Tag archief directeur-grootaandeelhouder (dga)

door100% Salarisverwerking B.V.

Verhoging gebruikelijk loon (dga) 2021

Het gebruikelijk loon voor een directeur-grootaandeelhouder is op 1 januari 2021 verhoogd naar € 47.000 p.jr.
       
Dit staat in de ‘Bijstellingsregeling directe belastingen 2021 ’.

Belastingdienst informatie site ‘Forum Salaris’ heeft de Handreiking gebruikelijk loon aangepast.

U vindt de Bijstellingsregeling directe belastingen 2021 in de Staatscourant van 31 december 2020.

 
 

Gerelateerd

DGA Loon na loonaangifte
Handreiking gebruikelijk loon (update 4 januari 2021)
Antwoorden gebruikelijk loon – Webinar corona
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021
Handreiking gebruikelijk loon (update 4 januari 2021)
 
 
 
Belastingen,Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst,premies,aangifte loonheffing, Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving,

door100% Salarisverwerking B.V.

Handreiking gebruikelijk loon (update 4 januari 2021)

Voor wie geldt nu de gebruikelijkloonregeling?
                  
Hoe bepaalt u het gebruikelijk loon en in welke gevallen mag u het gebruikelijk loon lager vaststellen dan €47.000?
In deze handreiking vindt u antwoord op deze vragen.

 

De gebruikelijkloonregeling geldt voor een persoon die werkt voor een vennootschap of een coöperatie waarin hij of zijn fiscale partner een aanmerkelijk belang heeft.

 

Aanmerkelijk belang

Iemand is aandeelhouder met een aanmerkelijk belang als hij (eventueel met zijn fiscale partner):

  • 5% of meer van de aandelen heeft in een vennootschap
  • rechten heeft om voor 5% of meer aandelen in de vennootschap te kopen
  • winstbewijzen heeft om 5% of meer van de jaarwinst – of van een uitkering bij liquidatie – van de vennootschap te krijgen
  • voor 5% of meer stemrecht heeft in de algemene vergadering van een coöperatie of een vereniging op coöperatieve grondslag

 

Fiscale partner

De fiscale partner van de aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder) is:

  • de echtgenoot of geregistreerd partner
  • degene met wie de aanmerkelijkbelanghouder op hetzelfde woonadres staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen

Als de laatste situatie van toepassing is, moeten de ab-houder en zijn partner ook voldoen aan één van de volgende voorwaarden:

  • Ze hebben een notarieel samenlevingscontract. Beiden moeten meerderjarig zijn.
  • Ze hebben samen een kind.
  • Eén van hen heeft een kind dat de ander heeft erkend.
  • Beiden zijn meerderjarig en een van hen heeft een minderjarig kind dat op hetzelfde adres staat ingeschreven. Als de ab-houder en zijn partner een zakelijke huurovereenkomst hebben, zijn ze in dit geval géén fiscaal partners.
  • Ze staan als partners geregistreerd bij een pensioenfonds.
  • Ze zijn beiden eigenaar van de woning die hun hoofdverblijf is.
  • Ze waren in voorgaand jaar al fiscale partners.

Voldoen de ab-houder en zijn partner slechts een deel van het jaar aan de voorwaarden? Dan kunnen zij kiezen om het hele jaar fiscale partners te zijn. Staan zij het hele jaar samen in de Basisregistratie Personen ingeschreven? Dan kunnen zij niet kiezen: zij zijn dan het hele jaar fiscale partners.
 

Hoe bepaalt u de hoogte van het gebruikelijk loon?

Een ab-houder moet een loon ontvangen dat gebruikelijk is voor de werkzaamheden die hij verricht. De gebruikelijkloonregeling bepaalt hoe hoog het loon van de ab-houder minimaal moet zijn. Hieronder leest u hoe u dit beoordeelt.

Een ab-houder moet een loon in aanmerking nemen dat het hoogste is van de volgende bedragen:

  • 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking
  • het loon van de meestverdienende werknemer van de vennootschap of van een verbonden vennootschap
  • een minimumbedrag, elk jaar opnieuw vastgesteld door het ministerie van Financiën. Voor 2021 is dit €47.000. Voor 2020 was dit €46.000. Voor 2017, 2018 en 2019 was het gebruikelijk loon €45.000.

