Tag archief 2019

door100% Salarisverwerking B.V.

Minimumjeugdloon verhoogd

De overheid verlaagt de leeftijd waarop werknemers het volledige minimumloon krijgen van 23 naar 21 jr

             

Dit gebeurt in stappen. Sinds 1 juli 2017 hebben werknemers vanaf 22 jaar recht op het volledige wettelijke minimumloon. Ook het loon van werknemers tussen de 18 en 21 jaar gaat omhoog. De overheid houdt rekening met werkgevers die nu meer loon gaan betalen aan jongeren.

salarisverwerking, loonadministratie, uitbesteden loonadministratie, salarisverwerkers, loonverwerking uitbesteden, cloud loon, salaris in de cloud, verwerking personeel, personeel premies, goedkoop hrm management, ess, verzuimregistratie, pensioenen, urenlijsten, personeelsbestanden,

Stappenplan

Werknemers van 22 jaar en ouder hebben nu recht op een volledig wettelijk minimumloon. Jongere werknemers krijgen een vast percentage van dit minimumloon. Dit is het minimumjeugdloon. De overheid past dit in 2 stappen aan.

Stap 1

Stap 1 ging in op 1 juli 2017. Voor 18-, 19-, 20- en 21-jarigen ging het vaste percentage van het wettelijk minimumloon omhoog. Voor 22-jarigen ging dit naar 100%. Sinds die datum hebben zij recht op een volledig wettelijk minimumloon.

Stap 2

Stap 2 gaat in per 1 juli 2019. Voor 18-, 19-, 20-jarigen gaat het vaste percentage van het wettelijk minimumloon dan verder omhoog. Voor 21-jarigen gaat dit naar 100%. Zij hebben dan recht op een volledig wettelijk minimumloon.

minimumjeugdloon 2019, wml jeugd, jeugdloon, minimale loon jeugd, wettelijk minimumjeugdloon , wml 2019,

Aanleiding verhoging minimumjeugdloon

Werknemers jonger dan 23 jaar kregen niet het volledige wettelijk minimumloon maar een vast percentage hiervan. De overheid verlaagt de leeftijd waarop het volledige wettelijk minimumloon geldt naar 21 jaar. Dit gebeurt in stappen. Ook het loon van werknemers tussen de 18 en 21 jaar gaat omhoog.

Redenen om het minimumloon te laten gelden voor werknemers van 21 jaar en ouder zijn:

  • Ouders hebben een wettelijke onderhoudsplicht voor hun kind totdat het 21 jaar is. Daarna moet het kind voor zichzelf zorgen.
  • Steeds meer jongeren van 21 en 22 jaar wonen op zichzelf. En hebben meer kosten dan thuiswonende jongeren van dezelfde leeftijd. Met meer loon kunnen zij makkelijker hun lasten dragen.
  • Werkgevers belonen werknemers steeds meer op basis van opleiding en ervaring dan op basis van leeftijd. In een aantal cao’s is er al geen jeugdloonschaal meer.
  • Veel jongeren hebben op hun 21e al een diploma en gaan dan fulltime werken.
  • Het minimumjeugdloon voor 21- en 22-jarigen paste niet bij het uitgangspunt dat werknemers voor gelijke werkzaamheden een gelijk loon moeten krijgen.
  • In veel landen hebben jongeren van 21 jaar al recht op een volledig wettelijk minimumloon.

2018 jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,

Maatregelen voor werkgevers

Door de verhoging van het minimumjeugdloon moeten werkgevers meer loon betalen voor 18- tot en met 22-jarigen. Dit leidt tot hogere loonkosten. En dit kan dan weer van invloed zijn op de werkgelegenheid van jongeren. Die kan minder worden.

