Tag archief rechtspraak

door100% Salarisverwerking B.V.

Doorzoeken mailbox van werknemer geeft een hoge schadevergoeding

Het onrechtmatig doorzoeken van een mailbox van een werknemer komt een werkgever duur te staan.
            
Dit wegens deze ernstige privacyschending moet hij de werknemer maar liefst 10.000 euro schadevergoeding betalen.

 

Toekenning € 10.000,00

Een werkgever, een dienstverlener op het gebied van tankinstallaties en tankstations, wordt geconfronteerd met tal van klachten over een van zijn werknemers. Diverse collega’s willen niet meer met hem werken en ook bij bepaalde klanten is hij niet meer welkom. De werkgever stapt daarom naar de kantonrechter met het verzoek om de arbeidsovereenkomst te laten ontbinden. De werkgever heeft na de diverse klachten de zakelijke mailbox van de werknemer onderzocht. En daar ontvouwt zich ‘Dieselgate’: uit de aangetroffen e-mails zou blijken dat de werknemer in een tank achtergebleven diesel heeft verkocht en de opbrengst in eigen zak heeft gestoken. De werknemer stelt echter dat hij dit in opdracht van de werkgever heeft gedaan en het geld in een algemeen potje voor leuke uitjes heeft gestopt. Uit andere e-mails zou daarnaast blijken dat de werknemer een relatie met een ondergeschikte heeft gehad, zonder dit te melden aan de werkgever.

Privacyrechtelijk is interessant of de werkgever überhaupt onderzoek had mogen doen in de mailbox. De rechtbank meent van niet: het feit dat er zonder concrete verdenking, zonder vooraankondiging of toestemming een onderzoek is gedaan, levert een schending van art. 8 EVRM op. Er wordt daarom een immateriële schadevergoeding van maar liefst 10.000 euro toegekend.

Uitspraak Rechtbank Amsterdam:(ECLI:NL:RBAMS:2020:3452).

 

Algemene Verordening Gegevensverwerking (AVG)

Helaas is dat er geen enkel woord wordt gerept werd over de Algemene Verordening Gegevensverwerking (AVG), terwijl er bij het doorzoeken van de mailbox sprake is van een verwerking van persoonsgegevens. Er wordt wel gesproken over het gebrek aan een ‘rechtvaardigingsgrond’. Art. 6 AVG biedt zes limitatief opgesomde grondslagen (dus mogelijke rechtvaardigingsgronden) om persoonsgegevens te mogen verwerken. Toestemming is een van die gronden, maar toestemming moet aan bepaalde eisen voldoen.

Een van die eisen is dat deze ‘vrij ’ moet worden gegeven. Dit is bijna nooit mogelijk in een werkgevers-werknemersrelatie. Voorafgaande toestemming van de werknemer had in deze zaak dan ook geen uitkomst geboden. Werkgevers onderzoeken vaker de mailboxen van werknemers, maar doen dit dan op basis van de grondslag van het ‘gerechtvaardigd belang ’: het belang van de werkgever om bijvoorbeeld misstanden te onderzoeken. Hierbij moet de werkgever rekening houden met de inbreuk die hij daarbij maakt op de privacy van de werknemer.

Belangrijk daarbij is dat de werkgever een goed en kenbaar beleid heeft waarin duidelijk uiteen wordt gezet wanneer dergelijke onderzoeken plaatsvinden en bovendien een zogenaamde Data Protection Impact Assessment (DPIA) heeft uitgevoerd. Ook moeten de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit in acht worden genomen. Oftewel: steeds kijken of het wel echt nodig is om de mailbox te onderzoeken, niet zomaar lukraak alle mails lezen en privémails buiten beschouwing laten.

Wellicht dat de (advocaat van) de werknemer bewust de AVG niet heeft aangevoerd: de onderbouwing van de schade vormt vaak een struikelblok en een schadevergoeding van 10.000 euro is dan ook ongekend.
 
Bron:mr-online.nl
 
 
privacywet, avg, Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), Europese privacywetgeving,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uitzendkracht moet tijdens ziekte of arbeidsongeval doorbetaald worden

Een uitzendkracht die ziek wordt, of bijvoorbeeld een arbeidsongeval krijgt, heeft recht op loondoorbetaling door het uitzendbureau.
   
