Tag archief CBS

door100% Salarisverwerking B.V.

AOW-leeftijd blijft ook in 2024 gelijk

De leeftijd waarop we AOW krijgen, stijgt ook in 2024 niet, het blijft 67 jaar en 3 maanden.                  
Dat heeft minister Koolmees besloten. Hij baseert zich daarbij op de jongste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over de levensverwachting van 65-plussers. Die stijgt wel, maar niet zo veel.
De levensverwachting  op 65 jarige leeftijd
Het CBS verwacht dat de levensverwachting op 65-jarige leeftijd 20,63 jaar zal zijn in 2024. Beleidsmakers gebruiken dit cijfer om de toekomstige AOW-leeftijd vast te stellen. De prognose van de levensverwachting is een onderdeel van de Bevolkingsprognose 2018–2060 die het CBS op 18 december zal publiceren. De cijfers voor 2024 en 2030 zijn op verzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gemaakt.

2023 aow gerechtigde leeftijd, AOW-leeftijd niet omhoog,CBS berekening, levensverwachting acher,Sociale Zaken

Volgens de wet stijgt de AOW-leeftijd vanaf 2022 mee met de levensverwachting. Het CBS verwacht dat 65-jarigen in 2024 gemiddeld nog 20,63 jaar leven. Dat is een halve maand langer dan de prognose van vorig jaar.

Omdat die stijging niet zo groot is, hoeft de AOW-leeftijd niet weer met drie maanden te worden verhoogd. Vorig jaar besloot het kabinet al dat de AOW-leeftijd voor 2023 gelijk blijft aan die voor 2022.

Griepgolf

De levensverwachting in 2024 van 20,63 jaar is in de nieuwste prognose iets hoger dan in de prognose van 2017, toen deze op 20,59 jaar werd gesteld. Dat komt neer op een verschil van een halve maand. Ondanks de relatief hoge sterfte aan het begin van dit jaar zorgt een lagere longkankersterfte onder vrouwen voor een positievere ontwikkeling van de toekomstige levensverwachting.

Het CBS wijst ook op de relatief hoge sterfte door de griepgolf begin dit jaar. Die heeft een negatieve invloed gehad op de levensverwachting. Maar doordat er minder vrouwen zijn overleden aan longkanker, is er toch sprake van een lichte stijging.

Ook op de lange termijn zet die stijgende trend door, verwacht het CBS. In 2030 hebben 65-jarigen nog ongeveer 21 jaar en vier maanden voor de boeg. Daarmee komt de AOW-leeftijd in 2030 op 68 jaar, en dat is volgens de verwachtingen.

Levensverwachting neemt toe

De levensverwachting van 65-jarigen neemt al sinds 1950 toe. Destijds leefden 65-jarigen gemiddeld nog 14,3 jaar, in 2017 was dat 19,9 jaar. In 2024 zal dat volgens de huidige prognose driekwart jaar langer zijn. De toename van de levensverwachting verloopt niet gelijkmatig over de jaren. Er zijn perioden waarin de trend versnelt of stagneert. Momenteel neemt de levensverwachting in Nederland, en in andere West-Europese landen, minder hard toe dan in het eerste decennium van deze eeuw.
De levensverwachting op 65 jarige leeftijd, aow leeftijd neemt toe

Scholingsregeling

Het is de primaire verantwoordelijkheid van werkgevers en werknemers dat werknemers langer inzetbaar blijven en de AOW-leeftijd gezond halen. Het kabinet wil een leven lang ontwikkelen stimuleren door onder meer de invoering van een scholingsregeling.

Afspraken

Werknemers en werkgevers moeten ambitieus werk maken van leeftijdsbewust personeelsbeleid. Het kabinet verwacht dat sociale partners hier afspraken over maken. Het kabinet zal op zijn beurt vervolgens zorgen voor de noodzakelijke randvoorwaarden.

IOW

Naast het reguliere vangnet heeft het kabinet besloten om de IOW (inkomensvoorziening oudere werklozen) te verlengen met vier jaar, voor oudere werknemers die ondanks de inspanningen van sociale partners toch werkloos of arbeidsongeschikt worden.

stijging pensioenleeftijd, AOW-leeftijd verhoogd,

door100% Salarisverwerking B.V.

AOW-leeftijd naar 67 jaar!

Het uitstellen van verhoging AOW-leeftijd naar 67 jaar, kan niet!

                         
De AOW-leeftijd moet per 2021 omhoog naar 67 jaar. Deze verhoging kan niet vijf jaar later plaatsvinden, zo stelt minister Koolmees van SZW in antwoord op Kamervragen.

