Categorie Archief Belastingdienst

door100% Salarisverwerking B.V.

Jeugd-LIV ten einde door Pensioenakkoord?

Het principeakkoord dat het kabinet, de werkgeversorganisaties en de vakbonden hebben gesloten.

          

Waar hervorming over het pensioenstelsel is gesproken betekent het einde van het lage-inkomensvoordeel voor jongeren (jeugd-LIV). Dat kan werkgevers duizenden euro’s per werknemer per jaar gaan kosten.

 
pensioenregeling , pensioen, pensioenfonds, pensioenaanbieder , nabestaandenpensioen, pensioenpotje, aow, oudedag voorziening, sparen voor later,
 

De maatregelen

De maatregelen uit het pensioenakkoord kosten geld. Eén van de kostbaarste maatregelen is die voor duurzame inzetbaarheid: het afremmen van de stijging van de AOW-leeftijd. Deze alleen al zorgt voor een kostenpost van enkele miljarden euro’s. De overheid wil hier onder meer budget voor vrijmaken door het jeugd-LIV de nek om te draaien en het lage-inkomensvoordeel (LIV) voor volwassen werknemers te beperken. Dat moet ongeveer € 200 miljoen opleveren. Hoe deze wijzigingen er precies uit gaan zien, is nog onduidelijk. In de Kamerbrief (pdf) staat alleen dat het hoge tarief voor het LIV van € 1,01 per verloond uur verlaagd zal worden.
 

Onderzoek naar effectiviteit

In de brief staat ook dat werkgevers in overleg met het kabinet gaan onderzoeken of alle instrumenten uit de Wet tegemoetkomingen loondomein (WTL) effectiever ingezet kunnen worden. Dat gaat dus niet alleen om het LIV en jeugd-LIV, maar ook om de loonkostenvoordelen (LKV’s). De beoogde bezuiniging van € 200 miljoen komt daarmee niet te vervallen, maar mogelijk kunnen de gelden die wel beschikbaar blijven, op een andere manier ingezet worden.
Werkgevers gaan daarbij in overleg met het kabinet onderzoeken of voor het geheel aan instrumenten in de Wet Tegemoetkomingen Loondomein tot een effectievere invulling gekomen kan worden, waarmee niet het bezuinigingsbedrag maar wel de invulling daarvan kan veranderen. Daarnaast zet het kabinet structureel 100 miljoen euro in uit de algemene middelen.
Aan de inkomstenkant wordt de benodigde dekking 50/50 verdeeld over de lasten voor burgers en bedrijven. Tot slot vallen de in het regeerakkoord gereserveerde middelen voor de transitie afschaffen doorsneesystematiek vrij in 2020 en 2021
(in beide jaren 234 miljoen)
 

Huidige eisen op een rij

Op dit moment krijgen werkgevers nog jeugd-LIV voor alle werknemers die voldoen aan deze drie voorwaarden:

  • De werknemer was op 31 december van het afgelopen jaar 18, 19, of 20 jaar.
  • De werknemer is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • De werknemer verdient gemiddeld een uurloon dat past bij zijn leeftijd en valt dus binnen de uurloongrenzen.

Voor het gewone LIV geldt de leeftijdsgrens niet, maar moeten werknemers wel minimaal 1.248 verloonde uren bij de organisatie hebben per kalenderjaar.
 
 
personeelszaken, hr management, loonadministrateurs,salarisadministrateurs, salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, loonadministratie, loonadministrateurs, loonverwerkers, loonverwerker, salarisadministratie, salaris, loon, salarisverwerking online, salarisverwerker online,

door100% Salarisverwerking B.V.

Rekenregels 1juli 2019

De nieuwe regels voor het berekenen van de verschuldigde loonbelasting /premie volksverzekering zijn onlangs bekendgemaakt.

     

De wijziging van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2019 heeft gevolgen voor de zogenoemde rekenregels. Ook geldt er per 1 juli een nieuw maximumdagloon.

