Maandelijks archief november 2020

door100% Salarisverwerking B.V.

MKB-Actieplan:13 nieuwe MKB-deals voor regionale ondersteuning mkb

Met 13 nieuwe MKB-deals stimuleert het ministerie van Economische Zaken en Klimaat ( EZK ) regionaal het midden- en klein bedrijf.
    
De in totaal 7,5 miljoen uit het MKB-Actieplan geeft gemeenten en provincies meer middelen om te doen wat het mkb in hun regio nodig heeft. De tweede lichting MKB-deals gaat vandaag van start en is goed voor 4,5 miljoen euro.

MKB-deals zijn samenwerkingen van gemeenten en provincies om het brede mkb te versterken. Met de tweede lichting die vandaag wordt gelanceerd, komt het totaal uit op 22 MKB-deals. Hiermee wordt een belangrijke actie uit het MKB-Actieplan verder gebracht, aldus staatssecretaris Keijzer (EZK):

Of het nu gaat om het opleiden van vakmensen of het versterken van kennisnetwerken: gemeenten en provincies weten vaak het beste wat mkb in de eigen regio nodig heeft. Daarom wil ik met de MKB-deals niet het wiel opnieuw uitvinden, maar geven we wat al draait een extra zet. Zo krijgen ondernemers uit 22 regio’s door heel Nederland ondersteuning die op hen is toegesneden

 

Meer kennis naar het mkb

Innovatie, internationaal ondernemen en kennisdeling zijn belangrijke thema’s binnen deze lichting. Zo helpt MKB-deal Sm@rt Together bedrijven in de regio Arnhem-Nijmegen met digitaliseren. Denk aan ondersteuning bij het inzetten van digitale kanalen voor nieuwe afzetmarkten of verdienmodellen.

In regio De Peel blijkt kennisdeling over robotisering en digitalisering een grote uitdaging voor ondernemers in de slimme maakindustrie. Het project ‘Peel Digitaal ’ inspireert en ondersteunt bedrijven om hun kennis en ervaringen te delen. Ook wordt hier ingezet op de toekomstige arbeidsmarkt middels stages en beroepenoriëntatie met het platform ‘Stageregio Helmond-De Peel

Lees het online magazine met alles over de MKB-deals.
 
 

Gerelateerd

Fiscale maatregelen waar mkb-bedrijven in 2021 mee te maken krijgen
Tegemoetkoming Vaste Lasten mkb-ondernemers gaat door tot in 2021
Steunmaatregel(en) van de Overheid worden door vier op tien mkb’ers gebruikt
Subsidie voor leren en ontwikkelen in het mkb
Verbrede Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL Q4 2020) van start
 
 
2021 belastingdienst, 2021 overheid, 2021 UWV, 2021 rijksoverheid, 2021 wet- en regelgeving, 2021 regels, 2021 belastingen,

door100% Salarisverwerking B.V.

Verbrede Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL Q4 2020) van start

Vanaf woensdag 25 november kan mkb om 12.00 uur een aanvraag doen voor de verbrede Tegemoetkoming Vaste Lasten, TVL Q4 2020.
     
Alle mkb-ondernemers die in het laatste kwartaal van 2020 direct of indirect geraakt worden door de diverse kabinetsmaatregelen om het coronavirus in te dammen. Deze verbreding werd op 27 oktober 2020 aangekondigd als uitbreiding van het derde steunpakket. De regeling staat nu open voor alle sectoren en is aangevuld met een eenmalige subsidie voor verplicht gesloten eet- en drinkgelegenheden voor hun gemaakte voorraad- en aanpassingskosten.

Bedrijven kunnen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de berekende vaste lasten en het omzetverlies een tegemoetkoming voor hun vaste lasten van oktober tot en met december 2020 krijgen tot een maximum van 90.000 euro. De eenmalige subsidie voor voorraad- en aanpassingskosten voor eet-en drinkgelegenheden bedraagt gemiddeld € 2500. Aanvragen kan op www.rvo.nl/TVL.

Staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat): “Het kabinet blijft ondernemers steunen om te proberen zoveel mogelijk ontslagen en faillissementen te voorkomen. Met de eerste TVL hebben bijna 50.000 ondernemers een tegemoetkoming in hun vaste lasten ontvangen. We compenseren in dit laatste kwartaal van het jaar tijdelijk niet alleen de vaste lasten van bepaalde sectoren, maar van elke ondernemer die hard getroffen is door de coronabeperkingen. Horecaondernemers ontvangen daarnaast een extra opslag op de TVL, om de kosten voor voorraad en aanpassingen die zij gedaan hebben tegemoet te komen.”

 

Voorwaarden TVL Q4 2020

De TVL Q4 2020 staat open voor alle sectoren, dus ook voor ondernemers die indirect door de coronabeperkingen worden getroffen zoals toeleveranciers, de transportsector en de voedingstuinbouw. Het betreft een belastingvrije tegemoetkoming van het ministerie van EZK om hun vaste materiële kosten te kunnen betalen. Bedrijven moeten van oktober t/m december 2020 minimaal 30% omzetverlies hebben door de coronacrisis. Het aandeel vaste lasten is minimaal 3.000 euro. Van dat deel wordt maximaal 50% gecompenseerd. De maximale tegemoetkoming is verhoogd naar 90.000 euro.

Horecaondernemers hebben voorraden aangelegd die ze niet meer kunnen gebruiken vanwege de huidige gedwongen sluiting. Ook hebben zij vaak geïnvesteerd om in de winter op een corona-veilige manier open te kunnen blijven, bijvoorbeeld door hun terras te overkappen. Het kabinet verstrekt een eenmalige subsidie om deze gemaakte kosten te compenseren, van circa 2,8 procent van de omzetderving. Dit bedrag wordt automatisch toegevoegd aan de TVL Q4 2020 aanvraag, ondernemers hoeven dus niks extra’s te doen.

De TVL Q4 2020 is eenmalig aan te vragen tot en met 29 januari 2021 17.00 uur. Voor de uitvoering van deze TVL heeft het kabinet 833 miljoen euro uitgetrokken.

 

Bijna 50.000 ondernemers ontvingen TVL 1

De eerste aanvraagperiode van de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) sloot 30 oktober. De regeling was het vervolg op de TOGS-regeling en houdt rekening met de omvang van het omzetverlies van een bedrijf. Er is op dit moment 538 miljoen euro uitgekeerd aan 47.416 ondernemers. De komende weken zullen door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) de laatste 1200 aanvragen worden afgehandeld, waarmee de totale uitkering aan ondernemers nog toeneemt.

 

Waar kunnen ondernemers terecht?

De TVL Q4 2020 is vanaf woensdag 25 november 12.00 uur via rvo.nl/tvl aan te vragen.

Bij andere vragen over de financiële regelingen kunnen bedrijven kijken op https://www.rijksoverheid.nl/steunpakket of op de website van de Kamer van Koophandel: kvk.nl/corona. Staat het antwoord op uw vraag er niet bij? Bel dan het KVK-adviesteam via 0800 – 2117.
 
 

Gerelateerd

Tegemoetkoming Vaste Lasten – TVL Q4 2020 eind november
Tot 2021 Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)
 
 
TOGS-regeling, Rijksoverheid, overheid, Belastingdienst , Loonheffingen , loonbelasting, loon inkomsten, loonkosten, loonheffing, wet en regelgeving, personeelszaken, hrm,

door100% Salarisverwerking B.V.

Hoge Raad: participatietraject of arbeidsovereenkomst?

Bedoeling partijen bij beoordeling dienstbetrekking.

                  

De bedoeling van partijen speelt geen rol bij de beoordeling of sprake is van een arbeidsovereenkomst. Dat verduidelijkt de Hoge Raad.

