Maandelijks archief september 2019

door100% Salarisverwerking B.V.

Fiscale bijtelling auto 2020

Op weg naar de 22%, de verhoging is onderdeel van het Klimaatakkoord .

Schaft u in 2020 een elektrische auto aan, dan betaalt u 8% bijtelling als de cap (catalogusprijs) ten minsten maximaal € 45.000 is. Start u met rijden in een semi-elektrische, benzine- of dieselauto? Dan betaalt u 22% bijtelling over de gehele cataloguswaarde.

Schaft u in 2021 een auto aan wordt het 12%, 2022 tot 2024 wordt het 16%, schaft u 2025 een elektrische auto aan, dan betaalt u 17% bijtelling bij een maximale cap (catalogusprijs) van € 40.000 euro.

Bijtelling is het bedrag dat bij het loon wordt opgeteld als de “auto van de zaak” privé wordt gebruikt. Het is alleen verschuldigd als dit privégebruik meer dan 500 km per kalenderjaar bedraagt. Het algemene bijtellingspercentage bedraagt 22% van de catalogusprijs van de auto.

Wat is de bijtelling van elektrische auto’s in 2020?

Koopt u in 2020 een volledig elektrische auto met een cataloguswaarde van maximaal € 50.000? Dan betaalt u 8% bijtelling per kalenderjaar. Als uw auto duurder is, betaalt u over dat deel 22% bijtelling. Dat betekent dat u van doen heeft met een gecombineerd bijtellingspercentage. Deze beperking geldt alleen voor nieuwe auto’s en voor auto’s die op een batterij rijden. Auto’s die op waterstof rijden vallen ook boven een cataloguswaarde van 50.000 euro onder het 4% bijtellingstarief. Het bijtellingspercentage geldt voor een periode van 60 maanden en gaat in op de eerste dag van de maand van eerste toelating. Na afloop van deze periode stelt de Belastingdienst het percentage vast volgens de regels die dan gelden. Voor een volledig elektrische auto betaalt u overigens geen aanschafbelasting (bpm).

 
autokosten,auto duur in NL, duur auto rijden, nederland een van duurste met autorijden, auto rijden duur,
 

Categorie verlaagde bijtelling

Er bestaat op dit moment alleen nog maar een categorie verlaagde bijtelling voor volledig elektrische auto’s. Die bedraagt 4% tot een maximum bedrag van 50.000 euro van de catalogusprijs. Voor het bedrag erboven geldt het algemene bijtellingspercentage van 22%. Uitzondering hierop zijn auto’s die op waterstof rijden.

Voor 2020 stond ook de 4% bijtelling gepland. Echter in het klimaatakkoord van eind juni is dit plan gewijzigd en loopt het bijtellingspercentage voor volledig elektrische auto’s de komende jaren op, tot 22% in 2026. Ook het maximum bedrag waarover de verlaagde bijtelling geldt wordt naar beneden bijgesteld en geldt vanaf 2020 ook voor auto’s die op waterstof rijden. Deze plannen zijn nog niet definitief.

 

Verhoging bijtelling privégebruik elektrische auto van de zaak

De bijtelling voor het privégebruik van de elektrische auto van de zaak is 4% van de cataloguswaarde tot € 50.000. Als de cataloguswaarde hoger is dan € 50.000, dan geldt over het meerdere een bijtellingspercentage van 22%. Als onderdeel van het op 28 juni 2019 door het kabinet overeengekomen Klimaatakkoord wordt de verlaagde bijtelling van 4% – 8% voor elektrische auto’s van de zaak (auto’s zonder CO2-uitstoot) vanaf 2020 als volgt verhoogd voor auto’s die in de betreffende jaren worden toegelaten op de weg voor een periode van maximaal zestig maanden:

bijtelling 2020, fiscale bijtelling 2020,CO2-uitstoot auto, bijtelling auto, belasting bijtelling auto,belasting op auto, bijtelling auto en belastingdienst, 2020-2025

Vanaf 2026 geldt voor een elektrische auto van de zaak dezelfde bijtelling als voor een gewone auto van de zaak.