Een aantal maatregelen om dit zoveel mogelijk te voorkomen:

  • Werkgevers krijgen tijd om in te spelen op de nieuwe situatie. De plannen worden namelijk niet in 1 keer, maar in 2 stappen ingevoerd. Na 1 jaar wordt gekeken naar de ontwikkeling in de arbeidsmarktpositie van jongeren tussen de 18 en 22 jaar. Wijkt die af van die van andere leeftijdsgroepen? Dan neemt de overheid aanvullende maatregelen.
  • Werkgevers moeten 21- en 22-jarigen het volledige minimumloon gaan betalen. Voor werknemers die meer dan 1248 uur per kalenderjaar werken, kunnen zij een deel van de loonkostenstijging terugkrijgen. Dit gaat via de compensatieregeling: Lage-inkomensvoordeel (LIV). Vanaf stap 1 geldt deze regeling alleen nog voor 22-jarigen. Vanaf stap 2 geldt dit ook voor 21-jarigen.
  • Werkgevers moeten 18- tot en met 21-jarigen meer minimumloon gaan betalen. Zij kunnen een deel van hun loonkostenstijging terugkrijgen via de compensatieregeling: Tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon. Vanaf stap 2 geldt deze regeling niet meer voor 21-jarigen. Voor hen kunnen werkgevers dan gebruikmaken van het Lage-inkomensvoordeel (LIV).
  • Werkgevers die leerwerkplekken aanbieden hoeven het verhoogde minimumjeugdloon niet te betalen aan 18-, 19- en 20-jarigen. Ze moeten dit wel betalen aan 21- en 22-jarigen. Maar hiervoor kunnen zij dan weer gebruikmaken van de compensatieregeling: Lage-inkomensvoordeel (LIV). En zo een deel van hun loonkostenstijging terugkrijgen.

Wetgeving

Lees meer over de plannen met het minimumloon in het Wetsvoorstel herziening Wet minimumloon. En de Nota van wijziging wetsvoorstel herziening wet minimumloon.

Zie ook: Minimumloon per 1 januari 2019

minimumloon, minimumlonen, minimumuurloon, minimumjeugdloon,minimum(jeugd)lonen, minimum wettelijk loon, wml 2018, het wettelijk minimumloon 2018

door100% Salarisverwerking B.V.

LKV, kalendermaand wordt gewijzigd in maand

Na 1 jan 2019 zal UWV de nieuwe wetgeving toepassen.

                            

Bij aanvragen voor een doelgroepverklaring LKV die zien op dienstbetrekkingen en herplaatsingen die zijn aangevangen op of na die datum.
Voor dienstbetrekkingen en herplaatsingen die voor 1 januari 2019 zijn gestart zal UWV ook bij aanvragen die na 1 januari 2019 binnenkomen nog de regels van 2018 toepassen. SZW heeft UWV gevraagd coulant met deze aanvragen om te gaan door – indien dat voor de aanvraag gunstiger is – alvast te anticiperen op de nieuwe wetgeving.

Voor de loonkostenvoordelen (LKV) wijzigt de voorwaarde ‘kalendermaand’ in ‘maand’. Voor LKV doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden hoeft de werknemer pas op de 1e dag van de dienstbetrekking aan de voorwaarden te voldoen.

Bovenstaande wetswijziging gaat in op 1 januari 2019. Op verzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid beoordeelt UWV alle aanvragen vanaf 1 oktober 2018 aan de hand van deze gewijzigde voorwaarde.

Reden wetswijziging

Veel aanvragen voldoen niet aan de voorwaarde dat de werknemer in de kalendermaand voorafgaand aan de aanvang van de dienstbetrekking recht had op een uitkering of arbeidsondersteuning. Als ‘kalendermaand’ wordt gewijzigd in ‘maand’ voldoen deze aanvragen wel aan de voorwaarde.

Voorbeeld LKV oudere werknemer

Een werkzoekende van 56 jaar krijgt op 1 februari 2018 een WW-uitkering. Een werkgever wil de werkzoekende in dienst nemen op 12 februari 2018 en vraagt een doelgroepverklaring aan voor loonkostenvoordeel oudere werknemer. Omdat de werkzoekende de kalendermaand voorafgaand aan indiensttreding (lees: januari) geen uitkering had, wordt de aanvraag afgewezen.

In de nieuwe situatie voldoet deze aanvraag wel aan de voorwaarde. De werkzoekende had in de maand voorafgaand aan de aanvang van de dienstbetrekking recht op een uitkering.

Voorbeeld LKV doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden

Deze situatie komt veel voor bij de Praktijkroute. De beschikking voor de loonwaardebepaling wordt soms pas op de eerste dag van het dienstverband geregistreerd terwijl de loonwaardebepaling zelf al eerder is gedaan. Om deze gevallen niet buiten de doelgroep van het loonkostenvoordeel banenafspraak en scholingsbelemmerden te laten vallen, geldt voor dit loonkostenvoordeel dat pas op de 1e dag van de dienstbetrekking aan de voorwaarden hoeft te zijn voldaan.

