Tag archief extraterritoriale kosten

door100% Salarisverwerking B.V.

Kortere looptijd 30% regeling en overgangsrecht

Staatssecretaris Snel van Financiën beantwoordt Kamervragen over het verkorten van de maximale looptijd van de 30%-regeling en het overgangsrecht.

           
In het wetsvoorstel Belastingplan 2019 is voorgesteld om de de looptijd van de 30%-regeling per 1 januari 2019 met drie jaar te verkorten van acht naar vijf jaar voor zowel de nieuwe als de bestaande gevallen.

Met de tweede nota van wijziging is in het wetsvoorstel Belastingplan 2019 een specifieke overgangsbepaling opgenomen voor ingekomen werknemers voor wie de looptijd van de 30%-regeling door de voorgestelde verkorting van de looptijd van de regeling zou eindigen in de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2020. Zij hebben tot uiterlijk 31 december 2020 recht op toepassing van de 30%-regeling.

salarisverwerking, loonadministratie, uitbesteden loonadministratie, salarisverwerkers, loonverwerking uitbesteden, cloud loon, salaris in de cloud, verwerking personeel, personeel premies, goedkoop hrm management, ess, verzuimregistratie, pensioenen, urenlijsten, personeelsbestanden,

Brief Belastingdienst

De werkgevers en werknemers die het betreft zijn in juni 2018 per brief geïnformeerd over de voorgenomen verkorting van de looptijd van de 30%-regeling.

De Belastingdienst zal de betrokkenen in een nieuwe brief informeren over het overgangsrecht. Voor de verschillende groepen werknemers geldt het volgende:

  • als de huidige einddatum valt in 2019 of 2020: voor deze werknemers zorgt het overgangsrecht ervoor dat zij niet uit de 30%-regeling vallen per 1 januari 2019, maar dat zij die huidige einddatum kunnen aanhouden;
  • als de huidige einddatum valt in 2021, 2022 of 2023: voor deze werknemers eindigt de looptijd door het overgangsrecht op 31 december 2020;
  • als de huidige einddatum valt in of na 2024: voor deze werknemers wordt de looptijd verkort met drie jaar.

De groepen 1 en 2 kunnen profijt hebben van het overgangsrecht. De gezamenlijke omvang van deze groepen wordt geraamd op 31.000 werknemers. Ongeveer de helft van deze groep zal meteen op 1 januari 2019 van het overgangsrecht gebruik kunnen maken. De andere helft kan daarvoor in de loop van 2019 of 2020 in aanmerking komen.

Werkelijk extraterritoriale kosten

Het overgangsrecht voor de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling geldt ook als de werkgever niet het forfait toepast, maar de werkelijke extraterritoriale kosten vergoedt.

Voor het onbelast kunnen vergoeden of verstrekken van de werkelijke extraterritoriale kosten geldt dat de werknemer tijdelijk buiten zijn land van herkomst moet zijn in het kader van de dienstbetrekking. Die tijdelijkheid wordt ingevuld met dezelfde termijn als die geldt voor de 30%-regeling voor ingekomen werknemers.

De Belastingdienst zal bij de uitleg van de vraag of een werknemer tijdelijk in Nederland verblijft in het kader van zijn dienstbetrekking voor de mogelijkheid de werkelijke extraterritoriale kosten onbelast te vergoeden zijn huidige beleid continueren, maar daarbij uitgaan van de nieuwe, kortere maximale looptijd van de 30%-regeling. In dezelfde lijn zal het voorgestelde overgangsrecht bij de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling voor ingekomen werknemers doorwerken naar deze groep, zodat voor deze groep eenzelfde overgangstermijn zal gelden.

Bij een in Nederland gevestigde werkgever die in het buitenland wonende werknemers in dienst heeft die af en toe in Nederland werken, kunnen voor die werknemers ook buiten deze overgangstermijn na vijf jaar sprake zijn van extraterritoriale kosten die onbelast kunnen worden vergoed.

Uit het evaluatierapport van Dialogic blijkt dat er in vergelijking tot de Nederlandse beroepsbevolking relatief veel gebruikers van de 30%-regeling werkzaam zijn in de academische sector en de ICT-sector.

Positief voor vestigingsklimaat

Dat het voordeel van de 30%-regeling in bepaalde gevallen voor een deel bij de werkgever terechtkomt, past bij de doelen van de regeling, met name bij het leveren van een bijdrage aan het aantrekkelijk en competitief houden van het Nederlandse vestigingsklimaat.