Let op! In de volgende gevallen mag u het loon op een lager bedrag vaststellen:

  • U maakt aannemelijk dat het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager is dan €47.000. U stelt het loon dan vast op 100% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking.
  • U maakt aannemelijk dat 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager is dan het loon van de meestverdienende werknemer of van een verbonden lichaam.

 
Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW, Overheid, financiën Overheid, kabinet

 
De meest vergelijkbare dienstbetrekking
Een werknemer met de meest vergelijkbare dienstbetrekking hoeft niet precies hetzelfde werk te doen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om het loon van een orthodontist vast te stellen op basis van het loon van een tandarts.

Vóór 2015 moest u onderzoeken wat het loon was van een werknemer met een soortgelijke dienstbetrekking. Een soortgelijke dienstbetrekking kan ontbreken maar een meest vergelijkbare dienstbetrekking bestaat altijd.

Voorbeeld 1
Het loon van de meestverdienende werknemer is €50.000. U maakt aannemelijk dat een andere dienstbetrekking meer vergelijkbaar is met de dienstbetrekking van de ab-houder. Het loon van de meest vergelijkbare dienstbetrekking is €40.000. Dat is lager dan €47.000. U stelt het loon vast op €40.000.

Voorbeeld 2
Het loon van de meestverdienende werknemer is €90.000. U maakt aannemelijk dat een andere dienstbetrekking meer vergelijkbaar is met de dienstbetrekking van de ab-houder. Het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking is €70.000. De ab-houder kan zijn gebruikelijk loon vaststellen op €52.500 (75% van €70.000).

 

Deeltijd

Als een ab-houder in deeltijd werkt of als hij niet het hele jaar gewerkt heeft, mag u hier rekening mee houden bij het vaststellen van het loon. U moet dit wel aannemelijk kunnen maken.

Deeltijdfactor en doelmatigheidsmarge
Als een ab-houder in deeltijd werkt, moet u eerst de deeltijdfactor toepassen. Als het deeltijdloon hoger is dan €47.000 mag u daarna de doelmatigheidsmarge van 25% toepassen. Het loon mag niet lager worden dan €47.000.

Voorbeeld
Een ab-houder werkt 40% voor zijn bv. Het gebruikelijk loon voor een fulltime functie bedraagt €50.000. U mag het gebruikelijk loon vaststellen op € 20.000. Omdat het loon minder is dan €47.000 mag u geen rekening houden met de doelmatigheidsmarge.

U mag dus niet eerst het loon verminderen met de doelmatigheidsmarge en dan 40 % van €47.000 = €18.400 als gebruikelijk loon aanmerken. De volgorde is 40 % van €50.000 = €20.000. Er is geen ruimte meer voor de doelmatigheidsmarge.

 

Structureel verlies

U kunt het gebruikelijk loon verlagen als u aannemelijk kunt maken dat het bedrijf meerdere jaren achter elkaar verlies leidt en het voortbestaan van het bedrijf daardoor in gevaar komt. De loonsverlaging is dan nodig om ervoor te zorgen dat het bedrijf kan blijven draaien. U mag het loon van de ab-houder niet lager vaststellen dan het wettelijk minimumloon.

U mag het gebruikelijk loon niet verlagen als de slechte financiële positie van de bv is veroorzaakt door een hoge rekening-courantschuld van de ab-houder aan de bv. Ook als het verlies is ontstaan door onzakelijke uitgaven mag u het gebruikelijk loon niet lager vaststellen.

 

Starters

U mag uitgaan van een lager loon als de bv het gebruikelijk loon door het opstarten van de onderneming niet kan betalen, bijvoorbeeld omdat de bv veel heeft geïnvesteerd of een lage cashflow heeft. U mag dit maximaal 3 jaar doen vanaf het moment dat de vennootschap of coöperatie inhoudingsplichtig wordt. U mag het loon niet lager vaststellen dan het wettelijk minimumloon.

 

Start-ups

Voor ab-houders die werken voor innovatieve start-ups geldt vanaf 2017 een versoepelde gebruikelijkloonregeling. Als de bv voldoet aan de voorwaarden mag u het gebruikelijk loon maximaal 3 jaar vaststellen op het wettelijk minimumloon.
De voorwaarden vindt u in paragraaf 16.1 van het Handboek Loonheffingen onder het kopje ‘Start-ups’.

