Tag archief Werkbonus

door100% Salarisverwerking B.V.

Hoe hoog is de transitievergoeding bij ontslag?

Wie bepaald nu de hoogte van de transitievergoeding?

                 

De hoogte van de transitievergoeding die uw werkgever betaalt bij ontslag wordt bepaald op basis van 2 onderdelen: uw maandsalaris en de duur van het dienstverband. De vergoeding is maximaal € 83.000 bruto. Of, als uw jaarsalaris hoger is dan € 83.000, maximaal 1 bruto jaarsalaris. Sinds 1 januari 2020 is de berekening van de transitievergoeding veranderd.

 

Rekenhulpen transitievergoeding

Wilt u een indruk krijgen van de hoogte van de transitievergoeding? Vul dan één van de onderstaande rekenhulp in.

Als het ontslag plaatsvindt na 1 januari 2020, kunt u gebruikmaken van de Rekenhulp Transitievergoeding.

Als het ontslag plaatsvond vóór 1 januari 2020 kunt u als werknemer gebruikmaken van de rekenhulp transitievergoeding voor werknemers en als werkgever van de rekenhulp transitievergoeding voor werkgevers.

Dit is het geval indien:

  • de werkgever voor 1 januari 2020 een verzoek heeft ingediend bij UWV om toestemming voor opzegging van de arbeidsovereenkomst te verlenen;
  • de werkgever voor 1 januari 2020 een verzoek tot ontbinding heeft ingediend bij de kantonrechter;
  • u als werknemer voor 1 januari 2020 heeft ingestemd met de opzegging door de werkgever.

Let op: de rekenhulp geeft een idee. De werkelijke vergoeding kan anders uitvallen.
 

Berekening transitievergoeding per 1 januari 2020

Vanaf 1 januari 2020 heeft u vanaf de eerste dag van uw arbeidsovereenkomst recht op een transitievergoeding bij ontslag. De berekening van de transitievergoeding gaat als volgt:

  • U krijgt 1/3 maandsalaris per heel dienstjaar vanaf uw eerste werkdag;
  • De transitievergoeding over het resterende deel van de arbeidsovereenkomst wordt berekend volgens de formule: (bruto salaris ontvangen over resterende deel arbeidsovereenkomst / bruto maandsalaris) x (1/3 bruto maandsalaris /12 )
  • Deze formule wordt ook gebruikt voor het berekenen van de transitievergoeding als de arbeidsovereenkomst korter dan een jaar heeft geduurd.

Voorbeeld 1: de arbeidsovereenkomst duurde 9 jaar en 5 dagen. Het bruto maandsalaris was € 3.000. Het bruto uurloon was € 20. De werknemer werkte 8 uur per dag.

  • Eerst wordt de vergoeding berekend over het aantal volledig gewerkte jaren: 9 jaar x (1/3 van € 3.000) = € 9.000.
    Daarna wordt de vergoeding berekend over de laatste 5 dagen. Het totale salaris over de laatste 5 dagen is: 5 x 8 (gewerkte uren) x € 20 (bruto uurloon) = € 800.
  • De berekening volgens de formule is: het bruto salaris ontvangen over resterende deel arbeidsovereenkomst gedeeld door volledig maandsalaris, maal 1/3 bruto maandsalaris gedeeld door 12 (maanden). Oftewel (800/ 3000) x (1000/12) = 22,22
  • Het totaal aan transitievergoeding is € 9.000 + € 22,22 = € 9.022,22
  • Voorbeeld 2: De werknemer wordt tijdens zijn proeftijd ontslagen. De arbeidsovereenkomst heeft in totaal 5 dagen geduurd. Het brutosalaris over deze 5 dagen is € 800. Dit wordt beschouwd als het loon per maand. De berekening is dan als volgt:

  • (€ 800 / € 800) x (1/3 x € 800)/12) = 1 x (€ 266,67/12) = € 22,22. De werknemer krijgt dus € 22,22 transitievergoeding voor de 5 dagen dat hij in dienst was.

