Tag archief dienstbetrekking

door100% Salarisverwerking B.V.

Webmodule Beoordeling Arbeidsrelatie beschikbaar

De Webmodule Beoordeling Arbeidsrelatie is gepubliceerd voor 2021 op ondernemersplein.nl.
           
Dit is een online vragenlijst waarmee de opdrachtgever duidelijkheid kan krijgen over de arbeidsrelatie met een opdrachtnemer. Het gaat nog om een pilot.

De regels over inhuur van zzp’ers zijn voor veel opdrachtgevers onduidelijk. Daarom heeft het kabinet een webmodule laten maken die kan helpen bij de beoordeling van de arbeidsrelatie.

De vragenlijst is een hulpmiddel om vast te stellen of de opdrachtnemer de werkzaamheden buiten een dienstbetrekking kan uitvoeren.

 

Pilot

De webmodule is nog in ontwikkeling, maar al als pilot beschikbaar. Deze pilot duurt in ieder geval 6 maanden.

Gedurende de pilotfase geeft de webmodule een indicatie van de arbeidsrelatie voor zover dat mogelijk is. Deze uitkomsten hebben geen juridische status.

 

Mogelijke uitkomsten

Als u alle vragen in de webmodule heeft beantwoord, krijgt u 1 van de volgende uitkomsten:

  • Op basis van de door u gegeven antwoorden lijkt het erop dat u de klus buiten dienstbetrekking kunt laten uitvoeren.
  • Op basis van de door u gegeven antwoorden lijkt het erop dat er sprake zou kunnen zijn van een dienstbetrekking. Als op deze manier zou worden gewerkt is de kans groot dat er sprake is van een dienstbetrekking.
  • Op basis van de door u gegeven antwoorden kan geen oordeel worden gegeven over de arbeidsrelatie. De antwoorden wijzen zowel op werken buiten dienstbetrekking als op werken in dienstbetrekking.

 

Gebruik webmodule

Deelname aan de webmodule is vrijwillig en de opdrachtgever kan deze anoniem invullen.

 
Meer informatie vindt u op het Ondernemersplein van de KVK.

 
 
2021 belastingdienst, 2021 overheid, 2021 UWV, 2021 rijksoverheid, 2021 wet- en regelgeving, 2021 regels, 2021 belastingen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Herzien WW-premie bij einde dienstbetrekking binnen 2 maanden (update)

De belastingdienst.nl heeft de handreiking ‘Herzien WW-premie bij einde dienstbetrekking binnen 2 maanden ’ uitgebreid.
     
Er zijn 2 voorbeelden toegevoegd over situaties wanneer u de WW-premie niet hoeft te herzien.

In de volgende situaties hoeft u de WW-premie niet te herzien:

 

Voorbeeld 1

Een werknemer start op 27 oktober 2020 bij werkgever X. Op 15 november wordt de onderneming overgenomen door werkgever Y. De dienstbetrekking met de werknemer loopt door bij werkgever Y. De werknemer neemt ontslag op 31 december 2020. De dienstbetrekking eindigt na de periode van 2 maanden, dus u hoeft de lage WW-premie niet te herzien.

 

Voorbeeld 2

Een werknemer heeft een tijdelijk contract van 1 december 2020 tot en met 31 december 2020. Hij krijgt een vast contract vanaf 1 januari 2021. De werknemer neemt ontslag op 4 februari 2021. Dit is na de periode van 2 maanden. U hoeft de lage WW-premie niet te herzien.

 
U leest meer in de handreiking ‘Herzien WW-premie bij einde dienstbetrekking binnen 2 maanden’.

 
 

Gerelateerd

Geen herziening naar hoge WW-premie in 2021
Handreiking geboorteverlof partner en WW-premie
Let op 1 april: voorkom toepassing hoge WW-premie
Lage WW-premie ook bij digitale arbeidsovereenkomst
Herzien WW-premie als dienstbetrekking binnen 2 maanden eindigt
Herzien lage WW-premie in de loonaangifte
 
 
regels 2020, overheid 2020,belastingdienst 2020, wet en regelgeving 2020, lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,

door100% Salarisverwerking B.V.

Aanspraak op uitkering einde dienstbetrekking vrijgesteld?

Heeft een werknemer het recht op een eenmalige uitkering bij het einde van de dienstbetrekking?
          
Het is afhankelijk van de soort en de hoogte van de uitkering of de aanspraak is belast of vrijgesteld. In deze handreiking leest u meer informatie.

Een aanspraak is een recht om na verloop van tijd of onder voorwaarden 1 of meer uitkeringen of verstrekkingen te krijgen.