Het overgangsrecht zorgt ervoor dat tot 1 januari 2021 niemand wordt geconfronteerd met de verkorting van de looptijd. Het biedt aan bestaande gevallen tot twee jaar extra tijd om te anticiperen op de verkorting van de looptijd. Deze tegemoetkoming geeft werkgevers en werknemers lucht. Dat is positief voor het Nederlandse vestigingsklimaat.

Geen signalen

Het kabinet heeft geen concrete signalen ontvangen dat werkgevers vanwege de verkorting van de looptijd uit Nederland zouden vertrekken. Wel werden signalen ontvangen van werkgevers die aangaven met ingang van 2019 een grotere uitloop van werknemers te verwachten en dat ze weinig tijd hadden om daarop te anticiperen.

Maximeren forfait

Waarom is er niet voor gekozen de 30%-regeling te maximeren?

Voor het vestigingsklimaat lijkt het beter te kiezen voor een optie waarbij de looptijd wordt beperkt dan voor een optie waarbij een maximum met betrekking tot de onbelaste vergoeding per jaar wordt aangebracht. Het invoeren van een plafond voor hogere inkomens kan wringen met de eerste doelstelling van de regeling, namelijk het aantrekken van werknemers met een specifieke deskundigheid die op de Nederlandse arbeidsmarkt niet of schaars aanwezig is.

Een aanpassing van de regeling door het invoeren van een plafond zou leiden tot complexere en lastiger uitvoerbare regelgeving, hogere administratieve lasten en hogere uitvoeringskosten. Om deze redenen is het kabinet geen voorstander van een maximering van het forfait.

Door de overgangsregeling heeft de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling pas effect in 2021.

 

30%-regeling naar vijf jaar 2019, 30procent regeling, 30 % regelingen, 2019 nieuwe regels 30 procent

door100% Salarisverwerking B.V.

30%-regeling van 8 naar 5 jaar

Tot 2019 kunnen werknemers nog maximaal acht jaar profiteren van de 30%-regeling.
            
Vanaf 1 januari 2019 wordt de maximale duur vijf jaar.
Dat blijkt uit het regeerakkoord 2017 (tool) dat de formatiepartijen gepresenteerd hebben. Werkgevers moeten die nieuwe termijn goed in de gaten houden! Als ze te lang een forfaitaire onbelaste vergoeding uitdelen aan een buitenlandse werknemer, kunnen ze een flinke naheffingsaanslag van de Belastingdienst tegemoetzien.

Geen aanpassing van kilometergrens

Door de 30%-regeling (tool) kunnen werkgevers zonder verdere bewijzen 30% van het loon van een werknemer inclusief de vergoeding onbelast uitbetalen als vergoeding voor de zogeheten extraterritoriale kosten die de werknemer heeft.
Dit zijn de extra kosten die de werknemer maakt voor zijn verblijf in het buitenland. Uit de evaluatie van de 30%-regeling bleek al dat de maximale duur mogelijk korter zou worden.
De in de evaluatie genoemde aanpassing van het aantal kilometers dat de werknemer voorafgaand aan de regeling buiten de Nederlandse grens moet wonen, komt niet in het regeerakkoord aan bod.

zie ook; aanpassing 30% regeling in aankomst.

100 Salarisverwerking/loonadministatie, salarisverwerkers/loonverwerker

door100% Salarisverwerking B.V.

Aanpassing 30% regeling!

Deskundigen & Organisaties uit het vakgebied zijn gevraagd om hun reactie te geven op de 30%-regeling.
         
Zij geven in hun commentaar aan waarom ze de 30%-regeling willen handhaven, willen versoberen of willen afschaffen. Tevens geven zij mogelijke aanpassingen aan.

De vaste commissie voor Financiën uit de Tweede Kamer heeft op 11 juli 2017 20 personen en organisaties uitgenodigd tot het inzenden van een schriftelijke reactie op de evaluatie van de 30%-regeling, uitgevoerd door Dialogic. Zij hadden tot 7 september 17.00 uur tijd om te reageren.
salarisverwerking uitbesteden , salarisverwerking online, online salarisverwerker, verwerkers salaris, loonadministratie,

Verzoek om schriftelijk commentaar evaluatie 30%-regeling

In de vergadering van 13 september 2017 zal de vaste commissie voor Financiën, op basis van de ontvangen reacties, besluiten over de verdere behandeling van de evaluatie van de 30%-regeling.

Staatssecretaris Wiebes van Financiën stuurt het rapport Evaluatie 30%-regeling naar de Tweede Kamer. Het kabinetsstandpunt wordt door het volgende kabinet opgesteld. Is deze regeling voor werknemers uit het buitenland doelmatig en doeltreffend?

De 30%-regeling biedt werkgevers de mogelijkheid om een deel van het loon aan te wijzen als onbelaste vergoeding aan bepaalde werknemers die tijdelijk buiten het land van herkomst werken. Dit is een forfaitaire vergoeding voor de extraterritoriale kosten (ETK) die werknemers maken om hun werk uit te kunnen voeren.

loonkostensubsidie, loondispensatie, participatiewet, minimumloon, loonwaarde, loonkostensubsidie niet vervangen,

Doelen regeling

De doelen van de regeling zijn:

1. het aantrekken van werknemers uit het buitenland met een specifieke deskundigheid die in Nederland niet of schaars aanwezig is;
2. een bijdrage leveren aan het aantrekkelijk en competitief houden van het Nederlandse vestigingsklimaat en
3. het verminderen van de administratieve lasten voor werkgevers en werknemers.

Op verzoek van het ministerie van Financiën heeft Dialogic de 30%-regeling geëvalueerd. In het rapport Evaluatie 30%-regeling worden de uitkomsten van deze evaluatie gepresenteerd.

De 30%-regeling is volgens het onderzoek een regeling die eenvoudig is uit te voeren door de Belastingdienst. Het voorkomt in hoge mate controles, discussies en rechtszaken over welke kosten daadwerkelijk extraterritoriaal zijn.

Kleine uitdagingen

Er zijn volgens de onderzoekers enkele kleine uitdagingen in de uitvoering aangaande:

1. de digitalisering van dossiers,
2. bepaling van de woonplaats van de (eventuele) gebruiker en
3. bepaling van geclassificeerde onderzoeksinstellingen.

In dit rapport wordt ingeschat dat de 30%-regeling een doeltreffende en doelmatige regeling is.

Mogelijke aanpassingen

De onderzoekers denken dat enkele aanpassingen mogelijk een positief effect hebben op de doeltreffendheid, doelmatigheid en/of de passendheid van het forfait:

1. verkorting van de looptijd naar vijf of zes jaar;
2. vergroten van de 150-km-grens;
3. verlaging van het forfait bij inkomens boven de €100.000.

Er zijn andere aanpassingen (zoals een andere vaste forfaithoogte dan 30 procent) geanalyseerd, maar die liggen minder voor de hand.
Het zou volgens de onderzoekers goed zijn om een discussie te voeren over de scope van de extraterritoriale kosten. Vooral het feit dat de (veel) hogere kosten voor het levensonderhoud in Nederland wel worden meegenomen, maar geen rekening wordt gehouden met (veel) hogere inkomsten in Nederland vinden ze opmerkelijk.

Wie gebruikt de 30%-regeling?

Het aantal gebruikers van de 30%-regeling lag in 2015 op ruim 56.000 en groeide in de periode 2009-2015 met circa 7% per jaar.

Circa 80% van de gebruikers gebruikte de regeling 5 jaar of minder. Gebruikers van de regeling zijn relatief vaak man (75%) en zijn aanzienlijk jonger dan de Nederlandse beroepsbevolking. De meest voorkomende nationaliteit in 2015 was de Indiase, gevolgd door de Britse, Amerikaanse en Italiaanse.

Circa 90% van de gebruikers van de 30%-regeling blijkt hoger opgeleid.

Het gemiddelde brutoloon ligt rond de €84.000 per jaar (exclusief vergoeding), maar varieert sterk per sector.

30%-forfait en werkelijke extraterritoriale kosten (ETK)

Het forfait lijkt te krap voor werknemers met lage inkomens en/of afkomstig uit een land met (relatief) weinig welvaart, zoals wetenschappelijk onderzoekers of ICT’ers uit India. Het forfait lijkt te hoog voor werknemers met hoge inkomens en afkomstig uit welvarende landen, zoals engineers uit de VS of managers uit Duitsland.

De onderzoekers hebben sterke indicaties dat werknemers en werkgevers zelden kiezen voor de mogelijkheid om de werkelijke ETK te vergoeden, wanneer de werknemer in aanmerking komt voor de 30%-regeling.