Meer informatie

Meer informatie vindt u in het bericht Wijzigingen Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) op rijksoverheid.nl.

Korte samenvatting

Samengevat handelt UWV de aanvragen voor een doelgroepverklaring LKV als volgt af:
Samengevat handelt UWV de aanvragen voor een doelgroepverklaring LKV als volgt afUWV en Belastingdienst moeten beslagvrije voet garanderen, bestaansminimum garanderen, gegarandeerd bestaans inkomen, laagste beslagvrije voet

door100% Salarisverwerking B.V.

Compensatie overwerk

Vanaf 2019 is er een compensatie voor overwerk in betaalde vrije tijd.

                       
Werknemers moeten over het totaal aantal gewerkte uren minstens het geldende minimumloon ontvangen. Dit geldt sinds 1 januari 2018 volgens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). Compensatie in betaalde vrije tijd van over- of meerwerk (tijd-voor-tijd) is met ingang van 1 januari 2019 alleen nog maar mogelijk als dat in een cao is vastgelegd. Tot 31 december 2018 is schriftelijke overeenstemming met de werknemer voldoende.

Er zijn vanaf 2019 wel uitzonderingen. Wanneer kan tijd-voor-tijd wel, ook als er geen cao is?

Het recht op minimumloon geldt per betalingsperiode. Als een werknemer per maand krijgt betaald, dan is compensatie in vrije tijd voor overuren binnen de maand waarin de overuren zijn ontstaan nog steeds mogelijk.
Het recht op het minimumloon geldt voor alle uren tezamen. Als een werknemer meer betaald krijgt dan het minimumloon, dan is tijd voor tijd nog steeds mogelijk (of zelfs geen compensatie voor overwerk), op voorwaarde dat de werknemer over alle uren bij elkaar opgeteld ten minste het minimumloon ontvangt.

In de Memorie van toelichting bij de wet staat dat de regels die gaan over compensatie in betaalde vrije tijd niet relevant zijn als voor het totaal aan verrichte uren arbeid ten minste het minimumloon is betaald, conform het van de normale arbeidsduur (NAD) afgeleide geldende minimumloon per uur.

Voorbeeld

Bij een bruto uurloon van € 10 en een NAD van 40 uur per week (€ 400 per week), is bij 5 uren meerwerk 45 uur per week gewerkt. Dit is omgerekend € 8,88 bruto per uur, waarmee dit loon nog steeds boven het van het minimumloon afgeleid loon per uur van € 8,80 bruto ligt.

Als voor deze 5 uren compensatie in vrije tijd is afgesproken, dan geldt voor deze afspraak niet de vereisten die de WML via dit wetsvoorstel stelt aan compensatie in betaalde vrije tijd. Voor alle 45 gewerkte uren is namelijk al ten minste het minimumloon betaald.

Check

U kunt eenvoudig checken wat de mogelijkheden zijn als uw organisatie geen cao heeft. Als een werknemer bijvoorbeeld 20 procent meer dan het minimumloon verdient, dan kan hij 20 procent meer werken dan de overeengekomen arbeidsduur, zonder dat u daar compensatie in geld voor hoeft te geven.

Bron: AWVN

ziektekostenverzekering, ziektekosten, verzuim oplossingen, ziekteverzuimverzekeringen,verzekeringspremies, verzuimzorg,verzuim ondersteuning,personeels- en salarisadministratie,ziekteverzuimverzekeraar,GRATIS digitale personeelsdossiers,Gratis verlofadministratie,interessante kortingen, salarisverwerking,loonadministratie,salaris,loon

door100% Salarisverwerking B.V.

Sectorpremies en gemiddeld premiepercentage 2019

De minister van Sociale Zaken heeft deze premiepercentages goedgekeurd

                       

UWV heeft de sectorpremies voor 2019 per sector en per premiegroep en daarnaast het gemiddeld premiepercentage voor 2019 vastgesteld. De minister van Sociale Zaken heeft deze premiepercentages goedgekeurd in een Besluit dat is gepubliceerd in de Staatscourant van 31 oktober 2018.

