Tag archief jaarloon

door100% Salarisverwerking B.V.

Handreiking lage-inkomensvoordeel (LIV)

Een werkgever kan een tegemoetkoming in de loonkosten krijgen, als hij een werknemer met een laag loon in dienst neemt of heeft .
    
Dit is het lage-inkomensvoordeel (LIV). In deze handreiking leest u wat de voorwaarden zijn.

Een werkgever heeft recht op het LIV voor elke werknemer die voldoet aan onderstaande 4 voorwaarden.

De werknemer:

  • is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen
  • had een gemiddeld uurloon in 2020 van minimaal € 10,29 en maximaal € 12,87 heeft een gemiddeld uurloon in 2021 van minimaal € 10,48 en maximaal € 13,12
  • heeft ten minste 1.248 verloonde uren per kalenderjaar
  • heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt

 

Gemiddeld uurloon

De minimum- en maximumbedragen van het gemiddelde uurloon zijn gebaseerd op het wettelijk minimumloon voor werknemers van 21 jaar en ouder plus 8% vakantietoeslag.

U toetst het gemiddelde uurloon van de werknemer aan het laagste en hoogste uurloonbedrag.

Het gemiddelde uurloon van een werknemer is zijn jaarloon gedeeld door het aantal verloonde uren. Het jaarloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking dat de werkgever aan de werknemer betaalt zolang de werknemer bij de werkgever in dienst is, en is verzekerd voor 1 of meer werknemersverzekeringen.
 
Geen onderdeel van het jaarloon zijn:

  • ZW-uitkeringen die een werkgever als eigenrisicodrager na afloop van de dienstbetrekking betaalt aan een ex-werknemer.
  • WGA-uitkeringen die de werkgever als eigenrisicodrager aan de werknemer betaalt.
  • WAO-, WIA- en WW-uitkeringen die de werkgever namens UWV aan de werknemer betaalt.
  • nabetalingen die de werkgever na afloop van de dienstbetrekking doet.

Als uitgangspunt voor het jaarloon neemt u kolom 8 van de loonstaat.

 

Let op!

Als een werkgever pensioenpremie inhoudt, kan het gemiddeld uurloon lager zijn dan € 10,29 (2020). Als een werknemer onregelmatigheidstoeslagen of bonussen krijgt, kan het gemiddeld uurloon hoger zijn dan € 12,87 (2020). De werkgever heeft dan geen recht op het LIV.

 

Werknemers jonger dan 21 jaar

De minimum- en maximumbedragen van het gemiddeld uurloon gelden ook voor werknemers die jonger zijn dan 21 jaar. Verdienen zij minder, dan ontvangt de werkgever mogelijk het jeugd-LIV.

 

1.248 verloonde uren per kalenderjaar

De voorwaarde van 1.248 verloonde uren per kalenderjaar geldt ook als de werknemer in de loop van het jaar in dienst komt. Deze uren worden niet evenredig verminderd.
Neemt een werkgever een onderneming over, dan tellen de verloonde uren van de werknemers bij de overdragende werkgever niet mee.

 

Meerdere inkomstenverhoudingen

Heeft de werknemer 2 of meer inkomstenverhoudingen bij de werkgever? Bijvoorbeeld omdat hij onder verschillende subnummers valt? Kijk dan naar het gemiddelde uurloon en de verloonde uren van deze inkomstenverhoudingen samen, om te bepalen of u voor deze werknemer recht hebt op het LIV.

 

AOW-leeftijd

Bereikt de werknemer in het begin van een kalenderjaar de AOW-leeftijd en stopt hij daarna met werken? Dan wordt de eis van 1.248 uren waarschijnlijk niet gehaald. De werkgever heeft dan geen recht op het LIV.

Als de werknemer na het bereiken van de AOW-leeftijd doorwerkt, dan tellen de verloonde uren na het bereiken van de AOW-leeftijd mee.
Voldoet de werknemer aan de uren-eis, dan heeft een werkgever nog recht op het LIV voor de verloonde uren van het aangiftetijdvak waarin de werknemer die leeftijd bereikt. Behalve als de werknemer de AOW-leeftijd bereikt op de 1edag van het aangiftetijdvak. Dan heeft een werkgever voor dat tijdvak geen recht meer op het LIV.