 

Pensioenopbouw

Een (tijdelijke) verlaging van het gebruikelijk loon heeft gevolgen voor de pensioenopbouw. Een dga bouwt namelijk alleen pensioen op over het loon dat hij daadwerkelijk genoten heeft.

 

Andere inkomsten

Ontvangt een ab-houder naast loon andere inkomsten zoals pensioen, lijfrente, levensloop of een WIA-uitkering? Hiermee houdt u geen rekening bij het vaststellen van het gebruikelijk loon. Ook niet als de werknemer deze uitkeringen uit de bv ontvangt.

 

Werken voor meerdere concernonderdelen

Is een ab-houder in dienst bij een management-bv en werkt hij vanuit deze bv voor andere concernonderdelen? Dan mag u het gebruikelijk loon bepalen op basis van alle werkzaamheden die de ab-houder voor het concern verricht. U hoeft het gebruikelijk loon niet per vennootschap vast te stellen.

 

Gebruikelijk loon €5.000 of lager

Krijgt een ab-houder geen loon voor zijn werkzaamheden en is een loon dat gebruikelijk is voor zijn werkzaamheden niet hoger dan €5.000? Dan hoeft u hierover geen loonheffingen in te houden. De grens van €5.000 toetst u niet per bv maar geldt voor alle werkzaamheden van de ab-houder.

 

Welke loonbestanddelen tellen mee?

Het begrip loon voor de gebruikelijkloonregeling is het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen (kolom 14 van de loonstaat). Dit is dus inclusief loon in natura, zoals de bijtelling voor privégebruik auto, en na toepassing van de wettelijke vrijstellingen, zoals de vrijstelling van pensioenpremie.

Onder loon vallen ook loonbestanddelen die zijn aangewezen als eindheffingsloon en onder de werkkostenregeling vallen. Deze loonbestanddelen moeten dan individualiseerbaar zijn. Een bonus die onder de vrije ruimte valt en een reiskostenvergoeding die onder de gerichte vrijstellingen valt, tellen bijvoorbeeld ook mee voor het gebruikelijk loon.

 

Fictief loon

Ontvangt een ab-houder een lager loon dan gebruikelijk voor zijn werk? Het verschil tussen het loon dat de ab-houder ontvangen heeft en wat gebruikelijk is, is fictief loon. Over het fictief loon berekent u loonheffingen. De werknemer is dus loonheffingen verschuldigd over loon dat hij niet ontvangen heeft.

Als een ab-houder helemaal geen loon ontvangt, moet u het gehele gebruikelijke loon als fictief loon behandelen.

U geeft het fictief loon uiterlijk aan in de laatste aangifte van het kalenderjaar.

 

Afspraken over een gebruikelijk loon

Wilt u zekerheid over de hoogte van het gebruikelijk loon? Dien dan een verzoek om vooroverleg in bij de Belastingdienst. Het verzoek moet de volgende informatie bevatten:

  • basisgegevens van de aanvrager
  • de kwestie waarover u een standpunt vraagt
  • alle relevante feiten en omstandigheden
  • de fiscale gevolgen van uw toekomstige handelingen.

 
Zie voor de regels waaraan het vooroverleg moet voldoen het Besluit Fiscaal Bestuursrecht, BLKB2016-19, paragraaf 3.

U kunt ook het standaardformulier ‘Verzoek vooroverleg’ gebruiken. Het standaardformulier helpt u om het verzoek om vooroverleg goed én volledig in te dienen, waardoor de Belastingdienst het sneller in behandeling kan nemen.

 

Handboek loonheffingen

Meer over de gebruikelijkloonregeling leest u in paragraaf16.1 Handboek Loonheffingen.

 

Wetsartikel

Artikel 12a Wet LB
 
 

Gerelateerde handreiking

De weg naar het gebruikelijk loon
DGA & Pensioen!
DGA Loon na loonaangifte
Antwoorden gebruikelijk loon – Webinar corona
Handreiking gebruikelijkloonregeling vernieuwd
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021
 
 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021, loonheffingen 2021, belastingdienst 2021, LIV,LKV,jeugd LIV,studietoelage, loon,salaris,pensioen,premies 2021,

door100% Salarisverwerking B.V.

Antwoorden gebruikelijk loon – Webinar corona

De Belastingdienst heeft vragen over het gebruikelijk loon beantwoord.
              
Het gaat om vragen die deelnemers hebben gesteld tijdens het webinar ‘Coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen’.

