Tag archief UWV

door100% Salarisverwerking B.V.

Vanaf 6 mei 5e aanvraagperiode NOW

Werkgevers kunnen vanaf 6 mei tot en met 30 juni 2021 bij UWV een NOW aanvraag indienen.
               
Wat bedoeld is voor de 5e periode tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW).

De tegemoetkoming ziet op de periode april tot en met juni 2021.

 

Voor de 5e aanvraagperiode geldt:

  • De werkgever kan een tegemoetkoming aanvragen als hij over 3 aaneengesloten maanden gemiddeld een omzetverlies van minimaal 20% heeft.
  • Voor de berekening van de tegemoetkoming gaat UWV uit van de loonsom van juni 2020.
  • De tegemoetkoming is voor een periode van 3 maanden.
  • Heeft de werkgever een tegemoetkoming ontvangen voor de 4e aanvraagperiode? Dan moeten de 3 maanden van de 5e aanvraagperiode aansluiten op de 3 maanden van de 4e aanvraagperiode waarover het omzetverlies is berekend.
  • De tegemoetkoming is maximaal 85% van de loonkosten.
  • De loonsom mag met maximaal 10% dalen ten opzichte van de loonsom in juni 2020, zonder dat dit gevolgen heeft voor de definitieve tegemoetkoming.
  • Als de werkgever een werknemer ontslaat of zijn contract loopt af, dan heeft hij een inspanningsplicht om de werknemer te begeleiden naar ander werk.
  • Als de werkgever een aanvraag doet voor bedrijfseconomisch ontslag, heeft hij ook de plicht dit te melden via UWV Telefoon NOW.
  • De werkgever mag altijd een tegemoetkoming aanvragen, ook als hij een aanvraag heeft gedaan voor eerdere aanvraagperiodes.

 
Meer informatie leest u op uwv.nl.
 
 
 

Gerelateerd

Informatie NOW op een rij
 
 
 
2021 belastingdienst, 2021 overheid, 2021 UWV, 2021 rijksoverheid, 2021 wet- en regelgeving, 2021 regels, 2021 belastingen,

door100% Salarisverwerking B.V.

‘Besluit inkomstenverhouding’ en ‘Kennisdocument inkomstenverhouding’ gepubliceerd

In uw loonaangifte levert u de gegevens van uw werknemer per inkomstenverhouding ( IKV ) aan.
          
Vanaf 1 januari 2023 is in het ‘Besluit inkomstenverhouding’ geregeld wat een IKV is en wanneer deze begint en eindigt. In veel gevallen blijven de regels over inkomstenverhoudingen hetzelfde, maar er zijn ook een aantal veranderingen. In het ‘Kennisdocument inkomstenverhouding’ leest u hier meer over.

 
Vanaf 1 januari 2023 moet u een werknemer in meer situaties in een nieuwe inkomstenverhouding of in afzonderlijke inkomstenverhoudingen in de aangifte opnemen. In het kennisdocument kunt u nu alvast lezen wat er straks verandert en kijken wat dat betekent voor uw HR- en salarisadministratie.

 

Wat verandert er bijvoorbeeld?

Veranderingen per 1 januari 2023 zijn bijvoorbeeld:

  • Wanneer u een contract voor bepaalde tijd verlengt met een nieuw contract voor bepaalde tijd, ontstaat er een nieuwe inkomstenverhouding.
  • Elkaar opvolgende uitzendovereenkomsten geeft u steeds in een nieuwe inkomstenverhouding aan.
  • Betaalt u een werknemer namens UWV een uitkering, bijvoorbeeld bij zwangerschaps- of geboorteverlof, dan geeft u die uitkering aan in een afzonderlijke inkomstenverhouding.

 

Waarom het ‘Besluit IKV’ nodig is

De gegevens uit de loonaangifte komen sinds 2006 terecht in de polisadministratie van UWV. Die gegevens worden vervolgens door verschillende organisaties gebruikt. Op loonaangifteketen.nl kunt u lezen wie de gegevens uit de polisadministratie gebruiken en waarvoor. Het is dus van groot belang dat de gegevens kloppen: voor uzelf, voor uw werknemers en voor de organisaties die de gegevens gebruiken.

