Tag archief autobezitters

door100% Salarisverwerking B.V.

Elektrisch rijden is goed voor de economie en werkgelegenheid

Nederlandse laadpalen, trucks en bussen verkopen goed in binnenland en buitenland.
            
Bedrijven uit ons land verdienen hier jaarlijks zo’n € 5 miljard aan. En het aantal groene Nederlandse banen stijgt flink en verdubbelt naar verwachting in 2025.

fiscale bijtelling auto, lease auto, auto van de zaak,verwerking auto in salaris,salaris administratie auto,lease auto in loon, salaris en auto,
 

Elektrisch vervoer is dus goed voor de economie

Dit staat in het vandaag gepubliceerde onderzoek ’Rapport Verdienpotentieel Elektrisch Vervoer 2020 -Ontwikkelingen in de Nederlandse EV-sector‘. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Staatssecretaris Van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat): “De komende jaren gaan we vol aan de slag om het vervoer verder schoon te maken. Daar plukken we allemaal de vruchten van. Niet alleen goed voor het klimaat en onze schone lucht, maar ook voor onze portemonnee. En voor mensen op zoek naar werk. De komende jaren komen er duizenden banen bij in de sector elektrisch vervoer.”
 

Economische waarde stijgt snel

Nederland verdient aan elektrisch rijden inmiddels bijna het dubbele van 2018 (toen ruim 3 miljard). De groei zit zowel in Nederland als in het buitenland. Het is voor een belangrijk deel afkomstig van schone voertuigen zoals vrachtwagens, elektrische bussen en waterstoftrucks. Maar ook de verdiensten aan laadinfrastructuur stijgen.
 
 

Meer informatie

Elektrisch rijden

 

Download:

Rapport verdienpotentieel elektrisch vervoer 2020
PDF document | 1,65 MB
 
 
 
Zie ook:
Verklaring geen privégebruik auto, stoppen!
Werknemer met meer dan 1 auto van de zaak?
Auto van de zaak
Fiscale bijtelling auto in 2021
Bijtelling auto en zakelijke kilometers einde contract
 
 
 
Bijtellingspercentages auto, auto van de zaak, kosten auto bijtelling,belastingdienst auto, fiscale bijtelling auto, kosten auto belastingdienst,

door100% Salarisverwerking B.V.

Auto van de zaak

Heeft uw werknemer meer dan 1 auto van de zaak?
                  
De bijtelling is veranderd.

 
 
handboek loonheffingen 2021 maart, belastingdienst, belastingen, 2021, loonheffingen 2021, wet en regelgeving, Overheid, ,

Stelt u gelijktijdig meer dan 1 auto ter beschikking aan een werknemer? Dan berekent u de bijtelling per 2021 op een andere manier.

Wanneer u meerdere auto’s tegelijkertijd ter beschikking stelt aan uw werknemer, geldt de bijtelling voor de auto(‘s) waarmee de werknemer op kalenderjaarbasis meer dan 500 privékilometers rijdt. Daarnaast houdt u rekening met het aantal rijbewijzen binnen het gezin. Is uw werknemer alleenstaand? Of is er binnen het gezin maar 1 persoon met een rijbewijs? Dan hoeft u maar voor 1 auto bij te tellen. Zijn er 2 rijbewijzen binnen het gezin? Dan telt u voor 2 auto’s bij. Zijn er meer rijbewijzen binnen het gezin, dan telt u voor evenveel auto’s bij als er rijbewijzen zijn.

 

Per 2021 houdt u rekening met de auto(‘s) met de hoogste bijtelling

Heeft de werknemer meerdere auto’s van de zaak, maar hoeft u niet voor alle auto’s bij te tellen? Tot en met 2020 telde u dan bij voor de auto(‘s) met de hoogste cataloguswaarde. Dit is veranderd. Per 2021 telt u bij voor de auto(‘s) met de hoogste bijtelling.

Meer informatie over meer dan 1 auto tegelijk ter beschikking stellen leest u in paragraaf 23.3.12 van het ‘Handboek Loonheffingen 2021‘.
 
 

Gerelateerd

‘Handboek Loonheffingen 2021’ 2e – maart
Fiscale bijtelling auto in 2021
Bijtellingspercentages voor privégebruik auto 2011-2026
 
 
bijtelling 2021, fiscale bijtelling 2021,CO2-uitstoot auto, bijtelling auto, belasting bijtelling auto, belasting op auto, bijtelling auto en belastingdienst, 2020-2025

door100% Salarisverwerking B.V.