 

Vervangende voorziening voor transitievergoeding in cao

In een cao kan worden vastgelegd dat een ontslagen werknemer een vervangende voorziening krijgt in plaats van een transitievergoeding. Vanaf 1 januari kan dit alleen nog maar bij ontslag om bedrijfseconomische redenen. Ook hoeft de vervangende voorziening niet meer gelijkwaardig te zijn aan de wettelijke transitievergoeding. Wel moet de voorziening bestaan uit maatregelen om werkloosheid te voorkomen of in duur te beperken. Of uit een redelijke financiële vergoeding. Een combinatie van beide kan ook.
 

Berekenen van het bruto maandsalaris

Voor de berekening van de transitievergoeding moet het bruto maandsalaris worden berekend. Dit berekent u als volgt:

  • Basis bruto maandsalaris bij vaste arbeidsduur

    Heeft u een vaste arbeidsduur? Het bruto maandsalaris is dan het bruto uurloon vermenigvuldigd met de arbeidsduur per maand. Dit geldt voor arbeidsovereenkomsten met een vast aantal uren.

  • Basis bruto maandsalaris bij oproepcontract

    Is er sprake van een oproepcontract? Dan wordt het bruto uurloon vermenigvuldigd met de gemiddelde arbeidsduur per maand.

  • Basis bruto maandsalaris bij stukloon of provisie

    Bestaat een deel van het loon uit stukloon of provisie? Dan geldt het gemiddeld dat de werknemer hiervan per maand heeft ontvangen in de 12 maanden voordat de arbeidsovereenkomst eindigde. Hierbij moet de vakantiebijslag en de vaste eindejaarsuitkering worden opgeteld.

Toevoegen andere looncomponenten

Bij het basis bruto maandsalaris telt u eventueel ander loon en de vakantiebijslag op. Als er sprake is van een vaste eindejaarsuitkering telt u 1/12 deel daarvan op bij het basis bruto maandsalaris.

Als ze van toepassing zijn worden de volgende vormen van salaris in de berekening meegeteld:

  • ploegentoeslagen;
  • overwerkvergoedingen;
  • bonussen;
  • winstuitkeringen;
  • variabele eindejaarsuitkeringen.

 

Ziekte en berekening transitievergoeding

Was u ziek voordat u werd ontslagen of op het moment van uw ontslag? Dan heeft dit geen gevolgen voor uw arbeidsduur. En ook niet voor de hoogte van uw basis bruto maandsalaris. Voor de berekening van uw transitievergoeding wordt dus uitgegaan van uw normale, laatstverdiende bruto maandsalaris.
 

Aftrek van kosten voor scholing, outplacement

Kosten van bijvoorbeeld outplacement of scholing kunnen worden afgetrokken van de transitievergoeding. Of kosten die uw werkgever heeft, omdat een langere opzegtermijn wordt gehanteerd en u gedurende deze periode bent vrijgesteld van werk. Deze kosten moeten zijn gemaakt met het oog op het ontslag en in overleg met de werknemer.

Heeft uw werkgever tijdens de arbeidsovereenkomst kosten gemaakt om uw inzetbaarheid buiten de organisatie te bevorderen? Dan kunnen ook deze kosten in overleg met u in mindering worden gebracht.

Voor het in mindering kunnen brengen van kosten op de transitievergoeding gelden de volgende voorwaarden:

  • Uw werkgever heeft de kosten gespecificeerd en u hierover geïnformeerd.
  • U stemt vooraf schriftelijk in met het in mindering brengen van de kosten op de transitievergoeding.
  • De kosten zijn gemaakt door uw werkgever zelf.
  • De kosten zijn gemaakt ten behoeve van u.
  • Loonkosten mogen niet in mindering worden gebracht. Dit is anders als u en uw werkgever een langere opzegtermijn afspreken en u in deze periode bent vrijgesteld van werk.
  • De kosten staan in een redelijke verhouding tot het doel waarvoor de zijn gemaakt.
  • De kosten komen in mindering op dat deel van de transitievergoeding dat is opgebouwd in de periode waarin de kosten zijn gemaakt of hierna.
  • De kosten kunnen niet elders door uw werkgever worden gedeclareerd.
  • De kosten kunnen niet op u worden verhaald via bijvoorbeeld een studiekostenbeding.

