoordebijstandvoorpensioengerechtigdenper1juli2019

 


PDF document | 250 kB

Regeling | 03-06-2019

PDF document | 250 kB

Regeling | 03-06-2019

PDF document | 79 kB

Regeling | 03-06-2019
 
 

Gerelateerd:

 

loonadministrateurs,salarisadministrateurs, salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, loonadministratie, loonadministrateurs, loonverwerkers, loonverwerker, salarisadministratie, salaris, loon, salarisverwerking online, salarisverwerker online,

door100% Salarisverwerking B.V.

Wat gaat er gebeuren met SV-regelingen?

Wat verandert er met betrekking tot SV-regelingen in 2019?

                           

Wat zijn SV-regelingen

Een eerlijke arbeidskans voor iedereen

Werken loont ” is de kern van ons Nederlandse Sociale Zekerheid stelsel. Met diverse instrumenten wil de overheid ervoor zorgen dat iedereen een betaalde baan heeft.

Sommige groepen werknemers hebben een vermeende lagere productiviteit of een hoger risico op uitval door ziekte. Denk aan mensen met een fysieke handicap, een verstandelijke beperking, maar ook langdurig werklozen of ouderen. Om deze groepen werknemers een eerlijke kans op de arbeidsmarkt te geven worden de risico’s van de werkgever gecompenseerd. Hetzij door een subsidie, korting of door compensatie van de loondoorbetalingsverplichting bij verzuim. Dit zijn de SV-regelingen.

Voorbeelden van SV-regelingen

  • Loonkostenvoordeel
  • WAZO
  • Lage Inkomensvoordeel
  • Subsidieregeling praktijkleren
  • Ziektewet, artikel 29

Subsidieregeling praktijkleren, praktijkleerplaatsen en werkleerplaatsen, tegemoetkoming voor de kosten, begeleiding van een leerling,

In 2019 veranderen er een aantal SV-regelingen. Wij hebben enkele veranderingen voor u op een rij gezet.

LKV Banenafspraak en scholingsbelemmerden

Op 1 januari 2018 zijn de loonkostenvoordelen geïntroduceerd. Dit zijn tegemoetkomingen voor werkgevers met als doel specifieke groepen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt aan het werk te helpen. Voor de doelgroep Banenafspraak en scholingsbelemmerden is er vanaf start dienstverband recht op een loonkostenvoordeel van maximaal € 2.000 per jaar gedurende 3 jaar. Per 2020 is het voornemen om het loonkostenvoordeel Banenafspraak en scholingsbelemmerden structureel in te voeren en niet meer tot de maximale duur van 3 jaar te beperken. De reden van deze uitbreiding is het arbeidsmarktperspektief van mensen met een arbeidsbeperking te vergroten. Dit is nodig omdat meer dan de helft van de mensen met een arbeidsbeperking nu geen werk heeft.

Subsidieregeling Praktijkleren

De Subsidieregeling Praktijkleren wordt in 2019 met één jaar verlengd. Wel wordt een bezuiniging doorgevoerd waardoor het maximale subsidiebedrag per leerwerkplaats verlaagd wordt van € 2.700 naar € 2.500.

Premies werknemersverzekeringen 2019

Uit de voorlopige vaststelling van de premies werknemersverzekeringen voor 2019 blijkt dat deze licht stijgen. Vooral de premie voor het Algemeen Werkloosheidsfonds wordt hoger. Dit komt doordat de compensatie voor de betaalde transitievergoeding door ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid uit dit fonds betaald wordt.

Vrijwilligersvergoeding

Het bedrag dat onbelast vergoed mag worden aan vrijwilligers wordt verhoogd van maximaal € 1.500 naar € 1.700 per jaar.

loon, salaris, lonen, salarissen, verwerking loon, salarisverwerking, loonadministratie, salarisverwerkers, loon verwerker, salarisadministratie

3 tips voor optimale uitvoering van SV-regelingen

Gemiddeld bestaat een derde van de totale loonsom uit indirecte kosten voor sociale zekerheid, pensioen, verzuim en re-integratie. Het goede nieuws is dat werkgevers veel mogelijkheden hebben om invloed uit te oefenen op dit deel van hun personeelslasten. Met onderstaande tips kunt u als werkgever uw kosten positief beïnvloeden. Dit kan het verschil maken tussen rode cijfers of positieve bedrijfsresultaten.

Tip 1: Controle!

Uw salarisadministratiesysteem werkt alleen maar perfect als de invoer volledig en juist is. De meeste fouten in de salarisadministratie worden gemaakt door het niet of verkeerd toepassen van wet- en regelgeving. Ook de systemen waarmee organisaties werken kunnen de kans op fouten vergroten, doordat er veel handmatige acties zijn vereist.

Ook is het salarisadministrateurs niet altijd duidelijk welke regelingen en wijzigingen het systeem zelf doorvoert en welke aanpassingen handmatig gedaan moeten worden. Fouten variëren van onterecht betaalde premies tot een oud percentage dat in de salarisadministratie is blijven staan. Deze fouten komen bij een accountantscontrole niet aan het licht, omdat deze alleen de eindbalans controleert.