Om de gegevens uit de polisadministratie op deze manier te kunnen blijven gebruiken, moeten ze aan blijven sluiten bij de wet- en regelgeving. Veranderingen daarin – zoals de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) en de premiedifferentiatie WW – maken het steeds belangrijker hoe verschillende soorten loon, uitkeringen, dienstbetrekkingen en arbeidscontracten worden aangegeven. En dus is het steeds belangrijker om werknemers in een nieuwe of in meer dan 1 inkomstenverhouding in de aangifte op te nemen. Vandaar het ‘Besluit IKV’.

 

Download het besluit en het kennisdocument

U kunt het ‘Besluit IKV‘ downloaden van rijksoverheid.nl. Ook kunt u het ‘Kennisdocument IKV‘ downloaden van rijksoverheid.nl.
 
 

UWV , UWV regelingen, UWV-noodloket, NOW, TOGS, TOFA, WW, Wajong, Belastingdienst moeten beslagvrije voet garanderen, bestaansminimum garanderen, gegarandeerd bestaans inkomen, laagste beslagvrije voet,

door100% Salarisverwerking B.V.

Ouderschapsverlof deels betaald vanaf augustus 2022

Het kabinet wil dat mensen meer de ruimte krijgen om te kiezen hoe ze zorg en werk kunnen combineren.
           
Bij de geboorte van een kind komt er veel op ouders af. Daarom krijgen ouders per 2 augustus 2022 negen weken van het ouderschapsverlof doorbetaald. Het kabinet stimuleert ouders daarmee om het ouderschapsverlof daadwerkelijk op te nemen. De Tweede Kamer heeft 20 april met het wetsvoorstel ingestemd.

Een kind krijgen is een mooie en bijzondere gebeurtenis, maar er verandert ook veel. Samen met je partner moet je op zoek naar een nieuwe balans tussen werk en gezin. Door het ouderschapsverlof deels te betalen wordt het makkelijker om zowel een baan te hebben als meer tijd thuis te besteden. En dat is belangrijk, want in het eerste jaar maken stellen afspraken over de werk- en zorgverdeling. Door het ouderschapsverlof in het eerste jaar te betalen verkleinen we voor veel gezinnen de belemmering om ouderschapsverlof daadwerkelijk op te nemen.

Minister Wouter Koolmees

 

Ouderschapsverlof

Nu al kunnen ouders 26 weken ouderschapsverlof opnemen in de eerste acht levensjaren van hun kind. Dat verlof is in principe onbetaald, tenzij werkgever en werknemers daar binnen hun bedrijf of cao andere afspraken over maken. Daardoor kan niet iedereen het zich veroorloven gebruik te maken van het verlof: slechts een derde van de ouders neemt ouderschapsverlof op. Daarom heeft het kabinet besloten om de eerste negen van de 26 weken ouderschapsverlof te gaan betalen. Ouders krijgen straks van UWV een uitkering ter hoogte van vijftig procent van hun dagloon, tot vijftig procent van het maximum dagloon. De regeling gaat op 2 augustus 2022 in. UWV en bedrijven hebben daardoor tijd om zich voor te bereiden.
 
Een belangrijk element is dat de eerste negen weken alleen worden betaald als deze in het eerste levensjaar van het kind worden opgenomen. Daarmee krijgen gezinnen meer tijd om te wennen aan de nieuwe situatie en om samen bewust keuzes te maken over de verdeling van werken en zorgen. Verlof dat niet in het eerste jaar is opgenomen kan worden toegevoegd aan de 17 weken onbetaald verlof. Deze kunnen nog steeds tot de 8e verjaardag van het kind worden opgenomen, maar dus zonder betaling. Het blijft mogelijk voor werkgevers en werknemers om daar aanvullende afspraken over te maken.
 
De invoering van betaald ouderschapsverlof volgt op de invoering van extra geboorteverlof voor partners. Sinds 1 januari 2019 krijgen partners geen twee, maar vijf werkdagen vrij direct na de geboorte van hun kind. Vanaf 1 juli 2020 krijgen zij nog eens vijf weken betaald verlof in de eerste zes maanden van een baby. Daarmee krijgen partners van moeders in het eerste levensjaar van het kind in totaal vijftien weken betaald verlof. Moeders hebben ook recht op deze negen weken betaald ouderschapsverlof, naast het bestaande zwangerschaps- en bevallingsverlof. Het kabinet geeft met deze besluiten ook invulling aan de Europese richtlijn over de werk-privébalans.
 
 

UWV, ouderschapverlof, verlof, geboorteverlof, WIEG, bevallingsverlof, partnerschapsverlof, zwangerschaps- en bevallingsverlof

door100% Salarisverwerking B.V.