Voorbeeld
Een werknemer bereikt op 2 maart de AOW-leeftijd. Hij blijft doorwerken. In het kalenderjaar heeft hij meer dan 1.248 verloonde uren. De werkgever heeft recht op het LIV voor de tijdvakken januari, februari en maart. Vanaf april stopt het recht op het LIV.
Als hij op 1 maart de AOW-leeftijd bereikt, dan stopt het recht op LIV vanaf maart.

 

Geen aanvraag LIV

Een werkgever hoeft het LIV niet aan te vragen. UWV gebruikt de rubriek ‘Aantal verloonde uren’ in de loonaangifte om vast te stellen of een werkgever recht heeft op het LIV. Het is daarom belangrijk dat u deze rubriek correct invult.

 

Wanneer ontvangt een werkgever het LIV over 2020?

De Belastingdienst betaalt het LIV uiterlijk op 12 september 2021.

 

Berekening LIV

1. Een werkgever ontvangt van UWV vóór 15 maart 2021 een voorlopige berekening van het LIV. Die berekening is gebaseerd op de aangiften en correcties over 2020 die u tot en met 31 januari 2021 hebt gedaan.

2. Bent u het niet eens met die berekening, of vindt u dat u ten onrechte geen voorlopige berekening hebt gekregen? Dan kunt u tot en met 1 mei 2021 correcties over 2020 sturen. Die neemt UWV nog mee in de definitieve berekening van het LIV.
Correcties na 1 mei neemt UWV niet meer mee in de definitieve berekening, maar wel in de polisadministratie. Zijn uw aangiften juist, neem dan contact op met UWV.

3. UWV stelt vast of een werkgever recht heeft op het LIV en berekent de hoogte hiervan. De Belastingdienst krijgt deze informatie van UWV en maakt hiervoor een beschikking op. De werkgever ontvangt deze beschikking vóór 1 augustus 2021.

4. De Belastingdienst betaalt het LIV uiterlijk op 12 september 2021 aan de werkgever.

 

Hoogte LIV

De hoogte van het LIV hangt af van het aantal verloonde uren.

Recht op LIV en LKV Als een werkgever voor een werknemer recht heeft op het LIV en het loonkostenvoordeel (LKV), dan ontvangt hij alleen de hoogste tegemoetkoming. Zijn de bedragen van het LIV en het LKV even hoog, dan ontvangt hij alleen het LKV.  Regelhulp financieel CV U kunt inzicht krijgen of een werkgever recht heeft op het LIV met de Regelhulp financieel CV. Deze regelhulp geeft ook een schatting over de hoogte van het inkomensvoordeel.  Wetsartikelen Artikel 3.1 en 3.2 Wet tegemoetkoming loondomein  Meer informatie  Handboek loonheffingen (paragraaf 26.2 en 26.4) Kennisdocument Wtl (hoofdstuk 2) Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2021  (pagina 142 tot en met 144) Instructietabel verloonde uren Memo verloonde uren  Gerelateerde handreikingen Nabetalingen geen onderdeel van jaarloon LIV  Vragen over LIV en LKV  Handreiking jeugd-LIV

 

Recht op LIV en LKV

Als een werkgever voor een werknemer recht heeft op het LIV en het loonkostenvoordeel (LKV), dan ontvangt hij alleen de hoogste tegemoetkoming. Zijn de bedragen van het LIV en het LKV even hoog, dan ontvangt hij alleen het LKV.

 

Regelhulp financieel CV

U kunt inzicht krijgen of een werkgever recht heeft op het LIV met de Regelhulp financieel CV. Deze regelhulp geeft ook een schatting over de hoogte van het inkomensvoordeel.

