Categorie Archief Lage inkomensvoordeel

door100% Salarisverwerking B.V.

Vergoeding studiekosten kind werknemer onbelast

De Belastingdienst laat weten op welke manieren een werkgever een werknemer met studerende kinderen een onbelaste studiekostenvergoeding kan geven.

Nieuwsbrief Loonheffingen 2019, loonheffingen 2019, belastingdienst, LIV,LKV,jeugd LIV,studietoelage, loon,salaris.pensioen,premies,
 
Tijdens de behandeling van het Belastingplan 2019 in de Tweede Kamer is een motie aangenomen met het verzoek aan de regering om in het Handboek Loonheffingen op te nemen welke mogelijkheden er voor werkgevers zijn om een studietoelage te verstrekken aan de studerende kinderen van werknemers, zodat volstrekt duidelijk is hoe deze mogelijkheden fiscaal correct ingezet kunnen worden.

Zie: motie-Omtzigt/Bruins over een studietoelage uit een fonds van de werkgever.

Informatie hierover is opgenomen in de vierde versie van de Nieuwsbrief Loonheffingen 2019 en heeft de Belastingdienst nu verduidelijkt. In het Handboek Loonheffingen volgt later dit jaar nog meer informatie over het geven van een belastingvrije studietoelage aan kinderen van werknemers.

overheid, regering, bestuur den haag, volksvertegenwoordiging,

Groene tabel

Als de werkgever het kind van de werknemer zelfstandig een studietoelage toekent, dan ziet de Belastingdienst dit als inkomen. Op dit inkomen moet u op de gebruikelijke manier loonbelasting/premie volksverzekeringen inhouden volgens de groene tabel.

Is de studietoelage van het kind niet hoger dan € 6.759 en laat de student bij u de loonheffingskorting toepassen? Dan hoeft u géén loonbelasting/premie volksverzekeringen in te houden.
 

Drie manieren

Als een werkgever werknemers in dienst heeft met studerende kinderen, dan kan hij de studiekosten vergoeden. Dit kan belastingvrij op drie manieren:

  • De werkgever geeft de werknemer een vergoeding voor het studiegeld van het kind. U gebruikt daarvoor de vrije ruimte van de werkkostenregeling en wijst deze vergoeding aan als eindheffingsloon.
  • De werkgever kent de toelage direct aan het kind zelf toe. Tot € 2.477 is dit eigen inkomen belastingvrij. Dit bedrag ligt namelijk binnen de grenzen van de algemene heffingskorting.
  • De werkgever richt een studiefonds op. De uitkeringen uit dit fonds zijn onder voorwaarden belastingvrij.

 

Studiefonds

Uitkeringen en verstrekkingen uit fondsen die aan de dienstbetrekking zijn verbonden, horen onder de volgende voorwaarden niet tot het loon.

  • Het gaat niet om uitkeringen en verstrekkingen voor adoptie en overlijden, voor ziekte, invaliditeit en bevalling.
  • De werknemer heeft geen vrijgestelde aanspraak op de uitkeringen of verstrekkingen.
  • Werknemers die aan het fonds bijdragen, hebben de laatste vijf jaar gezamenlijk minstens evenveel bijgedragen als de werkgever. Als het fonds nog geen vijf jaar bestaat, gaat u uit van de periode vanaf de oprichting van het fonds tot aan het jaar waarin de uitkering of verstrekking plaatsvindt.

Bijdragen van de werknemer aan het fonds houdt u in op het nettoloon. Deze bijdragen zijn dus niet aftrekbaar.
 
Zie Handboek Loonheffingen, paragraaf 19.2.2
 

Toevoegingen

In de loop van het jaar voegt de fiscus informatie toe aan het Handboek Loonheffingen 2019 over het geven van een belastingvrije studietoelage aan kinderen van werknemers. Het gaat om de volgende toevoegingen:

  • de bestaande dienstbetrekking van de ouder kan leiden tot een dienstbetrekking voor het kind. Dat betekent dat het kind door de studietoelage op de loonlijst van de werkgever komt. (paragraaf 1.1)
  • een voorbeeld van een vergoeding voor het studiegeld die als eindheffingsloon kan worden aangewezen (paragaaf 4.2)
  • bij een eenmalige studietoelage aan het kind van de werknemer hoeft de werkgever geen bijdrage Zvw in te houden (paragraaf 6.2.2)
  • de groene loonbelastingtabel is van toepassing bij een studietoelage aan het kind van de werknemer (paragraaf 7.3.3)
  • een voorbeeld van een studiefonds van de werkgever voor studerende kinderen van werknemers (paragraaf 19.2.2)

 
 
loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Regelhulp financieel CV

Werkgevers kunnen voor sommige werknemers gebruik maken van aantrekkelijke financiële regelingen.

