Tag archief ouderenkorting

door100% Salarisverwerking B.V.

Loonheffingen 2019 nieuwsbrief

De Belastingdienst heeft ‘ de Nieuwsbrief Loonheffingen 2019 ‘ 2é gepubliceerd

                     
In de nieuwsbrief vindt u onder meer informatie over de loonbelastingtabellen, de heffingskortingen, de aangifte loonheffingen en de bijtelling. Het gaat hier om wijzigingen die nu al bekend zijn.

Aanvullingen en wijzigingen in de 2e uitgave

In de 2e uitgave zijn er 3 onderwerpen toegevoegd:

  • Loonkostenvoordelen: wijziging voorwaarde recht op uitkering of arbeidsondersteuning
  • Bedragen vrijwilligersregeling omhoog
  • Ouderenkorting omhoog

Verder zijn een aantal onderwerpen aangepast:

  • Bij onderwerp 1 (Belastingdeel heffingskortingen alleen nog voor inwoners van Nederland) hebben we onder het kopje ‘Hoe bepaalt u van welk land een werknemer inwoner is?’ de informatie over waar je een woonplaatsverklaring aanvraagt, veranderd.
  • Bij onderwerp 3 (Aangifte loonheffingen: veranderingen en aandachtspunten) hebben we de informatie onder het kopje ‘Verloonde uren bij stukloon’ uitgebreid en verduidelijkt.
  • Bij onderwerp 5 (Auto’s zonder CO2-uitstoot: bijtelling verandert) hebben we onderscheid gemaakt tussen elektrische auto’s en auto’s die rijden op waterstof.

Mogelijke wijzigingen uit het Belastingplan 2019 en de tarieven en percentages voor 2019 vindt u in de volgende versies van de nieuwsbrief.

Het Handboek Loonheffingen 2019 is vanaf begin februari 2019 online te raadplegen en te downloaden. In deze nieuwsbrief vindt u informatie over de nieuwe regels voor het inhouden en betalen van de loonheffingen vanaf 1 januari 2019. Wij verwijzen hierin naar het ‘Handboek Loonheffingen 2018’ (hierna: Handboek 2018). U vindt het Handboek 2018 online op belastingdienst.nl/loonheffingen. Downloaden van onze internetsite kan ook.
Het ‘Handboek Loonheffingen 2019’ kunt u vanaf begin februari 2019 online raadplegen en downloaden. De onlineversie van het handboek houden we doorlopend actueel. Van de downloadversie plaatsen we elk kwartaal een geactualiseerde versie.

Onderwerpen In deze nieuwsbrief vindt u informatie over de volgende onderwerpen:

  1. Belastingdeel heffingskortingen alleen nog voor inwoners van Nederland
  2. Meer loonbelastingtabellen
  3. Aangifte loonheffingen: veranderingen en aandachtspunten
  4. AOW-leeftijd omhoog naar 66 jaar en 4 maanden
  5. Auto’s zonder CO2-uitstoot: bijtelling verandert
  6. Afkoopkorting pensioen in eigen beheer in 2019
  7. Loonkostenvoordelen: wijziging voorwaarde recht op uitkering of arbeidsondersteuning
  8. Bedragen vrijwilligersregeling omhoog
  9. Ouderenkorting gaat omhoog

Downloaden;nieuwsbrief-loonheffingen-2019 2e

nieuwe regels voor het inhouden en betalen van de loonheffingen 1 januari 2019. Handboek Loonheffingen, loonheffingen belastingdienst, belastingen loon, salaris heffingen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Tweeschijvenstelsel, basistarief en toptarief!

Het invoeren van het tweeschijvenstelsel zorgt ervoor dat het stelsel van (effectief) drie naar twee tarieven gaat.

        
De progressiviteit binnen de schijftarieven neemt hierdoor af. Dat schrijft staatssecretaris Snel van Financiën in antwoord op Kamervragen.