 

Wetsartikelen

Artikel 3.1 en 3.2 Wet tegemoetkoming loondomein

 

Meer informatie

Handboek loonheffingen (paragraaf 26.2 en 26.4)
Kennisdocument Wtl (hoofdstuk 2)
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2021 (pagina 142 tot en met 144)
Instructietabel verloonde uren
Memo verloonde uren

 
 

Gerelateerde handreikingen

Nabetalingen geen onderdeel van jaarloon LIV
Vragen over LIV en LKV
Handreiking jeugd-LIV
 
 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021Uitgave 3-28 januari 2021, loonheffing, aangifte,

door100% Salarisverwerking B.V.

30%-regeling: uitzondering op inkomensnorm voor aanvullend geboorte-, pleegzorg- en adoptieverlof

Werknemers die in Nederland komen werken, moeten onder andere een bepaald belastbaar jaarloon hebben om in aanmerking te komen voor de 30% regeling.
  
Als het belastbaar jaarloon lager is dan de inkomensnorm door aanvullend geboorte-, pleegzorg- of adoptieverlof, dan geldt een uitzondering.

Voor de bepaling van het belastbaar jaarloon voor de 30%‑regeling geldt een uitzondering. Wanneer dit belastbaar jaarloon lager is dan de inkomensnorm en dat komt door het ouderschaps- of zwangerschapsverlof, mag u uitgaan van het loon dat uw werknemer zonder dit verlof zou krijgen.
Deze uitzondering is uitgebreid met aanvullend geboorte-, pleegzorg- en adoptieverlof. Dit geldt met terugwerkende kracht tot 1 juli 2020.

Is het loon van uw werknemer lager dan het looncriterium door aanvullend geboorte-, pleegzorg- of adoptieverlof, dan mag u de 30%‑regeling vanaf 1 juli 2020 toch (blijven) toepassen.

 
 

Meer informatie

Meer informatie over de 30%-regeling en werknemers die in Nederland komen werken, vindt u in paragraaf 17.4.2 van het Handboek Loonheffingen.
 
 

Gerelateerd

Intrekking of wijziging aanvullend geboorteverlof!
Handreiking geboorteverlof partner en WW-premie
Hoe, aanvullend geboorteverlof aangeven in aangifte?
Aanvullend geboorteverlof vanaf 1 juli 2020
Eerste negen weken ouderschapsverlof vanaf 2022 deels betaald
Geboorteverlof voor partners
 
 
geboorteverlof voor partners , partnerschapsverlof, ouderschapsverlof, wet wieg, partnerverlof, Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG)

door100% Salarisverwerking B.V.

Aanpassen gebruikelijk loon aan lagere omzet door coronacrisis

Het gebruikelijk jaarloon voor een aanmerkelijkbelanghouder mag in 2020 verlaagd worden evenredig aan de omzetdaling.
      
De vormgeving en voorwaarden van deze maatregel zullen vergelijkbaar zijn met eenzelfde regeling uit 2009, besluit van 15 september 2009, CPP2009/1799M.

In de afgelopen weken heeft uw Kamer aandacht gevraagd voor een aantal zaken en ook diverse moties aangenomen die het kabinet oproepen om bepaalde vraagstukken nader te onderzoeken of te regelen. Ook het kabinet heeft in gesprek met ondernemers, belangenorganisaties en burgers signalen gekregen over problemen waar zij tegenaan lopen door het coronavirus en welke oplossingen hen daarbij kunnen helpen. Naar aanleiding van deze moties en deze dialoog kondig ik een van de volgende additionele tijdelijke fiscale maatregel aan:

1. Een verlaging van het gebruikelijk loon bij omzetdaling

 
coronavirus overzicht, COVID-19 nieuws, corona actueel, coronacrisis nieuws, coronavirus nieuws, corona maatregelen nieuws, corona-epidemie nieuws, Nieuws, actueel, Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving, personeelszaken, hrm,