Dat heeft het gerechtshof Den Haag 17 maart in hoger beroep beslist.

 
In de zaak die aan het hof was voorgelegd, was de uitzendkracht tijdens zijn werkzaamheden met zijn hand in een machine gekomen. Het uitzendbureau weigerde hem loondoorbetaling en beriep zich op het uitzendbeding in artikel 13 van de NBBU-CAO. Hierin staat onder meer dat de arbeidsovereenkomst van de uitzendkracht met het uitzendbureau automatisch eindigt op het moment dat de uitzendkracht ziek wordt of een arbeidsongeval krijgt en daardoor niet meer kan werken.

 
Het gerechtshof stelt vast dat in de wet staat dat een arbeidsovereenkomst niet kan worden opgezegd tijdens ziekte. Tot 1 juli 2015 bood de wet nog de mogelijkheid om hiervan bij CAO af te wijken. In het uitzendbeding in artikel 13 van de NBBU-CAO is hiervan gebruik gemaakt. Dit uitzendbeding geldt voor uitzendkrachten die minder dan 78 weken voor het uitzendbureau hebben gewerkt. Als gevolg van een wetswijziging per 1 juli 2015 is deze mogelijkheid om bij CAO af te wijken van het opzegverbod tijdens ziekte echter vervallen. Vanaf 1 juli 2015 is het uitzendbeding bij ziekte of arbeidsongeschiktheid dan ook in strijd met de wet.

 
De rechtbank was in eerste aanleg nog wel uitgegaan van de rechtsgeldigheid van het uitzendbeding bij ziekte.

 
 
Uitspraken: ECLI:NL:GHDHA:2020:460
 
 

personeelszaken, personeelsdiensten, loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Rechtspraak sluit; welke urgente zaken gaan wel door?

Vanaf 16 maart sluiten de gerechten, welke urgente zaken gaan wel door?

              

De rechtbanken, gerechtshoven en bijzondere colleges sluiten vanaf dinsdag 17 maart hun deuren om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. In principe valt de behandeling van rechtszaken stil tot en met 6 april. Maar er zijn urgente zaken die niet kunnen wachten omdat dat raakt aan de rechten van rechtzoekenden en verdachten, bijvoorbeeld omdat een termijn verloopt waarbinnen de rechter moet oordelen. Hier volgt een overzicht van die urgente zaken. Twijfelt u na het lezen nog of uw zaak doorgaat of niet, bel dan uw advocaat of rechtshulpverlener of – als u die niet heeft – het gerecht dat uw zaak behandelt.

 

Bestuursrechtzaken

Voor reguliere bestuursrechtzaken geldt dat alleen de voorlopige voorzieningen (alleen in geval van ‘superspoed’) doorgaan. Van de vreemdelingenzaken worden alleen bewaringszaken behandeld. Voor beide categorieën geldt dat dat zoveel mogelijk schriftelijk gebeurt. Zijn er nog vragen over een vreemdelingenzaak, dan kan de advocaat/procesvertegenwoordiger telefonisch worden gehoord. Alleen in uitzonderlijke gevallen is een fysieke zitting in de rechtbank mogelijk.

 

Rechtbanken: Handel en kanton

Nieuwe zaken (zowel dagvaardingen alsook verzoekschriften) kunnen normaal worden aangebracht en ingeschreven. Tot en met 6 april vinden er echter geen mondelinge (kanton)rolzittingen plaats. Evenmin zullen in die periode mondelinge behandelingen plaatsvinden. Er vindt wel een schriftelijke rolzitting plaats. U kunt dus wel op de gebruikelijke wijze een conclusie van antwoord/repliek/dupliek, akte of verweerschrift indienen. Voor handel geldt dat in nieuwe rolzaken waarin zich voor gedaagde geen advocaat stelt verstek kan worden verleend en vonnis kan worden bepaald.