Voor waterstofauto’s zal de cap op de cataloguswaarde niet gelden. Met ingang van 1 januari 2021 wordt dit ook uitgebreid naar zonnecelauto’s.

 

Accijnsverhoging diesel

De voorgenomen accijnsverhoging op benzine gaat niet door. De reden hiervoor is dat het kabinet de niet-elektrisch rijdende automobilist niet wil laten opdraaien voor de kosten die gepaard gaan met het stimuleren van elektrisch rijden. De accijns op diesel wordt zowel in 2021 als in 2023 met een cent verhoogd.
 

Hoe bereken je de bijtelling?

We berekenen de bijtelling aan de hand van de volgende rekensom. Neem de aanschafprijs van de leasewagen, inclusief BPM en BTW (bijvoorbeeld Renault Zoé 32.890 euro) en vermenigvuldig dit met het bijtellingstarief (bijvoorbeeld x 0,08 in 2020). Vermenigvuldig dit daarna met je inkomensbelasting. In dit voorbeeld valt de persoon in de belastingschijf 38,10%, dus x 0,381. Als je dit deelt door 12 heb je het maandbedrag.

Bijvoorbeeld:

    32.890 x 0,08 = 2.631 euro
    2.631 x 0,381 = 1.002 euro

Totaal:

1.002 euro / 12 = 83.50 euro netto maandelijkse bijtelling
 

Verkeersboetes 2020 verhoogd

Trap je graag wat harder op het gaspedaal? Rijd je graag zonder gordel? Wil je het stoplicht nog wel eens negeren? Dan is het oppassen geblazen, want verkeersboetes worden in 2020 duurder. Zie hier.
 

Zie ook:

Minimumloon 2020
Wijzigingen voor de loonheffingen 2020
Werkgevers hebben meer onbelaste vergoedingen in 2020
Wijziging van de WW-premiesystematiek 2020
WGA en ZW premieberekeningen per 1 januari 2020 gewijzigd
 
Bijtellingspercentages auto, auto van de zaak, kosten auto bijtelling,belastingdienst auto, fiscale bijtelling auto, kosten auto belastingdienst,

door100% Salarisverwerking B.V.

2020 veranderen de regels voor oproepkrachten ingrijpend

Vanaf 1 januari ultrakorte opzegtermijn voor oproepkrachten

                

De regels voor oproepkrachten veranderen per 1 januari 2020 ingrijpend. Eén daarvan is de wijziging van opzegtermijn die op hele korte tijd mogelijk woord.

De nieuwe ultrakorte opzegtermijn voor oproepovereenkomsten.

regels 2020, overheid 2020,belastingdienst 2020, wet en regelgeving 2020, lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,
 
Het werken met oproepkrachten wordt door de invoer van de Wet Arbeidsmarkt in Balans in 2020 echt een stuk lastiger. De flexibele medewerkers moeten vanaf 1 januari 2020 minstens vier dagen van te voren worden opgeroepen en afgezegd. Bovendien moet een werkgever een oproepkracht die een jaar is opgeroepen een vaste arbeidsomvang aanbieden.
 

“Voor oproepkrachten geldt vanaf 2020 een opzegtermijn van slechts vier dagen.”

Nieuwe opzegtermijn voor oproepkrachten

Maar er is nog een wijziging die niet in het voordeel van de oproepwerkgevers is. Oproepkrachten mogen vanaf 1 januari 2020 hun dienstverband namelijk met een opzegtermijn van slechts vier dagen opzeggen. Op dit moment is de wettelijke opzegtermijn voor werknemers altijd één maand. Bovendien geldt voor de wettelijke opzegtermijn dat moet worden opgezegd tegen het einde van de maand. Dat geldt nu nog voor alle werknemers, of het nu gaat om AOW-gerechtigde werknemers, om scholieren of om oproepkrachten.
 
Vanaf 1 januari 2020 geldt de opzegtermijn van een maand niet meer voor werknemers met een oproepovereenkomst. Voor oproepkrachten geldt vanaf die dag een opzegtermijn van slechts vier dagen. De oproepkracht hoeft ook niet op te zeggen tegen het einde van de maand. Let wel, deze ultra korte termijn geldt alleen als de oproepkracht opzegt. Voor de werkgever blijven de normale wettelijke opzegtermijnen gewoon gelden.
 