De minister reageert hiermee op Kamervragen die gesteld werden naar aanleiding van een artikel in het Financieele Dagblad. In dat artikel gaven actuarissen aan dat de AOW-leeftijd pas vijf jaar later naar 67 jaar hoeft te stijgen dan nu in de wet is vastgelegd. Ook de Telegraaf berichtte eerder over een uitgelekt conceptpensioenakkoord waarin een minder snelle stijging van de AOW-leeftijd zou zijn afgesproken. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid geeft echter aan dat de AOW-leeftijd per 2021 gewoon omhoog moet. Na de invoering van de AOW in 1956 is de AOW-leeftijd een lange periode 65 jaar gebleven, terwijl de levensverwachting flink is gestegen. Sinds 2013 gaat de AOW-leeftijd geleidelijk omhoog om in 2021 uit te komen op een AOW-leeftijd van 67 jaar. Dit is volgens de minister nodig om een inhaalslag te maken. Het uitgangspunt daarbij is dat iedere generatie gemiddeld circa 18 jaar een AOW-uitkering kan ontvangen.

stijging pensioenleeftijd, leeftijd waarop werknemers met pensioen gaan hoger, AOW-leeftijd verder stijgende

Levensverwachting stijgt minder snel dan geraamd

Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. Hoe hoog de AOW-leeftijd dan precies moet worden, bepaalt het kabinet (vijf jaar van tevoren) op basis van ramingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Voor 2022 en 2023 is al bekend dat de AOW-leeftijd 67 jaar en drie maanden zal zijn. Hoewel cijfers van het CBS vorig najaar lieten zien dat de toekomstige levensverwachting minder snel stijgt dan eerder was geraamd, vindt het CBS het nog te vroeg om aan te geven dat dit de komende jaren ook zo zal zijn.
In de wet is vastgelegd dat de AOW-leeftijd pas omhooggaat als de levensverwachting stijgt met meer dan drie maanden. Bij een kleinere stijging of een daling blijft de AOW-leeftijd gelijk. Op die manier probeert het kabinet te voorkomen dat de AOW-leeftijd te veel schommelt.

Aan de slag met leeftijdsbewust personeelsbeleid

De minister geeft verder aan dat het de gezamenlijke verantwoordelijkheid is van werkgevers en werknemers om werknemers langer inzetbaar te houden. Hiervoor moeten zij onder meer aan de slag met leeftijdsbewust personeelsbeleid. Daarnaast wil het kabinet een leven lang ontwikkelen stimuleren. Voor oudere werknemers die toch werkloos of arbeidsongeschikt raken, kondigde het kabinet in het regeerakkoord al aan de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen (IOW) te verlengen met vier jaar.

zie ook:
Plan opleiding AOW valt slecht
Géén Transitievergoeding AOW-gerechtigden
Toch stijging pensioenleeftijd

AOW-leeftijd, AOW-leeftijd verhoogd, verhoging aow 69 jaar,aow 2040, 69 jr aow, 69 jaar aow 2040

door100% Salarisverwerking B.V.

Inkomensongelijkheid hogeropgeleiden

Hogeropgeleiden hebben een grotere inkomensongelijkheid dan tussen lageropgeleiden

                    
De inkomensverschillen tussen gezinnen met een hoger opgeleide kostwinner is groter dan die tussen gezinnen waarvan de kostwinner een middelbare of lagere opleiding heeft. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag.

Het onderscheid is deels te verklaren door te kijken naar gezinnen die een uitkering ontvangen. Het verschil tussen het inkomen uit een uitkering en uit betaald werk is het grootst bij hoger opgeleiden.

De inkomensverschillen ontwikkelen zich sinds 2011 redelijk stabiel. Bij hogeropgeleiden nam rond 2014 de inkomensongelijkheid ineens toe, dat had volgens het CBS te maken met een fiscaal voordeel voor directeuren-grootaandeelhouders in dat jaar.

Uit de cijfers valt ook op te maken dat het inkomen van hogeropgeleiden na de economische crisis sneller is hersteld dan dat van mensen met een middelbare of lage opleiding. Het gaat dan om het inkomen gecorrigeerd voor grootte en samenstelling van het huishouden.

Dit gemiddeld gestandaardiseerde inkomen is bij huishoudens met een lageropgeleide kostwinner tussen 2013 en 2016 met 4,6 procent gestegen. Middelbaar opgeleiden gingen er 5,3 procent op vooruit en de hoogst opgeleide groep met 5,7 procent.

Bron: CBS
Loonkloof top en werknemer groeit, loon verschillen nemen toe, loonkloof groter tussen managers- werknemers, grotere verschillen in salaris top - werknemers

door100% Salarisverwerking B.V.

Personeelstekort?

Werkgevers lopen tegen personeelstekort aan.

                        

Een vijfde van de werkgevers wordt bij het uitvoeren van de bedrijfsactiviteiten momenteel afgeremd door een tekort aan personeel.

Sinds de start van de waarneming in 2008 hebben niet zoveel bedrijven last gehad van personeelstekorten, zo maken het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), de Kamer van Koophandel (KvK), EIB, MKB-Nederland en VNO-NCW donderdag bekend in de Conjunctuurenquête Nederland (COEN). (zie tabel)
personeelstekort, CBS onderzoek 2018, steeds minder keuze in personeel, medewerkers steeds schaarser, schaarste medewerkers, minder personeelskeuze, moeilijker vinden van personeel,
Het tekort aan werknemers is het grootst onder zakelijke dienstverleners. In die sector spreekt 31,9 procent van een belemmering. In de sectoren informatie en communicatie, vervoer en opslag en de autohandel- en reparatie hebben ook bovengemiddeld veel bedrijven last van een tekort aan arbeidskrachten. In de delfstoffenwinning melden relatief de minste bedrijven zich belemmerd te voelen.