Tip 2: Ken de regels én uw medewerker

De overheid stimuleert de arbeidsparticipatie van specifieke doelgroepen, zoals jongere werklozen, arbeidsbeperkten, WIA gerechtigden etc. De stimuleringssubsidie kunt u alleen maar aanvragen als u weet dat een medewerker tot die specifieke doelgroep behoort. Maar vraagt u dat wel uit?

Er zijn zo’n kleine 100 regelingen op terrein van sociale zekerheid. Het ontbreken van kennis van deze regels én hun procedures betekent niet optimaal gebruik gemaakt van korting- en subsidieregelingen. Het niet voldoen aan bepaalde termijn (bijv. voor ziek- of hersteldmelden) kan leiden tot hoge boetes.

Tip 3: Voer een juiste administratie

Aan het ontvangen van kortingen en subsidies zijn strikte voorwaarden verbonden. Voldoet u niet aan het benodigde bewijsmateriaal en/of de juiste administratie, dan kan het ontvangen bedrag mét boete terug worden gevorderd. Tevens bestaat de kans op negatieve publiciteit.
UWV en de Belastingdienst zijn overigens ook niet feilbaar. Ook zij maken onbedoeld fouten in de vaststelling van de hoogte van de premies. U betaalt dan ongemerkt te veel. Zonde van het geld.

Meer weten, bel of mail.

arbeidsongeschiktheidsverzekering, ziektekostenverzekering, ziektekosten, verzuim oplossingen, ziekteverzuimverzekeringen,verzekeringspremies, verzuimzorg,verzuim ondersteuning,personeels- en salarisadministratie,ziekteverzuimverzekeraar,GRATIS digitale personeelsdossiers,Gratis verlofadministratie,interessante kortingen, salarisverwerking,loonadministratie,salaris,loon

door100% Salarisverwerking B.V.

Jeugd-Lage Inkomensvoordeel 2018

Op 1 januari 2018 gaat het Jeugd-Lage Inkomensvoordeel (Jeugd-LIV) in.                        
Dit is een tegemoetkoming in de loonkosten voor werkgevers die jongeren van 18 tot en met 21 jaar in dienst hebben die het minimumjeugdloon verdienen.

Voorwaarden

De werkgever heeft recht op het jeugd-LIV voor een werknemer die voldoet aan 3 voorwaarden.

De werknemer:

  • is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd. De precieze bedragen voor de verschillende leeftijden moeten nog worden vastgesteld.
  • is op 31 december 2017 18, 19, 20 of 21 jaar.

Het gemiddeld uurloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van een jaar (kolom 8 van de loonstaat) gedeeld door het aantal verloonde uren in dat jaar.

Let op!

De eis van minimaal 1248 verloonde uren geldt niet voor het jeugd-LIV.
Werknemers vanaf 22 jaar hebben vanaf 1 juli 2017 recht op het volledige minimumloon. Zij vallen onder het gewone LIV als aan de voorwaarden wordt voldaan.

Hoogte Jeugd-LIV

2018 jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,

Wat moet de werkgever doen?

Een werkgever hoeft geen aanvraag in te dienen en geen vinkje te zetten in de loonaangifte. UWV gebruikt de rubriek ‘Verloonde Uren’ in de loonaangifte om het recht op het Jeugd-LIV en de hoogte van het Jeugd-LIV vast te stellen. U moet er daarom op letten dat u deze rubriek correct invult.

Meer informatie over verloonde uren vindt u in:

Wanneer ontvangt de werkgever de tegemoetkoming?

De Belastingdienst betaalt het Jeugd-LIV over 2018 in 2019 uit.

Hoe ziet de werkwijze eruit?

  1. Een werkgever ontvangt vóór 15 maart 2019 een voorlopige berekening van het jeugd-LIV. Die berekening is gebaseerd op de aangiften.
  2. loonheffingen en correcties over 2018 die tot en met 31 januari 2019 zijn ingediend.
  3. Als de werkgever denkt dat deze voorlopige berekening niet juist is, dan kan hij tot en met 1 mei 2019 correctieberichten indienen. 1 mei 2019 is de peildatum voor de definitieve vaststelling van het LIV.
  4. Let op! Een correctiebericht over 2018 dat ná 1 mei wordt ingediend, heeft geen gevolgen voor het jeugd-LIV, maar uiteraard wel voor de inhouding en afdracht van de loonheffingen.

  5. UWV stelt vast of een werkgever recht heeft op het jeugd-LIV en berekent de hoogte hiervan. De Belastingdienst krijgt deze informatie van UWV en maakt hiervan een beschikking op. Deze beschikking wordt vóór 1 augustus 2019 naar de werkgever gestuurd.
  6. De Belastingdienst betaalt uiterlijk op 12 september 2019 het jeugd-LIV uit.

Meer informatie

U kunt meer lezen over het Jeugd-LIV in:

Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,afdrachtsvermindering, Lage lonen. lage salaris, lage-inkomensvoordeel, Minimumloon, werknemersverzekeringen, wettelijk minimumloon,

close

Veel lees plezier? Delen mag.