Gebruikelijk loon

Aanmerkelijkbelanghouders (ab-houders) ondernemen via een vennootschap (bijvoorbeeld een bv) waar zij zelf vaak ook arbeid voor verrichten. Zij dienen in dat geval ten minste belasting te betalen over een wettelijk vastgelegde passende arbeidsbeloning, het zogenoemde gebruikelijk loon. Ook als de onderneming minder of geen omzet behaalt, moet de ab-houder daarover belasting betalen. Dit knelt, gelet op het grote verlies aan omzet in sommige sectoren vanwege de coronacrisis. Ik zal daarom tijdelijk, in het jaar 2020, toestaan dat ab-houders die te maken krijgen met een omzetdaling van een lager gebruikelijk loon mogen uitgaan, evenredig met de omzetdaling. Daarbij wordt hetzelfde deel van het jaar in 2020 dan vergeleken met dezelfde periode in 2019. Naar verwachting zullen rond de 135.000 ondernemers hiervan gebruik maken. De uitwerking van deze maatregel volgt zo spoedig mogelijk. De vormgeving van deze maatregel en de voorwaarden zullen vergelijkbaar zijn met eenzelfde regeling en voorwaarden die tijdens de kredietcrisis in 2009 zijn getroffen.(Besluit van 15 september 2009, CPP2009/1799M.)

 
 

Meer informatie:

Onderdeel 1, kamerbrief van 24 april van de staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst

door100% Salarisverwerking B.V.

Eerste loonstrookje van 2020 in januari ontvangen!

Wat blijft er onder aan de streep over als nettosalaris ?
                
Wie dezer dagen het eerste loonstrookje van 2020 ontvangt, kijkt uiteraard als eerste naar het nettoloon.
Als het goed is, behoort u tot het gros van de werknemers dat netto in 2019 iets meer overhoudt. Dankzij de gedaalde tarieven van de inkomstenbelasting en hogere heffingskortingen.

Hou er wel rekening mee dat wanneer u boodschappen doet, zorgpremie betaalt of de energiekosten worden afgeschreven, u met hogere kosten te maken hebt. Onder meer omdat het lage btw-tarief is verhoogd naar 9 procent en energieprijzen flink zijn gestegen.

Maar even terug naar het loonstrookje. Iedereen begrijpt wat het nettosalaris betekent. Dat is het bedrag dat op uw bankrekening wordt gestort. Maar hoe zit het met de rest van het loonstrookje?

Het loonstrookje is voor bijna iedereen een onbegrijpelijke brij van cijfers, moeilijk te plaatsen begrippen en niet te ontcijferen afkortingen.

Wij zetten een aantal begrippen voor u op een rijtje aan de hand van het fictieve loonstrookje van 100% Salarisverwerking.

Je loonstrookje bestaat uit grofweg drie delen, elk in meer of mindere mate (on)begrijpelijk. Per onderdeel kijken we naar enkele sleutelbegrippen.

Deel 1: Van Personalia en Loonheffing tot je Deeltijdfactor

Deel 2: De Berekening

Deel 3: Soorten loon op een rijtje

1.Van Personalia en Loonheffing tot u Deeltijdfactor

Los van personalia, bedrijfscodes en rekeningnummers staan er verschillende begrippen die wat uitleg behoeven.
loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,

Begin

De naam van de medewerker.
De periode waarin de loonstrook is gemaakt jaar-periode-tijdvak
 
Kolom 1:

  • Personeelsnummer
    Geboortedatum dag-maand-jaar
    Burgerlijke staat
    Afdeling
    Kostenplaats
    Functieomschrijving
    Anciënniteitsdatum (wordt alleen getoond bij gebruik)

loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,
Kolom 2:

  • In dienstdatum dag-maand-jaar
    Contract bepaalde tijd/onbepaalde
    Stam salaris: Bruto salaris op fulltime basis
    Parttime %: Percentage dat de medewerker heeft gewerkt op basis van het fulltime rooster
    Uurloon*: Bruto loon per uur (ook indien je vanuit een netto salaris werkt)
    Minimumloon: Bruto wettelijk minimumloon afhankelijk van leeftijd
    Salaris tabel: Salaristabel/ Salarisschaal
    Periode verhoging (wordt getoond alleen bij gebruik)