 

overheid, regering, bestuur den haag, volksvertegenwoordiging,
 

Dagloon stijgt

Per 1 juli 2019 stijgt het wettelijk minimumloon met 1,23% naar € 1.635,60 bruto per maand bij een fulltime dienstverband. Het dagloon voor de uitkeringen op basis van de WAO/WIA, Werkloosheidswet (WW) en de Ziektewet (ZW) stijgt met hetzelfde percentage.

Daardoor is het maximumdagloon voor deze uitkeringen per 1 juli 2019 € 216,90 per dag: € 56.610,90 per jaar.

minimumloon 2019, wml 2019, het minimumloon 2019, het wettelijk minimumloon, bruto wettelijk minimumloon, minimale loon, basis loon, minimale verdienste, minimale salaris,loon, salaris,
 
Het maximumpremieloon voor de werknemersverzekeringen en maximumbijdrageloon voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW) werknemersverzekeringen staat gedurende 2019 vast op € 55.927 op jaarbasis. Dat verandert dus niet per 1 juli.
 

Dagloon is doorslaggevend bij uitkering

Voor werkgevers is het dagloon zo belangrijk, omdat het bepaalt hoe hoog de uitkering is die een werknemer krijgt op basis van de Wet arbeid en zorg, zoals een uitkering voor adoptieverlof, pleegzorgverlof of zwangerschaps- en bevallingsverlof. Ongeacht het loon van de werknemer, keert UWV nooit meer uit dan het maximumdagloon. Toch staat in veel (collectieve) arbeidsovereenkomsten dat de werkgever dit maximumdagloon moet aanvullen tot 100% van het laatstverdiende loon van de werknemer. Staat er niets in deze overeenkomsten, dan is die aanvulling niet verplicht.
Ook eigenrisicodragers voor de WGA en ZW hoeven geen hogere uitkering te betalen dan (een vast percentage van) het maximumdagloon.

 

Sommige bedragen zijn niet gewijzigd

Per 1 juli 2019 zijn er aanpassingen in het bruto wettelijk minimumloon. Ze gelden voor uitkeringsbedragen en grondslagen op het minimumniveau. De rekenregels geven u hier inzicht in. Hier onder een beschrijving van de veranderingen en 7 bijlagen:

  1. bijlage I.1 – de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019);
  2. bijlage I.2 – de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018 (ongewijzigd);
  3. bijlage II.1 – overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon;
  4. bijlage II.2 – de referentieminimumjeugdlonen;
  5. bijlage II.3 – de normbedragen voor de Toeslagenwet;
  6. bijlage II.4 – de AOW-/ANW-uitkeringen per 1 juli 2019;
  7. bijlage II.5 – de bedragen voor de bijstand voor pensioengerechtigden per 1 juli 2019.

 


  1. bijlage I.1 – de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019);de (premie)grenzen (ongewijzigd ten opzichte van 1 januari 2019)

  2. bijlage I.2 – de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018 (ongewijzigd);de procentuele mutaties van de premies in 2019 ten opzichte van 2018

  3. bijlage II.1 – overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon;overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon

    overzicht van de AOW- en ANW-uitkeringen die worden afgeleid van het referentieminimumloon

  4. bijlage II.2 – de referentieminimumjeugdlonen;bijlageII.2–dereferentieminimumjeugdlonen;bijlageII.2–dereferentieminimumjeugdlonen;

  5. bijlage II.3 – de normbedragen voor de Toeslagenwet;bijlageII.3–denormbedragenvoordeToeslagenwetbijlageII.3–denormbedragenvoordeToeslagenwet

  6. bijlage II.4 – de AOW-/ANW-uitkeringen per 1 juli 2019 bijlageII.4–deAOW-/ANW-uitkeringenper1juli2019

  7. bijlage II.5 – de bedragen voor de bijstand voor pensioengerechtigden per 1 juli 2019.debedragenvoordebijstandvoorpensioengerechtigdenper1juli2019

 


PDF document | 250 kB

Regeling | 03-06-2019

PDF document | 250 kB

Regeling | 03-06-2019

PDF document | 79 kB

Regeling | 03-06-2019
 
 

Gerelateerd:

 

loonadministrateurs,salarisadministrateurs, salarisverwerking, salarisverwerker, salarisverwerkers, loonadministratie, loonadministrateurs, loonverwerkers, loonverwerker, salarisadministratie, salaris, loon, salarisverwerking online, salarisverwerker online,

door100% Salarisverwerking B.V.