Het webinar werd georganiseerd door de Belastingdienst en heeft op 30 september plaatsgevonden. Het ging onder andere over de gevolgen van de coronamaatregelen voor de loonheffingen, inkomsten- en vennootschapsbelasting en de invordering.

Hieronder leest u de antwoorden op de vragen over het gebruikelijk loon.

1. Een aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder) mag in 2020 zijn gebruikelijk loon evenredig verlagen aan de omzetdaling. Kan dit ook als de omzet van de bv bestaat uit een management fee?

Het gaat om de omzetdaling van de bv waarvoor de dga arbeid verricht. Bestaat de omzet van deze bv uit een management fee, dan gaat u hiervan uit.

U mag het gebruikelijk loon voor het jaar 2020 als volgt berekenen:

  • Gebruikelijk loon 2020 = A x B/C
  • A = het gebruikelijk loon over 2019
  • B = de omzet over de eerste 4 kalendermaanden van 2020
  • C = de omzet over de eerste 4 kalendermaanden van 2019

Meer informatie vindt u in onderdeel 6.3 van Besluit noodmaatregelen coronacrisis.

2. Hoe stel je het gebruikelijk loon vast als de omzetdaling na april plaatsvindt?

Als de omzetdaling pas vanaf mei plaatsvindt, kunt u het gebruikelijk loon niet lager vaststellen op grond van het Besluit noodmaatregelen coronacrisis. U kunt het gebruikelijk loon indien gewenst wel via vooroverleg afstemmen met de inspecteur.

3. Mag een bv die dit jaar gestart is een lager gebruikelijk loon toekennen aan een dga?

Voor een bv die dit jaar is gestart kunt u het gebruikelijk loon niet lager vaststellen op grond van Besluit noodmaatregelen coronacrisis.

Bij een startende onderneming mag u in sommige gevallen het gebruikelijk loon wel lager vaststellen. Meer informatie hierover leest u in paragraaf 16.1 van Handboek Loonheffingen.

4. Een dga is in dienstbetrekking bij de holding en de werkmaatschappij. De holding betaalt het loon aan de dga op grond van de doorbetaaldloonregeling. De dga wil zijn gebruikelijk loon verlagen op grond van het besluit. Welke omzet gebruikt hij?

Als de werknemer een aanmerkelijk belang heeft in de werkmaatschappij, stelt u het gebruikelijk loon als volgt vast op basis van het besluit:

  • Voor de werkzaamheden die de dga verricht voor de werkmaatschappij, gaat u uit van de omzet van de werkmaatschappij.
  • Voor de werkzaamheden die de dga verricht voor de holding (exclusief de werkzaamheden voor de werkmaatschappij), gaat u uit van de omzet in de holding (exclusief het doorbetaalde loon).

5. Mag een dga een zakelijke lening afsluiten bij zijn bv als de dga zijn loon heeft verlaagd op basis van het besluit?

De voorwaarden in Besluit noodmaatregelen coronacrisis (zie hieronder) staan niet in de weg aan het afsluiten van een lening op zakelijke voorwaarden. Daarbij is van belang dat de lening geen verband heeft met de aanpassing van het gebruikelijk loon.

In paragraaf 6.3 van het besluit staan 3 voorwaarden:

  • De rekening-courantschuld of het dividend neemt niet toe als gevolg van het lagere gebruikelijk loon.
  • Als de AB-werknemer feitelijk meer loon heeft genoten, dan geldt dat hogere loon.
  • De goedkeuring geldt niet voor zover de omzet in het jaar 2019 of 2020 beïnvloed is door andere bijzondere oorzaken, zoals oprichting, staking, fusie, splitsing en bijzondere resultaten.

6. Mag een dga gebruikmaken van een rekening-couranttegoed?

Als een dga zijn loon lager vaststelt op grond van het Besluit noodmaatregelen coronacrisis, mag de rekening-courantschuld niet toenemen.

Dit is één van de voorwaarden die is genoemd in het besluit.

 

Let op!

De antwoorden zijn informatief van aard. Wilt u een uitspraak van de Belastingdienst in een specifieke situatie kunt u vooroverleg aanvragen.

 
 

Gerelateerde berichten

Opname webinar ‘Fiscale gevolgen coronamaatregelen’

 
 
Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW, Overheid, financiën Overheid, kabinet

door100% Salarisverwerking B.V.