Voor duale opleidingen gelden een aantal van deze voorwaarden niet. Het gaat om opleidingen in de beroepsbegeleidende leerweg (bbl) en duale opleidingen in het hoger en wetenschappelijk onderwijs.

Bekijk de voorwaarden voor duale opleidingen in het Besluit voorwaarden in mindering brengen kosten op transitievergoeding.
Let op: de mogelijkheid om kosten in mindering te brengen die tijdens het dienstverband zijn gemaakt voor scholing wordt verruimd. De wijziging gaat in de loop van 2020 in. Op dit moment kan de werkgever alleen kosten in mindering brengen op de transitievergoeding die zijn gericht op het vergroten van de inzetbaarheid van de werknemer buiten de eigen organisatie. Na de verruiming kunnen onder voorwaarden ook kosten die zijn gemaakt om de inzetbaarheid van de werknemer in een andere functie binnen de organisatie van de werkgever te vergroten in mindering worden gebracht.
 

Transitievergoeding in termijnen

Kan uw werkgever de transitievergoeding niet in 1 keer betalen, omdat dit de bedrijfsvoering schaadt? Dan kan de werkgever die in termijnen betalen, verspreid over maximaal 6 maanden.

Betaalt uw werkgever de transitievergoeding in termijnen? Dan is hij wel steeds wettelijke rente verschuldigd vanaf 1 maand na het einde van het contract. De rente wordt berekend over dat deel van de transitievergoeding dat nog niet is uitgekeerd.
 

WAB: de transitievergoeding – informatie voor werkgevers en werknemers

In deze factsheet staat op hoofdlijnen beschreven waar werkgevers en werknemers met ingang van 1 januari 2020 rekening mee moeten houden met betrekking tot de transitievergoeding.
PDF downloadWAB: de transitievergoeding – informatie voor werkgevers en werknemers. 
 
 

Gerelateerd:

Hoe hoog is de transitievergoeding bij ontslag?
Transitievergoeding?
Transitievergoeding pas als de werknemer erom vraagt?
Compensatie transitievergoeding na 2 jaar ziekte
 
WAB 2020, wet arbeidsmarkt in balans, wab wet arbeidsmarkt in balans, 2020 wab, 2020 wet arbeidsmarkt in balans,

door100% Salarisverwerking B.V.

2018 nog tijd voor een bonus?

Geef u werknemers nog voor 2019 een bonus.

                               

Als de werkgever aan het einde van 2018 nog vrije ruimte over heeft en hij denkt erover een of meer werknemers een bonus te geven, kunt u deze bonus in de vrije ruimte laten vallen.

1 januari 2019 wijzigingen,Geboorteverlof, minimumloon, pensioen, affectieschade, Personeelsvertegenwoordigingen, zwangerschapsverklaring, arbeidsongeval,fiscalebijtelling, lonend werk, AOW-leeftijd ,Het wettelijk minimumloon, transitievergoeding,Verzamelwet SZW 2019,30%-regeling ,

Daarbij gelden wel als voorwaarden dat u de bonus nog in 2018 uitbetaalt en voldoet aan het gebruikelijkheidscriterium. Dit betekent dat de bonus niet meer dan 30 procent mag afwijken van wat voor vergelijkbare werknemers in dezelfde sector gebruikelijk is.

Maximaal 2.400 euro

De Belastingdienst keurt een bonus van maximaal 2.400 euro per werknemer per jaar in ieder geval goed. U hoeft daarvoor geen bewijs of onderbouwing te leveren. Ook directeur-grootaandeelhouders mogen zichzelf een bonus van 2.400 euro toekennen, mits de vrije ruimte daarvoor voldoende is.

Als de werkgever een hogere bonus wil toepassen, dan moet u bewijzen dat een dergelijke bonus gebruikelijk is in uw sector.