               

Met de Regelhulp financieel cv bepaalt u of dat kan en hoe hoog het voordeel is.

loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,
 
Er zijn verschillende subsidies en regelingen die tot doel hebben een werkzoekende aantrekkelijker te maken voor een werkgever, of de arbeidskosten te verlagen. De regelhulp waarmee een dergelijk digitaal overzicht van de belangrijkste regelingen gemaakt kan worden, is nu beschikbaar (www.financieelCV.nl). Op basis van de gegevens die de werkzoekende zelf invult, ontstaat een geïndividualiseerd overzicht van de voor hem/haar (mogelijk) geldende regelingen.

De in het overzicht getoonde uitkomsten en bedragen geven een indicatie op basis van de ingevulde gegevens. De werkgever/werkzoekende kan geen rechten ontlenen aan het financieel CV.
 

Regie werkzoekende

Het is de werkzoekende zelf die de regie houdt. Hij kan zelf beslissen om deze regelhulp te gebruiken, het moment kiezen waarop hij dat wil doen en de mate waarin hij daarin persoonlijke gegevens verstrekt.

Als de gebruiker ervoor kiest om persoonlijke gegevens in te vullen, kan daarmee een geïndividualiseerd overzicht worden gemaakt, waar de gebruiker zelf over kan beschikken. De gegevens worden niet bewaard.

Om de privacy van de werkzoekende verder te garanderen, is het ook mogelijk om het financieel CV anoniem in te vullen.

Met zaken die de werkzoekende niet opgeeft, kan bij het vaststellen van de mogelijke financiële voordelen geen rekening worden gehouden. Door het beschikbaar stellen van dit instrument kan de werkzoekende zich zo aantrekkelijk mogelijk, ook in financiële zin, bij de potentiële werkgever aanbieden.

Een link naar de regelhulp “financieel CV” wordt via de berichtenbox van werk.nl aan de werkzoekende aangeboden.

 
 
loonadministratie, loonverwerking, loonverwerker, loonverwerkers, loon,salarisverwerkers, salarisverwerking,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uiterste betaaldatum loonheffingen 2e vierwekenperiode in weekend

Het gaat om de periode van 28 januari 2019 t/m 24 februari 2019.

               
Het verschuldigde bedrag aan loonheffingen over de 2e periode van de vierwekenaangifte 2019 moet uiterlijk vrijdag 22 maart 2019 op de rekening van de Belastingdienst staan.

loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,
 
De uiterste aangifte- en betaaldatum van deze periode is 24 maart 2019 en valt in het weekend. De banken verwerken geen betalingen in het weekend. Als u het verschuldigde bedrag in het weekend overmaakt, is het niet op tijd binnen bij de Belastingdienst. U loopt dan het risico dat u een betalingsverzuimboete krijgt.
 

Uw aangifte loonheffingen verwerkt de Belastingdienst wel in het weekend.

Gebruik bij betaling altijd het juiste betalingskenmerk. Meer hierover leest u in de handreiking ’Betalen met het juiste betalingskenmerk’.

In de brochure ’Aangifte loonheffingen 2019: tijdvakcodes, aangifte- en betaaldatums’ vindt u de uiterste aangifte- en betaaldatums 2019 met de tijdvakcodes.
 
Aangifte loonheffingen 2019 tijdvakcodes-aangiftedatums-betaaldatums (pdf)
 
 
Belastingdienst, belasting,overheid,

door100% Salarisverwerking B.V.

Uitvoering Wet tegemoetkomingen loondomein 2018

Wet tegemoetkomingen loondomein gedeeltelijk uit stellen!

                

Minister Koolmees van Sociale Zaken laat in antwoord op Kamervragen weten waarom de inwerkingtreding van de loonkostenvoordelen niet is uitgesteld en gaat verder in op de stand van zaken wat betreft de Wet tegemoetkomingen loondomein waaronder de voorlopige berekening van het lage-inkomensvoordeel.

 
loonadministratie, loonverwerking, loonverwerker, loonverwerkers, loon,salarisverwerkers, salarisverwerking,
 
De Kamervragen gaan over “ het niet – opgevolgde advies“ van het Bureau ICT Toetsing (BIT) om het ICT-project Wet tegemoetkomingen loondomein gedeeltelijk uit te stellen.

Het definitief BIT-advies project Wet tegemoetkomingen loondomein van 16 november 2017 bevat de aanbeveling om het Loonkostenvoordeel (LKV) niet op 1 januari 2018 in te laten gaan maar een jaar uit te stellen.