Salarisverwerking & WAB?

Vanaf 1 januari treedt de wet WAB (Wet Arbeidsmarkt in Balans)​ in werking.

              

Na een lange periode van overleg, is het eindelijk zover: de WAB is door de Eerste Kamer. Het komende half jaar kan uw organisatie zich voorbereiden op nieuwe regels voor ontslag, flexwerk en het WW-premiestelsel.

 
De Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) , arbeidsmarkt, werknemer - werkgevers, werkgeverschap, WAB,
 
De naam van de WAB (Wet Arbeidsmarkt in Balans) is niet voor niets gekozen. De wet streeft namelijk naar meer balans tussen vaste en flexibele contracten op de arbeidsmarkt. Daarvan zijn een aantal punten kort samengevat:

  • Werknemers krijgen pas weer na 3 jaar recht op een vast contract;
  • de transitievergoeding wordt voortaan anders berekend;
  • bij een ontslagaanvraag kunnen meerdere ontslaggronden worden aangevoerd;
  • werkgevers worden verplicht om oproepkrachten (met een 0-urencontract of een min/max contract) een aanbod te doen voor een vaste arbeidsomvang;
  • werkgevers worden verplicht om oproepkrachten ten minste 4 dagen van tevoren op te roepen;
  • payrollers vallen niet langer onder het uitzendregime;
  • voor werknemers met een vast contract hoeft minder WW-premie te worden afgedragen dan voor flexwerkers;
  • de afspraken voor een pensioenvoorziening voor payrollers worden uitgesteld.

 

Na 3 jaar recht op vast contract bij WAB

Op dit moment hebben werknemers recht op een vast contract als zij 2 jaar voor dezelfde werkgever werken of als zij 3 tijdelijke contracten hebben gehad (ketenbepaling). Het vierde contract is dan een vast contract. Vanaf 1 januari 2020 wordt dit anders. Dan hebben werknemers recht op een vast contract na 3 jaar of na 3 tijdelijke contracten. De tussenpoos om de keten van tijdelijke contracten te doorbreken blijft op 6 maanden (26 weken) staan, maar in een cao mag worden geregeld dat die keten wordt verkort naar minimaal 3 maanden. Dat kan bijvoorbeeld als terugkerend werk voor een periode van een aantal maanden per jaar kan worden verricht, zoals seizoenswerk. In het basisonderwijs worden tijdelijke contracten voor invalskrachten in verband met vervanging wegens ziekte uitgezonderd van de ketenbepaling.

Er komt geen overgangsregeling voor deze maatregel. Werknemers die voor 1 januari 2020 hun vierde contract krijgen of 2 jaar in dienst zijn, moeten dus nog een vast contract krijgen. Werknemers die daarna 2 jaar in dienst zijn, hoeven dus geen vast contract te krijgen. Maar medewerkers die na 1 januari 2020 aan hun vierde contract toe zijn, moeten wél een vast contract krijgen.
 