Een vrouw met een uitkering werkte op basis van een participatietraject bij een gemeente als servicedeskmedewerker. Ze ontving hiervoor geen loon. Wel bleef ze de uitkering ontvangen en kreeg ze na afloop van de werkzaamheden een stimuleringspremie.

De vrouw is van mening dat ze heeft gewerkt op grond van een arbeidsovereenkomst. Ze stelt dat ze dezelfde werkzaamheden verrichtte als betaalde servicedeskmedewerkers. Ze eist loon voor deze werkzaamheden.

 

Uitspraak Hoge Raad

De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte de bedoeling van partijen ook van belang achtte voor de vraag of tussen de gemeente en de vrouw een arbeidsovereenkomst bestond. Aan de bedoeling van partijen komt géén betekenis toe.

Volgens de Hoge Raad moet eerst onderzocht worden welke rechten en verplichtingen de partijen zijn overeengekomen. Daarna moet worden getoetst of deze rechten en plichten voldoen aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst. Deze kenmerken zijn:

  • De werknemer heeft zich verplicht om persoonlijk voor de werkgever te werken.
  • De werkgever is verplicht om de werknemer voor het werk loon te betalen.
  • Tussen de werknemer en de werkgever bestaat een gezagsverhouding.

De overeenkomst tussen de vrouw en het re-integratiebedrijf voldeed niet aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst:

  • De vrouw heeft geen loon ontvangen voor de werkzaamheden die ze heeft verricht. De uitkering en de stimuleringspremie zijn geen loon.

Er was geen sprake van een dienstbetrekking.
 

Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2020:1746
 
 
loonadministratie, loonverwerking, salarisverwerking, salarisverwerkers, salarisverwerker, online salarisverwerker, salarisverwerking online, cloud oplossingen loon, salaris in de cloud, salaris, loon, 100% salarisverwerking, 100% salaris, 100% loon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Percentages Zvw 2021 en maximum bijdrage-inkomen bekend

De percentages voor de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) zijn vastgesteld voor 2021.
        
Ook het maximum bijdrage-inkomen 2021 is bekend.

Het percentage voor de werkgeversheffing Zvw 2021 is 7,00%.
Het percentage voor de in te houden bijdrage Zvw 2021 is 5,75%.

Het maximum bijdrage-inkomen 2021 is € 58.311. Dit bedrag is gelijk aan het maximum premieloon voor de werknemersverzekeringen.

 

TOELICHTING

Met deze wijzigingsregeling wordt de Regeling zorgverzekering (Rzv) op de volgende punten aangepast:

  • het maximum bijdrage-inkomen dat voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage (IAB) voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) in aanmerking wordt genomen;
  • de percentages IAB Zvw overeenkomstig de begroting (Financieel Beeld Zorg) 2021.

Deze wijzigingen hebben geen gevolgen voor de regeldruk. Het betreft hier namelijk een jaarlijkse wijziging van bedragen en percentages op grond van de Zvw waarvan betrokkenen elk jaar kennis nemen.
 

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdeel A

Het bijdrageloon, bedoeld in artikel 42 van de Zvw, dat voor heffing van de IAB ten hoogste in aanmerking wordt genomen, bedraagt voor het jaar 2021 € 58.311. Dit bedrag is gelijk aan het maximumpremieloon voor de werknemersverzekeringen dat bij en krachtens artikel 17, eerste lid, eerste zin, van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) is geregeld voor het jaar 2021.
 

Artikel I, onderdeel C

Het percentage aan IAB dat inhoudingsplichtigen ingevolge artikel 45, eerste lid, van de Zvw over het loon van hun werknemers verschuldigd zijn (hoge percentage), stijgt van 6,70 in 2020 naar 7,00 in 2021. Ook het percentage aan IAB dat verzekeringsplichtigen ingevolge artikel 45, tweede lid, van de Zvw over hun bijdrage-inkomen verschuldigd zijn (lage percentage) stijgt, namelijk van 5,45 in 2020 naar 5,75 in 2021. De stijging van beide percentages wordt in overwegende mate door de volgende factoren veroorzaakt:

• De reguliere zorguitgaven komen in 2021 naar inschatting € 1,3 miljard hoger uit dan voor 2020 was geraamd. Dit leidt tot een stijging van zowel de nominale premie als van de noodzakelijke IAB-opbrengsten (het percentage stijgt met 0,14 procentpunt). Deze stijging van het percentage is relatief hoog omdat de groei van de IAB-grondslag relatief laag is.

• De ontwikkelingen in het saldo Zorgverzekeringsfonds leidt tot een stijging van de IAB met 0,16 procentpunt.*

 
De Minister voor Medische Zorg,
T. van Ark

 
*Zie ook Kamerstukken II 2020/21, 35 570 XVI, nr. 2, p. 202 – 205.
 
Meer informatie leest u in de Staatscourant op overheid.nl.
 
 
wml 2021 wettelijk minimumloon, jeugdloon,

door100% Salarisverwerking B.V.

Coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen bij buitenlandse situaties

De Belastingdienst heeft een aantal vragen over buitenlandse situaties beantwoord.
               
Het gaat om vragen die deelnemers hebben gesteld tijdens het webinar ‘Coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen ’.

Het webinar werd georganiseerd door de Belastingdienst en heeft op 30 september plaatsgevonden. Het ging onder andere over de gevolgen van de coronamaatregelen voor de loonheffingen, inkomsten- en vennootschapsbelasting en de invordering.
Hieronder leest u de vragen en antwoorden.

Coronavirus- fiscale maatregelen en de gevolgen video inlog, belastingdienst, fiscale maatregelen,
 

1. Wat wordt bedoeld met substantieel werken in woonland?

Het begrip substantieel werken is belangrijk voor de toepassing van de Europese sociale zekerheids-verordening 883/2004.

In de Praktische Gids ‘Over de toepasselijke wetgeving ’ van de Europese commissie vindt u de volgende omschrijving:

“Een “substantieel gedeelte van de werkzaamheden” verricht in een lidstaat betekent dat een kwantitatief substantieel deel van alle werkzaamheden daar wordt verricht, zonder dat het hierbij noodzakelijkerwijs om het grootste deel van deze werkzaamheden hoeft te gaan.

De beoordeling of een substantieel gedeelte van de werkzaamheden in een lidstaat wordt verricht, gebeurt mede op grond van de volgende indicatieve criteria:

  • de arbeidstijd en/of
  • het loon.

Indien in het kader van een algemene beoordeling blijkt dat ten minste 25 % van de arbeidstijd van een werknemer in de lidstaat van de woonplaats wordt besteed en/of ten minste 25 % van zijn loon in de lidstaat van de woonplaats wordt verdiend, dan geldt dit als een indicatie dat een substantieel gedeelte van alle werkzaamheden van de werknemer in die lidstaat wordt verricht.

Hoewel het verplicht is rekening te houden met de criteria arbeidstijd en/of loon, is dat geen uitputtende lijst en mogen er daarnaast andere criteria in overweging worden genomen. Het is aan de aangewezen organen om alle relevante criteria in aanmerking te nemen en de situatie van de betrokkene als geheel te beoordelen vooraleer te beslissen welke wetgeving van toepassing is.

Naast de bovenstaande criteria moet voor de vaststelling van de toepasselijke wetgeving ook rekening worden gehouden met de verwachte situatie in de volgende twaalf kalendermaanden.

Werkzaamheden in het verleden zijn echter ook een betrouwbare graadmeter voor toekomstig gedrag, en indien een beslissing niet op grond van geplande arbeidspatronen of dienstroosters kan worden genomen, zou het derhalve redelijk zijn naar de situatie in de voorgaande twaalf maanden te kijken en deze informatie te gebruiken bij de beoordeling van substantiële werkzaamheden.
Indien een onderneming slechts onlangs is opgericht, kan de beoordeling op een passende kortere periode worden gebaseerd.”

 

2. Een belastingplichtige verblijft te lang in het woonland (Spanje) door Covid-19. Nederland is de werkstaat. Spanje volgt niet het advies van het OESO-secretariaat. Hoe gaat Nederland om met de 183-dagenregeling?

Voor de toepassing van het belastingverdrag Spanje – Nederland, zijn tussen Spanje en Nederland geen afspraken gemaakt in het kader van de coronamaatregelen. Dat betekent dat u het belastingverdrag op de reguliere wijze moet toepassen. Als een werknemer thuis moet werken, dan is het loon voor deze thuiswerkdagen belast in het land waar de werknemer woont.

 

3. OESO adviseert om geen fiscale gevolgen te verbinden aan bijzondere omstandigheden als gevolg van COVID-19. Dit staat in de OESO-analyse van belastingverdragen en de gevolgen van de coronacrisis. Dit betekent geen wijzigingen van de fiscale woonplaats van de expat en geen nieuwe vaste inrichtingen voor zijn werkgever. Hoe gaat Nederland hiermee om?

Nederland onderschrijft de OESO-analyse. Dit leest u op pagina 20 van de antwoorden op Kamervragen van 15 juni 2020:

“Op 3 april 2020 heeft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) een aantal richtsnoeren gepubliceerd over de gevolgen van de coronacrisis voor de toepassing van belastingverdragen (hierna: ‘OESO-analyse’).

De OESO merkt op dat het onwaarschijnlijk is dat de coronacrisis invloed heeft op het vaststellen van vaste inrichtingen in de zin van belastingverdragen en dat het onwaarschijnlijk is dat als gevolg van de coronacrisis de vestigingsplaats van vennootschappen en woonplaats van natuurlijke personen in de zin van belastingverdragen zal veranderen. De OESO verwijst hiervoor naar verschillende passages uit het OESO-commentaar.

Het OESO-commentaar is voor Nederland van grote betekenis en Nederland onderschrijft dan ook deze OESO-analyse ten aanzien van de coronacrisis.”

 

4. Bij onze organisatie werken een aantal medewerkers vanaf maart 100% thuis. Sommige medewerkers wonen in België en Duitsland. Blijven deze medewerkers belastingplichtig en sociaal verzekerd in de werkstaat, dus Nederland?

Als de medewerkers thuiswerken door de coronamaatregelen heeft dit geen gevolgen voor de sociale zekerheid. Meer informatie leest u op svb.nl.

Voor de toepassing van het verdrag kan ervoor gekozen worden om de thuiswerkdagen, als gevolg van de coronacrisis, toch aan te merken als werkdagen in Nederland. Hiervoor gelden een aantal voorwaarden. Dit kunt u lezen in de afspraken die Nederland heeft gemaakt met Duitsland en België.

De afspraken tussen Nederland en Duitsland vindt u in de Staatscourant van 10 april 2020.

De afspraken tussen Nederland en België staan in de Staatscourant van 8 mei 2020.

 

Let op!

De antwoorden zijn informatief van aard. Wilt u een uitspraak van de Belastingdienst in een specifieke situatie, dan kunt u vooroverleg aanvragen.

 

Meer antwoorden

Binnenkort leest de antwoorden op vragen die gesteld zijn over reiskostenvergoedingen en vergoedingen voor thuiswerken.

 
 

Meer informatie

Handboek Loonheffingen
Besluit noodmaatregelen coronacrisis
 
 

Gerelateerd

Antwoorden gebruikelijk loon – Webinar corona
Fiscale gevolgen coronamaatregelen: Opname webinar
Belastingdienst: coronavirus fiscale maatregelen en de gevolgen

 
 
Intermediairdagen 2020 belastingdienst, overheid,