 

gelukkig nieuwjaar 2019, de beste wensen 2019, 2019 groet 100% salarisverwerking, 100% salaris 2019, 100% loon 2019,100% salaris 2019,

door100% Salarisverwerking B.V.

Veranderingen per 1 januari 2018

Ben je ondernemer of in loondienst?  Let op deze veranderingen per 1 januari 2018

 
                 
Het aftellen voor de jaarwisseling is begonnen. In de aanloop naar 2018 nemen we per thema de belangrijkste financiële veranderingen voor u portemonnee door.

In het laatste deel van de serie staan ondernemers en werknemers centraal. Wat heeft 2018 in petto voor de hardwerkende Nederlander?

Grote veranderingen staan er niet op stapel voor ondernemers. Mkb’ers, Zzp’ers en opdrachtgevers hoeven ook de komende maanden niet te vrezen voor boetes of naheffingen voor het niet naleven van de Wet DBA, die schijnzelfstandigheid moet tegengaan. Er is een nieuwe wet in de maak, maar dat kan nog even duren.

Ondernemers die mensen in dienst nemen van 56 jaar of ouder, krijgen straks een compensatie als deze werknemers vanwege ziekte uitvallen. De overheid probeert zo ondernemers te stimuleren om langdurig werkloze ouderen aan te nemen.

Verder worden diverse bedragen aangepast, zoals de maximale inleg voor de Fiscale Oudedagreserve (FOR) en de ontslagvergoeding.

Een overzicht van alle wijzigingen per 1 januari 2018:

Voorlopig geen boetes voor wet DBA

Zzp’ers en opdrachtgevers hoeven voorlopig niet bang te zijn voor een boete of naheffing van de fiscus voor het niet naleven van de Wet DBA (officieel: de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties), die schijnzelfstandigheid zou moeten tegengaan. De wet wordt in elk geval tot 1 juli 2018 niet gehandhaafd.

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken hoopt begin volgend jaar meer duidelijkheid te kunnen verschaffen aan alle partijen hoe ze hun zakelijke relatie moeten vormgeven. Hij verwacht pas in 2020 met een nieuwe wet te komen.

Btw-aangifte corrigeren alleen nog digitaal

Heb je een fout gemaakt bij je btw-aangifte, dan kun je dat corrigeren met een zogeheten suppletie omzetbelasting. Vanaf 1 januari 2018 kan dat alleen nog digitaal.

Sommige aftrekposten iets aangepast

Voor ondernemers bestaan er diverse interessante aftrekposten voor investeringen. Er zijn drie smaken: de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA), de energie-investeringsaftrek (EIA) en de milieu-investeringsaftrek.

als de KIA

De KIA is het meest bekend. Deze is bedoeld voor ondernemers die kleine tot middelgrote investeringen doen. Komend jaar gaat de bovengrens om voor aftrek in aanmerking te komen omhoog van 312.176 euro naar 314.673 euro. Ook worden sommige aftrekbedragen iets verruimd, waardoor je wellicht een wat hoger bedrag kunt aftrekken van je winst. De bedrijfsmiddelen waarin je investeert moeten wel in aanmerking komen voor deze aftrekpost.

de EIA

De energie-investeringsaftrek (EIA) is bedoeld om investeringen in energiebesparende bedrijfsmiddelen of in duurzame energie te stimuleren. Het aftrekpercentage voor de EIA daalt al enkele jaren. Komend jaar bedraagt dit 54,5 procent: een half procentpunt lager dan nu.

Net als dit jaar kom je alleen in aanmerking voor deze aftrekpost bij investeringen boven de 2.500 euro. De bovengrens schuift wel naar boven, van 120 naar 121 miljoen euro. Welke investeringen hiervoor in aanmerking komen, kun je checken op deze website.

Andere aftrekposten blijven gelijk

De Milieu-investeringsaftrek (MIA), gericht op investeringen in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen, blijft ongewijzigd. Ook andere bekende aftrekposten, zoals de zelfstandigenaftrek, de starters- en stakingsaftrek veranderen niet. Dat geldt eveneens voor de mkb-winstvrijstelling.

De aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk (S&O) daarentegen gaat wel iets omhoog, van 12.4522 euro naar 12.623 euro. Als je in een of meer van de vijf voorafgaande kalenderjaren geen ondernemer was en bij jou in die periode niet meer dan tweemaal de S&O-aftrek is toegepast, wordt de aftrek verhoogd met 6.315 euro. Dat is een iets hoger bedrag dan dit jaar (6.264 euro).

Starterskrediet omhoog

Het maximale starterskrediet stijgt in 2018 licht, van 35.677 euro naar 36.155
loonstijging/daling 2018,lonen loo, salaris, uitbesteden loon, salaris uitbesteden,

Hogere inleg FOR

De Fiscale Oudedag Reserve (FOR) is een bedrag dat je als ondernemer in mindering mag brengen op de winst. Je hoeft hierover geen belasting te betalen tot je jouw bedrijf beëindigt. Komend jaar kun je een iets lager percentage van je winst gebruiken voor de FOR: 9,44 procent (tegen 9,8 procent nu). Ook daalt de maximale inleg. Deze bedraagt komend jaar 8.775 euro, tegen 8.946 euro nu.

Hogere ontslagvergoeding

Wie wordt ontslagen, kan recht hebben op een ontslagvergoeding of transitievergoeding. De maximale transitievergoeding wordt komend jaar verhoogd naar 79.000 euro óf een jaarsalaris, als dat hoger is dan 79.000 euro. Nu is dat nog 77.000 euro. De transitievergoeding kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor scholing.

No-risk voor werkloze vanaf 56 jaar

Ondernemers die mensen in dienst nemen van 56 jaar of ouder, krijgen vanaf 2018 een compensatie als deze werknemers vanwege ziekte uitvallen. Deze regeling geldt voor nieuwe medewerkers die langer dan één jaar werkloos zijn en een WW-uitkering ontvangen.

De overheid wil hiermee werkgevers stimuleren om werkloze vijftigplussers aan te nemen. Nu moeten werkgevers het loon van elke zieke werknemer twee jaar doorbetalen en dat weerhoudt velen ervan om oudere mensen in dienst te nemen.

En er is nog meer goed nieuws: de ziekte van deze werknemers leidt niet tot een hogere premie voor de ziektewet.

Minimumloon iets omhoog

Het minimum loon gaat op 1 januari 2018 met 0,8 procent omhoog. Werknemers vanaf 22 jaar hebben bij een fulltime dienstverband recht op 1.578 euro per maand. Nu is dat nog 1.565,40 euro.

Ook het minimumjeugdloon stijgt met 0,8 procent. Ter compensatie kunnen werkgevers wel een tegemoetkoming krijgen als zij jongeren van 18 tot en met 21 jaar in dienst hebben.

Ook minimumloon bij overwerk

Vanaf 1 januari moeten werknemers ook minimaal het minimumloon ontvangen voor overwerk. Dit geldt ook voor personeel dat in deeltijd werkt en extra uren draait. Ook moeten werkgevers 8 procent vakantietoeslag betalen over de uitbetaalde overuren.

Verder hebben mensen die op basis van een zogeheten opdrachtovereenkomst (ovo) werken voortaan recht op het wettelijk minimumloon. Zzp-ers vallen daarbuiten.

Loonkostenvoordeel vervangt premiekortingen

Ondernemers die werkloze ouderen, jongeren en arbeidsgehandicapten in dienst nemen, krijgen komend jaar te maken met het loonkostenvoordeel (LKV) in plaats van premiekortingen. Dit moet werkgevers stimuleren om mensen in dienst te nemen die het lastiger hebben op de arbeidsmarkt.

Ondernemers zijn nu nog zelf verantwoordelijk voor het berekenen en verrekenen van de premiekorting via de loonaangifte. Straks keert de Belastingdienst het hele bedrag in één keer uit, na afloop van het jaar.

AOW-leeftijd verder omhoog

De AOW-leeftijd stijgt met drie maanden naar 66 jaar. Dit betekent dat je nog langer AOW-premies moet betalen en je AOW-uitkering ook later zult ontvangen. Verder neemt de hoogte van de AOW-uitkering komend jaar iets toe.