Waarom is het advies niet voor 14 december 2017 aan de Kamer gestuurd en dus voor de ingang van de LKV op 1 januari 2018 definitief werd?

Om een zorgvuldige afweging te kunnen maken en tot een gefundeerd oordeel te komen, heeft de minister de uitkomst van de ketentesten daarbij willen betrekken. De ketentesten zijn op 5 januari 2018 met succes afgerond.
 
Proces toekenning lkv liv jeugd liv, De stappen op een rij, proces is elk jaar hetzelfde voor zowel het LKV, de LIV als het jeugd-LIV
 

Lage-inkomensvoordeel (LIV), jeugd-LIV en loonkostenvoordelen (LKV)

Het gaat hier om een groot project. Er wordt circa 900 miljoen euro besteed aan drie arbeidsmarktinstrumenten, namelijk het lage-inkomensvoordeel (LIV), jeugd-LIV en de loonkostenvoordelen (LKV).

Het LIV is bedoeld om de werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt te stimuleren.

Het jeugd-LIV betreft een werkgeverscompensatie voor de toegenomen loonkosten vanwege het verhogen van het minimumjeugdloon.

De loonkostenvoordelen zijn bedoeld om het arbeidsmarktperspectief van mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt, zoals oudere werknemers en arbeidsgehandicapten, te verbeteren.

Bovendien wordt met de nieuwe systematiek de handhaving verbeterd en de verzilveringsproblematiek opgelost, zodat ook kleine werkgevers optimaal kunnen profiteren van de tegemoetkomingen.
 

Gefaseerde invoering Wet tegemoetkomingen loondomein

De Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) wordt door UWV en Belastingdienst gefaseerd ingevoerd. Er is sprake van drie verschillende onderdelen, het lage-inkomensvoordeel (LIV), het lage-inkomensvoordeel voor jongeren (jeugd-LIV) en de loonkostenvoordelen (LKV’s). De implementatie van deze onderdelen is opgeknipt in verschillende werkprocessen.

Ten behoeve van het proces voorlopige berekening LIV is de ketentest van 17 november 2017 tot en met 5 januari 2018 uitgevoerd en afgerond. De testen zijn volgens UWV en Belastingdienst positief verlopen en zijn aanleiding geweest voor definitieve vrijgave van dit proces voor productie.

De processen beschikken, herzien en bezwaar die aan het eind van het totale LIV-proces in de loop van dit jaar benodigd zijn, volgen in de komende maanden.

Verder wordt de Wtl-applicatie in de loop van 2018 door UWV aangepast voor de jeugd-LIV en LKV. De testen voor deze twee onderdelen staan gepland voor de tweede helft van 2018. Bij iedere procesrelease wordt een integrale ketentest uitgevoerd om een gefundeerd vrijgavebesluit te kunnen nemen. De voortbrenging vindt op deze wijze zorgvuldig en planmatig plaats.

Alle relevante systemen voor de uitvoering van het proces ‘voorlopige berekening LIV’ zijn gereed. De Wtl-applicatie (‘de rekenmachine’), de koppelingen voor het berichtenverkeer tussen UWV en de Belastingdienst en de gezamenlijke database zijn afgerond en werken.
 

Voorlopige berekeningen LIV digitaal aanbieden

Het BIT beveelt aan om na te gaan of de voorlopige berekeningen in 2018 digitaal aangeboden kunnen worden. Dit advies is overgenomen. De grote werkgevers met meer dan 100 LIV-gerechtigden worden zowel per post als digitaal geïnformeerd.
 

Nieuwe functionaliteit Belastingdienst voor betalen

De geautomatiseerde innings- en betaalvoorziening van de Belastingdienst is verouderd. Er is voor gekozen om hiervoor een nieuwe functionaliteit te gaan ontwikkelen. De Wtl is de eerste wet die gebruik gaat maken van deze nieuwe functionaliteit. De ontwikkeling hiervan valt binnen de scope van dit programma en ligt volgens de Belastingdienst qua ontwikkeling op schema.

Medio januari 2018 zijn de betaalservice en administratie hierop aangepast en zal dit uitgebreid worden getest. De oplevering van deze nieuwe functionaliteit is medio april 2018 voorzien. De uitbetaling van het LIV is uiterlijk medio september 2018. De nieuwe betaalvoorziening is daarom volgens de Belastingdienst ruim op tijd beschikbaar.

Daarnaast is een terugvalscenario uitgewerkt. Dit betekent dat de Belastingdienst met behulp van een al bestaand back-up systeem de in totaal circa 92.000 betalingen kan uitbetalen. Het go/no go moment voor het terugvalscenario is 1 augustus 2018.