* bruto uurloon wordt berekend door het fulltime bruto periodesalaris te delen door het aantal fulltime bedrijfsuren per periode.

loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,
Kolom 3:

  • Kleur / Tabel: Kleur (wit = salaris, groen = pensioen) / Tijdvak
    LH/LHKorting: Loonheffing/ Loonheffingskorting toepassen
    ZVW/WW/WIA: Inhouding Zorgverzekeringswet/Werkloosheidswet/Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
    Speciale Tabel: Speciale regelingen voor de belasting
    Buitenl. Wn.: Toepassing van de 30% regeling voor buitenlandse werknemers
    Jaarloon Bijzonder tarief
    Tarief BT: Toegepast Bijzonder tarief

loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,
Kolom 4:

  • Periode: Periode waarin de loonstrook is gemaakt jaar-periode-tijdvak
    Aantal loonstroken 2020
    Uren per week
    Dagen gewerkt
    Verloonde uren
    Auto v/d zaak: Ja of nee
    Cat. waarde -%: cataloguswaarde van de auto van de zaak

De loonheffingskorting is een korting die ervoor zorgt dat u over een bepaald gedeelte van uw salaris geen belasting hoeft te betalen – een korting op de loonbelasting en de premies volksverzekeringen die u betaalt. Goed nieuws dus! Minder leuk is dat u deze korting maar bij één werkgever toe kunt laten passen. Heeft u op u twee banen allebei loonheffingskorting laten toepassen? Zet het dan op een van de twee stop, het liefst op die van het laagste bedrag.

Loonheffingstabel : Wit wil zeggen dat er loonheffing is berekend volgens de witte tabel, die geldt voor loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. De fiscus kent twee tabellen: een witte en een groene. Werkt u in loondienst, dan is de witte tabel op u van toepassing, de groene geldt wanneer u een uitkering krijgt of met pensioen bent.

De Deeltijdfactor, de term spreekt eigenlijk al voor zich. Werkt u 100 procent, dan is de Deeltijdfactor 1. Werkt u 80 procent? Dan is u Deeltijdfactor 0,8. 70 procent? Dan 0,7 enzovoorts.

Jaarloon bijz. bel. staat voor Jaarloon Bijzondere Belastingen. En dit staat weer voor het loon waarover u in het vorige kalenderjaar loonheffing hebt betaald. Kortom: het bruto jaarloon van vorig jaar. En waarom staat dit op uw loonstrookje? Van dit bedrag wordt het Tariefpercentage voor bijzondere beloningen afgeleid. En met dit percentage wordt weer loonheffing berekend over bijzondere beloningen, zoals vakantietoeslag, een bonus, eindejaarsuitkering of overwerk.
 

2.De Berekening

loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,

1. Bruto Het bruto salaris en de bruto vergoedingen (looncomponenten); indien je met netto-bruto componenten werkt dan staat er onder Waarde altijd de netto waarde (in geval van N/B urencodes die tegen netto uurloon 1/2 werken). Of het omgerekende bruto uurloon (indien je werkt met N/B urencodes waarbij het uurloontype ‘berekend’ is).

2. Branche De brancheregelingen (bijv. pensioenpremie en sociaal fonds); het is mogelijk om via de loonstrook de waardes op te vragen waarmee de grondslag wordt berekend.

3. Werknemer Verzekering Inhoudingen werknemersverzekeringen (WIA/WGA/WW)

4. Zvw Inhoudingen Zorgverzekeringswet

5. Loonheffing Inhouding Loonheffing

6. Netto Netto vergoedingen of inhoudingen (looncomponenten)

7. Totalen Het netto salaris van de medewerker

8. Betalen Het over te maken bedrag naar het rekeningnummer

9. De totale werkgeverslasten

Let op: De gegevens in het rode vlak zijn gegevens voor de werkgever. Als werknemer ziet u deze kolom NIET op uw loonstrook, u ziet hier dan de cumulatieven staan.

