Tag archief salaris

door100% Salarisverwerking B.V.

Loonstrook op schrift weigeren!

Mag dat ?

                        
online salaris, salaris in de cloud, loon verwerking in de cloud, salarisverwerking, loonadministratie, salaris, loon, loonstroken,loonstrookje, salarisverwerker, loonverwerking,uitbesteden van salaris, loonverwerkers,
 

De werkgever

Wij hebben een digitaal personeelsinformatiesysteem met Employee Self Service (ESS), urenverantwoording, declaraties , tijdregistratie, verlofregistratie enzovoort. Ook de loonstroken worden iedere maand in het informatiesysteem gezet. De medewerkers krijgen dan een alert dat een nieuw document voor hen klaarstaat. Nu wil één van onze medewerksters de loonstrook elke maand op schrift ontvangen.

Moet ik aan haar verzoek voldoen?

Ja, u moet aan haar verzoek voldoen.

De wet is helder als het gaat om het verstrekken van loonstrookjes aan werknemers. De loonstroken moeten schriftelijk aan de werknemer worden verstrekt. Het (enkel) elektronisch versturen van de loonstroken mag alléén als de werknemer daarmee uitdrukkelijk heeft ingestemd. Heeft hij niet ingestemd, dan moet er een papieren versie aan de werknemer worden verstrekt.

Maar u hoeft waarschijnlijk niet elke maand een loonstrook aan de werknemer te verstrekken. Een werkgever is verplicht om bij de eerste loonbetaling een loonstrook te verstrekken. Voor daarop volgende loonstroken geldt dat alleen als zich ten opzichte van de vorige loonbetaling een wijziging heeft voorgedaan, anders niet.

Van deze regels kan niet in het nadeel van de werknemer worden afgeweken.
 
 
Bron: Telegraaf
 

loonadministratie, loonverwerking, loonverwerker, loonverwerkers, loon,salarisverwerkers, salarisverwerking,

door100% Salarisverwerking B.V.

DGA Loon na loonaangifte

Maandloon krijgen met maandaangifte doen

                               
Als een directeur-grootaandeelhouder (dga) iedere maand loon geniet, moet u dit loon maandelijks verwerken in de aangifte loonheffingen. U mag niet het volledige loon verwerken in de aangifte van december.

salaris, loon, loonstroken, loonkosten, loonadministratie,loonverwerking, loonverwerkers,loonverwerker, verloning, salarisadministratie, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarissen,

Bij bv’s waar alleen een dga in dienst is, komt het voor dat de Belastingdienst 11 keer een nulaangifte ontvangt. Het loon van het gehele jaar wordt vervolgens aangegeven in de aangifte van december. Dit is alleen juist als de dga zijn volledige loon in tijdvak december heeft genoten of als sprake is van fictief loon.

Genietingsmoment

U moet het loon en de loonheffingen verwerken in de aangifte over het tijdvak waarin het genietingsmoment valt.

Dit is het moment waarop:

  • de werkgever het loon betaalt, verrekent of ter beschikking stelt
  • het loon rentedragend wordt
  • het loon vorderbaar en inbaar wordt

De werkgever houdt loonbelasting/premie volksverzekeringen in als het een van de drie situaties betreft.

Bijtelling

Het voorgaande geldt ook voor loon in natura. Als een bv aan zijn dga een auto ter beschikking stelt die privé wordt gebruikt, vindt een doorlopende genieting van voordeel plaats. De bijtelling moet u dus maandelijks verwerken in de aangifte loonheffingen.

Fictief loon

Het genietingsmoment van fictief loon van een dga is het einde van het kalenderjaar of het moment waarop de dienstbetrekking eindigt.
 
 
Bron: Salaris forum
 
loonkosten, loonadministratie, loonverwerking, loonverwerkers, loonadministrateurs, loon betalingen, salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, salarisadministratie, salarisadminitrateurs,

door100% Salarisverwerking B.V.

Loonkloof nu nog!