Als op de schriftelijke rolzitting geen stukken binnenkomen dan geldt voor kanton dat de zaken 4 weken worden aangehouden. Als op de schriftelijke rolzitting geen stukken binnenkomen dan geldt voor handel dat de zaken voor de uit het procesreglement voorvloeiende termijnen worden aangehouden. Komt er wel een schriftelijke reactie, dan gaat het proces gewoon door. Vonnissen kunnen ook worden uitgesproken en verzonden. Bij voorlopige voorzieningen/kort geding/beslagrekesten bepaalt de rechter of de zitting moet doorgaan (alleen in geval van superspoed) of dat deze wordt aangehouden (dan komt er nog geen uitspraak). Als er een zitting volgt, wordt die bij voorkeur digitaal (via Skype of Facetime) gedaan.

Vonnissen kunnen – zonder publiek – worden uitgesproken.

 

Rechtbanken: Curatele, bewind, mentorschap

Voor zaken betreffende curatele, bewind en/of mentorschap geldt het volgende. U wordt verzocht alleen in spoedeisende zaken (bijv. spoed instellings- en ontslag- en machtigingsverzoeken) telefonisch contact op te nemen met de griffies van de gerechten. In samenspraak met de kantonrechter van dienst zal worden beoordeeld of uw zaak schriftelijk kan worden afgehandeld of op andere wijze kan worden beslist. U dient er rekening mee te houden dat de behandeling van andere verzoeken de komende weken niet of slechts beperkt behandeld zullen worden. Dit geldt ook voor de te beoordelen rekening en verantwoordingen. U kunt de rekening en verantwoording wel indienen.

 

Rechtbanken: Insolventiezaken

Voor insolventiezaken geldt dat faillissementszittingen, moratoria en voorlopige voorzieningen als urgent worden beschouwd en in principe doorgaan. Ook zaken over salarissen van curatoren en bewindvoerders vinden doorgang.

 

Strafrecht

Alle niet-dringende zaken worden uitgesteld of aangehouden. Reeds verzonden dagvaardingen en oproepingen worden ingetrokken door het OM of zaken worden op voorhand aangehouden door de rechter. Die zaken worden dus niet op de bepaalde datum behandeld. Wanneer dat wel is, wordt later vastgesteld en daarover komt een bericht. Alleen de noodzakelijke beslissingen worden genomen en daarbij wordt zoveel mogelijk gezocht naar manieren om de partijen telefonisch of via Skype te horen. Bij hoge uitzondering vindt een fysieke zitting plaats.

Onder noodzakelijke beslissingen vallen: beslissingen over voorlopige hechtenis, beslissingen van de rechter(-commissaris) die geen uitstel dulden, doorzoekingen door de rechter-commissaris, uitspraken van recent afgeronde meervoudige kamerzaken, (super)snelrecht in zaken waarin de verdachte vastzit, beslissingen over voorlopige tenuitvoerlegging van straffen (TUL) en herroeping van een voorlopige in vrijheidsteling (VI).

 

Familie- en jeugdrecht (bij de rechtbank)

Ondertoezichtstellingen (OTS) worden behandeld als ze spoedeisend zijn, maar er vindt geen fysieke zitting plaats. Partijen worden telefonisch gehoord. Voor zittingen over verlenging van de OTS geldt dat partijen worden afgebeld en dat er een overbruggingsbeslissing wordt genomen.

Als het gaat om verlenging van een uithuisplaatsing in een open instellingen, dan wordt een korte overbruggingsbeslissing genomen. Zo nodig wordt er telefonisch gehoord. Bij verlenging van uithuisplaatsing in een gesloten instelling geldt dat partijen worden afgebeld en dat er telefonisch wordt gehoord.

Spoedverzoeken in het jeugdrecht worden op de gebruikelijke wijze via de pikettelefoon behandeld. Voor voorlopige voorzieningen en spoed-kortgedingen in het familierecht is afgesproken dat er telefonisch wordt gehoord en dat anders de zaak wordt aangehouden. Ook in voorlopige voorzieningen over een tijdelijk huisverbod wordt telefonisch gehoord.

 

Jeugdstrafzaken

Zie strafrecht.

 

WvGGZ/zorgmachtigingen en rechterlijke machtigingen

Voor urgente beslissingen over verplichte geestelijke gezondheidszorg en andere zorgzaken geldt dat er geen zitting wordt gehouden, maar telefonisch wordt gehoord.