We lichten een post apart toe:

Fiscale bijtelling auto. Voor wie het nog niet wist: “Bijtelling” zijn de fiscale kosten van het privégebruik van een auto van de werkgever. De fiscale bijtelling wordt berekend op basis van een percentage van de fiscale waarde (lees: cataloguswaarde) van de auto. Als leaserijder betaal je bijtelling wanneer je jaarlijks meer dan 500 kilometer privé rijdt.

Overigens verhoogt deze bijtelling de grondslag voor de zorgverzekeringswet, de grondslag voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen en de grondslag voor de sociale verzekeringen.

Fisc. mind. auto bijdr. privé gebr. De fantastische afkorting staat natuurlijk voor “mindering eigen bijdrage privégebruik auto van de zaak“. Wie meer dan 500 kilometer privé met de auto van de zaak rijdt, heeft een bijtelling. Als de werknemer een eigen bijdrage voor het privégebruik heeft betaald aan de werkgever, is deze eigen bijdrage aftrekbaar van de bijtelling. Dat is dus die mindering.

Je ziet ook dat er bij onder meer de onbelaste onkostenvergoeding geen loonheffing plaatsvindt, zodat de bruto vergoeding netto hetzelfde oplevert.

3.Soorten loon op een rijtje

loonstrook uitleg 2020, loon 2020,loonstrook 2020, loonstrookje 2020, salaris 2020, verdienste 2020,

Onderaan de loonstrook wordt nog een drietal zaken getoond:

  • Reserveringen (indien ingeschakeld op in de salarisdocument instellingen)
  • Verlof (indien ingeschakeld op in de salarisdocument instellingen)
  • Cumulatieve waardes:
    • Fiscaalloon
    • SVW Loon
    • Loonheffing
    • Arbeidskorting cumulatief
    • Dagen gewerkt
    • Arbeidskorting d.p.
    • Verloonde uren

Er staan twee soorten loon: het fiscaal loon, en het SV-loon.

Het fiscaal loon is het loon dat je op je jaaropgaaf invult en waarover loonheffing is berekend. Het fiscaal loon is de som van bruto salaris en bijdrage zorgverzekeringswet (het is dus altijd hoger dan het brutoloon). Je ziet in de kolom rechts vervolgens ook de totaalbedragen terug van de loonheffing en de arbeidskorting die in mindering wordt gebracht op de te betalen belasting.

En SV-loon? Je SV-loon is de grondslag voor wat u werkgever allemaal betaalt aan sociale premies. Denk hierbij aan de werkgeversbijdrage voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering, ziektekostenverzekering en werkloosheidsuitkering.

Maar ook vakantiebijslag, eindejaarsuitkering, dertiende maand, ploegentoeslag en bijtelling van uw auto zijn gebaseerd op het SV-loon.

En Salaris? Dat is het brutoloon zoals dat in het tweede afbeelding hierboven als eerste post bij ‘bruto’ staat vermeld.
 

Meer informatie?

U kunt altijd contact opnemen met 100% Salarisverwerking over hoe en wat en natuurlijk het eventueel verzorgen van uw loonadministratie op 079 – 33 15 444.
 
 
loonkosten, loonadministratie, loonverwerking, loonverwerkers, loonadministrateurs, loon betalingen, salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, salarisadministratie, salarisadminitrateurs,

door100% Salarisverwerking B.V.

Let op, bij loontijdvak van een jaar!

*Wanneer geldt een loontijdvak van een jaar ?
                  
Hoe berekent u dan de loonbelasting/premie volksverzekeringen, de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) en de premies werknemersverzekeringen? De antwoorden op deze vragen vindt u in deze handreiking.

 

minimumjeugdloon. minimumloon, berekening salaris, berekenen loon, wet en regelgeving, overheid, belastingen, jeugd-LIV, LIV, Wet tegemoetkomingen loondomein,

Een loontijdvak van een jaar geldt in de volgende gevallen:

  • Het loon van een werknemer is per jaar vastgesteld. Hij ontvangt dit loon ook één keer per jaar.
  • Een aanmerkelijkbelanghouder voor wie de gebruikelijkloonregeling het gehele jaar geldt en die geen loon of een te laag loon heeft ontvangen. Voor hem geldt een fictief loon. Het genietingsmoment is in deze situatie het eind van het kalenderjaar.