Helaas, de loonkloof man – vrouw staat nog stevig overeind

                               

Als we praten over de loonkloof – of die nou in het nadeel van mannen of vrouwen is – moeten we een zuivere discussie voeren. Dat lukt niet als een deel van de informatie ontbreekt, stelt Marlise Hamaker, eigenaar van communicatietraining- en adviesbureau Listen Up dat zich in het bijzonder op (top)vrouwen richt.

inkomensverschil man vrouw, loonkloof man vrouw, ongelijke loonstroken vrouw man, ongelijke inkomens man vrouw, loon verschillen man vrouw, inkomste vrouw man ongelijk,
Nieuws over de loonkloof in de inbox van RTL Z. Nou ja, nieuws. In twee jaar tijd is de loonkloof niet veranderd: er is nog steeds een onverklaarbaar loonverschil van 5 procent bij de overheid en 7 procent in het bedrijfsleven – beide in het nadeel van vrouwen. Maar er is een twist: jonge vrouwen zouden méér verdienen dan jonge mannen.

Of, zoals het in de nieuwsbrief van RTL Z stond: “Jonge vrouwen slopen de loonkloof. Ze zijn iets vaker hoogopgeleid dan mannen en daardoor maken ze meer kans op een hoger salaris. Bij Vadertje Staat verdienen ze zelfs meer dan mannen”.

Jonge vrouwen streven mannen voorbij?

Een dergelijk verhaal was er afgelopen zomer ook over gemeenteambtenaren. Bij berichtgeving dat vrouwelijke gemeenteambtenaren gemiddeld 3.679 euro bruto per maand verdienden, en hun mannelijke collega’s 3.653 euro. Een verschil van 26 euro bruto dus in het nadeel van mannen.

Nou zou ik natuurlijk moeten staan juichen bij dit soort nieuws.

Jonge vrouwen lossen het allemaal op, sterker nog, ze streven mannen zelfs voorbij. We kunnen allemaal rustig gaan slapen, met gepaste bezorgdheid over die arme jonge mannen natuurlijk.

Zuivere discussie

Helaas, ik ben klaarwakker. Want als we praten over de loonkloof – of die nou in het nadeel van mannen of vrouwen is – moeten we een zuivere discussie voeren. Dat lukt niet als een deel van de informatie ontbreekt. En dat is hier het geval.

Het CBS brengt voor de hele arbeidspopulatie de ongecorrigeerde en gecorrigeerde looncijfers naar buiten. Zo weten we dat als je geen rekening houdt met bijvoorbeeld opleiding en werkervaring het loonverschil tussen mannen en vrouwen bij de overheid 8 procent is en in het bedrijfsleven 19 procent. Alle werkenden zijn dan op een hoop gegooid: van de medewerker van de plantsoendienst tot de beleidsadviseur, van de portier tot de senior manager.

Scheve vergelijking

Dat is een scheve vergelijking natuurlijk, daarom corrigeert het CBS die cijfers. Voor opleidings- en beroepsniveau, werkervaring en ga zo maar door. Zo komen we uit bij die loonkloof van 5 procent bij de overheid en 7 procent in het bedrijfsleven – beide dus in het nadeel van vrouwen. Een onverklaarbaar loonverschil noemt het CBS dat. Er zijn overigens wel wat verklaringen voor te benoemen, maar daar schrijf ik graag op een ander moment over.

Verder met de cijfers: jonge vrouwen verdienen meer dan mannen, weten we. Belangrijke toevoeging: als je naar de ongecorrigeerde cijfers kijkt. En nu ben je natuurlijk heel erg benieuwd naar de gecorrigeerde cijfers. Ik ook. Maar die heeft het CBS niet. Nou ja, ze zijn er wel, maar het is veel werk om ze naar boven te halen, en dat kost een paar duizend euro, werd me verteld.

Het SCP had dat geld er twee jaar geleden wel voor over, en gaf destijds het CBS de opdracht de gecorrigeerde cijfers naar boven te halen. Het beeld: als je corrigeert voor onder andere werkervaring, beroepsniveau en opleiding verdienen jonge vrouwen 1 procent meer dan jonge mannen bij de overheid. In het bedrijfsleven verdienen jonge vrouwen na die correctie 4 procent mínder dan jonge mannen. En met jong bedoelen we werkenden tot 35 jaar. Wat dit allemaal zegt? Niks eigenlijk, want het zijn verouderde cijfers.

