Een onderbroken loontijdvak
Als een fulltime werknemer in een loontijdvak 1 of meer dagen geen loon ontvangt, is er sprake van een onderbroken loontijdvak. Dan kan het zijn dat u een andere tijdvaktabel moet gebruiken. Dit kan ook van toepassing zijn bij in- of uitdiensttreding van een werknemer.
Handreiking. Update 12 oktober 2023
In deze handreiking leest u hier meer over.
Hoofdregel
De hoofdregel is dat u de tijdvaktabel gebruikt die overeenkomt met het tijdvak waarover een werknemer loon geniet. Als bijvoorbeeld met een werknemer een loon per maand is afgesproken, gebruikt u de witte maandtabel.
Andere tijdvaktabel gebruiken
Als u in een loontijdvak van een maand 1 of meer dagen geen loon betaalt aan een fulltime werknemer, mag u de maandtabel niet toepassen. U zou dan rekenen met een te hoog bedrag aan algemene heffingskorting en arbeidskorting. U gebruikt dan de week- en/of dagtabel voor de dagen waarover u wel loon betaalt, ook al is het loontijdvak van de werknemer geen week of dag. Voor elke volle werkweek gebruikt u de weektabel en voor de resterende werkdagen de dagtabel.
Wanneer weektabel en/of dagtabel
In de volgende gevallen gebruikt u de week- en/of dagtabel:
- Een werknemer treedt in de loop van een loontijdvak in of uit dienst waardoor hij in het loontijdvak een aantal dagen geen loon krijgt.
- Een werknemer krijgt een aantal dagen geen loon van u, maar ontvangt bijvoorbeeld rechtstreeks van het UWV een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
- Een werknemer krijgt een aantal dagen geen loon, omdat hij onbetaald verlof opneemt.
- Een werknemer die recht heeft op vakantiebonnen, neemt vakantie op. De werknemer krijgt die vakantiedag(en) dus geen loon.
Wachtdagen
Als sprake is van 1 of meer wachtdagen bij ziekte waarbij de werknemer geen loon krijgt, dan is dat géén onderbreking van het loontijdvak. U kunt dit zien als het doorbetalen van het uurloon tegen € 0 per uur.
Parttimer
Voor parttime werknemers is de bovengenoemde regel niet van toepassing. Voor deze werknemers gebruikt u de tijdvaktabel die gelijk is aan het uitbetalingstijdvak. Er is sprake van een parttime werknemer als deze doorgaans op minder dan 5 dagen in de week werkt.
Fulltimer wordt parttimer
De situatie kan zich voordoen dat een fulltime werknemer onbetaald verlof opneemt en dat u ook voor deze werknemer voor die periode de tijdvaktabel moet toepassen die gelijk is aan het uitbetalingstijdvak. Hieronder vindt u een voorbeeld.
Voorbeeld
Antwoord
Omdat Piet een parttimer is, blijft voor hem de maandtabel gelden. Voor een parttimer geldt het uitbetalingstijdvak in plaats van het loontijdvak, dus u gebruikt de maandtabel. Als hij vervolgens een extra dag aan onbetaald (ouderschaps)verlof opneemt, verandert er niets aan de systematiek: de maandtabel blijft van toepassing.
Als een fulltimer onbetaald (ouderschaps)verlof opneemt, leidt dat tot een onderbreking van het loontijdvak. Maar als hij ‘doorgaans’ 1 of meer dagen/weken onbetaald verlof opneemt, dan geldt voor hem ook de tijdvaktabel van het uitbetalingstijdvak.
‘Doorgaans’ betekent dat de werknemer op meer dan 50% van de weken binnen het kalenderjaar op minder dan 5 dagen per week werkzaam moet zijn. Dit beoordeelt u per dienstbetrekking. Hierbij maakt u een inschatting van het te verwachten arbeidspatroon.
Stel dat Frans in het kalenderjaar 2 dagen per week onbetaald ouderschapsverlof opneemt gedurende 7 maanden. Hij neemt dan doorgaans voor 2 dagen per week onbetaald ouderschapsverlof op. De werkgever moet daarom voor hem de maandtabel blijven toepassen.
Meer informatie
Meer informatie over de tijdvaktabellen leest u in paragraaf 9.3.4 Handboek Loonheffingen. Hier vindt u ook een aantal rekenvoorbeelden.