 

Loonbelasting/premie volksverzekeringen berekenen

Er bestaat geen tabel voor een loontijdvak van een jaar. U moet dan herleiden. Daarbij knipt u het
loon op in delen waarvoor wél een tijdvaktabel bestaat.

Om de loonbelasting/premie volksverzekeringen te bepalen, gebruikt u de volgende praktische werkwijze:

  • U deelt het jaarloon door 4.
  • Op dit deel van het jaarloon past u de kwartaaltabel toe die geldt op het genietingsmoment.
  • U vermenigvuldigt de uitkomst van de kwartaaltabel met 4.

U mag ook de vierweken- of maandtabel gebruiken. Bij de vierwekentabel neemt u 1/13 van het jaarloon, past de vierwekentabel toe en vermenigvuldigt de uitkomst met 13. Als u de maandtabel gebruikt neemt u 1/12 van het jaarloon, past de maandtabel toe en vermenigvuldigt de uitkomst met 12.

 

Geen volledig jaar

Als de dienstbetrekking niet het volledige jaar heeft geduurd en er bestaat geen tabel voor het loontijdvak waarop het loon betrekking heeft, dan moet u ook herleiden.

 

Voorbeeld

Een werknemer is vanaf 1 augustus 2019 werkzaam voor een bv. In december 2019 ontvangt hij loon dat ziet op de maanden augustus tot en met december. Dit zijn 5 maanden. Voor het berekenen van de loonbelasting/premie volksverzekeringen deelt u het jaarloon door 5. Daarna past u de maandtabel toe en vermenigvuldigt u de uitkomst van de tabel met 5.

 

Code loonbelastingtabel

In de aangifte loonheffingen vermeldt u in de rubriek ‘ Code loonbelastingtabel ’ de code van de tabel die u gebruikt hebt. Hebt u gerekend met de kwartaaltabel, dan gebruikt u in de standaardsituatie code 011. Daarbij staat de 0 voor ‘zonder herleidingsregels’, de middelste 1 voor ‘ witte tabel met arbeidskorting ‘ en de laatste 1 voor loontijdvak ‘kwartaal ‘.

 

Geen tabel bijzondere beloningen

De tabel bijzondere beloningen is niet van toepassing als het loon betrekking heeft op het gehele jaar. Er is geen sprake van een bijzondere beloning, daarom gebruikt u de tijdvaktabel.

 

Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw en premies werknemersverzekeringen

Voor het berekenen van de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw geldt ook een loontijdvak van een jaar. Hetzelfde is van toepassing op de premies werknemersverzekeringen als een werknemer hiervoor verzekerd is.

Voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw en de premies werknemersverzekeringen geldt een maximumbijdrageloon en maximumpremieloon. Boven dit maximum hoeft u geen bijdrage en premies te berekenen. Voor 2019 is dit € 55.927 op jaarbasis.

 

Geen volledig jaar

Als de dienstbetrekking niet het volledige jaar geduurd heeft, dan herleidt u het jaarbedrag naar de periode waar het loon betrekking op heeft.

 

Voorbeeld

Een werknemer is vanaf 1 augustus 2019 werkzaam voor een bv. In december 2019 ontvangt de werknemer loon dat ziet op de maanden augustus tot en met december. Dit zijn 5 maanden. U neemt dan als maximumbijdrageloon en maximumpremieloon het maandbedrag van € 4660,58 en vermenigvuldigt dit met 5.

 

Voorbeeld fictief loon dga

Een dga heeft geen loon ontvangen in het kalenderjaar. Wel heeft hij een jaar fulltime gewerkt voor de bv. Een gebruikelijk loon voor zijn werkzaamheden is € 45.000. Omdat hij geen loon heeft ontvangen, moet de bv dit loon als fictief genoten loon in aanmerking nemen. Het genietingsmoment is 31 december.