Nog 1 week tot start Intermediairdagen

Hebt u zich al ingeschreven voor de Intermediairdagen 2020?
                
Ruim 8.900 vakgenoten hebben zich al aangemeld. De dagen vinden dit jaar volledig online plaats van 7 tot en met 11 december.

In een kort filmpje vertelt een presentator waarom u de sessie Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) niet mag missen.

Naast DBA kunnen de volgende kennissessies voor u interessant zijn:

  • premiedifferentiatie WW
  • internationaal: werknemers uit buitenland
  • actualiteiten loonheffingen
  • invordering tijdens coronacrisis
  • privégebruik auto

Voor de online Intermediairdagen geldt:

  • U kunt de sessies over meerdere dagen verspreiden.
  • Er is geen beperking in het aantal sessies dat u kunt volgen.
  • U kunt vragen stellen op de online informatiemarkt.
  • Er zijn geen kosten aan verbonden.

U kunt zich inschrijven via het inschrijfformulier op Forum Salaris.

Meer informatie leest u op de themapagina Intermediairdagen 2020.
 
 

Gerelateerd

Programma Intermediairdagen 2020
Belastingdienst: coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen
Coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen bij buitenlandse situaties
Fiscale maatregelen waar mkb-bedrijven in 2021 mee te maken krijgen
Coronavirus, fiscale maatregelen en de gevolgen: Expertsessie
 
 
 
Sociale Zaken en Werkgelegenheid, SZW, Overheid, financiën Overheid, kabinet

door100% Salarisverwerking B.V.

Bijtelling bij tijdelijke onderbreking of einde dienstbetrekking

Als een werknemer na einde dienstbetrekking nog gebruikmaakt van een auto van de zaak, is er geen sprake meer van zakelijk gebruik.
    
Dit is ook het geval bij arbeidsongeschiktheid en loopbaanonderbreking. In deze handreiking leest u wat de gevolgen zijn voor de bijtelling privégebruik auto.

In de volgende situaties gebruikt een werknemer tijdelijk of permanent de auto van de zaak niet meer zakelijk:

  • bij einde dienstbetrekking
  • bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid
  • bij permanente arbeidsongeschiktheid
  • bij loopbaanonderbreking

Heeft de werknemer tijdens tijdelijke arbeidsongeschiktheid en loopbaanonderbreking de auto van de zaak nog ter beschikking? Dan blijft de regeling privégebruik auto op basis van bijtellingspercentages (hierna: bijtellingsregeling) van toepassing.

Bij einde dienstbetrekking en permanente arbeidsongeschiktheid geldt deze bijtellingsregeling niet meer. Dan moet u de waarde van het werkelijke privégebruik tot het loon rekenen.

De bijtelling voor de auto van de zaak verwerkt u in de aangifte loonheffingen als loon in natura.

Einde dienstbetrekking

Als de werkgever na einde dienstbetrekking een auto ter beschikking stelt aan een ex-werknemer is geen sprake meer van zakelijk gebruik. De werknemer gebruikt de auto alleen nog voor privédoeleinden. Daarom is de bijtellingsregeling niet meer van toepassing.

U waardeert de werkelijk gereden privékilometers op de waarde in het economisch verkeer. Die waarde is het aantal privékilometers vermenigvuldigd met de kilometerprijs en verminderd met de eigen bijdrage van de werknemer. De uitkomst mag per saldo niet negatief zijn.

De waarde van het privégebruik is loon uit vroegere dienstbetrekking, dus u gebruikt de groene tabel.

Tijdelijke arbeidsongeschiktheid

De bijtellingsregeling blijft gelden als een werknemer tijdens tijdelijke arbeidsongeschiktheid de auto van de zaak mag blijven gebruiken. De verwachting is namelijk dat de werknemer in de toekomst weer zakelijk gaat rijden met de auto. De bijtellingsregeling is van toepassing als de auto naast zakelijk gebruik ook voor privédoeleinden ter beschikking staat.

Dit geldt ook als de werknemer door ziekte niet in de auto kan rijden. De auto staat nog steeds ter beschikking.

Permanente arbeidsongeschiktheid

De bijtellingsregeling geldt niet meer als een werknemer permanent arbeidsongeschikt is en nog een auto van de zaak ter beschikking heeft. Dit geldt vanaf het moment dat de verwachting is dat de werknemer de auto niet meer voor zakelijke doeleinden gaat gebruiken.