De progressiviteit van het belastingstelsel is echter niet alleen afhankelijk van de schijftarieven, maar hangt ook af van een aantal andere factoren zoals schijflengtes, heffingskortingen en aftrekposten.
Naast de invoering van het tweeschijvenstelsel intensiveert het kabinet ook de heffingskortingen, zoals de ouderenkorting en de arbeidskorting. Het tarief van aftrekposten, waaronder de eigenwoningrenteaftrek en de zelfstandigenaftrek, wordt stapsgewijs verlaagd naar het basistarief. Het progressieve karakter van het stelsel blijft behouden.

salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers,salarisverwerking online, loonadministratie,loon,salaris,salaris oplossingen,loon verwerker,salaris uitbesteden,

Basis- en toptarief

Het basistarief voor de belasting en premie volksverzekeringen samen komt in het regeerakkoord in 2021 uit op 36,95%. Een verlaging van het basistarief met 1%-punt kost € 3,85 miljard (prijzen 2021).
Het toptarief komt in het regeerakkoord in 2021 uit op 49,5%. Een verlaging van het toptarief met 1 %-punt kost € 0,25 miljard (prijzen 2021).

Werken voor iedereen lonender

Als het tweeschijvenstelsel als losstaande maatregel ingevoerd zou worden, zouden de hoogste inkomens relatief en absoluut het meest profiteren. Het tweeschijvenstelsel is echter onderdeel van een breder pakket aan maatregelen dat ervoor zorgt dat werken voor iedereen lonender wordt en dat alle groepen er qua koopkracht op vooruitgaan.

Belastingplichtigen met hoge inkomens ondervinden voordeel van het tweeschijvenstelsel, maar nadeel van bijvoorbeeld het steiler afbouwen van de arbeidskorting en het beperken van het tarief van aftrekposten tot het basistarief.

Belastingplichtigen met inkomens in de huidige eerste schijf ondervinden geen voordeel van het tweeschijvenstelsel, maar bijvoorbeeld wel van het verhogen van de arbeidskorting en algemene heffingskorting.

Samentrekken tarieven

Wat gebeurt er met de schijven zodra de tarieven samengetrokken worden in de tweetaks?
Het samentrekken van een aantal tarieven vermindert het aantal schijven. In de kalenderjaren 2019 en 2020 worden de drie laagste tarieven steeds verder in lijn gebracht, totdat in 2021 het tarief (inclusief premie volksverzekeringen) 36,95% bedraagt. Daarnaast wordt het huidige toptarief in drie stappen verlaagd tot 49,50% in 2021.

Voor belastingplichtigen die gedeeltelijk of in het geheel niet-premieplichtig zijn voor de volksverzekeringen, zoals AOW-gerechtigden of buitenlands belastingplichtigen, geldt tot een inkomen van € 33.994 (2018) het belastingtarief van de inkomstenbelasting van 9,30% (2021), aangevuld met de op de belastingplichtige van toepassing zijnde premie voor de volkverzekering(en). Dit verschilt niet van de huidige situatie.

Afschaffing aftrekposten

Als alle aftrekposten zouden worden afgeschaft, dan zou het basistarief in het tweeschijvenstelsel met circa 2,9%-punt kunnen dalen in 2021. Hierbij is de doorwerking van de afschaffing in de toeslagen budgettair meegenomen. Na 2021 zou de daling van het basistarief beperkter worden, aangezien de eigenwoningrenteaftrek structureel lager is door de ingroei van annuïtaire aflossing.

Als de huurtoeslag, zorgtoeslag en de kinderopvangtoeslag zouden worden afgeschaft, dan zou het basistarief in het tweeschijvenstelsel met circa 3,6%-punt kunnen dalen in 2021.

zie ook:
Loonstrook aan werknemers

belastingdienst,belastingen, salaris,loon,salarisverwerking,loonadministratie,100%salarisverwerking,belastingzaken,

door100% Salarisverwerking B.V.

Drempel voor grensarbeiders

Nederland in 2019 minder aantrekkelijk voor grensarbeiders uit België en Duitsland door belastingwijziging.
            

Deze werknemers kunnen dan minder makkelijk aanspraak maken op heffingskortingen in de Nederlandse inkomstenbelasting, stelt vakbondsbestuurder Jos Poukens van de Belgische vakbond ACV maandag in Het Financieele Dagblad (FD).

Belgen en Duitsers zullen vanaf 2019 minder snel de grens oversteken om in Nederland te gaan werken. Zij moeten dan meer moeite doen om aanspraak te maken op de heffingskortingen in de Nederlandse inkomstenbelasting. Dat benadeelt niet alleen de grensarbeiders maar pakt ook slecht uit voor Nederlandse werkgevers, waarschuwt de Belgische vakbond ACV.
Vakbondsbestuurder Jos Poukens begrijpt de Nederlandse regering niet. Terwijl de Europese Unie en grensregio’s zich inzetten om grensarbeid eenvoudiger te maken, dreigt Nederland een extra drempel op te werpen, stelt de vertegenwoordiger van de grootste vakbond van België, de ACV. ‘Waarom wil Nederland grensarbeid frustreren’, vraagt Poukens zich af.

Beperken heffingskortingen

Reden voor de verbazing is het kabinetsvoorstel om de heffingskortingen in de inkomstenbelasting voor buitenlandse belastingplichtigen te beperken. Die buitenlanders zijn hoofdzakelijk EU-ingezetenen, onder wie circa 80.000 Belgen en Duitsers.

De Tweede Kamer heeft al ingestemd met de wetswijziging die ertoe leidt dat deze buitenlanders vanaf 2019 meer moeite moeten doen om hun heffingskortingen te krijgen. Alleen de Eerste Kamer, die dinsdag debatteert over de fiscale plannen van het kabinet, kan nog een stokje voor wijziging steken.

minimumloon 2018,loonbelasting,belastingdienst,loon,salaris,loonadministratie,salarisverwerking,salarisverwerker,loonverwerkers

Regel omdraaien

Nu krijgen buitenlandse belastingplichtigen nog vanzelf dezelfde heffingskortingen als Nederlanders. Naast de algemene heffingskorting en de arbeidskorting zijn dat de jongerengehandicaptenkorting, de ouderenkorting en de alleenstaande ouderenkorting. Buitenlanders van wie achteraf blijkt dat zij geen recht hebben op de kortingen, moeten de belasting die niet is ingehouden door werkgevers of een uitkeringsinstantie alsnog betalen.

Het kabinet wil deze regel omdraaien. Met uitzondering van de arbeidskorting krijgen buitenlandse belastingplichtigen geen heffingskortingen meer tenzij zij daar expliciet om vragen. Dat kan door in Nederland aangifte inkomstenbelasting te doen.

Lager betaalde werknemers

Door de inkomensafhankelijkheid van de kortingen treft de maatregel vooral lager betaalde werknemers, zegt Poukens. Een Belg die netto €20.000 verdient bij bijvoorbeeld VDL Nedcar in Born, gaat er in 2019 op zijn loonstrookje ongeveer €50 per maand op achteruit. ‘Dat is een financiële strop voor deze mensen’, zegt de vakbondsbestuurder. VDL laat weten de gevolgen van de maatregel nog niet goed te kunnen inschatten.

    €50

    Belgische of Duitse werknemer die in Nederland circa €20.000 netto verdient, ziet salaris op loonstrookje in 2019 met €50 per maand dalen.

In antwoord op vragen van CDA-Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt zei staatssecretaris Menno Snel van Financiën dat Belgen deze ‘strop’ kunnen voorkomen. Zij hoeven daarvoor niet te wachten tot de belastingaangifte over 2019 maar kunnen de kortingen waarop zij recht hebben meteen op hun rekening gestort krijgen door een voorlopige aanslag voor 2019 aan te vragen bij de Belastingdienst, aldus de D66-bewindsman. Voor Duitsers geldt dat trouwens niet. Omtzigt drong er op aan hun ook die mogelijkheid te bieden. Maar daarvoor moet het belastingverdrag met Duitland worden veranderd.