De financiering van de Werkloosheidswet vindt deels plaats via sectorale premies die ten gunste komen van de sectorfondsen en deels via een landelijke premie die ten gunste komt van het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWf).

Sectorpremie en premiegroep

De sectoren in Bijlage 1 kennen één uniforme sectorpremie.

De sectoren in Bijlage 2 kennen een differentiatie naar premiegroep. Het betreft de sectoren:

  1. Uitzendbedrijven
  2. Agrarisch bedrijf
  3. Bouwbedrijf
  4. Horeca algemeen
  5. Culturele instellingen
  6. Schildersbedrijf.

Voor de werkgever is de gedifferentieerde premie die behoort bij de premiegroep van belang en niet de sectorpremie.

Soort contract

Binnen deze sectoren vindt deze plaats op basis van het soort contract van de werknemers. Voor werknemers met een contractduur korter dan één jaar betaalt de werkgever de hoge premie en voor werknemers met een contractduur van één jaar of langer betaalt de werkgever de lage premie. De premies binnen de sector Uitzendbedrijven zijn gedifferentieerd naar soort activiteit.

Wijziging per 2020

In het regeerakkoord is aangekondigd dat de hoge en lage sectorpremie mogelijk voor alle sectoren wordt ingevoerd.

Dit is onderdeel van de Wet arbeidsmarkt in balans. De WW-premie wordt voor werkgevers voordeliger als ze een werknemer een vaste baan aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de WW-premie afhankelijk van de sector waar een bedrijf actief in is.

Gemiddeld premiepercentage

Het gemiddeld premiepercentage is voor het jaar 2019 vastgesteld op 0,77%.

Het gemiddelde premiepercentage wordt geheven over uitkeringen op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, van de Wet arbeid en zorg aan de werknemer of gelijkgestelde, over een toeslag op grond van de Toeslagenwet en Wsw-loon.

Bijlage 1. Sectorpremies 2019

Premies x 1%
Sector Sectorpremie
2 Tabakverwerkende industrie 1,23
4 Baggerbedrijf 0,79
5 Houten emballage-industrie, houtwaren- en borstelindustrie 0,00
6 Timmerindustrie 0,00
7 Meubel- en orgelbouwindustrie 0,24
8 Groothandel in hout, zagerijen, schaverijen en houtbereidingsindustrie 0,54
9 Grafische industrie 0,51
10 Metaalindustrie 0,11
11 Elektrotechnische industrie 0,38
12 Metaal-en technische bedrijfstakken 0,29
13 Bakkerijen 0,59
14 Suikerverwerkende industrie 0,97
15 Slagersbedrijven 0,85
16 Slagers overig 0,79
17 Detailhandel en ambachten 1,43
18 Reiniging 0,74
19 Grootwinkelbedrijf 0,59
20 Havenbedrijven 0,59
21 Havenclassificeerders 0,42
22 Binnenscheepvaart 0,76
23 Visserij 0,00
24 Koopvaardij 0,05
25 Vervoer KLM 0,00
26 Vervoer NS 0,48
27 Vervoer posterijen 1,37
28 Taxivervoer 0,35
29 Openbaar Vervoer 0,50
30 Besloten busvervoer 0,00
31 Overig personenvervoer te land en in de lucht 0,14
32 Overig goederenvervoer te land en in de lucht 0,23
34 Horeca catering 0,91
35 Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen 0,47
38 Banken 2,19
39 Verzekeringswezen 1,93
40 Uitgeverij 2,19
41 Groothandel I 0,69
42 Groothandel II 1,16
43 Zakelijke Dienstverlening I 0,40
44 Zakelijke Dienstverlening II 0,97
45 Zakelijke Dienstverlening III 1,09
46 Zuivelindustrie 0,16
47 Textielindustrie 0,00
48 Steen-, cement-, glas- en keramische industrie 0,51
49 Chemische industrie 0,56
50 Voedingsindustrie 0,92
51 Algemene industrie 1,46
53 Bewakingsondernemingen 0,76
55 Overige takken van bedrijf en beroep 0,71
57 Stukadoorsbedrijf 0,20
58 Dakdekkersbedrijf 0,00
59 Mortelbedrijf 0,41
60 Steenhouwersbedrijf 0,00
61-66 Overheid 0,04
67 Werk en (re)Integratie 1,25
68 Railbouw 0,64
69 Telecommunicatie 1,54