U waardeert de werkelijk gereden privékilometers op de waarde in het economisch verkeer. Die waarde is het aantal privékilometers vermenigvuldigd met de kilometerprijs en verminderd met de eigen bijdrage van de werknemer. De uitkomst mag per saldo niet negatief zijn.

De waarde van het privégebruik is loon uit vroegere dienstbetrekking. U gebruikt de groene tabel.

Loopbaanonderbreking

Als een werknemer tijdens een loopbaanonderbreking nog een auto van de zaak tot zijn beschikking heeft, blijft u de bijtellingsregeling gebruiken.

De regeling blijft van toepassing omdat verwacht wordt dat de auto in de toekomst nog voor zakelijke doeleinden gebruikt zal worden. De bijtellingsregeling geldt als de auto naast zakelijk gebruik ook voor privédoeleinden ter beschikking staat.

Privégebruik auto en weinig of geen loon in geld

Als u de werknemer weinig of geen loon in geld betaalt, moet u over de bijtelling privégebruik auto toch alle loonheffingen betalen. U kunt kiezen of u dit wel of niet verhaalt op de werknemer.

Verhalen op de werknemer

U mag de loonbelasting/premie volksverzekeringen (LB/PVV) en de in te houden bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) verhalen op de werknemer. Dit geldt niet voor de premies werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zvw.

Als de werknemer nog loon ontvangt, kunt u dit doen via verrekening in het eerstvolgende loontijdvak.

Niet verhalen op de werknemer

Als u de LB/PVV en bijdrage Zvw niet verhaalt op de werknemer, kunnen zich 2 situaties voordoen:

  • U verhaalt dit bedrag in een later loontijdvak. U geeft de werknemer dan een lening voor dit bedrag tot het moment waarop u de bedragen alsnog verhaalt.
  • Als sprake is van rentevoordeel bij deze lening, dan is dit loon voor de werknemer. U kunt dit loon ook aanwijzen als eindheffingsloon.
  • U verhaalt dit bedrag niet op de werknemer. Het bedrag is nettoloon van uw werknemer. Dit nettoloon moet u omrekenen naar een brutoloon. U kunt dit nettoloon ook aanwijzen als eindheffingsloon.

Excessief privégebruik

Als de werkelijke waarde van het privégebruik duidelijk meer is dan de bijtelling op basis van het algemene bijtellingspercentage, is sprake van excessief privégebruik van de auto. Dit kan voorkomen bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid of loopbaanonderbreking.

U moet dan uitgaan van de hogere waarde van het privégebruik. Als er een korting op het algemene bijtellingspercentage van toepassing is, dan past u die korting toe op de grondslag. De uitkomst daarvan trekt u af van de waarde van het privégebruik. Rekenvoorbeelden vindt u in paragraaf 21.3.3 Handboek Loonheffingen.

Meer informatie

Handboek Loonheffingen:

  • paragraaf 21.3 (personenauto van de zaak)
  • paragraaf 21.3.8 (bijtelling bij weinig/geen loon)
  • paragraaf 21.3.3 (excessief privégebruik auto)
  • hoofdstuk 10 (loonstrook)
  • hoofdstuk 13 (jaaropgaaf)

 
Handreiking privégebruik auto op belastingdienst.nl

 

Wetsartikelen

Artikel 13 bis Wet op de loonbelasting (Wet LB)
Artikel 13 Wet LB
Artikel 27, lid 4 Wet LB
Artikel 49, lid 1 Zorgverzekeringswet
Artikel 20 Wet financiering sociale verzekeringen
 
 

Gerelateerde artikelen

Bijtellingspercentages voor privégebruik auto 2011-2026
Vakantieauto en bijtelling
Verwerking privégebruik auto in de aangifte loonheffingen
 
 
lease auto,auto van de zaak,verwerking auto in salaris,salaris administratie auto,lease auto in loon,salaris en auto,

door100% Salarisverwerking B.V.

Bijtellingspercentages voor privégebruik auto 2011-2026

Na de 1e periode van 60 maanden waarin recht bestaat op een verlaagde bijtelling, moet u vanaf 1-1-2017 jaarlijks bekijken wat de geldende regels op dat moment zijn. Als u volgens de dan geldende wetgeving recht hebt op een verlaging, geldt die alleen voor dat betreffende kalenderjaar en niet meer voor 60 maanden. In onderstaand overzicht vindt u de bijtellingspercentages, zoals die gelden van 2011 tot en met 2026.