Aparte loonadministratie

Volgens Poukens gaan de politici eraan voorbij dat het voor lager betaalde grensarbeiders niet eenvoudig is om in Nederland belastingaangifte te doen of een voorlopige aanslag aan te vragen. Zij zullen daarvoor deskundigen moeten inhuren, zegt hij. Zijn vrees is dat menig grensarbeider zijn kortingen zal mislopen: ‘De maatregel treft lager betaalden en zij worden het bos ingestuurd.’

Maar ook Nederlandse werkgevers, zoals Nedcar, worden volgens Poukens getroffen. Belgen en Duitsers zullen zich minder snel laten verleiden om in Nederland te gaan werken, zegt hij, terwijl grensarbeid toch al op veel complexe regels stuit. De werkgevers moeten bovendien een aparte loonadministratie gaan bijhouden voor buitenlandse werknemers, meent hij. Ten slotte voorspelt hij dat de Nederlandse Belastingdienst zijn handen nog vol krijgt aan de buitenlandse belastingaangiftes en -aanvragen.

salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarisadministratie, loonverwerker, loonverwerkers, loonadministratie, salaris administratie, salaris en loon regelingen, loonbelasting, loonpremies, salaris, ,loonregelingen, salaris premies, loonbelastingen, loon berekeningen, salaris berekening, personeelskosten, personeelspremies, administratie personeel,

door100% Salarisverwerking B.V.

Koopkrachtstijging van 4 tot 6 procent voor werkende Nederlander

Nibud : In 2021 koopkrachtstijging 4 tot 6 procent

    

Het op 10 oktober gepresenteerde regeerakkoord van het kabinet-Rutte III betekent – als het ook zo wordt uitgevoerd – in 2021 een koopkrachtstijging voor alle werkenden. 
De stijging varieert van een kleine 4 tot een ruime 6 procent in de komende vier jaar. Hogere inkomens gaan er meer op vooruit dan lagere inkomens.

salarisverwerking,loonadministratie,uitbesteden loonadministratie,salarisverwerkers,loonverwerking uitbesteden,cloud loon,salaris in de cloud,verwerking personeel,personeel premies,goedkoop hrm management, ess,verzuimregistratie,pensioenen,urenlijsten,personeelsbestanden,
Dat blijkt uit berekeningen van het Nibud dat in opdracht van de Tweede Kamer het regeerakkoord heeft doorgerekend. Het instituut schetst aan de hand van bijna honderd veel voorkomende voorbeeldhuishoudens een beeld van de bedragen die deze huishoudens in 2021 meer of minder te besteden hebben in vergelijking met dit jaar.

Werkenden erop vooruit

Alle werkenden gaan erop vooruit. Hun koopkracht stijgt – afhankelijk van hun situatie – met zo’n 4 tot 6 procent in de komende vier jaar. Dit komt omdat de verwachte loonstijging hoger is dan de prijsstijging. Werkenden profiteren ook van de hogere arbeidskorting en lagere belastingtarieven.

Werkenden met een relatief laag inkomen tot 20.000 euro per jaar hebben een minder grote koopkrachtstijging, omdat het grootste deel van hun inkomen in de eerste belastingschijf valt. En dit belastingtarief stijgt waardoor ze meer belasting betalen in 2021. De verandering van het belastingstelsel is wel gunstig voor middeninkomens en hoge inkomens: zij betalen hierdoor juist iets minder belasting.

Nauwelijks verbetering voor bijstandsgerechtigden

Het Nibud ziet dat door de plannen in het regeerakkoord huishoudens met een bijstandsuitkering er nauwelijks op vooruit gaan. Een alleenstaande in de bijstand heeft in 2021 per maand 21 euro meer te besteden dan dit jaar. Voor een alleenstaande met een kind is dat 15 euro.

De koopkracht van mensen met een bijstandsuitkering stijgt nauwelijks doordat zij geen voordeel hebben van de hogere arbeidskorting en omdat de uitkeringen minder stijgen dan de lonen. De koopkrachtvooruitgang van bijstandsgerechtigden bedraagt over vier jaar minder dan 2 procent.

Btw-verhoging

Het kabinet wil het lage btw-tarief verhogen van 6 procent naar 9 procent. In dit btw-tarief zit een aantal producten en diensten dat als noodzakelijk wordt gezien, zoals voedingsmiddelen. De btw-verhoging leidt tot een verhoging van de inflatie van ca. 0,7 procentpunt. Dit algemene inflatiecijfer heeft het Nibud meegenomen in de koopkrachtberekeningen. Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is dat zo’n 15 euro in de maand.

Gemiddeld besteden huishoudens ongeveer 20 procent van hun budget aan goederen en diensten in het lage btw-tarief. Sommige huishoudens geven echter meer dan 20 procent van hun budget uit aan goederen en artikelen in het lage btw-tarief en zij hebben dus extra nadeel van de btw-verhoging.

Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is een budgetaandeel van 27 procent in het lage tarief een realistische schatting. Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat deze verhouding het gezin in de bijstand met twee kinderen 5 euro extra per maand kost. In 2021 heeft dit gezin te maken met een koopkrachtstijging van 45 euro per maand in vergelijking met dit jaar, als we uitgaan van de gemiddelde uitgaven bij de supermarkt. Maar als we meenemen dat dit huishouden procentueel gezien meer kosten aan voeding heeft, gaan ze er vijf euro minder op vooruit en hebben ze in 2021 40 euro meer te besteden dan dit jaar.

Rijke gepensioneerden in de min

Huishoudens boven de AOW-leeftijd profiteren niet van de loonstijging. De AOW stijgt wel de komende vier jaar, maar de verwachting is dat de aanvullende pensioenen nauwelijks omhoog gaan de komende jaren. Hierdoor is het voor AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen vaak lastig om de verwachte prijsstijgingen op te vangen en ziet het Nibud dat met name ouderen met een hoog aanvullend pensioen erop achteruit gaan in 2021.

Het regeerakkoord bevat ook maatregelen om de koopkracht van ouderen te ondersteunen. Zo wordt de ouderenkorting verhoogd en wordt die minder snel afgebouwd. Dit is met name voordelig voor ouderen met alleen AOW of met AOW en een klein aanvullend pensioen: voor hen ziet het Nibud nog wel een kleine koopkrachtstijging.

Huishoudens met kinderen in de plus

Huishoudens met kinderen profiteren van de verhoging van de kinderbijslag en het inkomensafhankelijke kindgebonden budget. De afbouw van het kindgebonden budget begint nu nog bij een bruto jaarinkomen van 20.000 euro, straks is dat voor paren ruim 39.000 euro. Ook stijgt het kindgebonden budget voor het tweede kind.

Huishoudens waar één van beide partners werkt, blijven dit keer niet achter bij huishoudens waar beide partners werken. Een stel met een kind, waarvan één partner werkt en 40.000 euro per jaar verdient, gaat er 6,8 procent op vooruit en heeft daarmee over vier jaar 172 euro per maand meer te besteden dan nu. De afgelopen jaren kwam de alleenverdiener er over het algemeen minder goed vanaf dan een stel waarvan beide partners werkten.

Afschaffing grens huurtoeslag gunstig

Een van de plannen in het regeerakkoord is het afschaffen van de inkomensgrenzen in de huurtoeslag. Nu krijg je bij een bepaald inkomen helemaal geen huurtoeslag meer, vanaf 2021 wordt dat geleidelijk minder. Hoe hoger het inkomen hoe lager de huurtoeslag wordt.

Deze maatregel zorgt ervoor dat huishoudens die nu geen recht op huurtoeslag hebben, dat in 2021 wel hebben. Dit kan voor sommige huishoudens heel gunstig uitpakken en meer dan 160 euro per maand schelen. Een alleenstaande oudere met AOW en een aanvullend pensioen van 7500 euro gaat er in 2021 bijna 10 procent op vooruit, dit is 166 euro per maand. Maar als diegene in een woning woonde zonder huurtoeslag zou hij er slechts 1,6 procent, 27 euro per maand, op vooruit gaan.