Dien correctiebericht Wtl uiterlijk 1 mei in

De Belastingdienst en de UWV

                     

Als de voorlopige berekening Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) 2020 niet juist is door onjuiste gegevens in uw aangiften, dan kunt u tot en met 1 mei 2021 correctieberichten insturen.

De correcties die u indient na 1 mei neemt UWV niet mee in de definitieve berekening van het loonkostenvoordeel (LKV), lage-inkomensvoordeel (LIV) en jeugd-LIV.

De Belastingdienst verstuurt de definitieve berekening uiterlijk 31 juli 2021.

Kloppen de gegevens in de aangiften loonheffingen wel, maar de voorlopige berekening niet? Of hebt u geen voorlopige berekening gekregen, terwijl u deze wel verwachtte? Bel dan met UWV Telefoon Werkgevers: 0900 – 9295.

Meer informatie over Wtl vindt u in hoofdstuk 26 Handboek Loonheffingen en op uwv.nl/wtl.
 
 
 

Gerelateerd bericht

UWV verstuurt voorlopige berekeningen Wtl 2020
 
 
 
Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving,

door100% Salarisverwerking B.V.

Sinds start coronacrisis aantal ontslagaanvragen op laagste punt

Bedrijven zijn de laatste maanden voorzichtiger geworden met ontslag aanvragen van personeelsleden.
         
In februari was zelfs sprake van het kleinste aantal ontslagaanvragen (1.602) sinds de uitbraak van de pandemie. Dat blijkt uit cijfers van het UWV.

 
UWV, Ontslag, ontslagaanvragen arbeidscontract, Loket, Overheid, NOW regeling, Steunpakket, Loonsteun, Loon subsidie, salaris ondersteuning, inkomensondersteuning, ww uitkering, wajong,
 
In juni, oktober en november was het aantal aanvragen juist buitengewoon groot. De slechtste maand was oktober, toen werkgevers in totaal 4.681 vaste medewerkers wilden ontslaan. Niet toevallig was dat de maand waarin strengere contactbeperkende maatregelen werden ingevoerd. Zo moesten bijvoorbeeld cafés en restaurants dicht. Ook was er een piek in de maand juni, toen er voor 4.470 personeelsleden ontslag werd aangevraagd.

 

Minder ontslagaanvragen

Vanaf december is een duidelijke afname te zien, waarbij februari 2021 het kleinste aantal aanvragen kende sinds maart 2020, de maand waarin de pandemie in Nederland startte.

Overigens gaat het bij alle cijfers om ontslagaanvragen vanwege bedrijfseconomische redenen. Andere ontslagen, bijvoorbeeld vanwege ongewenst gedrag, zitten niet in deze cijfers.

Dat bedrijven minder personeel willen ontslaan, komt volgens UWV-econoom Rob Witjes onder meer doordat werkgevers voorzichtig zijn geworden. “Ze willen dit soort beslissingen voor zich uit schuiven. Het was afgelopen jaren door de krapte op de arbeidsmarkt moeilijk om personeel te vinden. Werkgevers weten dat nog. Dan wil je niet meteen afscheid nemen van personeel”, legt Witjes uit. Ook het coronasteunpakket van het kabinet zorgt voor minder ontslagen, denkt hij.

 

Aantal aanvragen dubbel zo hoog als voor corona

Mede door de hoge pieken in het voor- en najaar was het aantal ontslagaanvragen met 28.327 vorig jaar ruim tweemaal zo groot als in precoronajaar 2019, toen de teller bleef steken op 13.314. Onder meer de industrie en de handel kregen vorig jaar harde klappen.

Mede doordat het vakantieverkeer zeer sterk terugliep, waren er relatief veel ontslagen in de regio Amsterdam, waar ook Schiphol toe behoort. Ook de regio Rijnmond had het zwaar te verduren. Daar stond tegenover dat het banenverlies in de regio Groningen beperkt bleef en de werkgelegenheid in Gorinchem en omgeving zelfs steeg.

Dat kwam doordat belangrijke sectoren in deze gebieden minder last hadden van de crisis. Zo vormen onderwijs en zorg in de regio Groningen een relatief groot deel van de arbeidsmarkt, terwijl Gorinchem veel bouw- en transportbedrijven kent.