Nieuwe regels rond transitievergoeding

Per 1 januari 2020 worden de regels rond de transitievergoeding veranderd. Ten eerste krijgen alle werknemers, ongeacht hun type arbeidsovereenkomst, recht op een transitievergoeding vanaf de eerste dag van hun arbeidsovereenkomst. Ook mensen die in hun proeftijd worden ontslagen en mensen die korter dan 2 jaar in dienst zijn hebben dus recht op een transitievergoeding bij ontslag. De transitievergoeding wordt straks ook anders berekend. Er wordt niet meer gekeken naar volledig gewerkte halve jaren, maar alle losse maanden en dagen tellen ook mee. Wel komt er een maximumperiode van 10 jaar waarover de vergoeding wordt berekend. Alle halve jaren boven de 10 jaar tellen niet meer mee voor de transitievergoeding.
 
loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,
 

Nieuwe grond voor ontslagaanvragen

Met de komst van de WAB komt er ook een nieuwe ontslaggrond bij:

  • de i-grond.
  • de cummulatiegrond.

Daarin kan de werkgever meerdere ontslaggronden met elkaar combineren. Als de arbeidsovereenkomst op basis van de i-grond wordt ontbonden, kan de werknemer aanspraak maken op een extra vergoeding. Deze wordt opgeteld bij de transitievergoeding, maar mag niet meer bedragen dan de helft van de transitievergoeding.
 

Een aantrekkelijk vast contract

Werkgevers zijn vanaf 1 januari 2020 verplicht om werknemers met een oproepcontract (0-uren) en/of een min/max contract elk jaar een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst met een vast aantal uren. Daarbij moeten zij het gemiddeld aantal gewerkte uren van het afgelopen jaar nemen. Dat betekent niet dat dat ook meteen een contract voor onbepaalde tijd moet zijn. Er mag ook worden gekozen voor een andere periode.
 

Op tijd oproepen

Ook moeten werkgevers hun werknemers ten minste 4 dagen van tevoren oproepen. Als de werkgever de oproep binnen deze 4 dagen intrekt, heeft de werknemer alsnog recht op loonbetaling over de periode waarvoor hij was opgeroepen. In de cao mogen daar echter nog andere afspraken over worden gemaakt, maar de periode mag nooit korter zijn dan 24 uur. Bovendien blijft de werkgever verplicht zijn medewerkers voor ten minste 3 uur op te roepen.
 

Langere proeftijd

Om het bieden van een vast contract aantrekkelijker te maken voor werkgevers, wilde de wetgever een langere proeftijd mogelijk maken. Als de werknemer direct een vast contract krijgt aangeboden, mocht de proeftijd worden verlengd naar maximaal 5 maanden. Dit voorstel heeft het niet gehaald in de Tweede Kamer en is dus ook geen onderdeel van de WAB. Bij contracten langer dan 2 jaar is de maximale proeftijd 3 maanden. De overige regels rond de proeftijd veranderen niet. Voor contracten korter dan 6 maanden mag dus geen proeftijd worden afgesproken en voor contracten tussen de 6 maanden en 2 jaar mag maximaal 1 maand proeftijd worden afgesproken.
 

Payrollers zijn geen uitzendkrachten

Met de komst van de WAB vallen payrollmedewerkers niet meer onder de regels voor uitzendkrachten. Payrollbedrijven mogen dus geen uitzendbeding hanteren en de ketenbepaling voor uitzendmedewerkers is niet van toepassing op payrollers. Ook krijgen payrollmedewerkers recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die bij de werkgever in dienst zijn.
 

Pensioen voor payrollmedewerkers

De enige uitzondering op de gelijkgetrokken arbeidsvoorwaarden zijn de pensioenvoorwaarden. Payrollbedrijven zijn pas vanaf 1 januari 2021 verplicht om een ‘adequate pensioenvoorziening’ te treffen. Dan moeten de pensioenvoorwaarden van de payroller vergelijkbaar zijn met die van werknemers in dienst bij de werkgever of die van werknemers in dezelfde sector. De pensioenregeling is in ieder geval passend als de payrollwerknemer deelneemt aan de pensioenregeling van de inlener. Neemt de payroller geen deel aan de pensioenregeling van de werkgever (inlener), dan zijn er vaste voorwaarden waar het payroll pensioen aan moet voldoen. Zo wordt voorkomen dat er wordt geconcurreerd op pensioen. De exacte voorwaarden staan in het Besluit voorwaarden adequate pensioenregeling payrollkrachten.
 