Als de 60-maandenperiode in de loop van het kalenderjaar eindigt, moet u voor het resterende gedeelte van dat jaar het dan geldende bijtellingspercentage toepassen. Vanaf 1 januari van het daaropvolgende kalenderjaar gebruikt u het bijtellingspercentage dat in dat betreffende jaar geldt.

Het overzicht is ingedeeld op basis van de CO2-uitstootgrenzen.
PDF download  
Hier het pdf-bestand

 

Onderverdeling van auto’s naar CO2-uitstoot in 3 categorieën:

    1. uitstoot 0 gram
    2. uitstoot hoger dan 0 maar niet meer dan 50 gram
    3. uitstoot hoger dan 50 gram

Let op!

Voor alle auto’s met een datum 1e tenaamstelling vóór 1 januari 2017 geldt het algemene bijtellingspercentage van 25%. Dit percentage blijft gelden voor de resterende duur van het gebruik van deze auto’s.
Alleen voor auto’s met een datum 1e toelating op de weg (DET) 1 januari 2017 en later geldt een algemeen bijtellingspercentage van 22%.

 

1. Uitstoot 0 gram

Bij deze categorie is een bestuurders- en/of eigenaarswissel niet van belang. Wel de datum 1e tenaamstelling.

Datum 1e tenaamstelling vóór 1-1-2012

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

Tot 1-1-2017 is de verlaging 25%. Per saldo 0% bijtelling.

In 2017 en 2018 is de verlaging 18%. Per saldo 7% bijtelling.

Vanaf 2019 wordt er voor de bijtelling een onderscheid gemaakt tussen waterstof en niet-waterstofauto’s.

Waterstofauto’s
In 2019 is de verlaging 18%. Per saldo is de bijtelling 7%.

In 2020 is de verlaging 14%. Per saldo is de bijtelling 11%.

In 2021 is de verlaging 10%. Per saldo is de bijtelling 15%.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6%. Per saldo is de bijtelling 19%.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 20%.

Vanaf 2026 geldt er geen verlaging meer.

Niet-waterstofauto’s
In 2019 is de verlaging 18% tot een cataloguswaarde van € 50.000. Per saldo is de bijtelling 7%. Boven € 50.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 9.000.

In 2020 is de verlaging 14% tot een cataloguswaarde van € 45.000. Per saldo is de bijtelling 11%. Boven € 45.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 6.300.

In 2021 is de verlaging 10% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 15%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 4.000.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 19%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 20%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

Vanaf 2026 is de auto 15 jaar of ouder. De bijtelling is 35% van de waarde in het economisch verkeer. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e tenaamstelling vanaf 1-1-2012 tot 1-1-2014

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

De verlaging is 25% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister. Per saldo 0% bijtelling.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de verlaging 18% voor de resterende maanden van 2017 en 2018. Per saldo 7% bijtelling.

Vanaf 2019 wordt er voor de bijtelling een onderscheid gemaakt tussen waterstof en niet-waterstofauto’s.

Waterstofauto’s
In 2019 is de verlaging 18%. Per saldo is de bijtelling 7%.

In 2020 is de verlaging 14%. Per saldo is de bijtelling 11%.

In 2021 is de verlaging 10%. Per saldo is de bijtelling 15%.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6%. Per saldo is de bijtelling 19%.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 20%.

Vanaf 2026 is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Niet-waterstofauto’s
In 2019 is de verlaging 18% tot een cataloguswaarde van € 50.000. Per saldo is de bijtelling 7%. Boven € 50.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 9.000.

In 2020 is de verlaging 14% tot een cataloguswaarde van € 45.000. Per saldo is de bijtelling 11%. Boven € 45.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 6.300.

In 2021 is de verlaging 10% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 15%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 4.000.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 19%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo de bijtelling 20%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

In 2026 is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e tenaamstelling vanaf 1-1-2014 tot 1-1-2017

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

De verlaging is 21% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister. Per saldo 4% bijtelling.

Waterstofauto’s
Als de 60-maandenperiode eindigt in 2019 of 2020, is daarna de verlaging 18% tot 1-1-2021. Er geldt geen beperking van de verlaging. Per saldo 7% bijtelling.

In 2021 is de verlaging 10%. Per saldo is de bijtelling 15 %.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6%. Per saldo is de bijtelling 19%.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 20%.

Vanaf 2026 is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Niet waterstofauto’s
In 2019 is de verlaging 18% tot een cataloguswaarde van € 50.000. Per saldo is de bijtelling 7%. Boven € 50.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 9.000.

In 2020 is de verlaging 14% tot een cataloguswaarde van € 45.000. Per saldo is de bijtelling 11%. Boven € 45.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 6.300.