Hoewel de werkloosheid afgelopen jaar is gestegen, verwachten werkgevers toch dat ze moeite hebben om sommige vacatures te vervullen, blijkt uit een peiling van het UWV. Met name IT’ers, zorgmedewerkers en technisch personeel zullen volgens hen ook in 2021 moeilijk te vinden zijn. Naar kassamedewerkers, administratieve krachten en werknemers voor evenementen zal minder vraag zijn, denken ze.
 
 
Bron: ANP/NU
 
 
personeelszaken, personeelsdiensten, financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers,

door100% Salarisverwerking B.V.

Handreiking lage-inkomensvoordeel (LIV)

Een werkgever kan een tegemoetkoming in de loonkosten krijgen, als hij een werknemer met een laag loon in dienst neemt of heeft .
    
Dit is het lage-inkomensvoordeel (LIV). In deze handreiking leest u wat de voorwaarden zijn.

Een werkgever heeft recht op het LIV voor elke werknemer die voldoet aan onderstaande 4 voorwaarden.

De werknemer:

  • is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen
  • had een gemiddeld uurloon in 2020 van minimaal € 10,29 en maximaal € 12,87 heeft een gemiddeld uurloon in 2021 van minimaal € 10,48 en maximaal € 13,12
  • heeft ten minste 1.248 verloonde uren per kalenderjaar
  • heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt

 

Gemiddeld uurloon

De minimum- en maximumbedragen van het gemiddelde uurloon zijn gebaseerd op het wettelijk minimumloon voor werknemers van 21 jaar en ouder plus 8% vakantietoeslag.

U toetst het gemiddelde uurloon van de werknemer aan het laagste en hoogste uurloonbedrag.

Het gemiddelde uurloon van een werknemer is zijn jaarloon gedeeld door het aantal verloonde uren. Het jaarloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking dat de werkgever aan de werknemer betaalt zolang de werknemer bij de werkgever in dienst is, en is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen.
 
Geen onderdeel van het jaarloon zijn:

  • ZW-uitkeringen die een werkgever als eigenrisicodrager na afloop van de dienstbetrekking betaalt aan een ex-werknemer.
  • WGA-uitkeringen die de werkgever als eigenrisicodrager aan de werknemer betaalt.
  • WAO-, WIA- en WW-uitkeringen die de werkgever namens UWV aan de werknemer betaalt.
  • nabetalingen die de werkgever na afloop van de dienstbetrekking doet.

Als uitgangspunt voor het jaarloon neemt u kolom 8 van de loonstaat.

 

Let op!

Als een werkgever pensioenpremie inhoudt, kan het gemiddeld uurloon lager zijn dan € 10,29 (2020). Als een werknemer onregelmatigheidstoeslagen of bonussen krijgt, kan het gemiddeld uurloon hoger zijn dan € 12,87 (2020). De werkgever heeft dan geen recht op het LIV.

 

Werknemers jonger dan 21 jaar

De minimum- en maximumbedragen van het gemiddeld uurloon gelden ook voor werknemers die jonger zijn dan 21 jaar. Verdienen zij minder, dan ontvangt de werkgever mogelijk het jeugd-LIV.

 

1.248 verloonde uren per kalenderjaar

De voorwaarde van 1.248 verloonde uren per kalenderjaar geldt ook als de werknemer in de loop van het jaar in dienst komt. Deze uren worden niet evenredig verminderd.
Neemt een werkgever een onderneming over, dan tellen de verloonde uren van de werknemers bij de overdragende werkgever niet mee.

 

Meerdere inkomstenverhoudingen

Heeft de werknemer 2 of meer inkomstenverhoudingen bij de werkgever? Bijvoorbeeld omdat hij onder verschillende subnummers valt? Kijk dan naar het gemiddelde uurloon en de verloonde uren van deze inkomstenverhoudingen samen, om te bepalen of u voor deze werknemer recht hebt op het LIV.

 

AOW-leeftijd

Bereikt de werknemer in het begin van een kalenderjaar de AOW-leeftijd en stopt hij daarna met werken? Dan wordt de eis van 1.248 uren waarschijnlijk niet gehaald. De werkgever heeft dan geen recht op het LIV.

Als de werknemer na het bereiken van de AOW-leeftijd doorwerkt, dan tellen de verloonde uren na het bereiken van de AOW-leeftijd mee.
Voldoet de werknemer aan de uren-eis, dan heeft een werkgever nog recht op het LIV voor de verloonde uren van het aangiftetijdvak waarin de werknemer die leeftijd bereikt. Behalve als de werknemer de AOW-leeftijd bereikt op de 1edag van het aangiftetijdvak. Dan heeft een werkgever voor dat tijdvak geen recht meer op het LIV.

Voorbeeld
Een werknemer bereikt op 2 maart de AOW-leeftijd. Hij blijft doorwerken. In het kalenderjaar heeft hij meer dan 1.248 verloonde uren. De werkgever heeft recht op het LIV voor de tijdvakken januari, februari en maart. Vanaf april stopt het recht op het LIV.
Als hij op 1 maart de AOW-leeftijd bereikt, dan stopt het recht op LIV vanaf maart.

 

Geen aanvraag LIV

Een werkgever hoeft het LIV niet aan te vragen. UWV gebruikt de rubriek ‘Aantal verloonde uren’ in de loonaangifte om vast te stellen of een werkgever recht heeft op het LIV. Het is daarom belangrijk dat u deze rubriek correct invult.

 

Wanneer ontvangt een werkgever het LIV over 2020?

De Belastingdienst betaalt het LIV uiterlijk op 12 september 2021.

 

Berekening LIV

1. Een werkgever ontvangt van UWV vóór 15 maart 2021 een voorlopige berekening van het LIV. Die berekening is gebaseerd op de aangiften en correcties over 2020 die u tot en met 31 januari 2021 hebt gedaan.

2. Bent u het niet eens met die berekening, of vindt u dat u ten onrechte geen voorlopige berekening hebt gekregen? Dan kunt u tot en met 1 mei 2021 correcties over 2020 sturen. Die neemt UWV nog mee in de definitieve berekening van het LIV.
Correcties na 1 mei neemt UWV niet meer mee in de definitieve berekening, maar wel in de polisadministratie. Zijn uw aangiften juist, neem dan contact op met UWV.

3. UWV stelt vast of een werkgever recht heeft op het LIV en berekent de hoogte hiervan. De Belastingdienst krijgt deze informatie van UWV en maakt hiervoor een beschikking op. De werkgever ontvangt deze beschikking vóór 1 augustus 2021.

4. De Belastingdienst betaalt het LIV uiterlijk op 12 september 2021 aan de werkgever.

 

Hoogte LIV

De hoogte van het LIV hangt af van het aantal verloonde uren.

Recht op LIV en LKV Als een werkgever voor een werknemer recht heeft op het LIV en het loonkostenvoordeel (LKV), dan ontvangt hij alleen de hoogste tegemoetkoming. Zijn de bedragen van het LIV en het LKV even hoog, dan ontvangt hij alleen het LKV.  Regelhulp financieel CV U kunt inzicht krijgen of een werkgever recht heeft op het LIV met de Regelhulp financieel CV. Deze regelhulp geeft ook een schatting over de hoogte van het inkomensvoordeel.  Wetsartikelen Artikel 3.1 en 3.2 Wet tegemoetkoming loondomein  Meer informatie  Handboek loonheffingen (paragraaf 26.2 en 26.4) Kennisdocument Wtl (hoofdstuk 2) Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2021  (pagina 142 tot en met 144) Instructietabel verloonde uren Memo verloonde uren  Gerelateerde handreikingen Nabetalingen geen onderdeel van jaarloon LIV  Vragen over LIV en LKV  Handreiking jeugd-LIV

 

Recht op LIV en LKV

Als een werkgever voor een werknemer recht heeft op het LIV en het loonkostenvoordeel (LKV), dan ontvangt hij alleen de hoogste tegemoetkoming. Zijn de bedragen van het LIV en het LKV even hoog, dan ontvangt hij alleen het LKV.

 

Regelhulp financieel CV

U kunt inzicht krijgen of een werkgever recht heeft op het LIV met de Regelhulp financieel CV. Deze regelhulp geeft ook een schatting over de hoogte van het inkomensvoordeel.

 

Wetsartikelen

Artikel 3.1 en 3.2 Wet tegemoetkoming loondomein

 

Meer informatie

Handboek loonheffingen (paragraaf 26.2 en 26.4)
Kennisdocument Wtl (hoofdstuk 2)
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2021 (pagina 142 tot en met 144)
Instructietabel verloonde uren
Memo verloonde uren

 
 

Gerelateerde handreikingen

Nabetalingen geen onderdeel van jaarloon LIV
Vragen over LIV en LKV
Handreiking jeugd-LIV
 
 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021Uitgave 3-28 januari 2021, loonheffing, aangifte,