Lagere WW-premie voor vast contract

Voor werknemers met een vast contract hoeft minder WW-premie te worden afgedragen dan voor flexwerkers. Met de komst van de WAB op 1 januari 2020 zullen de sectorpremies en de algemene Awf-premie vervallen. Dan bestaan alleen nog een lage en een hoge (+5 procent) WW-premie voor alle werkgevers. De lage premie hangt dan samen met de WW-instroom vanuit vaste contracten en de hoge premie met een WW-instroom vanuit tijdelijk contracten. Smokkelen met de definitie van een vast contract, door bijvoorbeeld een vast 0-urencontract aan te bieden, gaat niet werken. De WAB omschrijft het vaste contract als een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die de omvang van de te verrichten arbeid eenduidig vastlegt. Ook geldt de lage premie niet als de werkgever het vaste contract binnen de proeftijd van 5 maanden beëindigt.
 
 

Zie ook:

 
preventie ziekteverzuim, verzuimkosten verlagen, verzuimverzekering, ziekteverzuimverzekering, ziekteverzuimverzekeringen,ziekteverzuim, verzuim, ziekteverzuimkosten,verzuimkosten,langdurig ziek, langdurig zieken, langdurig ziekteverzuim, terugdringen ziekteverzuim,

door100% Salarisverwerking B.V.

Correctie loonaangiften niet altijd via nieuwe aangifte

Een aangifte loonheffingen kunt u alleen via een nieuwe of aanvullende aangifte corrigeren als het tijdvak nog niet verstreken is.      
Na het einde van een tijdvak stuurt u een correctiebericht mee met de aangifte van een volgend tijdvak. In een aantal gevallen stuurt u een los correctiebericht.

Regelmatig ontvangt de Belastingdienst na het einde van een aangiftetijdvak een correctiebericht via een nieuw ingediende aangifte. Dit is niet juist. Dit kan leiden tot onterechte naheffingsaanslagen. Hieronder vindt u meer informatie over het juist insturen van een correctiebericht.

Op welke manier u moet corrigeren, is afhankelijk van het aangiftetijdvak en het jaar dat u wilt corrigeren. U bent niet vrij om te kiezen hoe u corrigeert. Ook maakt het verschil of u aangifte doet met het aangifteprogramma van de Belastingdienst of via een ander softwarepakket.

Er zijn 4 manieren waarop u kunt corrigeren:

  • opnieuw de volledige aangifte verzenden
  • een aanvullende aangifte verzenden
  • een correctie verzenden bij een aangifte
  • een losse correctie verzenden.

Belastingdienst, belasting,overheid,
 

Nieuwe aangifte

Is de aangiftetermijn van het tijdvak dat u wilt corrigeren, nog niet voorbij? Dan kunt u – op zijn laatst op de uiterste aangiftedatum – de volledige aangifte (alle werknemersgegevens en het collectieve deel) opnieuw verzenden. Deze nieuwe aangifte overschrijft volledig de aangifte die u eerder over dat tijdvak deed. Deze manier van corrigeren kunt u gebruiken bij alle manieren van aangifte doen.

Doet u aangifte met een softwarepakket en hebt u vragen over hoe u opnieuw de volledige aangifte moet verzenden, neem dan contact op met uw softwareleverancier.
 

Aanvullende aangifte

Als de aangiftetermijn van het tijdvak dat u wilt corrigeren nog niet voorbij is, kunt u een aanvullende aangifte versturen. Dit kan alleen als uw softwarepakket dit ondersteunt. Als u een aanvullende aangifte verzendt, geeft uw software met de aangifte de aanduiding mee dat het om een aanvullende aangifte gaat.

Hebt u vragen over hoe u een aanvullende aangifte moet verzenden, neem dan contact op met uw softwareleverancier.
 