De Belastingdienst heeft aangegeven dat mocht de nieuwe ICT voor het betaalproces niet tijdig gereed zijn, dan is de uitbetaling aan de betrokken werkgevers met het back-up systeem gegarandeerd.
 

Op tijd klaar

Ten tijde van het onderzoek constateert het BIT dat belangrijke systemen nog niet klaar waren. UWV heeft daarom vanaf begin oktober 2017 de bouw- en testcapaciteit moeten vergroten om op tijd klaar te kunnen zijn. Dat is gelukt. Verder zijn de belangrijkste processen die nodig zijn voor aanvraag en afgifte van LKV-doelgroepverklaringen bij UWV afgerond. De overige processen, waaronder een geautomatiseerd systeem voor doelgroepverklaringen LKV, worden conform planning dit jaar opgeleverd.

Het standaard aanvraagproces, het aanvraagformulier en de model doelgroepverklaringen zijn inmiddels gereed en beschikbaar gesteld aan gemeenten via de site van de VNG

UWV is bij het registreren van doelgroepverklaringen afhankelijk van hoe gemeenten aanleveren en hoe zij hun processen inrichten.
 
Belastingdienst, belasting,overheid,
 
De constatering van het BIT dat veel systemen nog niet af zijn, dateert van augustus 2017. Op dat moment was bijvoorbeeld de Wtl-applicatie nog niet af. UWV en de Belastingdienst hebben aangegeven dat inmiddels alle systemen voor het proces ‘voorlopige berekening LIV’ (de Wtl-applicatie, de koppelingen en de gezamenlijke database) zijn afgerond en gereed voor productie.

Volgens de wet moeten voor 15 maart 2018 de voorlopige berekeningen van de LIV gestuurd worden aan 80.000 werkgevers (over 350.000 werknemers), gaat dat lukken?

UWV en Belastingdienst geven aan dat dit gaat lukken. Alle voorbereidingen zijn getroffen en alle systemen zijn uitgebreid getest. Inmiddels zijn alle voorlopige berekeningen geprint en deze zullen voor 15 maart zijn verzonden. De eerste batch van 25.000 voorlopige berekeningen zijn zaterdag 3 maart bij werkgevers bezorgd.

Er wordt hard gewerkt door de Belastingdienst om ook de definitieve beschikkingen en uitbetalingen van het LIV conform planning te kunnen laten plaatsvinden. De uitvoeringsorganisaties liggen op koers om de eerste brieven van de voorlopige berekening LIV conform wettelijke bepaling voor 15 maart a.s. bij de werkgevers op de mat te kunnen laten landen.

De Belastingdienst heeft op 14 maart 2018 het volgende laten weten:

“Zo’n 94.000 werkgevers krijgen van UWV een voorlopige berekening van het lage-inkomensvoordeel (LIV) 2017. Vandaag vallen de laatste voorlopige berekeningen op de mat.

In de voorlopige berekening staat voor welke werknemers u recht hebt op het LIV en het bedrag dat u krijgt. De berekening is gebaseerd op de aangiften loonheffingen en correcties over 2017 die u tot en met 31 januari 2018 hebt gedaan.”

Voortgang

De minister informeert de Tweede Kamer voor Prinsjesdag 2018 over de voortgang van de implementatie van het lage-inkomensvoordeel (LIV) en voor Prinsjesdag 2019 over de voortgang van de implementatie van het jeugd-LIV en loonkostenvoordelen (LKV). Mocht er aanleiding voor zijn dan geeft hij tussentijds informatie over de stand en ontwikkelingen.
 
 

Beantwoording Kamervragen ICT-project Wet tegemoetkomingen loondomein-Wtl

 
overheid, regering, bestuur den haag, volksvertegenwoordiging,

door100% Salarisverwerking B.V.

Toezichtsplan Arbeidsrelaties

Resultaten vaak onjuist handelen!

                         
De Belastingdienst heeft het Toezichtsplan Arbeidsrelaties op 1 juli 2018 gepubliceerd. Dit toezichtsplan richtte zich op het uitvoeren van bedrijfsbezoeken bij 100 opdrachtgevers. Deze bezoeken zijn inmiddels afgerond en de uitkomsten zijn vastgelegd in een rapportage die op 6 maart 2019 is gepubliceerd.