 

Berekening loonbelasting/ premie volksverzekeringen

U rekent met een loontijdvak van een jaar. U deelt het fictieve loon van € 45.000 door 4 en past hierop de kwartaaltabel toe. Vervolgens vermenigvuldigt u de uitkomst van de tabel met 4. Zonder loonheffingskorting is de loonbelasting/ premie volksverzekeringen € 16.840. Met loonheffingskorting is de loonbelasting/ premie volksverzekeringen € 12.885.

 

Berekening inkomensafhankelijke bijdrage Zvw

Voor een dga geldt geen werkgeversheffing. U houdt u de bijdrage Zvw van 5,7% in op het nettoloon. Bij een loon van € 45.000 is dit € 2.565 (5,7% x € 45.000).

 

Maandelijks loon voor dga

Als een dga of een andere werknemer maandelijks loon ontvangt, moet u dit loon maandelijks verwerken in de aangifte loonheffingen. Het is dan niet toegestaan om het volledige loon te verwerken in één aangifte.

 

Meer informatie

Paragraaf 7.3.5 Handboek Loonheffingen
Codes voor de aangiften loonheffingen 2019
 

Gerelateerde handreiking

Dga’s: maandelijks loon aangeven
 

 
lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,

door100% Salarisverwerking B.V.

Nabetalingen geen onderdeel van jaarloon LIV

Loon dat u uitbetaalt na einde dienstbetrekking telt niet mee voor het jaarloon Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Het jaarloon is vooral belangrijk voor de bepaling van de hoogte van het lage-inkomensvoordeel (LIV) en het jeugd lage-inkomensvoordeel (jeugd-LIV).

Het jaarloon voor de Wtl is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking dat u in een kalenderjaar betaalt aan een werknemer die nog bij u in dienst is en die verzekerd is voor 1 of meer van de werknemersverzekeringen.

Nabetalingen na einde dienstbetrekking

Betaalt u een werknemer na einde dienstbetrekking nog loon uit dan telt dit niet mee voor de bepaling van het jaarloon voor de Wtl. De werknemer is namelijk op het moment van uitbetalen niet verzekerd volgens artikel 3 tot en met 6 Ziektewet. In de aangifte loonheffingen zet u de verzekeringsindicaties voor de werknemersverzekeringen op ‘nee’.
Dit is gebaseerd op artikel 1.1 h Wet tegemoetkomingen loondomein. Hierin vindt u de definitie van jaarloon:
h. jaarloon: het door een werknemer in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3 tot en met 6 van de Ziektewet in een kalenderjaar genoten loon uit tegenwoordige dienstbetrekking overeenkomstig het loon waarvan door de werkgever ingevolge artikel 28, eerste lid, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964 opgave aan de werknemer is gedaan;
 

Geen verzekeringsplicht, wel premieplicht

Als u na einde dienstbetrekking nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking uitbetaalt is er geen verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen. Het kan zijn dat er wel premieplicht is. Als er aanwas is van het premieloon moet u premies werknemersverzekeringen aangeven en betalen.
 
Meer over de berekening van werknemersverzekeringen leest u in de brochure ‘Toelichting loonberekening VCR’.
 

Let op!

Ook geen onderdeel van het jaarloon Wtl zijn:

  • ziektewetuitkeringen die u als eigenrisicodrager na afloop van de dienstbetrekking betaalt aan een ex-werknemer
  • WGA-uitkeringen die u als eigenrisicodrager aan de werknemer betaalt
  • WAO-, WIA- en WW-uitkeringen die u de werknemer namens UWV betaalt (zie paragraaf 7.6.2 Handboek Loonheffingen)

 

Wetsartikelen

Art 1.1 h Wet tegemoetkomingen loondomein
Art 3 t/m 6 Ziektewet

 
 

Meer informatie

Paragraaf 26.2.1 en 26.3.1 Handboek loonheffingen
Memo verloonde uren
Kennisdocument Wtl

 
 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2021Uitgave 3-28 januari 2021, loonheffing, aangifte,