Correctiebericht bij volgende aangifte

Is de aangiftetermijn van het tijdvak dat u wilt corrigeren voorbij? Dan verzendt u een correctie bij een aangifte over een tijdvak van hetzelfde kalenderjaar waarvan de aangiftetermijn nog niet voorbij is. Deze manier van corrigeren kunt u gebruiken bij alle manieren van aangifte doen.

Nadat u de fout of onvolledigheid zelf hebt ontdekt verzendt u het correctiebericht binnen 8 weken.

Als u van de Belastingdienst een correctieverplichting hebt gekregen, bijvoorbeeld naar aanleiding van een boekenonderzoek, staat in de correctieverplichting wanneer u uw correctie uiterlijk moet verzenden.
 
nieuwe regels voor het inhouden en betalen van de loonheffingen 1 januari 2019. Handboek Loonheffingen, loonheffingen belastingdienst, belastingen loon, salaris heffingen,
 

Losse correctie

Een losse correctie is een correctie die u los van een aangifte loonheffingen verzendt. Alleen in de volgende gevallen verzendt u een losse correctie:

  • U hoeft geen aangifte loonheffingen meer te doen. U hebt dan een ‘Mededeling Intrekking aangiftebrief’ van de Belastingdienst ontvangen.
  • U maakt gebruik van de artiesten- en beroepssportersregeling en doet niet periodiek aangifte.
  • U doet aangifte per halfjaar of per jaar.
  • U moet een correctie indienen over een tijdvak van een vorig kalenderjaar en de aangiftetermijn van het laatste tijdvak van dat jaar is voorbij.

Deze manier van corrigeren kunt u gebruiken bij alle manieren van aangifte doen.
In een losse correctie moet u in het collectieve deel altijd de collectieve gegevens van alle inkomstenverhoudingen vermelden. Bij de werknemersgegevens hoeft u alleen de gewijzigde inkomstenverhoudingen op te geven.

Als u aangifte doet met het aangifteprogramma van de Belastingdienst, moet u alle inkomstenverhoudingen opgeven, ook als ze niet gewijzigd zijn.

Als u de fout of onvolledigheid zelf ontdekt, verzendt u de losse correctie binnen 8 weken nadat u dit hebt ontdekt. Als u van de Belastingdienst een correctieverzoek of een correctieverplichting hebt gekregen, staat hierin wanneer u uw correctie uiterlijk moet verzenden.
 
Meer informatie over het corrigeren van de aangifte loonheffingen leest u in hoofdstuk 12 Handboek Loonheffingen.

 
Nieuwsbrief Loonheffingen 2019, loonheffingen 2019, belastingdienst, LIV,LKV,jeugd LIV,studietoelage, loon,salaris.pensioen,premies,

door100% Salarisverwerking B.V.

21 jarige volledig minimumloon

1 juli verlaagt de overheid de leeftijd waarop werknemers het volledige minimumloon krijgen naar 21 jaar.

        

21-jarigen hebben dan recht op een volledig wettelijk minimumloon. De bedragen van het wettelijk minimumloon gelden voor een volledige werkweek. Meestal is dat 36, 38 of 40 uur per week.

 
salaris, loon. inkomen, geld, salarisstrook, loonstrook,, loonadministratie,salarisverwerking, salarisstrook,lonen wettelijk, salaris wettelijk
 

Wanneer krijg ik minimumloon?

U krijgt minimumloon als u werkt en 22 jaar of ouder bent. Tot 1 juli 2017 was dit recht voor werknemers vanaf 23 jaar. U heeft hier ook recht op als u doorwerkt na uw AOW-leeftijd. Voor jonge werknemers tussen 15 en 22 jaar geldt het minimumjeugdloon.
 

Minimumjeugdloon

Als u jonger bent dan 22 jaar heeft u recht op het wettelijk minimumjeugdloon. De hoogte hiervan is afhankelijk van uw leeftijd. Hoe ouder u bent, hoe hoger het minimumloon. De werkgever is verplicht u het hogere minimumloon te betalen vanaf de dag van uw verjaardag.