Werken met oproepkrachten duurder

Werken met oproepkrachten wordt daarnaast ook nog duurder. Voor oproepkrachten moet een hogere WW-premie worden betaald. Niet de sector waarin wordt gewerkt, maar het soort contract wordt leidend. Voor werknemers met een tijdelijk- en/of oproepcontract moet meer WW-premie worden betaald dan voor vaste werknemers. Het verschil in premie wordt 5 procent.

Bovendien krijgen werknemers, en dus ook oproepkrachten, vanaf 1 januari 2020 meteen aanspraak op een transitievergoeding. Als het dienstverband op initiatief van de werkgever eindigt of niet wordt voortgezet, dan moet de werkgever de transitievergoeding betalen. Vanaf 1 januari 2020 geldt dat vanaf de eerste dag van het dienstverband. Nu hoeft pas een transitievergoeding betaald te worden als het dienstverband twee jaar of langer heeft geduurd.

De transitievergoeding bedraagt een derde maandsalaris per gewerkt dienstjaar, pro rata bij een gedeeltelijk gewerkt dienstjaar. Als een tijdelijk arbeidsovereenkomst met een oproepkracht na een half jaar afloopt en de werkgever wil niet verlengen, dan moet de werkgever dus een zesde maandsalaris aan de werknemer betalen.
 
 

Zie ook:

Verandering oproepers flexwerkers met WAB regels

Proeftijdontslag, recht op transitievergoeding!

WAB – arbeidsovereenkomsten en de salarisadministratie
 
 
personeelszaken, personeelsdiensten,financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers,

door100% Salarisverwerking B.V.

Het recht op onbereikbaarheid opgenomen in gehandicaptenzorg

De werknemers in gehandicaptenzorg mogen baas officieel negeren.

               

Werknemers in de gehandicaptenzorg hebben een primeur. In hun cao is, voor het eerst in Nederland, het recht op onbereikbaarheid opgenomen. Ze hoeven vanaf nu niet meer op vrije dagen te reageren op berichtjes of telefoontjes van de baas.

Niet eerder werd zo’n akkoord in Nederland gesloten. Volgens vakbond FNV kwam het verzoek vanuit de leden zelf. Ze zijn het zat om altijd maar bereikbaar te moeten zijn.

,,Vrij betekent nu echt vrij voor de werknemers,” zegt FNV-bestuurder Karim Skalli.

Door het grote tekort aan personeel in de gehandicaptenzorg worden werknemers constant belast met de vraag of ze extra willen werken.

Skalli: ,,Via appgroepjes krijgen werknemers continu verzoekjes binnen voor het oppakken van een extra dienst. Als ze hier geen gehoor aangeven, worden ze door hun werkgever vreemd aangekeken.”

Het zit volgens Skalli in de werkcultuur ingebakken, daarnaast zijn zorgverleners van nature ontzettend begaan met hun cliënten.

,,Mensen in de gehandicaptenzorg hebben een groot verantwoordelijkheidsbesef.”

Nee zeggen terwijl hun hulp nodig is, is hierdoor erg lastig.

personeelszaken, personeelsdiensten,financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers, loonadministratie, salarisverwerking,
 

Werkstress ‘grote ziekmaker ‘

De FNV wil het recht op onbereikbaarheid ook opnemen in andere cao’s als de leden aangeven dat ze dat belangrijk vinden. In bedrijven in andere Europese landen staat het thema al langer op de kaart.

Zo biedt autofabrikant Daimler werknemers de mogelijkheid om als ze op vakantie zijn binnenkomende mailtjes automatisch te laten verwijderen. Bij Volkswagen worden mailtjes die na kantoortijd zijn binnengekomen pas de volgende ochtend bezorgd.

In Frankrijk is het zelfs sinds 2017 in de wet opgenomen dat werknemers het recht hebben om buiten werktijd onbereikbaar te zijn. Vorig jaar kwam de PvdA ook met een dergelijk voorstel. Kamerlid Gijs van Dijk noemt deze cao-afspraak dan ook “goed nieuws’. Hij wil dat alle werknemers de mogelijkheid krijgen op het recht op onbereikbaarheid.