Bijlage 2. Sectorpremies per premiegroep 2019

Premies x 1%
Premiegroep Premiepercentage
1 Agrarisch bedrijf
Kort 2,58
Lang 0,58
3 Bouwbedrijf
Kort 0,00
Lang 0,00
33 Horeca algemeen
Kort 0,03
Lang 0,03
52 Uitzendbedrijven
Detachering 1,90
Intermediaire diensten 1,90
Uitzendbedrijven I B en II B 2,33
Uitzendbedrijven I A 2,56
Uitzendbedrijven II A 2,69
54 Culturele instellingen
Kort 3,95
Lang 0,87
56 Schildersbedrijf
Kort 3,17
Lang 0,71

arbeidsongeschiktheidsverzekering, ziektekostenverzekering, ziektekosten, verzuim oplossingen, ziekteverzuimverzekeringen,verzekeringspremies, verzuimzorg,verzuim ondersteuning,personeels- en salarisadministratie,ziekteverzuimverzekeraar,GRATIS digitale personeelsdossiers,Gratis verlofadministratie,interessante kortingen, salarisverwerking,loonadministratie,salaris,loon

door100% Salarisverwerking B.V.

Het minimumloon 2019

minimum uurloon is berekend voor 36-urige, 38-urige en 40-urige werkweek,minimumloon per uur 2019, wettelijkminimumloon per uur, wml 2019 per uur, 2019 minimumlonen per uur, loon minimaal per uur, 2019 salaris minimaal per uur, vastgesteld loon. minimaal 2019 per uur, 21 jaar minimumloon per uur, 20 jaar minimumloon per uur, 19 jaar minimumloon per uur, 18 jaar minimumloon per uur, 17 jaar minimumloon per uur, 16 jaar minimumloon per uur, 15 jaar minimumloon per uur,

Het wettelijk minimumloon stijgt per 1 januari 2019

                             
Het wettelijk minimumloon gaat per 1 januari 2019 met 1,34% omhoog. Werknemers van 22 jaar en ouder krijgen daardoor recht op een brutominimumloon van € 1.615,80 per maand.

Elk halfjaar wordt het wettelijk minimumloon aangepast aan de gemiddelde contractontwikkelingen. Onlangs heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het wettelijk minimumloon per 1 januari 2019 in de Staatscourant gepubliceerd. Hieruit blijkt dat het brutominimumloon volgend jaar stijgt naar € 1.615,80 per maand, € 372,90 per week en € 74,58 per dag. Een vast brutominimumloon per uur is er niet. Het minimumuurloon hangt af van de lengte van een fulltime werkweek in de organisatie.

Overzicht 2019 minimumloon

De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen 1 januari 2019.

Het wettelijk brutominimumloon (WML) voor werknemers van 22 jaar en ouder bij een volledig dienstverband wordt per 1 januari 2019:

  • € 1.615,80 per maand;
  • € 372,90 per week;
  • € 74,58 per dag.

minimumloon, wettelijkminimumloon wml, minimumlonen, loon minimaal, salaris minimaal, vastgesteld loon minimaal 2019.

Toelichting minimumloon

Uitgangspunt van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML) is dat de algemene welvaartsontwikkeling zo mogelijk ook tot uitdrukking moet komen in de inkomens van werknemers met een minimumloon en uitkeringsgerechtigden. Dit uitgangspunt is vervat in de hoofdregel van artikel 14 van de WML, dat uitgaat van een koppeling van het minimumloon en de sociale uitkeringen aan de gemiddelde contractloonontwikkeling.

Afwijking van de hoofdregel is mogelijk indien sprake is van een bovenmatige loonontwikkeling, dan wel volumeontwikkeling in de sociale zekerheidsregelingen (artikel 14, vijfde lid, WML). De toelichting bij dit artikellid geeft aan dat de afwijkingsgronden actueel zijn indien de verhouding tussen inactieven en actieven, de zogenaamde i/a-ratio, de daarvoor geldende norm overschrijdt. Op grond van de Macro Economische Verkenning (MEV) 2019 van het Centraal Planbureau (CPB) lijkt dit voor 2019 niet het geval.