De overheid verhoogt het minimumjeugdloon stapsgewijs voor jonge werknemers tussen de 18 en 21 jaar.
 

Minimumloonleeftijd omlaag

De overheid verlaagt de leeftijd waarop werknemers het volledige minimumloon krijgen van 23 naar 21 jaar. Dit gebeurt in stappen. Sinds 1 juli 2017 geldt het volledige wettelijke minimumloon voor werknemers vanaf 22 jaar.

wml 2019, wettelijk minimumloon 2019, minimumloon 2019, loon 2019, salaris 2019, minimale loon, minimale salaris, vastloon, wettelijk loon 2019, wettelijke salaris 2019,

Minimumloon 21-jarige stijgt met 15%

Voor 21-jarigen gaat het wettelijk minimumloon dus naar 100%. Nu hebben zij recht op 85% van het wettelijk minimumloon. Dat is voor een 21-jarige die het minimumloon verdient, een forse salarisstijging.
Tegelijkertijd moet uw organisatie dit forse percentage extra betalen aan een 21-jarige op minimumloonniveau.
 

Minimumloon: voor wie?

Bent u 22 jaar of ouder? Dan heeft u recht op het minimumloon. Na 1 juli geldt dat voor 21 jaar en ouder.

Het wettelijk minimumloon geldt voor:

  • vast en tijdelijk personeel;
  • oproepkrachten;
  • payrollmedewerkers (dit zijn medewerkers die formeel in dienst zijn bij een bedrijf dat aan payrolling doet. Maar die werken bij een andere werkgever, de opdrachtgever);
  • uitzendkrachten;
  • werknemers met tewerkstellingsvergunning;
  • personeel van aannemers of onderaannemers.

 

Minimumloon ook bij overeenkomst van opdracht

Werkt u op basis van een overeenkomst van opdracht (ovo)? Of een andere overeenkomst tegen beloning? Dan geldt sinds 2018 het wettelijk minimumloon ook voor u. Dit geldt niet als u als zelfstandig ondernemer werkt en de Belastingdienst u ook als ondernemer ziet.

Voorbeelden van mensen die werken met een ovo zijn:

  • postbezorgers of pakketbezorgers;
  • advocaten;
  • notarissen;
  • deurwaarders;
  • accountants;
  • incassomedewerkers;
  • architecten;
  • makelaars;
  • dierenartsen;
  • veilinghouders

Mensen die werken met een ovo of een andere overeenkomst tegen beloning hebben geen arbeidsovereenkomst.

Werkt u als zelfstandige zonder personeel (zzp’er)? En voldoet u aan de voorwaarden hiervoor van de Belastingdienst? Dan geldt deze wetswijziging niet voor u. Zzp’ers hebben een andere positie op de arbeidsmarkt. Als zelfstandig ondernemer kunt u zelf invloed uitoefenen op de hoogte van uw tarieven.
 

Lager minimumloon bij Wajong

Heeft u naast uw baan een Wajonguitkering? Dan kunt u in sommige gevallen een lager loon krijgen dan het minimumloon. Uw werkgever moet hiervoor toestemming hebben van UWV.

Volledig minimumloon voor werknemer met tewerkstellingsvergunning

Neemt een werkgever iemand aan van buiten de Europese Economische Ruimte (EER) en Zwitserland? Dan moet hij een tewerkstellingsvergunning aanvragen voor de werknemer. 1 van de voorwaarden voor deze vergunning is dat de werkgever het volledige wettelijke minimumloon voor werknemers van 22 jaar en ouder betaalt. Ook als de werknemer jonger dan 22 jaar is of maar een deel van de week werkt.
 

Minimumloon berekenen

Wilt u weten wat u hoort te verdienen? Bereken dan uw minimumloon per maand, week, dag en uur met de Rekenhulp: minimumloon berekenen.
 
 
berekening,rekenen, vakantiegeld loonheffingen, vakantiebijslag, vakantie toeslag, vakantie uren,

close

Veel lees plezier? Delen mag.