Werkstress is volgens Van Dijk “een van de grootste ziekmakers” van deze tijd. “Als je thuis bent, na een drukke werkdag, wil je namelijk kunnen bijkomen en tijd aan je gezin kunnen besteden.”

 

Bron:NOS

 

preventie ziekteverzuim, verzuimkosten verlagen, verzuimverzekering, ziekteverzuimverzekering, ziekteverzuimverzekeringen,ziekteverzuim, verzuim, ziekteverzuimkosten,verzuimkosten,langdurig ziek, langdurig zieken, langdurig ziekteverzuim, terugdringen ziekteverzuim,

door100% Salarisverwerking B.V.

Verbod “slapend dienstverband” arbeidsongeschikten, door Advocaat-generaal

De Hoge Raad neemt een dergelijk advies vaak over .

                 

Werkgevers mogen werknemers die arbeidsongeschikt zijn verklaard niet langer in dienst houden om onder betaling van een ontslagvergoeding uit te komen, adviseert advocaat-generaal Ruth de Bock.

Het advies volgt op vragen die de rechtbank Limburg aan de Hoge Raad stelde naar aanleiding van een zaak over zogenoemde ‘slapende dienstverbanden’.

Bij een ‘slapend dienstverband’ zit een werknemer langdurig arbeidsongeschikt thuis, zonder nog loon te ontvangen. Toch wordt diegene in dienst gehouden, omdat de werkgever de transitievergoeding wil ontlopen. Bij ontslag na twee jaar of langer in dienst te zijn geweest, heeft een werknemer recht op deze vergoeding.
 
personeelszaken, hrm ondersteuning, wet en regelgeving, juridische zaken personeel, contacten, arbeidsovereenkomsten,
 

De zaak

Een werknemer die sinds een aantal jaren met ernstige rugklachten thuis zit, na tientallen jaren lichamelijk zwaar werk te hebben verricht, wordt door zijn werkgever in een ‘slapend dienstverband’ gehouden. De werknemer eist van zijn werkgever schadevergoeding, omdat de werkgever niet bereid is om het ‘slapende dienstverband’ te beëindigen, onder betaling van de wettelijke transitievergoeding.
 

Het gerechtshof

De rechtbank Limburg heeft in een vonnis van 10 april 2019 prejudiciële vragen gesteld over de vraag of, en zo ja onder welke omstandigheden, een werkgever als ‘goed werkgever’ akkoord moet gaan met het voorstel van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer tot beëindiging van het ‘slapende dienstverband’, onder betaling van de wettelijke transitievergoeding. Een prejudiciële vraag is een vraag van een rechtbank of gerechtshof aan de Hoge Raad over de uitleg van een rechtsregel. Daaraan kan behoefte bestaan, als de Hoge Raad over die vraag niet eerder heeft beslist. Wel moet het gaan om vragen die zich voordoen in een concrete zaak die bij een rechtbank of hof in behandeling is.
 

De Advocaat-generaal

Advocaat-generaal De Bock vindt dat een werkgever in beginsel verplicht is om op verzoek van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer, een ‘slapend dienstverband’ te beëindigen onder betaling van een bedrag ter hoogte van de transitievergoeding. Sinds er een wet is waarin is geregeld dat werkgevers door het UWV worden gecompenseerd voor betaling van de transitievergoeding aan een langdurig arbeidsongeschikte werknemer, gaat het argument dat een werkgever op hoge kosten wordt gejaagd, niet meer op. Bovendien is duidelijk dat de wetgever af wil van de ‘slapende dienstverbanden’. Op grond daarvan brengt de eis van ‘goed werkgeverschap’ met zich mee dat een werkgever een werknemer niet in een ‘slapend dienstverband’ mag houden, met als enige reden om de betaling van de transitievergoeding te ontlopen. Op de werkgever rust dus de verplichting om, op verzoek van de arbeidsongeschikte werknemer, het ‘slapende dienstverband’ te beëindigen, met betaling van een bedrag ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding. Dit kan anders zijn als de werkgever gerechtvaardigde belangen heeft om de arbeidsongeschikte werknemer toch in dienst te houden, bijvoorbeeld als er een reëel uitzicht is op re-integratie.
 

Volgens de wet deden bedrijven niets fout door mensen op deze wijze in dienst te houden. Als de Hoge Raad het advies overneemt, dan verandert dat.

 

Uitspraken

ECLI:NL:PHR:2019:899
 
 
personeelszaken, personeelsdiensten,financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers,

door100% Salarisverwerking B.V.

Handreiking gebruikelijkloonregeling vernieuwd

U bent een werknemer in een vennootschap of coöperatie waarin u een aanmerkelijk belang hebt?

           

Dan geldt voor u de gebruikelijkloonregeling. Ook is de opbouw van de handreiking gewijzigd.

belastingdienst, belastingen, loonbelasting,loon kortingen,loon regelingen,fiscale diensten, loonheffingen, loon, salaris, liv,lkv,

Wat is de gebruikelijkloonregeling?

De gebruikelijkloonregeling houdt in dat een aanmerkelijkbelanghouder wordt geacht een loon te krijgen dat normaal is voor het niveau en de duur van zijn arbeid. De gebruikelijkloonregeling geldt dus voor een persoon die werkt voor een vennootschap of een coöperatie waarin hij of zijn fiscale partner een aanmerkelijk belang heeft.
 

Het gebruikelijk loon moet minimaal het hoogste bedrag zijn van de volgende bedragen:

  • 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking
  • het loon van de meestverdienende werknemer bij de vennootschap of van de meestverdienende werknemer van een verbonden vennootschap van de werkgever
  • ten minste € 45.000

 

Is uw gebruikelijk loon € 5.000 of lager?

Is het gebruikelijk loon € 5.000 of lager? En kunt u dat aantonen? Dan geeft u voor dat werk het loon aan dat u kreeg. De grens van € 5.000 geldt voor het totaal van uw werkzaamheden voor alle vennootschappen of coöperaties waarin u een aanmerkelijk belang hebt. De grens geldt dus niet per onderneming.
 

Hebben anderen een lager loon?

Is het gebruikelijk dat anderen bij de meest vergelijkbare werkzaamheden een lager loon krijgen? En kunt u dat aannemelijk maken? Dan stellen wij het loon op dat lagere bedrag. Daarbij moet u een vergelijking maken met de meest vergelijkbare werkzaamheden uit loondienst waarbij een aanmerkelijk belang geen rol speelt.
 

Start-ups

Werkt u voor start-ups? Dan geldt een versoepeling van de gebruikelijkloonregeling. U mag in dat geval het wettelijk minimumloon nemen als gebruikelijk loon. Of, als dat lager is, het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking. Dit laatste moet u aannemelijk maken.

Om aangemerkt te kunnen worden als een start-up, moet uw werkgever voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Uw werkgever heeft in een kalenderjaar een S&O-verklaring.
  • Uw werkgever heeft in een kalenderjaar recht op het verhoogde starterspercentage (zie paragraaf 25.1.2 van het Handboek Loonheffingen).
  • Uw werkgever komt niet uit boven het ‘de minimis’-plafond voor wat betreft staatssteun volgens het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie. Voor werknemers die zijn verzekerd voor de werknemersverzekeringen, moet de werkgever een Verklaring De-minimissteun aanvragen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Voor een directeur-grootaandeelhouder geldt deze voorwaarde niet (zie paragraaf 16.1.1 van het Handboek Loonheffingen).

Heeft uw werkgever voor slechts een deel van het kalenderjaar een S&O-verklaring en recht op het verhoogde starterspercentage? Dan geldt deze regeling toch voor het hele kalenderjaar.

U mag de start-upregeling maximaal 3 jaar toepassen. Daarna geldt weer de hoofdregel.
 

Handboek loonheffingen

Meer over de gebruikelijkloonregeling leest u in Handboek loonheffingen Thema’s
 
 

Gerelateerd:

 
personeelszaken, personeelsdiensten,financiën, geldzaken, personeelszaken, personeelsdiensten, kosten medewerkers, vergoedingen medewerkers, loonadministratie, salarisverwerking,