In artikel 14, eerste tot en met derde lid, van de WML, wordt de aanpassing van het minimumloon geregeld. Hierbij wordt uitgegaan van het gemiddelde van de procentuele ontwikkeling van de contractlonen in de marktsector, de gepremieerde en gesubsidieerde sector en bij de overheid, zoals dat door het CPB wordt berekend.

Het aanpassingspercentage is, conform hetgeen wettelijk is geregeld, als volgt vastgesteld. Uitgangspunt is de helft van de CPB-raming voor de contractloonstijging in 2019 zoals deze is gepubliceerd in de MEV 2019. Dit is 0,5 x 2,796 = 1,398. Dit bedrag wordt aangepast aan het zogenaamde na-ijleffect uit het voorafgaande jaar (artikel 14, eerste lid, onder b). Dat is het verschil tussen de ontwikkeling van de contractlonen zoals deze voor 2018, blijkens bekendmaking in het Centraal Economisch Plan uit april 2018, was geraamd en de ontwikkeling van de contractlonen zoals deze voor 2018 blijkens bekendmaking in de Macro Economische Verkenning uit september 2018, nader is geraamd. Dit verschil bedraagt -0,058. Het onafgeronde aanpassingspercentage komt daarmee op 1,340. Dit wordt vermenigvuldigd met het (onafgeronde) wettelijk minimumloon zoals berekend ten tijde van de aanpassing per 1 juli 2018.

Na de (wettelijke) afronding bedraagt het bruto wettelijk minimumloon per 1 januari 2019 € 1.615,80 per maand, € 372,90 per week en € 74,58 per dag. Het aanpassingspercentage na afronding is 1,34. De hiermee corresponderende wettelijke minimumjeugdlonen zijn geregeld in het Besluit minimumjeugdloon.
minimumloon 2019, wettelijkminimumloon, wml 2019 ,bruto wettelijk minimumloon 2019 , 2019 minimumlonen, loon minimaal, 2019 salaris minimaal, vastgesteld loon minimaal 2019, minimumloon 21 jaar, minimumloon 20 jaar, minimumloon 19 jaar, minimumloon 18 jaar, minimumloon 17 jaar, minimumloon 16 jaar, minimumloon 15 jaar

Bruto wettelijk minimumloon

Leeftijd Staffeling Per maand Per week Per dag
22 jaar en ouder 100% € 1.615,80 € 372,90 € 74,58
21 jaar 85% € 1.373,45 € 316,95 € 63,39
20 jaar 70% € 1.131,05 € 261,05 € 52,21
19 jaar 55% € 888,70 € 205,10 € 41,02
18 jaar 47,50% € 767,50 € 177,15 € 35,43
17 jaar 39,50% € 638,25 € 147,30 € 29,46
16 jaar 34,50% € 557,45 € 128,65 € 25,73
15 jaar 30% € 484,75 € 111,85 € 22,37

 
Voor werknemers die werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst die is aangegaan in verband met een beroepsbegeleidende leerweg (bbl) gelden alternatieve staffels, die zijn vastgesteld in het Besluit minimumjeugdloon. Voor leerlingen in de bbl in de leeftijd van 15 tot en met 17 jaar en 21 jaar gelden bovenstaande bedragen. In afwijking van bovenstaande gelden voor leerlingen in de bbl in de leeftijd van 18 tot en met 20 jaar de hiermee corresponderende wettelijke minimumjeugdlonen:
minimumloon 2019 met bbl, wettelijkminimumloon met bbl,Bruto wettelijk minimumloon met bbl 2019 ,wml met bbl 2019, 2019 minimumlonen met bbl, loon minimaal met bbl, 2019 salaris minimaal met bbl, vastgesteld loon met bbl minimaal 2019

Minimumloon met bbl

Leeftijd Staffeling BBL Per maand Per week Per dag
20 jaar 61,50% € 993,70 € 229,35 € 45,87
19 jaar 52,50% € 848,30 € 195,75 € 39,15
18 jaar 45,50% € 735,20 € 169,65 € 33,93

 

Volgens artikel 12 van de WML is het minimum(jeugd)loon naar evenredigheid lager indien de werknemer een kortere arbeidstijd is overeengekomen dan de normale arbeidsduur. Dit is bijvoorbeeld het geval bij deeltijdarbeid.