Per saldo verwacht 20,8 procent van de werkgevers in het tweede kwartaal meer werknemers in dienst te hebben, eveneens een record. Sinds het begin van de metingen was niet zo’n groot aandeel van de werkgevers positief over de toekomstige verwachtingen.

Werkgeversvertrouwen

Het werkgeversvertrouwen is aan het begin van het tweede kwartaal wel met vier punten gezakt ten opzichte van het voorgaande kwartaal, naar 14,2. In het eerste kwartaal kwam het werkgeversvertrouwen nog uit op het hoogste niveau sinds de start van de waarneming.

In de meeste sectoren ligt het vertrouwen ondanks de daling over de hele linie nog altijd op een hoog niveau. In de detailhandel ging het vertrouwen wel fors onderuit vanwege tegenvallend omzetcijfers. De delfstoffenwinning is de enige branche met een negatief ondernemersvertrouwen.

Wil jij niets missen op werkgeversgebied?

Schrijf je dan hier in voor onze nieuwsbrief. We vertellen je wat eraan zit te komen voor werkgevers/ondernemers en wat je mogelijk net even gemist hebt in o.a. de salarisverwerking, fiscale voordelen, subsidies, onkosten vergoedingen enzovoort. Wij werken geheel volgens de nieuwe norm AVG en garanderen geen reclame.


Bron: CBS, MKB,RTL
Zie ook, RTL nieuws Personeel gezocht: Nederland populair voor distributiecentra
werklozen in de beroepsbevolking, daling werklozen, minder werklozen, werkloosheid minder, onder de 4 procent werklozen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Toename flexwerk

Een op de vier werkenden heeft flexibele arbeidsrelatie.

                               
Volgens CBS is het aantal werknemers met een flexibele arbeidsrelatie tussen 2003 en 2017 toegenomen met 856 duizend. Hiermee had bijna een kwart van de werkzame beroepsbevolking een flexibel contract in 2017. Vooral onder jongeren (15 tot 25 jaar) nam het aantal flexwerkers toe. Dit zijn veelal studerende en schoolgaande jongeren met een bijbaan.

In 2017 had een kwart van de beroepsbevolking een flexibele arbeidsrelatie.
Dat blijkt maandag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het aantal flexwerkers nam tussen 2003 en 2017 toe met ruim 850.000. Ook het aantal zelfstandigen nam toe.
Vooral onder jongeren onder de 25 jaar zijn er veel flexwerkers bijgekomen. In deze groep werkte in 2003 vier op de tien in een flexibele vorm; vorig jaar was dat bijna zeven op de tien.

Ouderen

Het aantal 25- tot 45-jarigen met een flexibele arbeidsrelatie verdubbelde tot ongeveer twintig procent.
Bij de 45-plussers is de stijging wat minder sterk. Die hele groep is sinds 2003 fors gegroeid en er kwamen behalve flexwerkers en zelfstandigen ook meer mensen met een vast dienstverband bij.

werkzame beroepsbevolking naar arbeidsrelatie,

Een vast contract is boven je 45ste nog altijd de norm. Toch werkt tien procent in een flexibele arbeidsrelatie en ongeveer twintig procent als zelfstandige.

Bijbaan

Van de 883 duizend jongeren met een flexibele arbeidsrelatie in 2017 waren bijna acht op de tien scholier of student. Het gaat dan vooral om jongeren die naast het volgen van onderwijs een bijbaan hebben. De groei van het aantal flexibele werknemers onder jongeren zit ook hoofdzakelijk bij deze scholieren en studenten, 335 duizend sinds 2003. Onder niet-schoolgaande jongeren waren dit er 57 duizend meer.
Enerzijds is de groep scholieren en studenten met werk in omvang gegroeid, vooral doordat steeds meer jongeren een opleiding in het hoger onderwijs volgen. Hierdoor blijven ze langer dan voorheen in het onderwijs. Anderzijds hebben scholieren en studenten die werken steeds vaker een flexibele arbeidsrelatie. Dat geldt voor ruim driekwart van de schoolgaande jongeren in 2017, in 2003 was dit nog de helft. Op deze manier kunnen zij de studie- en werkactiviteiten combineren. De voornaamste reden voor het hebben van een flexibel contract is voor jongeren de behoefte aan flexibiliteit.
Daarnaast waren er 382 duizend niet-schoolgaande jongeren met werk in 2017. Bijna de helft van hen had een flexibele arbeidsrelatie in 2017. In 2003 was dit nog 27 procent.
jongeren met werk 15 tot 25 jaar,

Bronnen Statline: Positie werkkring naar leeftijd.
                Statline: jongeren, wel/niet-onderwijsvolgend.

salarisverwerking uitbesteden , salarisverwerking online, online salarisverwerker, verwerkers salaris, loonadministratie,

close

Veel lees plezier? Delen mag.