Jonge, hoogopgeleide vrouwen versus dure mannen

En dat Trouw-verhaal over die gemeenteambtenaren? Helaas, dat zijn weer ongecorrigeerde cijfers. Het onderzoek waar ze uitkomen corrigeert niet voor opleiding, werkervaring, functie en ga zo maar door. Er is wel sprake van feminisering bij gemeenten, vertelde de onderzoeker toen ik hem van de zomer belde. Dure oude mannen vertrekken bij gemeenten, en daarvoor komen jonge, hoogopgeleide vrouwen in de plaats. Ook een interessante trend trouwens, maar als je het over gecorrigeerde loonkloofcijfers hebt niet relevant.

Slopen jonge vrouwen de loonkloof? Nee. Om die te slopen is meer nodig dan hopen dat jonge, hoogopgeleide vrouwen het fixen. De loonkloof slopen is een verantwoordelijkheid van ons allemaal. We moeten bijvoorbeeld stoppen met vrouwen anders te beoordelen dan mannen als ze om loonsverhoging vragen.

Of je kunt als organisatie zelf de salarisadministratie open trekken en daar waar nodig de loonkloof dichten. En zo zijn er veel meer dingen te bedenken die we allemaal kunnen doen. Aan de bak dus, zodat er over een paar jaar wel wat nieuws te melden is.

Marlise Hamaker is eigenaar van communicatietraining- en adviesbureau Listen Up, dat zich in het bijzonder op (top)vrouwen richt. Eerder maakte ze de podcast Expeditie Gender Gap.

Achterstelling vrouwen, Achterstand van vrouwen op arbeidsmarkt, achtergestelde positie van vrouwen, gendergelijkheid,

door100% Salarisverwerking B.V.

Loonstrook niet duidelijk!

All-in loon blijkt niet echt uit loonstrook – Recht op nabetaling?

                     

Mag een werkgever een all-in loon betalen aan een werkneemster en is dit op de juiste wijze gebeurd? Volgens de kantonrechter in Rotterdam is op de loonstroken niet voldoende duidelijk gespecificeerd waaruit het loon was samengesteld. De werkneemster heeft recht op vergoeding voor niet-genoten vakantiedagen en achterstallige vakantiebijslag.

Een werkneemster vordert:

  1. een bedrag van € 3.283,63 aan vergoeding voor de niet genoten vakantiedagen in de periode vanaf 1 juli 2014 tot 1 juni 2018 en een bedrag van € 3.713,84 aan achterstallige vakantiebijslag over de periode vanaf 1 juni 2014 tot en met 31 mei 2018.
  2. de bruto/netto salarisspecificaties met betrekking tot de te verrichten betalingen aan vergoeding voor de niet genoten vakantiedagen en achterstallige vakantiebijslag.

De werkneemster geeft hiervoor de volgende redenen: zij ontving van de werkgever geen vakantiebijslag en kreeg feitelijk geen kans om op vakantie te gaan onder doorbetaling van salaris. Als zij vrij nam, dan kreeg zij over de vrije dagen geen loon uitbetaald. Daarnaast heeft zij over de periode vanaf 1 juni 2014 tot en met 31 mei 2018 de door werkgever aan haar verschuldigde vakantiebijslag niet, in ieder geval niet volledig, uitbetaald gekregen.

Wat zegt werkgever?

De werkgever stelt dat uit de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst blijkt dat uitdrukkelijk is afgesproken dat het overeengekomen salarisbedrag inclusief de uitbetaling van vakantie-uren en vakantiegeld is.

De werkgever heeft in de periode vanaf juli 2014 tot en met april 2017 het vakantiegeld en de vergoeding voor de vakantie-uren niet gespecificeerd op de loonstroken, maar dit betekent niet dat zij deze niet heeft uitbetaald. Sinds januari 2015 lag het uurloon van de werkneemster hoger dan het cao-loon én gold dat het uurloon inclusief het vakantiegeld en de vergoeding voor vakantiedagen was.