Voor het uitbetalen van een eenmalige uitkering bij het einde van de dienstbetrekking zijn er 2 mogelijkheden:

  • U betaalt een eenmalige uitkering bij het einde van de dienstbetrekking door arbeidsongeschiktheid of het bereiken van de pensioenleeftijd
  • U betaalt een eenmalige uitkering bij het einde van de dienstbetrekking om een andere reden dan arbeidsongeschiktheid of overlijden van de werknemer, vervroegd uittreden of het bereiken van de pensioenleeftijd

 

Situatie 1

Heeft de werknemer bij einde dienstbetrekking recht op een eenmalige uitkering door arbeidsongeschiktheid of doordat hij de pensioenleeftijd bereikt? En is de uitkering maximaal driemaal het loon over een maand? Dan is de aanspraak vrijgesteld. De uitkering is belast.

Het loon dat de hoogte van de vrijstelling bepaalt, is gelijk aan het loon over een maand dat de hoogte van de diensttijduitkering bepaalt.

Recht op hogere uitkering

Als de werknemer recht heeft op een hogere eenmalige uitkering, dan hoort de volledige aanspraak tot het loon. Omdat de aanspraak volledig belast is, is de uitkering vrijgesteld. U mag de aanspraak ook aanwijzen als eindheffingsloon. Dit komt ten laste van de vrije ruimte.

 

Situatie 2

De volledige aanspraak op een eenmalige uitkering is vrijgesteld, als u de uitkering uitbetaalt bij het einde van de dienstbetrekking om een andere reden dan:

  • arbeidsongeschiktheid of overlijden van de werknemer
  • vervroegd uittreden
  • het bereiken van de pensioenleeftijd

De hoogte van de uitkering is in deze situatie niet van belang. Voorbeelden van een dergelijke uitkering zijn een transitievergoeding of ontslagvergoeding.

Aanspraak vrij, uitkering belast

De uitkering die u betaalt op grond van een vrijgestelde aanspraak hoort tot het loon, behalve als het gaat om een vrijgestelde diensttijduitkering.

 

Aanspraak ten onrechte niet tot loon gerekend

Hebt u een aanspraak ten onrechte niet tot het loon gerekend en is de aanspraak minder dan 5 jaar geleden toegekend? Dan moet u over die aanspraak alsnog loonheffingen afdragen. U geeft dit aan in een correctiebericht.

Is de aanspraak langer dan 5 jaar geleden toegekend dan hoeft u geen correctiebericht in te sturen. De eventuele uitkeringen of verstrekkingen die uit deze aanspraak voortvloeien zijn dan belast.

 

Meer informatie

Paragraaf 19.1.5 Handboek Loonheffingen

 

Wetsartikelen

Wet op de loonbelasting:

 
Artikel 3.3a Uitvoeringsregeling loonbelasting
 
 

Gerelateerd artikel

Handreiking diensttijduitkering
Hoe verwerk ik een ontslagvergoeding in de aangifte loonheffingen
Codes bij aangeven transitievergoeding
 
 
UWV , UWV regelingen, UWV-noodloket, NOW, TOGS, TOFA, WW, Wajong, Belastingdienst moeten beslagvrije voet garanderen, bestaansminimum garanderen, gegarandeerd bestaans inkomen, laagste beslagvrije voet,

door100% Salarisverwerking B.V.

Werkgeversbetaling in aangifte loonheffingen

Ontvangt een werknemer een uitkering van de UWV dit via de werkgever?
              
En ontvangt hij ook loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van deze werkgever? Dan is sprake van een werkgeversbetaling. In deze handreiking leest u hoe u dit verwerkt in de aangifte loonheffingen.

Deze handreiking geldt voor de situatie dat de werknemer in dienstbetrekking is bij de werkgever.

 

Werkgeversbetaling

Een werkgever en werknemer kunnen afspreken dat de werknemer de uitkering van UWV via de werkgever ontvangt. De werknemer moet UWV daarvoor machtigen.

UWV kan die uitkering aan de werkgever betalen in de vorm van een werkgeversbetaling of instantiebetaling.

De instantiebetaling gebruikt u voor de situatie waarin de werknemer geen loon uit tegenwoordige dienstbetrekking meer van u krijgt, maar u hem nog wel een aanvulling op zijn uitkering betaalt.

Deze handreiking gaat over de werkgeversbetaling. De werkgeversbetaling geldt voor de situatie dat de werkgever de uitkering doorbetaalt en de werknemer nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van dezelfde werkgever krijgt.

Bij een werkgeversbetaling betaalt UWV aan de werkgever, behalve de uitkering, ook de premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zvw over de uitkering.

 

Samenvoegingsregels en witte tabel

Voor de berekening van de loonheffingen telt u de uitkering van UWV, het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en een eventuele aanvulling op de uitkering bij elkaar op. Dit zijn de samenvoegingsregels. Op het totaal past u de witte tabel toe. Ook berekent u over het totaal de premies werknemersverzekeringen.