Uit de bedrijfsbezoeken trekt de Belastingdienst de conclusie dat bij de meeste opdrachtgevers sprake lijkt van in meer of mindere mate onjuist handelen.
 
loonadministratie, loonverwerking, loonverwerkers,loonverwerker, loon, wet en regelgeving loon, belastingen en loon, loonbelasting,
 

Kwaadwillenden

Het kabinet heeft een handhavingsmoratorium ingesteld. De handhaving door de Belastingdienst op de juiste kwalificatie van de arbeidsrelatie voor de loonheffingen is opgeschort, met uitzondering van ‘kwaadwillendheid’. Sinds 1 juli 2018 kan de Belastingdienst bij alle kwaadwillenden handhaven.
 

Bedrijfsbezoeken

Voor de uitvoering van het toezichtsplan heeft de Belastingdienst 104 opdrachtgevers bezocht voor een bedrijfsbezoek. Tijdens deze bedrijfsbezoeken is met de opdrachtgevers gesproken over de werkwijze die zij hanteren bij het inhuren van opdrachtnemers. Indien tijdens deze gesprekken onjuistheden zijn geconstateerd, is dit met de opdrachtgever besproken.

De fiscus heeft de opdrachtgever suggesties gegeven om de feitelijke werkzaamheden met de gebruikte overeenkomsten in overeenstemming te brengen. Een voorbeeld hiervan is een aanpassing in de overeenkomst waarbij de werkzaamheden niet persoonlijk door de opdrachtnemer hoeven te worden verricht. Deze aanpassing werkt alleen als de opdrachtnemer zich daadwerkelijk zonder toestemming van de opdrachtgever mag laten vervangen en dat dit ook feitelijk gebeurt.
 

Resultaten

Samengevat zijn de resultaten van de 104 bedrijfsbezoeken:

  • bij 45 keer bedrijfsbezoeken gaf de opdrachtgever blijk van voldoende kennis en ervaring met de Wet DBA en gaf hij aan de wettelijke bepalingen ook juist toe te passen.
  • Bij de overige 59 bedrijfsbezoeken leek sprake van in meer of mindere mate onjuist handelen. Hiervan is bij 12 bedrijfsbezoeken, op basis van het gesprek, geconstateerd dat de opdrachtgever de arbeidsrelatie niet juist heeft gekwalificeerd.

 

Onjuist handelen

In de gevallen van (vermoedelijk) onjuist handelen gaat het om:

  • Er zijn aanwijzingen voor de aanwezigheid van een gezagsverhouding, terwijl er volgens de gebruikte overeenkomst geen gezagsverhouding zou zijn.
  • Zzp’ers verrichten dezelfde werkzaamheden en op dezelfde wijze als eigen werknemers.
  • Er is sprake van kernactiviteiten, de werkzaamheden betreffen een wezenlijk onderdeel van de bedrijfsvoering, wat een aanwijzing kan zijn voor werken in dienstbetrekking.
  • Er is geen vervanging van de zzp’er mogelijk of wenselijk, en er lijkt ook sprake te zijn van gezag.
  • De zzp’er heeft geen mogelijkheid om zelfstandig zijn werk in te delen.
  • De duur van arbeidsrelatie is dermate lang dat het werk van de zzp’er lijkt te zijn ingebed in de organisatie.
  • Er lijkt sprake van een fictieve dienstbetrekking.
  • Er wordt niet conform de modelovereenkomst gewerkt.

 

Complex en tijdrovend

Tijdens de bedrijfsbezoeken is de opdrachtgevers ook gevraagd naar de ervaringen met de Wet DBA. Uit deze gesprekken komt naar voren dat opdrachtgevers de huidige wet- en regelgeving inzake de kwalificatie van een arbeidsrelatie als complex en tijdrovend ervaren.

De meeste opdrachtgevers zijn gemotiveerd om de wet- en regelgeving goed toe te passen, maar worstelen met een krappe arbeidsmarkt waarin niet altijd voldoende personeel voorhanden is dat de werkzaamheden in loondienst wil verrichten.

Bij de Belastingdienst melden zich ook steeds meer bedrijven die willen voldoen aan wet- en regelgeving maar zich ‘gedwongen voelen’ met opdrachtnemers te werken omdat opdrachtnemers niet meer in dienst willen treden en liever zzp-er zijn, ondanks dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking.

De Belastingdienst staat dan ook voor de uitdaging een toezicht- en handhavingsstrategie uit te werken die niet leidt tot marktverstoring en een gelijk speelveld creëert.

Voor de zomer informeert de staatssecretaris van Financiën nader over de toezicht- en handhavingsstrategie van de Belastingdienst en de afbouw van het handhavingsmoratorium.

Kamerbrief rapportage toezichtsplan arbeidsrelaties
 
 

personeelszaken, hrm ondersteuning, wet en regelgeving, juridische zaken personeel, contacten, arbeidsovereenkomsten,

close

Veel lees plezier? Delen mag.