De komende jaren gaat de AOW-leeftijd nog verder in stappen omhoog, naar 67 jaar en drie maanden in 2022. Daarna wordt de verhoging gekoppeld aan de levensverwachting. Omdat deze minder hard stijgt dan verwacht, gaat de AOW-gerechtigde leeftijd in 2023 niet verder omhoog.
Aow en och werken, met pensioen en werk,werken en AOW, pensioen en aanvulling

Pensioenen

Nederlanders met een aanvullend pensioen of een lijfrente-uitkering tot 2.750 euro gaan er komend jaar netto iets op vooruit. Dit varieert van 1,25 tot 6,88 euro per maand, afhankelijk van de hoogte van je pensioen.

De bijdrage voor de Zorgverzekeringswet gaat omhoog en de meeste pensioenen worden komend jaar niet geïndexeerd. Daar staat wel een hogere ouderenkorting tegenover.

Werkbonus verdwijnt

Vanaf 1 januari 2018 vervalt de werkbonus.

Heffingskortingen aangepast

Heffingskortingen zijn kortingen op de belasting die je bent verschuldigd. Hoe hoger de korting, hoe minder belasting je hoeft te betalen en hoe meer je dus netto overhoudt.

De algemene inkomensafhankelijke heffingskorting gaat komend jaar omhoog voor mensen met een inkomen tot 20.142 euro. Ook de maximale arbeidskorting voor lagere inkomens gaat fractioneel omhoog. Verder worden de tarieven voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting iets aangepast. De nieuwe tarieven vind je hier.

Aanpassing belastingschijven

De derde schijf van de loon- en inkomstenbelasting wordt met 995 euro verlengd, waardoor je pas later in het toptarief terechtkomt. Ook de eerste schijf wordt verlengd.

Verder wijzigen de tarieven. Het tarief in de tweede en derde schijf gaat licht omhoog, terwijl het tarief in de vierde schijf iets omlaag. De exacte bedragen lees je in dit artikel.

Zwartspaarders harder bestraft

De inkeerregeling voor buitenlands vermogen wordt vanaf 1 januari afgeschaft. Je hebt dus nog tot de jaarwisseling om buitenlands vermogen te melden aan de fiscus. Daarna riskeer je strafrechtelijke vervolging en een boete die kan oplopen tot 300 procent van de verschuldigde belasting.

Hoger vermogen bijstandsuitkering

Zit je in de bijstand, dan mag je komend jaar een iets hoger vermogen bezitten. Ben je een alleenstaande ouder of voer je een gezamenlijke huishouding, dan mag je 12.040 euro aan eigen vermogen, zoals spaargeld, hebben. Nu is dat nog 11.880 euro. Voor alleenstaanden ligt de grens op 6.020 euro (tegen 5.940 euro nu). Bij de berekening van het eigen vermogen telt ook de overwaarde op een eigen huis mee.

Tijdelijke bijstand ondernemers

Wie al langere tijd ondernemer is en tijdelijk niet rond kan komen, kan in aanmerking komen voor een zogeheten Bbz-uitkering. Deze vult het inkomen aan tot bijstandsniveau. Het is een tijdelijke tegemoetkoming: je kunt er in principe maximaal twaalf maanden van gebruik maken.

Wie hiervoor komend jaar in aanmerking wil komen, mag een vermogen hebben van 188.997 euro. Dat is iets hoger dan nu (186.498 euro). Kom je boven de grens uit, dan wordt de uitkering gegeven in de vorm van een lening. Eigen vermogen dat aan je bedrijf is verbonden, wordt bij de berekening van dat bedrag buiten beschouwing gelaten.

Bron: BI

salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, salarisadministratie, loonverwerker, loonverwerkers, loonadministratie, salaris administratie, salaris en loon regelingen, loonbelasting, loonpremies, salaris, ,loonregelingen, salaris premies, loonbelastingen, loon berekeningen, salaris berekening, personeelskosten, personeelspremies, administratie personeel,