Update Besluit noodmaatregelen coronacrisis

De staatssecretaris van Financiën heeft het ‘ Besluit noodmaatregelen coronacrisis ’ geactualiseerd.
        
Een aantal goedkeuringen vervallen per 1 januari 2021.

 
Voor de loonheffingen zijn de volgende onderdelen voorzien van een vervaldatum:

  • bepaalde wettelijke administratieve verplichtingen rondom de loonheffingen
  • ongewijzigd doorlopen vaste reiskostenvergoedingen
  • ongewijzigd doorlopen andere vaste vergoedingen
  • gebruikelijk loon
  • werkkostenregeling

U vindt de wijzigingen voor de loonheffingen in paragraaf 6 van het geactualiseerde ‘Besluit noodmaatregelen coronacrisis’ van 30 september.
 
Meer informatie leest u in de Staatscourant 2020, 50987.
 
 
coronavirus overzicht, COVID-19 nieuws, corona actueel, coronacrisis nieuws, coronavirus nieuws, corona maatregelen nieuws, corona-epidemie nieuws, Nieuws, actueel, Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving, personeelszaken, hrm,

door100% Salarisverwerking B.V.

Fiscale maatregelen waar mkb-bedrijven in 2021 mee te maken krijgen

Op Prinsjesdag 2020 heeft het kabinet een aantal nieuwe maatregelen voor mkb- ondernemers in petto.
         
Daarbij springt onder meer het onderscheid in het oog dat het kabinet maakt tussen het midden- en kleinbedrijf en het grootbedrijf.

Zo heeft het kabinet de aangekondigde verlaging van de vennootschapsbelasting voor grote bedrijven geschrapt om wat geld vrij te maken voor het bestrijden van de coronacrisis. De verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting voor kleinere bedrijven gaat wel door.

Voor zelfstandigen ligt een belangrijke maatregel in het verschiet, blijkt ook uit het Belastingplan 2021. De geliefde zelfstandigenaftrek wordt versneld afgebouwd en zakt volgend jaar naar 6.670 euro. Dat is 360 euro minder dan dit jaar.

Behalve nieuwe fiscale maatregelen zijn er ook speciale coronamaatregelen die ondernemers verlichting moeten brengen. Een aantal van deze belastingmaatregelen verlengt het kabinet tot eind dit jaar.

Hieronder een overzicht van de belastingmaatregelen voor ondernemers in 2021 en de coronasteun voor de kortere termijn.

 

Vennootschapsbelasting: hoge tarief blijft 25 procent

Het kabinet wilde aanvankelijk het hoge tarief van de vennootschapsbelasting verlagen, maar dat plan gaat niet door. Het hoge tarief voor het belastbare bedrag winst blijft 25 procent. Dit tarief geldt vanaf 2021 voor een winst van meer dan 245.000 euro.

Hiermee wil het kabinet “financiële ruimte creëren om juist nu de economie te versterken”, staat in een samenvatting van het Belastingplan 2021.

 

Lage tarief vennootschapsbelasting daalt wel

Het kabinet lijkt mkb-bedrijven een hart onder de riem te willen steken. Het lage tarief van de vennootschapsbelasting van 16,5 procent daalt naar 15 procent per 1 januari 2021. Bovendien komen meer mkb-bedrijven straks in aanmerking voor dit lage tarief.

Het late tarief geldt nu voor winsten tot 200.000 euro, dat zal in 2021 245.000 euro zijn.

In 2022 zal de grens verder worden opgehoogd naar 395.000 euro.

 

Tarief innovatiebox gaat omhoog

Op Prinsjesdag 2019 kondigde het kabinet al een verhoging aan van het belastingtarief van de ‘innovatiebox’.

Deze speciale tariefbox is in het leven geroepen voor bedrijven die innoverende producten of diensten leveren. Alle winsten die worden behaald met innovatie, vallen in deze box waar ze met een lager tarief worden belast. Niet 25 procent of 16,5 procent, maar 7 procent.

Het effectieve tarief voor de innovatiebox gaat per 1 januari 2021 echter omhoog naar 9 procent.

 

Korting via loonheffing voor bedrijven die investeren

Het kabinet ziet graag bedrijven die investeringen doen en stimuleert dat met een nieuwe investeringskorting die in 2021 ingaat. De baangerelateerde investeringskorting (BIK) houdt in dat als bedrijven investeren in bijvoorbeeld een nieuwe machine, ze een korting krijgen die wordt verrekend via de loonheffing.