In 2021 is de verlaging 10% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 15 %. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 4.000.

Van 2022 tot en met 2024 is de verlaging 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 19%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 20%. Boven € 40.000 is dit 25%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

In 2026 is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating vanaf 1-1-2017 tot 1-1-2019

Het algemene bijtellingspercentage is 22%.

De verlaging is 18% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst toegelaten is op de weg. Per saldo 4% bijtelling.

Waterstofauto’s
In 2022, 2023 of 2024 is de verlaging 6%. Per saldo is de bijtelling 16%.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 17%.

Vanaf 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Niet-waterstofauto’s
In 2022, 2023 of 2024 is de verlaging 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 16%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 17%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

Vanaf 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating in 2019

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto is 22%.

Waterstofauto’s
De verlaging is 18% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo 4% bijtelling.

In 2024 is de verlaging 6%. Per saldo is de bijtelling 16%.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 17%.

Vanaf 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Niet waterstofauto’s
De verlaging is 18% tot een cataloguswaarde van € 50.000. Dit geldt voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo is de bijtelling 4%. Boven € 50.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 9.000.

In 2024 is de verlaging 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 16%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 17%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

Vanaf 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating in 2020

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto’s is 22%.

Waterstofauto’s
De verlaging is 14% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo 8% bijtelling.

In 2025 is de verlaging 5%. Per saldo is de bijtelling 17%.

In 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Niet-waterstofauto’s
De verlaging is 14% tot een cataloguswaarde van € 45.000. Dit geldt voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo is de bijtelling 8%. Boven € 45.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 6.300.

In 2025 is de verlaging 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Per saldo is de bijtelling 17%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

In 2026 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating in 2021

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto’s is 22%.

Waterstofauto’s
De verlaging is 10% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo 12% bijtelling.

Niet-waterstofauto’s
De verlaging is 10% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Dit geldt voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo is de bijtelling 12%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 4.000.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating vanaf 1-1-2022 tot en met 31-12-2024

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto’s is 22%.

Waterstofauto’s
De verlaging is 6% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo 16% bijtelling.

Niet-waterstofauto’s
De verlaging is 6% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Dit geldt voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo is de bijtelling 16%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.400.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating in 2025

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto’s is 22%.

Waterstofauto’s
De verlaging is 5% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo 17% bijtelling.

Niet-waterstofauto’s
De verlaging is 5% tot een cataloguswaarde van € 40.000. Dit geldt voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Per saldo is de bijtelling 17%. Boven € 40.000 is dit 22%. Het bedrag van de verlaging is maximaal € 2.000.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating vanaf 1-1-2026

Het algemene bijtellingspercentage voor deze auto’s is 22%. Er geldt geen verlaging.

 

2. Uitstoot hoger dan 0 en max 50 gram

Bij deze categorie is een bestuurders- en/of eigenaarswissel niet van belang. Wel de datum 1e tenaamstelling.

Datum 1e tenaamstelling vóór 1-1-2012

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

De verlaging is 25% tot 1-1-2017. Daarna is de bijtelling 25%.

Datum 1e tenaamstelling vanaf 1-1-2012 tot 1-1-2015

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

De verlaging is 25% voor 1 x 60 maanden, vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e tenaamstelling in 2015

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

De verlaging is 18% voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e tenaamstelling vanaf 1-1-2016 tot 1-1-2017

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

Verlaging van 10% voor 1 x 60 maanden vanaf de 1e dag van de maand volgend op die waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister.

Na afloop van de 60-maandenperiode is de bijtelling 25%. Er geldt geen verlaging meer.

Datum 1e toelating vanaf 1-1-2017

Vanaf 1-1-2017 is de bijtelling 22%. Er geldt geen verlaging.

 

3. Uitstoot hoger dan 50 gram

De korting op de bijtelling is afhankelijk van de CO2-uitstoot en tot 2015 op welke brandstof de auto rijdt. Vanaf 2015 wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen diesel of geen diesel auto’s.

Datum 1e tenaamstelling vóór 1-7-2012

Als sprake is van een verlaagde bijtelling van 14% of 20% (op basis van de uitstootgrenzen geldend op 30-6-2012) geldt een overgangsregeling.