Wat zegt kantonrechter?

Artikel 5 uit de arbeidsovereenkomst tussen partijen luidt als volgt:

“Werknemer ontvangt een salaris volgens CAO (functie groep 1) door werkgever te voldoen aan het begin van iedere maand voor de maand ervoor. Vakantietoeslag, uitbetaalde vrije dagen en overige toeslagen zijn bij het salaris inbegrepen.”

De inhoud van deze bepaling is volgens de kantonrechter onduidelijk. Op de arbeidsovereenkomst is de Horeca-cao van toepassing. Uit deze cao blijkt niet dat conform deze cao een all-in loon wordt afgesproken. Uit voornoemde bepaling blijkt dat partijen met elkaar zouden hebben afgesproken dat het loon van de werkneemster een zogenoemd all-in loon zou zijn. Hoe hoog het uurloon of het maandloon van de werkneemster – inclusief en exclusief vakantietoeslag en vergoeding voor de vakantie-uren – zou zijn, blijkt niet uit deze bepaling.

Vakantiebijslag

Volgens artikel 17 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag moet de vakantiebijslag in de maand juni worden uitgekeerd, maar mag van dit tijdstip worden afgeweken, zolang de uitbetaling ten minste eenmaal per kalenderjaar gebeurt. De werkgever mocht dus afspreken dat de vakantiebijslag tegelijk met elke loonbetaling zou plaatsvinden. Voor de werkneemster moet wel voldoende duidelijk zijn dat de werkgever per loonbetaling ook de vakantiebijslag uitkeert, zodat de afspraak dat de vakantietoeslag inbegrepen is in het salaris niet per definitie veelzeggend is.

De werkgever is verplicht een schriftelijke specificatie van het uitbetaalde loon aan de werkneemster te verstrekken waaruit duidelijk moet blijken waaruit het loonbedrag is samengesteld. Uit geen van de overgelegde loonstroken uit de periode juli 2014 tot april 2017 blijkt dat het vakantiegeld tegelijk met het maandelijkse loon werd uitbetaald.

Er zijn geen verdere omstandigheden of feiten gesteld of gebleken waaruit blijkt of kan worden afgeleid dat voor de werkneemster voldoende duidelijk was dat zij de vakantiebijslag bij iedere salarisronde ontving en waaruit haar loon was samengesteld.

Het feit dat de werkneemster vanaf 2015 een hoger uurloon ontving dan het basisuurloon conform cao, zoals de werkgever stelde, betekent niet dat er daarom van moet worden uitgegaan dat de vakantiebijslag in dat hogere uurloon was opgenomen.

Wat betreft het loonstrookje uit april 2017 en de loonstroken daarna valt volgens de werkneemster af te leiden dat de werkgever het uurloon ad € 11,12 ineens had opgesplitst, terwijl partijen een dergelijk all-in uurloon niet zijn overeengekomen.

De werkgever heeft de kantonrechter er niet van overtuigd dat dit uurloon niet als basisuurloon exclusief vakantiebijslag en vergoeding voor de vakantiedagen mocht worden opgevat door de werkneemster. Hieruit volgt dat er niet van kan worden uitgegaan dat de werkgever vanaf april 2017 de vakantiebijslag waar de werkneemster recht op had volledig heeft betaald.

De werkgever is nog een bedrag van € 3.713,84 bruto aan de werkneemster verschuldigd.

Vakantiedagen

Het betalen van een loon, waarin een vergoeding voor de (opgebouwde) vakantiedagen inbegrepen is, is slechts toegestaan, indien dit niet belemmert dat de werknemer feitelijk vakantie opneemt én duidelijk gespecificeerd in de loonstroken vermeld staat welk gedeelte van het uitbetaalde loon de loonwaarde van de vakantiedagen behelst. In dit geval is hier geen sprake van geweest.

De werkneemster kreeg geen kans verlof op te nemen en in ieder geval tot april 2017 bleek uit de loonstroken niet dat een gedeelte van het loon zag op de vakantiedagen.

De werkneemster heeft nog recht op een bedrag van € 3.283,63 bruto over die periode aan vergoeding voor de niet genoten vakantiedagen toekomt.

De gevorderde bedragen aan achterstallige vakantiebijslag en vergoeding voor de niet genoten vakantiedagen van € 3.713,84 bruto respectievelijk € 3.283,63 bruto, berekend tot 1 juni 2018 wijst de kantonrechter toe.

De vordering tot het verstrekken van bruto-netto specificaties wijst de kantonrechter ook toe.

Uitspraak Rechtbank Rotterdam, 11 oktober 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:8427

salaris, loon, loonstroken, loonkosten, loonadministratie,loonverwerking, loonverwerkers,loonverwerker, verloning, salarisadministratie, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarissen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Toename vrouwen onder topverdieners

Het aandeel van vrouwen onder de meest verdienende werknemers in grote ondernemingen en andere organisaties neemt de laatste jaren aldoor toe

     

In 2017 bestond de top van de loonlijst van organisaties met minimaal 500 werknemersbanen voor ruim 20 procent uit vrouwen. In 2010 was dat nog 15,0 procent. Dat blijkt uit onderzoek van het CBS op verzoek van vragen uit de media.

Er is geen algemeen erkende definitie van het begrip topverdiener. Voor dit onderzoek heeft het CBS gekeken naar de 0,2 procent best betaalde banen binnen private en publieke organisaties, op basis van het jaarloon. Voor die banen is vastgesteld of ze werden vervuld door een man of een vrouw. Daarbij zijn alleen organisaties met minimaal 500 werknemersbanen onderzocht, de zogenoemde ‘500-plusorganisaties’. Het idee is dat hiermee de toonaangevende mensen binnen de grotere organisaties zijn geselecteerd.

Zo berekend telde Nederland in 2017 bijna 6 600 topverdieners. Het aantal vrouwen hieronder nam in zeven jaar tijd toe, terwijl het aantal mannen wat afnam.

vrouwen in best betaalde werknemersbanen

Ruim helft banen bij 500-plusorganisaties bezet door vrouw

In 2017 waren nagenoeg evenveel vrouwen als mannen werknemer. Van de 8,1 miljoen werknemersbanen werd in 2017 ruim 47 procent bezet door een vrouw. In 2010 was dit maar een fractie minder. Bij de 500-plusorganisaties werd in 2017 van alle banen zelfs iets meer dan de helft ingenomen door een vrouw. Ook dit was in 2010 al zo. Terwijl het aandeel vrouwen op de werkvloer dus vrijwel gelijk bleef, steeg het percentage vrouwen onder de topverdieners in deze periode zoals gezegd wel substantieel (van 15,0 naar 20,4).

man vrouwverhouding werknemers

Meer vrouwelijke topverdieners in bedrijfstakken met veel vrouwen

Het aandeel vrouwen onder de topverdieners loopt op met het aandeel vrouwelijke werknemers bij de 500-plusorganisaties. Een bedrijfstak met een van de hoogste percentages vrouwelijke topverdieners is dan ook de zorg. In 2017 bezetten vrouwen hier 84 procent van de banen en 30 procent van de best betaalde banen.

Met 34 procent lag het aandeel vrouwelijke topverdieners bij 500-plusorganisaties in de overige dienstverlening nog iets hoger, terwijl vrouwen hier maar 57 procent van de werkvloer uitmaken. Onder de overige dienstverlening vallen activiteiten van belangenverenigingen, reparatie van computers en andere consumentenartikelen, en andere activiteiten op het gebied van persoonlijke dienstverlening die niet elders zijn ingedeeld. Met een aandeel vrouwelijke topverdieners van een kwart hadden ook organisaties in het onderwijs en de bedrijfstak verhuur en overige zakelijke dienstverlening naar verhouding vrij veel vrouwen bovenaan de loonlijst.

De bouw is de bedrijfstak met de minste vrouwen per werknemersbaan. Hier is ook het kleinste percentage vrouwen onder de topverdieners te vinden. In verhouding tot het aantal vrouwen op de werkvloer is het aandeel vrouwelijke topverdieners het kleinst in de horeca en de financiële dienstverlening. In beide bedrijfstakken was in 2017 niet meer dan 12 procent aan de top van de loonlijst vrouw, terwijl in de financiële dienstverlening 46 procent van de banen bezet werd door een vrouw en in de horeca zelfs 57 procent.

vrouwen in 500 plusorganisaties 2017

Meer vrouwen onder jongere topverdieners

In 2017 was 64 procent van de van de topverdieners bij 500-plusorganisaties 50+. Bijna 29 procent van de topverdieners was tussen de 40 en de 50 jaar en nog geen 7 procent tussen de 30 en de 40 jaar. Slechts een kleine fractie (0,5 procent) was jonger dan 30 jaar.

Onder de 50-plussers bij de 500-plusorganisaties is iets minder dan de helft (48 procent) vrouw. In de lagere leeftijdscategorieën is iets meer dan de helft vrouw. Niet alleen zijn er naar verhouding meer vrouwen onder de jongere werknemers, ook het aandeel vrouwelijke topverdieners is er hoger. Onder de topverdieners van 30 tot 40 jaar was 26,3 procent vrouw. Onder die van 40 tot 50 jaar was 25,7 procent vrouw en onder de 50-plussers 17,2 procent.

Man-vrouwverhouding werknemers naar leeftijd, 2017 (%)

Vrouwen Mannen
30- tot 40-jarigen
Meest verdienenden bij 500+-organisaties 26,3 73,7
Werknemers bij 500+-organisaties 51,5 48,5
Werknemers bij alle organisaties 47,5 52,5
40- tot 50-jarigen
Meest verdienenden bij 500+-organisaties 25,7 74,3
Werknemers bij 500+-organisaties 51,8 48,2
Werknemers bij alle organisaties 48,1 51,9
50 jaar of ouder
Meest verdienenden bij 500+-organisaties 17,2 82,8
Werknemers bij 500+-organisaties 47,7 52,3
Werknemers bij alle organisaties 44,4 55,6

Minder dan een kwart van de vrouwen heeft een voltijdbaan

Onder de topverdieners bij 500-plusorganisaties werkte in 2017 bijna iedereen (98 procent) gemiddeld meer dan 35 uur per week. Een wekelijkse arbeidsduur van minimaal 35 uur is een gebruikelijk criterium om te spreken van een voltijdbaan. Hieraan moet worden toegevoegd dat de topverdieners zijn geselecteerd op basis van het jaarloon, en niet het uurloon. Het ligt daarom wel voor de hand dat de voltijders onder de topverdieners veruit in de meerderheid zijn.

arbeidsduur werknemers 2017

Over de hele werkvloer van 500-plusorganisaties bezien is het aandeel voltijders veel kleiner dan onder de topverdieners, vooral bij vrouwen. In 2017 had 23 procent van de vrouwen bij 500-plusorganisaties een voltijdbaan, tegen 68 procent van de mannen. Van alle voltijders bij 500-plusorganisaties is 26 procent vrouw. Gemiddeld over alle organisaties ligt dit op 23 procent.

Andere factoren die mogelijk een relatie hebben met het bereiken van de hoogste salarissen binnen een organisatie zijn voor dit artikel niet onderzocht. Ook is niet gekeken naar de reden waarom mannen en vrouwen al dan niet in voltijd werken. Meer publicaties over de verschillen tussen mannen en vrouwen ten aanzien van (onder meer) betaald werk zijn ophanden. Eind november publiceert het CBS de tweejaarlijkse Monitor loonverschillen mannen en vrouwen, 2016 (voorheen Gelijk loon voor gelijk werk?). Op 14 december publiceert het CBS samen met het SCP de tweejaarlijkse Emancipatiemonitor.

Achterstelling vrouwen, Achterstand van vrouwen op arbeidsmarkt, achtergestelde positie van vrouwen, gendergelijkheid,

close

Veel lees plezier? Delen mag.