 

WW-premie

Voor een werkgeversbetaling geldt altijd de lage WW-premie.

Voor een eventuele aanvulling op de uitkering gebruikt u dezelfde WW-premie als voor het reguliere loon.

Inkomstenverhouding

In 2020 en 2021 kunt u kiezen hoe u een werkgeversbetaling in de aangifte verwerkt:

    1. in een aparte inkomstenverhouding
    2. in dezelfde inkomstenverhouding als het loon

 

1. In een aparte inkomstenverhouding

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in een aparte inkomstenverhouding.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die bij de werkgeversbetaling hoort:

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vult deze rubrieken bij deze inkomstenverhouding niet in.

WW-premie
U geeft de lage WW-premie aan.

Verloonde uren
De hoogte van de verloonde uren die u invult in de aparte inkomstenverhouding, hangt af van de soort uitkering die de werkgever doorbetaalt.

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

2. In dezelfde inkomstenverhouding als het loon

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in dezelfde inkomstenverhouding als het loon.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die geldt voor het reguliere loon.

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vermeldt het contractloon, de contracturen en de contractindicaties die gelden voor het reguliere loon.

WW-premie
Gebruikt u voor het reguliere loon de hoge WW-premie en geeft u de werkgeversbetaling aan in dezelfde inkomstenverhouding als het reguliere loon? Dan vult u de WW-premie als volgt in:

  • U vermeldt de hoge en lage grondslagaanwas gezamenlijk in de rubriek Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog.
  • U vermeldt de hoge en lage WW-premie gezamenlijk in de rubriek Premie AWf hoog.

Aandachtspunt bij LIV, Jeugd-LIV en sommige loonkostenvoordelen
Een uitkering uit de werknemersverzekeringen telt niet mee als jaarloon voor de bepaling van het (jeugd-)LIV en sommige loonkostenvoordelen. Als u de werkgeversbetaling en het reguliere loon opgeeft in één inkomstenverhouding, kan UWV de werkgeversbetaling toch bij het jaarloon tellen. Hierdoor wordt het jaarloon hoger en stelt UWV het (jeugd-)LIV of het loonkostenvoordeel misschien verkeerd vast.

Verloonde uren

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

Genietingsmoment werkgeversbetaling

U verwerkt de werkgeversbetaling in de aangifte over het tijdvak waarin de werkgever de uitkering doorbetaalt. Wanneer de werkgever de uitkering van UWV ontvangt, is niet van belang.

 

Aanvulling op uitkering

Soms betaalt de werkgever een aanvulling op de uitkering uit werknemersverzekeringen. Deze aanvulling vermeldt u in de inkomstenverhouding die u gebruikt voor het reguliere loon.

U geeft het bedrag van de aanvulling aan in de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekering‘.

 

Voorbeeld

Een werknemer heeft een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Het maandloon is € 1000. Daarnaast ontvangt de werknemer van de werkgever een WIA-uitkering van € 500 (werkgeversbetaling). Ook ontvangt de werknemer een aanvulling van € 100.

Voor het reguliere loon en de aanvulling geldt de hoge WW-premie. Voor de werkgeversbetaling geldt de lage WW-premie.

 

Uitwerking

U gebruikt 2 inkomstenverhoudingen.

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

 Tabel inkomstenverhouding 2

Tabel inkomstenverhouding 2 (uitkering)

U gebruikt 1 inkomstenverhouding.

Tabel inkomstenverhouding

Tabel inkomstenverhouding

In dit voorbeeld doet u dit als volgt:

  • U telt de aanwas van de grondslag voor de hoge en lage premie bij elkaar op. Deze aanwas is het bedrag waarover de premies moeten worden berekend. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog’.
  • U telt de lage en hoge WW-premie bij elkaar op. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Premie AWf hoog’.

 
 

Meer informatie

Paragraaf 7.6.2 Handboek Loonheffingen
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Kennisdocument premiedifferentiatie WW
Memo verloonde uren
 
 

Wetsartikelen

artikel 33 lid 2, letter a Wet loonbelasting
artikel 9.1 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
artikel 9.4 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
 
 

2019, 2020, LIV, jeugd LIV,LKV, jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,LKV,

door100% Salarisverwerking B.V.

Studiekosten kind van de werknemer vergoeden

Hebt u werknemers in dienst met studerende kinderen?
                 
Dan kunt u de studiekosten van de kinderen vergoeden. Dit kan op verschillende manieren. In deze handreiking leest u meer over de mogelijkheden.