De minimumloonbedragen worden uitgedrukt in bedragen per maand, per week en per (werk)dag. Een uniform wettelijk minimumuurloon kent de wet niet. Het uurloon kan per sector verschillen, afhankelijk van het aantal uren dat als normale arbeidsduur geldt. Onder normale arbeidsduur wordt verstaan de arbeidsduur die in de desbetreffende sector gebruikelijk is voor een volledige dienstbetrekking. In de meeste cao’s is deze arbeidsduur voor een fulltime dienstverband gesteld op 36, 38 dan wel 40 uur per week.

Naar aanleiding van een toezegging aan de Tweede Kamer worden de afgeleide minimumuurlonen bij deze normale arbeidsduren in de toelichting gepubliceerd. Onderstaand schema geeft de afgeronde brutobedragen per uur aan, berekend op basis van het wettelijk minimumweekloon bij een arbeidsduur van respectievelijk 36, 38 en 40 uur per week.

Afgeleid bruto minimumloon per uur na afronding (naar boven) per 1 januari 2019 bij een gebruikelijke arbeidsduur van 36, 38 en 40 uur is gepubliceerd in de volgende tabel. Hierbij wordt bij de afronding gebruik gemaakt van een afronding naar boven, om te voorkomen dat er onbedoeld een betaling ontstaat die lager is dan het wettelijk minimumloon zoals vastgesteld in artikel 1 van deze regeling. Hierbij dient te worden vermeld dat alleen de vastgestelde bedragen in artikel 1 van deze regeling het wettelijk minimumloon betreffen en rechtens geldig zijn.

 
minimumloon per uur 2019, wettelijkminimumloon per uur, wml 2019 per uur, 2019 minimumlonen per uur, loon minimaal per uur, 2019 salaris minimaal per uur, vastgesteld loon minimaal 2019 per uur, 21 jaar minimumloon per uur, 20 jaar minimumloon per uur, 19 jaar minimumloon per uur, 18 jaar minimumloon per uur, 17 jaar minimumloon per uur, 16 jaar minimumloon per uur, 15 jaar minimumloon per uur,

Bruto minimumloon per uur

Bruto minimumloon per uur per 1 januari 2019 bij een normale arbeidsduur voor een fulltime dienstverband van:

Leeftijd 36 uur per week 38 uur per week 40 uur per week
22 jaar en ouder € 10,36 € 9,82 € 9,33
21 jaar € 8,81 € 8,35 € 7,93
20 jaar € 7,26 € 6,87 € 6,53
19 jaar € 5,70 € 5,40 € 5,13
18 jaar € 4,93 € 4,67 € 4,43
17 jaar € 4,10 € 3,88 € 3,69
16 jaar € 3,58 € 3,39 € 3,22
15 jaar € 3,11 € 2,95 € 2,80

 

Bruto minimumloon per uur voor werknemers die werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst die is aangegaan in verband met een bbl per 1 januari 2019 bij een normale arbeidsduur voor een fulltime dienstverband van:
minimumloon 2019 per uur met bbl, wettelijkminimumloon per uur met bbl, wml per uur met bbl 2019, 2019 minimumlonen per uur met bbl, loon minimaal per uur met bbl, 2019 salaris minimaal per uur met bbl, vastgesteld loon per uur met bbl minimaal 2019

Bruto minimumloon per uur met bbl

Leeftijd 36 uur per week 38 uur per week 40 uur per week
20 jaar € 6,38 € 6,04 € 5,74
19 jaar € 5,44 € 5,16 € 4,90
18 jaar € 4,72 € 4,47 € 4,25

 

Rekenhulp: minimumloon berekenen

Bereken uw minimumloon of minimumjeugdloon per maand, week, dag en uur. Voor een fulltime of parttime baan. Zodat u een idee heeft van wat u hoort te verdienen. Klik hier

salaris, loon, loonstroken, loonkosten, loonadministratie,loonverwerking, loonverwerkers,loonverwerker, verloning, salarisadministratie, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarissen,
Zie ook:
Premie zorgverzekering van minimumloon
Plan arbeidsgehandicapten onder minimumloon geschrapt!
Minimumloon 1 juli 2018

close

Veel lees plezier? Delen mag.