 

Civiel hoger beroep (bij het hof)

De zittingen tot en met 6 april worden allemaal afgezegd, met uitzondering van spoedzaken waar op korte termijn een uitspraak nodig is zoals spoed kort gedingen en faillissementszaken. Als er een zitting plaatsvindt, gebeurt dat zoveel mogelijk via telehoren; alleen als het niet anders kan, wordt een fysieke zitting gehouden.

Ook bij familie- en jeugdrecht gaan alleen de spoedzaken door. Het gaat dan om plaatsing in een gesloten jeugdinrichting, maatregelen als ondertoezichtstelling of uithuisplaatsing, spoed kort gedingen en voorlopige voorzieningen. De rol- en rekest administratie werken zoveel mogelijk door en uitspraken worden gedaan.

 

Strafrechtzaken (bij het hof)

Zie strafrecht rechtbank.

 

Centrale balie

De centrale balies in alle gerechtsgebouwen zijn gesloten. Voor alle handelingen en werkzaamheden van de centrale balies geldt dat die tot en met 6 april 2020 op andere wijze uitgevoerd gaan worden. Voor het merendeel geldt dat voor deze handelingen post, mail of fax gebruikt kunnen worden. Kijk hiervoor vanaf 17 maart 14.00 uur op de website van het betreffende gerecht.

 

Mediation

De lopende mediations via mediationbureaus van de gerechten worden aangehouden en er worden voorlopig geen nieuwe mediations opgestart. Het is wel mogelijk per mail mediations aan te melden en er kan telefonisch contact gelegd worden, maar gesprekken kunnen pas worden gepland als deze periode voorbij is.

 
 
100 salarisverwerking 2020, loonadministratie,

door100% Salarisverwerking B.V.

Geen arbeidskorting over ontslagvergoeding

Ontslagvergoeding is niet rechtstreeks gekoppeld aan tegenwoordige arbeid .
             
Deze vergoeding hangt meer samen met in het verleden verrichte arbeid. Daarom is de arbeidskorting niet van toepassing op zo’n ontslagvergoeding.

 
100 salarisverwerking 2020, loonadministratie,
 

Kantonrechter

Een werknemer kreeg na zijn ontslag van de kantonrechter een ontslagvergoeding toegekend. Bij de vaststelling van die vergoeding had de rechter rekening gehouden met enkele omstandigheden. Zo speelde onder meer een rol dat de werknemer langdurige ziek was geweest. De werkgever had over een lange termijn loon moeten doorbetalen zonder dat daar arbeid tegenover stond. De werknemer vond dat de ontslagvergoeding inkomen uit tegenwoordige dienstbetrekking vormde. Daardoor meende hij ook recht te hebben op de arbeidskorting. Maar de inspecteur merkt de ontslagvergoeding aan als loon uit vroegere dienstbetrekking. De vraag is of dat terecht is.

 

Geen ontslagvergoeding – arbeidskorting

Hof Amsterdam betrekt oudere rechtspraak in zijn redenering. Volgens deze rechtspraak is bepalend of de inkomsten nauw verband houden met bepaalde verrichte arbeid. De inkomsten moeten een rechtstreekse beloning vormen voor verrichte arbeid. Anders is geen sprake van loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Het is onvoldoende als de inkomsten slechts meer algemeen hun oorzaak vinden in het voorheen verricht zijn van arbeid. Dat de dienstbetrekking waaruit de werknemer de inkomsten geniet nog bestond op dat genietingsmoment, is niet doorslaggevend. Het hof haalt uit de overwegingen van de kantonrechter dat de ontslagvergoeding geen rechtstreekse beloning is voor in 2015 verrichte arbeid. Daarmee is de ontslagvergoeding dus evenmin een onmiddellijke tegenprestatie voor die arbeid. De Belastingdienst heeft de toepassing van de arbeidskorting terecht geweigerd.
 
 

Wet: art. 22a LB 1964 en art. 8.1, eerste lid, onderdeel ‘e’ en 8.11 Wet IB 2001
 
Bron: Gerechtshof Amsterdam 18 februari 2020 (gepubliceerd 4 maart 2020), ECLI:NL:GHAMS:2020:435, 19/00559
 
 
Overheid, wet en regelgeving, rechter, kantongerecht, rechtszaak, rechtbank, rechter, rechtshulp, adviesrecht, rechtspraak, juridische zaken,