De werknemer ondervindt in negentig tot vijfennegentig procent van de gevallen een bepaalde mate van voordeel door het toepassen van de regeling.

In plaats van het verantwoorden en bijhouden van de gemaakte extraterritoriale kosten, biedt het forfait eenvoud, transparantie en voorspelbaarheid voor zowel werkgevers als werknemers.

Doeltreffendheid

De 30%-regeling is doeltreffend met betrekking tot het doel om de administratieve lasten te reduceren.
De 30%-regeling is doeltreffend met betrekking tot het doel om werknemers met een specifieke deskundigheid waar schaarste voor bestaat op de Nederlandse arbeidsmarkt aan te trekken.
De schatting is dat er door de forfaitaire 30%- regeling circa 1.765-5.575 additionele buitenlandse werknemers (doorgaans met een schaarse specifieke deskundigheid) in Nederland werkzaam zijn. Hiervan zitten er naar schatting 1.000-4.000 in de inkomensgroep onder de €100.000, 750-1.500 in de inkomensgroep tussen de €100.000 en €500.000, en 15-75 in de inkomensgroep boven de €500.000.

Geen verdringing ook niet voor lagere inkomens

Op basis van het onderzoek zijn er geen indicaties dat de 30%-regeling leidt tot verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt. Experts geven aan dat verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt een rol speelt bij de lagere inkomens. Voor de lagere inkomens geldt echter dat de 30%-regeling beperkt fiscaal voordeel biedt, vanwege de hoge ETK (extraterritoriale kosten) die deze buitenlandse werknemers maken.

Als er al verdringing is in deze inkomensgroepen, dan wordt dat niet of nauwelijks veroorzaakt door de 30%-regeling. Daarnaast biedt de 30%- regeling vooral fiscaal voordeel aan ingekomen werknemers uit landen met een hoge koopkracht (VK, Frankrijk, et cetera), terwijl verdringing typisch zal komen van werknemers uit landen met een lage koopkracht (India, China, etc.).

Vestigingsplaatsfactor

De regeling is voor een deel van de werkgevers een relevante factor binnen het Nederlandse vestigingsklimaat. Het gaat met name om (grote) internationaal georiënteerde werkgevers, die relatief arbeidsintensief zijn en/of relatief veel te maken hebben met hoogwaardige schaarse arbeid, zoals het geval is bij hoofdkantoorfuncties, ICT-werkzaamheden, onderzoek en ontwikkeling, internationale marketing en internationale sales. De 30%-regeling lijkt dus vooral een relevante vestigingsplaatsfactor te zijn voor (grote) bedrijven in Nederland die op het internationale toneel actief zijn.

Meer opbrengsten dan kosten

De 30%-regeling kent circa €5 tot €15 miljoen aan administratieve lasten in 2015.
De uitvoeringskosten van de betrokken ministeries en de Belastingdienst zijn circa €1 miljoen in 2015.
Tegen kosten van de 30%-regeling van circa €20 miljoen tot €320 miljoen (en de extra kosten omtrent het gebruik van publieke voorzieningen) staan de volgende opbrengsten:

• Reductie van administratieve lasten van €25 miljoen tot €70 miljoen.
• Aantrekken van circa 1.765-5.575 buitenlandse werknemers, die doorgaans een specifieke deskundigheid hebben die schaars of niet aanwezig is op de Nederlandse arbeidsmarkt.
• Een positief, maar niet te kwantificeren, effect op het aantrekkelijk en competitief houden van het Nederlands vestigingsklimaat.
• Productiviteitswinst van Nederlandse bedrijven en spillovers op het gebied van kennis, innovatie en (internationale) netwerken.
• Meer opbrengsten uit de belasting over de toegevoegde waarde en accijnzen door ingekomen werknemers: circa €7 miljoen tot €22 miljoen.
• Meer opbrengsten uit de vennootschapsbelasting doordat werkgevers ingekomen werknemers niet hoeven te compenseren met een hoger bruto-inkomen en hierdoor een hogere winst hebben: circa €25 miljoen tot €50 miljoen.

Ondanks de behoorlijke mate van onzekerheid in de geschatte opbrengsten en kosten van de 30%-regeling, schatten de onderzoekers in dat de 30%-regeling een doelmatig beleidsinstrument is; de opbrengsten zijn naar hun oordeel groter dan de kosten.

30 regeling 2018,regeling eu 30% overheid,looncriteria kennismigranten 2018,

close

Veel lees plezier? Delen mag.