De regering heeft het plan nog niet helemaal uitgewerkt en details volgen nog.

 

Verlenging coronamaatregelen

Het kabinet heeft een hele rits belastingmaatregelen getroffen voor bedrijven om de coronacrisis het hoofd te bieden. Een aantal wordt verlengd. Hieronder een greep uit de maatregelen waarmee ondernemers te maken kunnen hebben. Bekijk hier het hele overzicht.

 

Uitstel belastingen

Tijdens de coronacrisis verleent de Belastingdienst uitstel van betaling van belasting. Je kunt uitstel van belasting aanvragen tot 1 oktober 2020, waarmee het uitstel loopt tot uiterlijk 31 december 2020.

De terugbetaling van uitgestelde belastingen loopt vanaf 1 januari 2021 nog maximaal 24 maanden.

 

Verlies 2020 verrekenen met winst 2019

Bedrijven die wel op tijd aangifte doen over 2020 kunnen hun verlies verrekenen met de winst over 2019.

Het verwachte verlies over 2020 dat verband houdt met de coronacrisis, mag je aftrekken door een ‘coronareserve’ aan te leggen. Het bedrag dat wordt toegevoegd aan de coronareserve mag niet hoger zijn dan de winst uit 2019. Met deze reserve kan een (lagere) voorlopige aanslag over 2019 worden aangevraagd.

 

Lagere belastingrente

De invorderingsrente waarmee je te maken krijgt bij een te laat betaalde aanslag, bedraagt normaliter 4 procent. Op 23 maart werd deze teruggeschroefd naar 0,01 procent en dit tarief geldt tot en met 31 december 2021.

De belastingrente die de fiscus in rekening brengt bij een onjuiste of te laat ontvangen aangifte, is bij de vennootschapsbelasting voor bedrijven in normale tijden 8 procent.

Ook deze rente is vanwege de coronacrisis op 0,01 procent gezet en dat tarief geldt tot 1 oktober 2020. Vanaf die datum gaat de belastingrente voor alle belastingen, dus ook de vennootschapsbelasting, naar 4 procent en dat geldt tot 31 december 2021.

 

Verlenging uitstel administratie gegevens nieuwe werknemer

Werkgevers hebben een aantal administratieve verplichtingen als zij nieuwe mensen aannemen. De Belastingdienst verleent uitstel tot 31 december 2020.

 

Verhoging vrije ruime werkkostenregeling

Als werkgever mag je onbelaste vergoedingen aan werknemers geven, zoals bijvoorbeeld een tablet of kerstpakket waar ze ook privé voordeel van hebben.

Het totale bedrag aan vergoedingen mag normaliter in 2020 niet boven 1,7 procent van de eerste 400.000 euro van de loonsom van alle medewerkers samen uitkomen. Boven de 400.000 euro geldt het percentage van 1,2 procent.

In de coronacrisis is het percentage van 1,7 procent opgeschroefd naar 3 procent zodat werkgevers hun personeel op de een of andere manier tegemoet kunnen komen. De verruiming geldt tot 31 december 2020.

 

Verlaging gebruikelijk loon dga

Het gebruikelijk loon, ofwel het minimale loon dat een directeur-grootaandeelhouder moet opgeven bij de Belastingdienst, mag bij een omzetdaling worden verlaagd. Dit geldt tot 31 december 2020.

 

Vrijstelling belasting TOGS en TVL

Bedrijven die gebruikmaken van de TOGS- en TVL-regeling hoeven hierover geen belasting te betalen. De einddatum hiervoor is nog niet bekend. De TOGS (Tegemoetkoming schade COVID-19) is een eenmalige tegemoetkoming van 4.000 euro voor ondernemers die direct zijn getroffen door de coronacrisis, bijvoorbeeld omdat ze hun deuren moesten sluiten.

De TVL (Tegemoetkoming Vaste Lasten) is een vergoeding van maximaal 50.000 euro voor het betalen van de vaste lasten voor ondernemers in de hardst getroffen sectoren.

 
Bron:Belastingdienst/BI
 
derde dinsdag van september, prinsjesdag, overheid, belastingen, besluiten den haag, regeringsbesluiten, regeringsbeleid,