Huiseigenaren lagere koopkrachtstijging dan huurders

Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat huishoudens met een eigen woning en hypotheek een iets minder hogere koopkrachtstijging hebben dan niet- woningbezitters met eenzelfde woonlast. Huizenbezitters ondervinden nadeel van de lagere belastingtarieven en van de afbouw van de hypotheekrenteaftrek.

Hoe hoger de hypotheek, hoe kleiner de koopkrachtstijging.

Daarnaast wordt vanaf 2019 de wet-Hillen in dertig jaar afgebouwd. Dit betekent dat huishoudens die hun hypotheek volledig hebben afgelost in 2021 10 procent van het eigenwoningforfait moeten optellen bij hun inkomen in box 1. Het effect hiervan is afhankelijk van het inkomen en de waarde van de woning. Het kan variëren van 0 euro, als men niet alle heffingskortingen kan verzilveren, tot bijvoorbeeld min 163 euro per jaar bij een inkomen van 70.000 euro en een woningwaarde van 600.000 euro.

Voorbeeldberekeningen

Koopkrachtontwikkeling voor 2021 (bedragen netto per maand)

Download PDF: Nibud-koopkrachtberekeningen-op-basis-van-het-regeerakkoord-van-het-kabinet-Rutte-III-2017-2021
Download PDF: Nibud-koopkracht-2017-2021-overzicht-voorbeelden

De achtergronden bij deze voorbeeldberekeningen vindt u in het rapport op nibud.nl. Daarin vindt u voor bijna honderd andere voorbeelden koopkrachtberekeningen. De term koopkrachtontwikkeling staat voor de hoeveelheid goederen en diensten die met het netto inkomen kunnen worden gekocht in vergelijking met vorige jaren.

Koopkrachtcijfers voor 2021

Het Nibud geeft als kanttekening bij deze cijfers aan dat er tussen 2017 en 2021 nog veel kan veranderen. De plannen van het kabinet kunnen nog worden gewijzigd gedurende de komende jaren, de economie ontwikkelt zich continu en binnen huishoudens kan er ook nog veel veranderen. Daarom publiceert het Nibud zelf twee keer per jaar koopkrachtplaatjes.

In januari 2018 berekent het Nibud hoe de portemonnee van de Nederlandse huishoudens eruit ziet ten opzichte van 2017 en wordt inzichtelijk welke huishoudens volgend jaar rekening moeten houden met een koopkrachtdaling- of stijging.

Achtergronden bij de berekeningen

De koopkrachtverschillen zijn omgerekend naar gemiddelde maandbedragen. Fiscale voordelen, vakantiegeld, kinderbijslag en dergelijke zijn al bij het netto maandbedrag geteld. Bij de bedragen is het Nibud uitgegaan van een inflatie van 9,3 procent, een stijging van de zorgpremie en bruto loonontwikkeling van 13,2 procent. Alle fiscale regelingen van 2017 tot en met 2021 zijn gebruikt. We zijn er vanuit gegaan dat alle toeslagen en inkomensondersteuning worden aangevraagd. De hier genoemde huishoudens zijn slechts voorbeelden, waarbij de situatie simpel is gehouden. Er is geen rekening gehouden met wijzigingen in de bijzondere bijstand of de gezondheidssituatie van mensen. Er is ook geen rekening gehouden met specifieke aftrekposten of bijtellingen. De berekeningen gaan uit van een huishouden dat niet van samenstelling verandert en waarin ook de arbeidssituatie hetzelfde blijft. In werkelijkheid gebeurt er natuurlijk veel meer in een huishouden. Promotie, veranderen van baan, (gedeeltelijk) stoppen met werken, gezinsuitbreiding e.d. zijn gebeurtenissen die veel meer van invloed zijn op het besteedbare inkomen van huishoudens dan fiscale maatregelen. Als gevolg van het bovenstaande zullen huishoudens zich nooit helemaal herkennen in de hier gegeven voorbeelden.

salaris,loon,coa loon,coa salaris,salaris cao,loon cao,betere cao,cao verloning,wet en regelgeving cao,

close

Veel lees plezier? Delen mag.