U kunt de studiekosten op 4 manieren vergoeden:

  • vergoeding belasten bij de werknemer
  • studietoelage die de werknemer ontvangt, aanwijzen als eindheffingsloon
  • zelfstandige studietoelage rechtstreeks aan het kind uitbetalen
  • studietoelage betalen vanuit een studiefonds.

 

Vergoeding aan de werknemer

Als u de vergoeding aan de werknemer betaalt, is dit een voordeel voor de werknemer. Als u dit niet aanwijst als eindheffingsloon, is dit belast loon. Op dit loon moet u op de gebruikelijke manier loonbelasting/premie volksverzekeringen (LB/PVV) inhouden. U betaalt over de vergoeding ook premie Zorgverzekeringswet (Zvw) en premies werknemersverzekeringen.
 

Eindheffingsloon werknemer

U mag de studietoelage die de werknemer ontvangt ook aanwijzen als eindheffingsloon. U moet wel voldoen aan de gebruikelijkheidstoets. Voor deze vergoeding geldt geen gerichte vrijstelling, dus dit komt ten laste van de vrije ruimte. Als u geen vrije ruimte meer hebt, betaalt u 80% eindheffing.
 

Voorbeeld

U geeft een werknemer met een studerend kind per jaar een vergoeding van € 3.000 voor collegegeld en bijkomende studiekosten. U mag deze vergoeding voor studiekosten aanwijzen als eindheffingsloon. Een vergoeding van € 3.000 voor studiekosten is niet ongebruikelijk.

 

Vergoeding aan het kind

Heeft het kind een zelfstandig recht op de studietoelage en betaalt u de toelage rechtstreeks aan het studerend kind? Dan is dit voor het kind loon uit een bestaande dienstbetrekking van een ander. U houdt op de gebruikelijke manier LB/PVV in. Hiervoor gebruikt u de groene tabel. De toelage is loon uit vroegere dienstbetrekking omdat er geen arbeid tegenover staat.

Het kind is niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen.

 

Eenmalige uitkering

Voor een eenmalige uitbetaling van de studietoelage gebruikt u de groene tabel voor bijzondere beloningen. Als een loontijdvak ontbreekt hoeft u geen werkgeversheffing Zvw af te dragen.

 

Periodieke uitkering

Betaalt u het kind een periodieke vergoeding? Dan moet u werkgeversheffing Zvw betalen. Er is dan sprake van loontijdvakken.

 

Geen eindheffingsloon

U kunt de studietoelage niet aanwijzen als eindheffingsloon, want er is geen sprake van loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Er is dus geen gerichte vrijstelling mogelijk.

 

Loonheffingskorting

Als de student bij u de loonheffingskorting laat toepassen, hoeft u tot een bepaald bedrag geen LB/PVV in te houden. Dit is van toepassing als de algemene heffingskorting gelijk is aan de in te houden loonheffing. Omdat u de groene tabel moet gebruiken, heeft de student geen recht op arbeidskorting.

 

Codes aangifte loonheffingen voor kind

Betaalt u de studietoelage rechtstreeks aan het kind van de werknemer, dan gebruikt u de volgende codes in de aangifte:

  • Code loonbelastingtabel is 022 bij maandelijkse betaling.
  • Code loonbelastingtabel is 020 bij eenmalige betaling per jaar.
  • Code soort inkomstenverhouding is 63.
  • Code aard arbeidsverhouding is 1.
  • Code Zorgverzekeringswet is K.

 

Studiefonds

Als u een studietoelage voor het kind van de werknemer betaalt uit een studiefonds, is dit geen belast loon als het fonds voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • Het gaat niet om uitkeringen en verstrekkingen voor adoptie, overlijden, ziekte invaliditeit en bevalling.
  • De werknemer heeft geen vrijgestelde aanspraak op de uitkeringen of verstrekkingen.
  • Werknemers die aan het fonds bijdragen hebben de laatste 5 jaar gezamenlijk minstens evenveel bijgedragen als de werkgever. Als het fonds nog geen 5 jaar bestaat, gaat u uit van de periode vanaf de oprichting van het fonds.
  • Bijdragen van de werknemer aan het fonds houdt u in op het nettoloon.

 

Meer informatie

Paragraaf 19.2.2 Handboek Loonheffingen (fondsenvrijstelling)
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Belastingdienst.nl
Toelichting loonberekening VCR vanaf 2020

 

Gerelateerde artikelen

Studiekosten vergoeden aan kind werknemer
Vergoeding studiekosten kind van werknemer in Handboek LH

 
Wetsartikelen uit de Wet op de loonbelasting:

 
 

Gerelateerd

Studiekosten vergoeden aan kind werknemer
Meewerkende kinderen in de loonaangifte
Subsidie Praktijkleren 2019/2020 aanvragen

Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving, personeelszaken, hrm,