In 3 situaties geldt deze verlaagde bijtelling uiterlijk tot en met 31-12-2018:

  • datum 1e tenaamstelling vóór 1-7-2012, geen eigenaarswissel en geen bestuurderswissel
  • datum 1e tenaamstelling en op naam eigenaar vóór 1-7-2012, bestuurderswissel op of na 1-7-2012
  • datum 1e tenaamstelling vóór 1-7-2012, op naam eigenaar op of na 1-7-2012, geen bestuurderswissel vanaf 30-6-2012

 

Let op!

In één situatie geldt de verlaagde bijtelling (volgens uitstootgrenzen 30-6-2012) uiterlijk tot en met 30-6-2017. Dit is het geval als de datum 1e tenaamstelling ligt vóór 1-7-2012 en er zowel een eigenaarswissel als een bestuurderswissel was op of na 1 juli 2012.

Datum 1e tenaamstelling vanaf 1-7-2012 en vóór 1-1-2017

Het algemene bijtellingspercentage is 25%.

Afhankelijk van de uitstootgrenzen in het jaar van 1e tenaamstelling geldt een verlaging gedurende een periode van 1 x 60 maanden.

 

Let op!

Voor een auto met 1e tenaamstelling in 2012 na 1-7-2012 gelden de gewijzigde uitstootgrenzen van 1 juli 2012.

Datum 1e toelating vanaf 2017

Het algemene bijtellingspercentage is 22%. Er is geen recht op verlaging.

Bekijk hier het pdf-bestand: Tabel bijtellingspercentages auto 2011-2026
PDF download
 
 
 

belastingdienst, belastingen, overheid, rijksoverheid, belastingzaken, loonbelasting, loonkosten, loon regelingen, Nederlandse belasting, financiën, geldzaken

door100% Salarisverwerking B.V.

Zo hard mag je in andere Europese landen!

Nu 100 kilometer per uur als maximumsnelheid.

                  
De maximumsnelheid op alle Nederlandse snelwegen wordt teruggebracht naar 100 kilometer per uur, als deel van een pakket maatregelen van het kabinet om het stikstofprobleem aan te pakken. Binnenkort mag tussen 6.00 uur en 19.00 uur nergens in Nederland meer harder worden gereden dan 100, meldt persbureau ANP op basis van ingewijden in Den Haag.
 
Automobilisten die het gaspedaal verder willen intrappen moeten vanaf volgend voorjaar hun heil zoeken buiten die tijden op sommige wegen – of buiten Nederland. Uit een overzicht van Autotraveler blijkt dat zo goed als alle andere Europese landen hogere maximumsnelheden hanteren voor personenauto’s op snelwegen.
 
Natuurlijk is er om te beginnen de beroemde Duitse Autobahn, waar in beginsel geen snelheidsbeperkingen van kracht zijn. Al gelden op delen van het wegennet in Duitsland, volgens Wikipedia meer dan de helft, inmiddels maximumsnelheden van 80 tot 130 kilometer per uur. Op stukken zonder limiet is 130 kilometer per uur de aanbevolen snelheid.
 
Ook Polen en Bulgarije zijn aantrekkelijk voor snelheidsduivels: in beide landen is 140 kilometer per uur het maximum op sommige snelwegen (in Polen geldt op snelwegen met twee rijstroken in elke richting een limiet van 120; in Bulgarije is op sommige wegen 130 de bovengrens).
 

130 de limiet

De maximumsnelheid van 130 kilometer per uur, die Nederland na bijna acht jaar in de ban doet, is gangbaar in een groot aantal andere Europese landen: in zeker achttien landen, waaronder Frankrijk, Italië, Oostenrijk en Griekenland, is 130 de limiet. Ook in relatief kleine landen als Tsjechië, Slovenië, Denemarken en Luxemburg mogen automobilisten flink gas geven tot die snelheid.

Acht landen volgen met een bovengrens van 120 kilometer per uur, waaronder België, Spanje, Zweden en Zwitserland.

Wie liever in mijlen telt, kan terecht in het Verenigd Koninkrijk. Daar mogen automobilisten op snelwegen maximaal 70 rijden, ofwel zo’n 112 kilometer per uur.

Nog eens acht landen, vooral in Oost-Europa, hanteren 110 kilometer per uur als bovengrens. Naast onder meer Rusland, Armenië en Azerbeidzjan past ook Noorwegen die limiet toe.

Alleen in Cyprus mogen automobilisten, evenals binnenkort in Nederland, nergens harder dan 100.
 

Maximumsnelheid voor auto tot max 3,500 kg

Snelheidslimiet EU, Maximumsnelheid op snelwegen in Europa, maximumsnelheid in EU op de weg,
 
Bron: BI
 
 

Gerelateerd:


 
Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving,