Tag archief codes aangifte loonheffingen

door100% Salarisverwerking B.V.

Werkgeversbetaling in aangifte loonheffingen

Ontvangt een werknemer een uitkering van de UWV dit via de werkgever?
              
En ontvangt hij ook loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van deze werkgever? Dan is sprake van een werkgeversbetaling. In deze handreiking leest u hoe u dit verwerkt in de aangifte loonheffingen.

Deze handreiking geldt voor de situatie dat de werknemer in dienstbetrekking is bij de werkgever.

 

Werkgeversbetaling

Een werkgever en werknemer kunnen afspreken dat de werknemer de uitkering van UWV via de werkgever ontvangt. De werknemer moet UWV daarvoor machtigen.

UWV kan die uitkering aan de werkgever betalen in de vorm van een werkgeversbetaling of instantiebetaling.

De instantiebetaling gebruikt u voor de situatie waarin de werknemer geen loon uit tegenwoordige dienstbetrekking meer van u krijgt, maar u hem nog wel een aanvulling op zijn uitkering betaalt.

Deze handreiking gaat over de werkgeversbetaling. De werkgeversbetaling geldt voor de situatie dat de werkgever de uitkering doorbetaalt en de werknemer nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van dezelfde werkgever krijgt.

Bij een werkgeversbetaling betaalt UWV aan de werkgever, behalve de uitkering, ook de premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zvw over de uitkering.

 

Samenvoegingsregels en witte tabel

Voor de berekening van de loonheffingen telt u de uitkering van UWV, het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en een eventuele aanvulling op de uitkering bij elkaar op. Dit zijn de samenvoegingsregels. Op het totaal past u de witte tabel toe. Ook berekent u over het totaal de premies werknemersverzekeringen.

 

WW-premie

Voor een werkgeversbetaling geldt altijd de lage WW-premie.

Voor een eventuele aanvulling op de uitkering gebruikt u dezelfde WW-premie als voor het reguliere loon.

Inkomstenverhouding

In 2020 en 2021 kunt u kiezen hoe u een werkgeversbetaling in de aangifte verwerkt:

    1. in een aparte inkomstenverhouding
    2. in dezelfde inkomstenverhouding als het loon

 

1. In een aparte inkomstenverhouding

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in een aparte inkomstenverhouding.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die bij de werkgeversbetaling hoort:

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Tabel code soort inkomstenverhouding bij een soort uitkering

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vult deze rubrieken bij deze inkomstenverhouding niet in.

WW-premie
U geeft de lage WW-premie aan.

Verloonde uren
De hoogte van de verloonde uren die u invult in de aparte inkomstenverhouding, hangt af van de soort uitkering die de werkgever doorbetaalt.

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

2. In dezelfde inkomstenverhouding als het loon

Onderstaande informatie is van toepassing als u de werkgeversbetaling aangeeft in dezelfde inkomstenverhouding als het loon.

Code soort inkomstenverhouding
U gebruikt de Code soort inkomstenverhouding die geldt voor het reguliere loon.

Contractloon, contracturen en contractindicaties
U vermeldt het contractloon, de contracturen en de contractindicaties die gelden voor het reguliere loon.

WW-premie
Gebruikt u voor het reguliere loon de hoge WW-premie en geeft u de werkgeversbetaling aan in dezelfde inkomstenverhouding als het reguliere loon? Dan vult u de WW-premie als volgt in:

  • U vermeldt de hoge en lage grondslagaanwas gezamenlijk in de rubriek Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog.
  • U vermeldt de hoge en lage WW-premie gezamenlijk in de rubriek Premie AWf hoog.

Aandachtspunt bij LIV, Jeugd-LIV en sommige loonkostenvoordelen
Een uitkering uit de werknemersverzekeringen telt niet mee als jaarloon voor de bepaling van het (jeugd-)LIV en sommige loonkostenvoordelen. Als u de werkgeversbetaling en het reguliere loon opgeeft in één inkomstenverhouding, kan UWV de werkgeversbetaling toch bij het jaarloon tellen. Hierdoor wordt het jaarloon hoger en stelt UWV het (jeugd-)LIV of het loonkostenvoordeel misschien verkeerd vast.

Verloonde uren

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

Tabel verloonde uren bij een soort uitkering

 

Genietingsmoment werkgeversbetaling

U verwerkt de werkgeversbetaling in de aangifte over het tijdvak waarin de werkgever de uitkering doorbetaalt. Wanneer de werkgever de uitkering van UWV ontvangt, is niet van belang.

 

Aanvulling op uitkering

Soms betaalt de werkgever een aanvulling op de uitkering uit werknemersverzekeringen. Deze aanvulling vermeldt u in de inkomstenverhouding die u gebruikt voor het reguliere loon.

U geeft het bedrag van de aanvulling aan in de rubriek ‘Verstrekte aanvulling op uitkering werknemersverzekering‘.

 

Voorbeeld

Een werknemer heeft een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Het maandloon is € 1000. Daarnaast ontvangt de werknemer van de werkgever een WIA-uitkering van € 500 (werkgeversbetaling). Ook ontvangt de werknemer een aanvulling van € 100.

Voor het reguliere loon en de aanvulling geldt de hoge WW-premie. Voor de werkgeversbetaling geldt de lage WW-premie.

 

Uitwerking

U gebruikt 2 inkomstenverhoudingen.

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

Tabel inkomstenverhouding 1 (regulier loon en aanvulling)

 Tabel inkomstenverhouding 2

Tabel inkomstenverhouding 2 (uitkering)

U gebruikt 1 inkomstenverhouding.

Tabel inkomstenverhouding

Tabel inkomstenverhouding

In dit voorbeeld doet u dit als volgt:

  • U telt de aanwas van de grondslag voor de hoge en lage premie bij elkaar op. Deze aanwas is het bedrag waarover de premies moeten worden berekend. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Aanwas in het cumulatieve premieloon AWf hoog’.
  • U telt de lage en hoge WW-premie bij elkaar op. Het totaal geeft u aan in de rubriek ‘Premie AWf hoog’.

 
 

Meer informatie

Paragraaf 7.6.2 Handboek Loonheffingen
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Kennisdocument premiedifferentiatie WW
Memo verloonde uren
 
 

Wetsartikelen

artikel 33 lid 2, letter a Wet loonbelasting
artikel 9.1 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
artikel 9.4 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011
 
 

2019, 2020, LIV, jeugd LIV,LKV, jeugd liv, jeugd Lage Inkomens Voordeel,liv SV-loon, Sociale Verzekeringsloon, lage-inkomensvoordeel (LIV),belasting,belastingzaken,lage salaris,loonverwerkers,salarisverwerker,salaris,LKV,

door100% Salarisverwerking B.V.

Dienstbetrekking stagiairs, echt of fictief?

Als u een stagiair aanneemt, kan sprake zijn van een echte of fictieve dienstbetrekking.
            
Of er is helemaal geen dienstbetrekking. En wat zijn de gevolgen als een stagiair na de stageperiode in vaste dienst komt? In deze handreiking leest u hier meer over.

Stagiairs zijn leerlingen die in de praktijk werken als onderdeel van hun opleiding.
Het is afhankelijk van de beloning of en hoe u de stagiair moet verwerken in de aangifte loonheffingen.
 

Geen dienstbetrekking

Ontvangt de stagiair alleen onderricht en eventueel een vergoeding van de werkelijke kosten, dan is geen sprake van een fictieve of echte dienstbetrekking. De stagiair ontvangt dan namelijk geen loon volgens de Wet op de loonbelasting.

 

Echte dienstbetrekking

Als een stagiair een reële beloning krijgt voor de stage-uren, bijvoorbeeld het minimum(jeugd)loon, is hij in echte dienstbetrekking. Dan gelden de normale regels voor de loonheffingen en is de stagiair verzekerd voor alle werknemersverzekeringen. U moet dan op de gebruikelijke manier premies werknemersverzekeringen berekenen en ook de werkgeversheffing Zorgverzekeringswet (Zvw) betalen.

 

Fictieve dienstbetrekking

Als er geen echte dienstbetrekking is en de stagiair krijgt een stagevergoeding, kan sprake zijn van een fictieve dienstbetrekking. Dit is van toepassing als de stagiair geen marktconforme beloning ontvangt. Marktconform is bijvoorbeeld het minimumjeugd- of cao-loon.

U houdt loonbelasting/premie volksverzekeringen in en u betaalt werkgeversheffing Zvw.

 

Premies werknemersverzekeringen

Deze stagiair is verzekerd voor de Wet Wajong en voor de Ziektewet (ZW), maar u hoeft geen premies werknemersverzekeringen te berekenen.

 

Codes aangifte loonheffingen

Voor stagiair in fictieve dienstbetrekking geldt het volgende:

  • Code aard arbeidsverhouding is 7.
  • Hij is alleen verzekerd voor de ZW en de Wet Wajong.
  • De verzekeringsindicatie voor de ZW moet op ‘Ja’ staan.
  • De verzekeringsindicaties voor de WW en de WAO/IVA/WGA moeten op ‘Nee’ staan.
  • Het loon dat hij geniet (de stagevergoeding) is loon voor de werknemersverzekeringen (SV-loon).
  • Er is géén sprake van premieloon (oftewel grondslagaanwas op het cumulatieve premieloon). U vult € 0 aan premieloon (grondslagaanwas) in.
  • U moet de sectorcode invullen.
  • De rubriek ‘Code invloed verzekeringsplicht’ vult u niet in.

 

Gelijktijdig stage en dienstbetrekking

Het kan zijn dat een werknemer gelijktijdig bij dezelfde werkgever in echte dienstbetrekking en fictieve dienstbetrekking (stage) is.

 

Echte dienstbetrekking

Als een stagiair voor de stage-uren een marktconforme beloning ontvangt, is sprake van een echte dienstbetrekking. U houdt op de gebruikelijk manier de loonheffing in. U betaalt ook premies werknemersverzekeringen en bijdrage Zvw.

 

Fictieve dienstbetrekking

Ontvangt de stagiair geen marktconforme beloning maar een stagevergoeding, dan past u de regels toe die gelden voor de fictieve dienstbetrekking. U gebruikt voor de stagevergoeding een aparte inkomstenverhouding.

 

Na stage in dienst

Wanneer de arbeidsverhouding van een stagiair na zijn stage wijzigt van een fictieve dienstbetrekking naar een echte dienstbetrekking, verandert zijn verzekeringssituatie. Voor de echte dienstbetrekking gebruikt u dan een nieuwe inkomstenverhouding.

 

Premies werknemersverzekeringen

Wijzigt de dienstbetrekking van de stagiair in de loop van het kalenderjaar, dan heeft dit gevolgen voor de berekening van de premies werknemersverzekeringen. Voor de berekening van het premiemaximum moet u ook rekening houden met loon dat de stagiair tijdens zijn stageperiode heeft genoten. U moet dan alsnog alle premies werknemersverzekeringen betalen over de stagevergoeding. Dit leidt dus tot een ‘inhaaleffect’.

 

Voorbeeld

Iemand werkt van 1 januari tot en met 31 maart als stagiair in fictieve dienstbetrekking tegen een loon van € 300 per maand. Per 1 april komt deze persoon in vaste dienst tegen een maandloon van € 4.500. Het (fictieve) maximum premieloon per maand is € 4.700.

Voor de berekening van de premies werknemersverzekeringen geldt het volgende:

  • Vanaf 1 januari tot en met 31 maart is de stagiair alleen verzekerd voor de Wet Wajong en de ZW. Nummer inkomstenverhouding is 1. De stagevergoeding behoort tot het cumulatief loon werknemersverzekeringen, maar leidt niet tot aanwas van de grondslag. Over de stagevergoeding hoeft u dus geen premie te betalen.
  • Vanaf 1 april komt de stagiair in vaste dienst. Hij is verzekerd voor alle werknemersverzekeringen. Nummer inkomstenverhouding is 2. In april is sprake van een inhaaleffect in verband met de stagevergoedingen in januari tot en met maart.

 

Tabel

premies werknemersverzekeringen ,stagevergoedingen

Tabel met berekening van de premies werknemersverzekeringen n.a.v. het gegeven voorbeeld

In de brochure ‘Toelichting loonberekening VCR ’ vindt u meer rekenvoorbeelden.

 

School ontvangt stagevergoeding

Als de stagiair de stagevergoeding niet zelf krijgt, hoeft u geen loonheffingen in te houden en te betalen onder de volgende voorwaarden:

  • U maakt de stagevergoeding rechtstreeks over aan de school of het stagefonds, met uitzondering van kostenvergoedingen.
  • De school of het stagefonds geeft de stagevergoeding niet door aan de stagiair, maar gebruikt dit voor algemene schoolse activiteiten.
  • De school of het stagefonds administreert de stagevergoedingen en de besteding daarvan.
  • U legt binnen 2 maanden na afloop van elk jaar de volgende gegevens in uw administratie vast: de naam, het adres en het burgerservicenummer van de stagiair, de naam en het adres van de school of het stagefonds en het bedrag van de beloning. Hierbij vermeldt u de datum en het nummer van het besluit waarop de regeling is gebaseerd: 14 december 2010, nr. DGB2010/2202M.

 
 

Meer informatie

Handboek Loonheffingen (paragraaf 16.10)
Codes aangifte loonheffingen 2020
Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020
Toelichting loonberekening VCR

Besluit DGB2010/2202M ‘Heffingsaspecten stagiairs

 

Wetsartikelen

Artikel 3, lid 1, letter e Wet op de loonbelasting (stagiair)
Artikel 16 en 17 Wet financiering sociale verzekeringen (VCR)
 
 

Gerelateerde berichten

Check recht loonkostenvoordeel in dienst nemen stagiair
Toepassing studenten- en scholierenregeling
 
 
stagiair – dienstbetrekking ,loonbelasting,belastingdienst,loonheffing,inhoudingsplichtig stageverlener,stagiairs en loonbelastingen, salarisverwerking,salarisverwerkers,loonadministratie,salaris,loon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Codes werknemersgegevens 2020

De Belastingdienst heeft de ‘Codes voor de aangifte loonheffingen 2020’ gepubliceerd.
           
Deze codes hebt u nodig voor het invullen van de werknemersgegevens in de aangifte loonheffingen.

 

lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,

De ‘Codes voor de aangifte loonheffingen 2020’ kunt u hier downloaden of van de internetsite van de Belastingdienst.

 

PDF downloadCodes werknemersgegevens 2020

 

 

Zie ook:

Codes bij aangeven transitievergoeding vernieuwd

Codes aangifte loonheffingen 2019

Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen 2020

 

Overheid 2020, Belastingdienst 2020, Sociale Zaken en Werkgelegenheid SZW 2020, regering, wet en regelgeving, wetten, regels, besluiten,

door100% Salarisverwerking B.V.

Ontslagvergoeding in de aangifte loonheffingen hoe?

Ontslagvergoeding is altijd loon uit vroegere dienstbetrekking.

               

Om de loonbelasting/premie volksverzekeringen te berekenen gebruikt u de groene tabel. In deze handreiking leest u hoe u de vergoeding verwerkt in de aangifte loonheffingen.

 
Loon uit vroegere dienstbetrekking is geen vergoeding voor het werk zelf, maar een uitkering die de werknemer krijgt omdat hij vroeger heeft gewerkt. Bijvoorbeeld een pensioenuitkering of een ontslagvergoeding. U berekent de loonbelasting/premie volksverzekeringen volgens de groene tabel. In deze tabel is geen arbeidskorting verwerkt.
 

Nieuwe inkomstenverhouding

De ontslagvergoeding belast u volgens de groene tabel in een aparte inkomstenverhouding.
Wanneer u in hetzelfde tijdvak een ontslagvergoeding naast het reguliere loon betaalt aan een werknemer neemt u deze werknemer onder 2 verschillende nummers inkomstenverhouding op in de loonaangifte. Groen en wit loon mag namelijk niet in 1 inkomstenverhouding. Dit geldt ook als de vergoeding in een ander tijdvak (bijvoorbeeld enkele maanden na ontslag) wordt uitbetaald.
 

Inkomenscode en code aard arbeidsverhouding

Vanaf 1 januari 2017 gebruikt u code 62. Bij deze inkomenscode hoeft u geen code aard arbeidsverhouding in te vullen.

Vóór 2017 was de inkomenscode 21. Ook bij deze inkomenscode hoefde u de code aard arbeidsverhouding niet te vermelden.
 

Periodieke ontslaguitkering en zorgverzekeringswet

Periodieke ontslaguitkeringen zijn – zolang de werknemer de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt – belast met werkgeversheffing zorgverzekeringswet (Zvw).
 

Eenmalige ontslaguitkering en zorgverzekeringswet

Als u de ontslagvergoeding eenmalig uitbetaalt, belast u deze via de groene tabel bijzondere beloningen. Omdat de tabel bijzondere beloningen van toepassing is, ontstaat geen nieuw loontijdvak voor de berekening van de bijdrage Zvw. Er wordt geen loontijdvakbedrag aan de cumulatieven toegevoegd. De ontslagvergoeding telt wel mee bij het bepalen van het maximumbijdrageloon van de andere loontijdvakken van dat kalenderjaar. Als het maximumbijdrageloon van dat kalenderjaar nog niet bereikt is, wordt dit tot het maximum aangevuld uit de ontslagvergoeding. Dit is het gevolg van het voortschrijdend cumulatief rekenen (vcr).
 

Voortschrijdend Cumulatief Rekenen (VCR) 2019

Voorbeeld premie Zorgverzekeringswet bij Voortschrijdend cumulatief rekenen

    • Werknemer verdient iedere maand € 4.000
    • In mei is het vakantiegeld € 3.500. Totaal loon mei: € 7.500
    • Sinds 2013 betaalt de werkgever de gehele premie ZVW
    • VCR heeft invloed op de kosten werkgever van mei tot en met augustus via de maximum
    premie ZVW:
Maand Heffingsloon Maximum ZVW 6,95% Nog ‘in te halen’
Januari € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 660,58 -/-
Februari € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 1.321,16 -/-
Maart € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 1.981,74 -/-
April € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 2.642,32 -/-
Mei +vak. € 7.500 € 4.660,58 +

€ 2.642,32 = € 7.302,90

€ 507,55 € 197,10
Juni € 4.000 € 4.000,00 + € 197,10 =

€ 4.197,10

€ 291,70 € 463,48 -/-
Juli € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 1.124,06 -/-
Augustus € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 1.784,64 -/-
September € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 2.445,22 -/-
Oktober € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 3.105,80 -/-
November € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 3.766,38 -/-
December € 4.000 € 4.660,58 € 278,- € 4.426,96 -/-

 

Werknemersverzekeringen

De ontslagvergoeding vormt geen loon voor de werknemersverzekeringen. In de rubriek ‘Loon SV’ vult u 0 in.

 
Meer informatie over de berekening bijdrage Zvw vindt u in de brochure ‘Toelichting loonberekening vcr 2016’.
 

Zie ook:

Codes bij aangeven transitievergoeding vernieuwd
Wijzigingen voor de loonheffingen 2020
 
belastingdienst, belastingen, overheid, rijksoverheid, belastingzaken, loonbelasting, loonkosten, loon regelingen, Nederlandse belasting, financiën, geldzaken

door100% Salarisverwerking B.V.

Codes bij aangeven transitievergoeding vernieuwd

Voor het verwerken van een transitievergoeding in de aangifte loonheffingen gelden bepaalde regels.

         

In deze handreiking vindt u de informatie die u nodig hebt om de vergoeding juist aan te geven.

Voor een transitievergoeding gebruikt u de groene tabel bijzondere beloningen. Een transitievergoeding is namelijk loon uit vroegere dienstbetrekking. Ook als u de vergoeding betaalt vóór het einde van de dienstbetrekking. Daarnaast is het een eenmalige uitkering.

Betaalt u de transitievergoeding in termijnen? Ook dan gebruikt u de groene tabel bijzondere beloningen.
 
regels 2020, overheid 2020,belastingdienst 2020, wet en regelgeving 2020, lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,
 

Nieuwe inkomstenverhouding

De transitievergoeding geeft u aan in een nieuwe inkomstenverhouding. Groen en wit loon mag namelijk niet in één inkomstenverhouding.

De begin- en einddatum van de inkomstenverhouding is bij een eenmalige betaling de datum van het genietingsmoment. Bij uitbetaling in termijnen is de begindatum het genietingsmoment van de eerste termijn en de einddatum het genietingsmoment van de laatste termijn.
 

Codes aangifte loonheffingen

Om te voorkomen dat u brieven met foutmeldingen ontvangt, is het belangrijk dat u voor de transitievergoeding de juiste codes gebruikt in de aangifte loonheffingen:

  • code zorgverzekeringswet (zowel belasting- als premieplicht) = K
  • code inkomstenverhouding/inkomenscode = 62
  • geen code aard arbeidsverhouding
  • code loonbelastingtabel = 020

In de rubriek ‘Loon SV’ vermeldt u € 0.
 

Let op!

Als sprake is van een internationale situatie, waarbij een herleidingsregel van toepassing is, kunnen de code zorgverzekeringswet en de code loonbelastingtabel anders zijn. In de ‘Gegevensspecificaties aangifte loonheffingen’ leest u hier meer over.

 

Indicaties werknemersverzekeringen in aangifte

Voor de indicaties werknemersverzekeringen is van belang wanneer de verzekerde werknemer de transitievergoeding ontvangt. Krijgt hij deze vóór het einde van het dienstverband? Dan zet u in de inkomstenverhouding met de transitievergoeding de volgende indicaties op ‘ja’:

  • Indicatie verzekerd WAO/IVA/WGA’,
  • Indicatie verzekerd WW’ en
  • Indicatie verzekerd ZW

Ontvangt de werknemer de transitievergoeding na het dienstverband? Dan zet u deze indicaties op ‘nee’.
 

Bijdrageloon zorgverzekeringswet

De transitievergoeding is bijdrageloon voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) waarover u de werkgeversheffing betaalt. Bij het uitbetalen van de transitievergoeding ontstaat geen nieuw loontijdvak. Dit geldt zowel voor een eenmalige betaling als voor een betaling in termijnen.

Wel kan sprake zijn van grondslagaanwas als gevolg van het ‘inhaaleffect’. Dit doet zich voor als het maximum van het bijdrageloon over de eerdere tijdvakken nog niet is bereikt. U betaalt dan werkgeversheffing Zvw over de transitievergoeding tot het cumulatieve maximumbijdrageloon van dat kalenderjaar. De Zvw wordt namelijk berekend op basis van voortschrijdend cumulatief rekenen.
 

Let op!

Voor de berekening van de bijdrage Zvw houdt u rekening met alle loontijdvakken in hetzelfde kalenderjaar. Ook als deze tijdvakken betrekking hebben op een ander nummer inkomstenverhouding van de werknemer.
 
 

Meer informatie

 

Gerelateerde handreikingen

 
 
regels 2020, overheid 2020,belastingdienst 2020, wet en regelgeving 2020, lonen 2020, salarissen 2020, personeelszaken 2020, premies 2020, kosten 2020, liv 2020, lkv 2020, wab 2020, belastingen 2020, loon, salaris, salarisverwerking, loonadministratie,